Nascholingreeks 3 Grote Vragen van het Nederlands

Onze Taal 2018

Meer en creatiever schrijven zou de oplossing kunnen zijn voor drie grote uitdagingen van het schoolvak Nederlands: de afnemende leesvaardigheid en groeiende ‘leesweerstand’ van leerlingen, en de geringe aantrekkelijkheid van het schoolvak. In deze nascholingsreeks verkennen we de kansen. De nascholing is opgedeeld in 2 sessies die online plaatsvinden op 26 januari en 16 maart 2021.

Bijna de helft van de jongeren houdt zich bezig met schrijven. Gewoon, voor hun plezier! Jongeren vinden schrijven dus leuk (De Rooij, 2009), en zouden er ook graag meer van in het onderwijs terugzien, weten we door een enquête uit 2018 (zie Onze Taal). We weten ook dat leerlingen die schrijven, sneller lezen en met meer emotionele betrokkenheid (Van den Berg & Jansen, 2010). Alle reden dus ook om lees- en schrijfonderwijs met elkaar in verband te brengen.

Toch wordt er in het voortgezet onderwijs vaak maar weinig geschreven, zeker in de niet-zakelijke genres. In Nederland kennen we geen lange traditie van intensief creatief schrijfonderwijs in het voortgezet onderwijs. Over de grens is dat vaak anders – het kan dus kennelijk wel! Maar hoe dan? En met welke opbrengsten?

We bekijken de stand van zaken in andere landen en gaan op zoek naar best practices en oplossingen voor praktische problemen: welke docent heeft tijd om al dat schrijfwerk na te kijken en/of van feedback te voorzien? En als het al lukt: hoe toetsbaar of beoordeelbaar is het dan? Maar we kijken ook fundamenteler: wat hebben creatief denken, schrijven en lezen met elkaar te maken? Wat weten we over schrijven en begrijpelijkheid? Welke invloed hebben stijl en register op begrip van teksten? En welke mate van begrijpelijkheid is gewenst in welk genre?

Aan de hand van lesideeën, praktijkvoorbeelden, handige tools en actueel onderzoek ontdekken we hoe creatiever schrijfonderwijs kan worden geïntegreerd in de dagelijkse onderwijspraktijk en hoe het ons leesonderwijs kan versterken. Aan zo’n combinatie van lees- en schrijfonderwijs werken docenten van de opleiding Nederlands in Utrecht sinds 2019 met de inrichting van de website Schrijfakademie.nl. Maar er kan nog zoveel meer! Na deze nascholing weet u wat, hoe en waarom en gaat u naar huis met concrete lesideeën voor in uw onderwijs. De nascholing is opgedeeld in twee sessies, die elk gericht zijn op een specifieke categorie leerling: de leerling die moeite heeft met lezen en daardoor een leesachterstand heeft en de leerling die gemotiveerd is maar te weinig wordt uitgedaagd.

Sessie 1. (Creatief) schrijven voor veel-lezers

Uitdagingen: deze leerlingen wil je ook verder brengen in hun ambities – zoals schrijver, journalist, uitgever, literatuurwetenschapper of taalwetenschapper worden – maar waar liggen die precies? En hoe kunnen lezen en schrijven daarbij helpen?
Doelen: de creativiteit van de leerlingen koppelen aan de eigenheid van die leerling, mogelijkheden geven om die eigenheid in taal te leren verbeelden, de relatie tussen lezen en schrijven versterken zodat de eigenheid gespiegeld kan worden aan de vele voorbeelden van schrijvers die hen voorgingen.

Inleiding door dr. Jacomine Nortier, over de stilistische kracht van ervaren schrijvers Vorig jaar probeerde de gemeente Lelystad jongeren te bereiken door lollig bedoelde straattaal te gebruiken. Dat werkte niet, de kritiek kwam van alle kanten. Toch laten Ramsey Nasr met zijn straattaal, Nescio met zijn vereenvoudiging richting spreektaal, maar ook aan Couperus in zijn De Verliefde Ezel met een hoogdravende stijl met zogenaamde of echte hellenismen zien dat schrijvers met taalvariatie hun publiek proberen te bereiken. Wat werkt wel, en wat niet, en hoe doceer je dat?

Inleiding door dr. Renske Bouwer, over feedback geven aan goede schrijvers De afgelopen jaren is door verschillende docenten en onderzoekers bezien hoe het schrijfonderwijs in het curriculum geïntegreerd kan worden, en zelfs in het schoolexamen opgenomen zou kunnen worden. Zou dat gebeuren, dan gaat het lonen uit te blinken in goed schrijven! Hoe kunnen we leerlingen met ambities hierin uit te blinken, helpen met het geven van feedback? Wat zijn de meest recente wetenschappelijke inzichten over feedback geven?

Workshop: we gaan in gesprek over wat er al aan schrijfonderwijs door u gedaan wordt, wat al mogelijk is en wat wenselijk is.

Sessie 2: (Creatief) schrijven voor leerlingen met een leesachterstand

Uitdagingen: juist deze lezers zouden veel meters moeten maken om hun achterstand in te lopen, maar hoe geef je ze een reden om een boek te lezen?
Doelen: didactische methoden vinden om de taalambities die deze leerlingen (mogelijk) met schrijven hebben vast te stellen en daar lees- en schrijfonderwijs bij te ontwerpen dat ze die ambities helpt verwezenlijken.

Inleiding door dr. Daniel Janssen, over schrijven met impact Een excuusbrief schrijven: als je dat goed doet, bereik je veel maar zo’n brief kan ook volledig tegen je werken. Het is dus een genre waarin veel op het spel staat. Hoe gaan Nederlandse bedrijven en overheden hiermee om, en wat kunnen we daarvan leren?

Inleiding door dr. Laurens Ham, over schrijfcultuur Waarom is het belangrijk dat een land een levendige schrijfcultuur heeft? Hoe is het in Nederland gesteld met die schrijfcultuur, en wat brengt het je als er deel van uit gaan maken?

Workshop: we gaan in gesprek over wat er al aan schrijfonderwijs door u gedaan wordt, wat al mogelijk is en wat wenselijk is.

Data

Sessie 1: (Creatief) schrijven voor veel-lezers), dinsdag 26 januari 15.30-18.00
Sessie 2: (Creatief) schrijven voor leerlingen met leesachterstand dinsdag 16 maart 15.30-18.00
Inschrijving: 20 Euro per bijeenkomst, graag een mail naar Bram Scharpach (b.t.e.scharpach@uu.nl). U krijgt dan per mail een bevestiging van inschrijving en verzoek tot betaling.
Locatie: online, via Teams. U krijgt per mail een link waarmee u in kunt loggen. Op dat emailadres krijgt u voor de workshop ook materialen toegestuurd krijgt. We zullen uw gegevens voor geen andere doeleinden gebruiken.

Bronnen

  • Sieneke de Rooij, “Jongeren schrijven. Creatief schrijven tussen 12 en 18 jaar.” Drieëntwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands (2009), 42-46.
  • Tanja Janssen, Huub van den Bergh, ‘Het effect van creatief schrijven op het lezen van korte verhalen’, Levende talen tijdschrift 11:1 (2010), 7-15.