De taalkundige volksaard

Door Marc van Oostendorp

Terwijl de wereld in brand staat, hebben vooral in de Angelsaksische wereld vooral jongere taalkundigen – studenten, promovendi – een identiteit ontdekt: die van taalkundige. En zoals bij veel moderne identiteiten zorgt dat meteen voor ongemak.

Zo’n identiteit moet namelijk gepaard gaan met een eigen cultuur. Je hebt grapjes nodig voor intimi (‘I wish I was schwa – never stress’), personen van wie iedereen het gezicht herkent zodat je ze op een grappig T-shirt kunt zetten (Noam Chomsky, Ferdinand de Saussure) en plaatjes voor op een mok.

Bij dat laatste is nu het gedonder begonnen. Vaak wordt hiervoor namelijk een tekeningetje gebruikt van een vogeltje, de wug. De Amerikaanse psychologe Jean Berko Gleason tekende dat plaatje in 1958, als promovenda. Ze deed onderzoek naar de vraag of kinderen de regels kennen om in het Engels het meervoud te maken. Ze liet ze daarvoor een plaatje zien van zo’n wug – een dier waarvan ze de naam nog nooit hadden gehoord omdat Gleason die zelf verzonnen had. Daarna liet ze een plaatje zien met twee van die dieren en zei: ‘These are two…’ Een zin die de meeste kinderen moeiteloos kunnen aanvullen met wugs.

Dat experiment – eigenlijk natuurlijk een methodologie van niets – werd beroemd, en het plaatje ook. En dat werd dus een mascotte in die nieuwe cultuur voor jonge mensen die hun taalkundige identiteit wilden beleven.

Vervolgens ging alles fout. Gleason, inmiddels een oudere dame, die nergens zo beroemd om is als om die poppetjes die ze in 1958 voor haar onderzoek had getekend, dacht dat ze misschien wel wat geld kon verdienen van deze rage in kleine kring. Dus stuurde en stuurt ze advocaten af op studenten die haar plaatje gebruiken.

Tegelijkertijd begonnen een paar relatief jonge taalkundigen een min of meer commerciële website, Lingthusiam, waarop ze merchandise verkochten: T-shirts met ‘I wish I was English schwa – no stress’. En mokken met wugs.

Die bom is nu dus gebarsten. Gleason heeft zich tot de ondernemers gewend als ware zij vreselijk benadeeld door deze miljoenendeal en ze verzocht die wugs te verwijderen. Zij hebben daarop een enorme lap tekst op hun website geplaatst, waarin ze het doen voorkomen dat zij door die mokken te verkopen eigenlijk opkomen voor al die arme achtergestelde studenten met een taalkundige identiteit die zo graag een wug op hun arm willen tatoeëren, maar daartoe worden gehinderd door die vreselijke Gleason.

Het is wat er kortom al snel gebeurt als mensen hun identiteiten gaan gebruiken: er ontstaat een conflict waarbij iedereen zich voordoet als slachtoffer. Gleason wordt uitgebuit door allerlei onverlaten die zomaar haar tekeningetje gebruiken. De ondernemers worden uitgebuit omdat ze niet wat geld mogen verdienen aan de tekeningen van iemand anders.

Iedereen is buitengewoon zielig. Als dát de taalkundige volksaard is, pas ik ervoor. Tijd voor wat neerlandistische T-shirts!

Illustratie: Omslag the Wug test book van Jean Berko Gleason