‘Zijt verdraagzaam’ (1860)

Jeugdverhalen over joden (112)

Door Ewoud Sanders

Auteur: onbekend
Moraal: wees verdraagzaam; heb uw naaste(n) lief als uzelf

Herkomst en drukgeschiedenis

‘Zijt verdraagzaam’ werd in 1860 gepubliceerd in de Kinder-Courant. Lektuur voor de Nederlandsche jeugd. Het is ondertekend door C.H.R. Het is mij niet bekend wie dit is.

         Het weekblad Kinder-Courant verscheen tussen 1852 en 1905. Het was het langstlopende kindertijdschrift uit de 19de eeuw. ‘De redactie wenscht (…)’, schreef de uitgever, ‘tevredenheid en vergenoegen in de huisgezinnen te verspreiden en aan een groot getal der ouders, op wier schouders vaak andere zorgen en bemoeijingen drukken, de taak gemakkelijker maken om hunne kinderen voor verveling en ledigheid te bewaren, zoodat zij hun vermaak slechts in huis zoeken en vinden; huiselijkheid, de grondtrek van ons volkskarakter, zal daardoor aangekweekt en bevorderd worden.’

         Tussen circa 1857 en circa 1868 trad de Haagse onderwijzer J. van Weerden op als uitgever en hoofdredacteur van de Kinder-Courant.

Samenvatting

Op een dag komt er op school een nieuw meisje naast Elize zitten: ‘eene jodin’. Elize is woedend. Tegen een schoolvriendin zegt zij: ‘Alle Joden haat ik! Ik vind het een naar volk. (…) Ik durf wedden als ik aan Papa en Mama vertel dat ik naast dat kind moet zitten, zij mij dadelijk van school zullen nemen.’

         Maar het gesprek met haar ouders over ‘het nare, akelige jodinnetje’ loopt anders dan zij verwacht. Haar vader spreekt haar streng toe: ‘Gaf de liefderijke Vader in den hemel zelf niet het gebod: “Hebt elkander lief en uw naaste als u zelven” en is dat meisje uwe naaste dan niet? Foei, mijn kind. verbeter u van zulk een groot gebrek; zoo gij uwe ouders lief hebt, reik dan dat kind de hand.’

         Elize heeft ‘innig berouw’ en raakt bevriend met het joodse meisje.

         Vier jaar later ondervindt Elize ‘de vergankelijkheid der wereld’. In korte tijd verliest zij haar vader en moeder. Omdat zij verder geen familie heeft, staat zij opeens alleen.

         Uitgerekend de ouders van het joodse meisje trekken zich Elizes lot aan. Zij nemen haar in huis en voeden haar op als hun eigen kind. ‘Elize gevoelde thans het nut van de les haars vaders, en dankte God in stilte dat hij haar verbeterd had.’

         Later trouwt Elize, inmiddels uitgegroeid tot ‘eene schoone blondine’, met ‘de zoon van een voornaam bankier’. Bij haar huwelijk krijgen haar pleegouders een ereplaats aan tafel. Elize bedankt ‘deze goede lieden’ in ‘roerende woorden’.

         ‘Deze schets laat ons zien’, zo besluit dit verhaal, ‘hoe slecht het is onverdraagzaam te zijn, doch zij leert ons ook tevens hoe goed het is om de raadgevingen onzer ouders gehoor te geven, en onze naasten lief te hebben als ons zelven.’

Doelgroep

De Kinder-Courant richtte zich voornamelijk op kinderen uit de betere milieus in de leeftijd van zeven tot vijftien jaar.