Gedicht: Jef Last • De onbekende machinist

De onbekende machinist

Naar Groningen, naar Emmerik
naar Deventer en Nieuwe Schans
naar Maastricht Zutfen Zevenaar
staan lange zwarte treinen klaar
onder de holle zwarte kap.
de spreker en de zakenman
de kruier en de officier
matroos en meisjes van pleizier
ze stroomen langs de zwarte trap
ze zoeken zich een plaats en dan
neemt één een krant neemt één een boek
ze leunen rustig in hun hoek
de stoom uit de machine sist
de chef wenkt af
de trein vertrekt
géén kent den machinist.

Langs Enschedee en Emmerik
door Apeldoorn en Amersfoort
langs Bussum Weesp en Diemerbrug
rijden de treinen heen en terug
over de rechte stalen baan.
in Telegraaf en Handelsblad
leest zakenman en heilsoldaat
van Hitler’s Duitsche tuchthuisstaat
ze steken hun cigaren aan:
– die jodenhaat is erg, maar dat
een sterke man, als hier Colijn
daar orde schept, is zoo ’t moet zijn
een lesje voor den kommunist.
’t gesprek verstomt
de trein snelt voort
géén kent den machinist.

in Düsseldorf en Elberfeld
in Wedding, Hamburg en Spandau
in kelder kerker kamp en cel
turen de oogen smart’lijk fel
naar ieder teeken van verzet.
de leider en de stempelaar
de werker en de kunstenaar
de vrouw en dochter hunkeren naar
het eerste blijk van makkerschap.
en ergens op een donkere trap
grijpt één een krant één een pamflet
hun hart heeft weer in vlam gezet
de strijdroep van den kommunist
de hoop leeft voort
de opstand groeit
dat deed de machinist.

Jef Last (1898-1972)
uit: Links Richten


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.