Top 40 van de Gouden Eeuw – 36

Door Margot Kalse en Olga van Marion

Nederlanders zingen heel veel, niet alleen in kerken en koren, maar ook op feestjes, bij bruiloften en onder de douche. Dat doen ze al eeuwen. Wie verliefd of verlaten is zingt een popliedje, wie in nood is het Wilhelmus of een psalm, en wie een kind in slaap sust een wiegenlied. Een gouden tijd voor het Nederlandse lied is de periode van de late zestiende en de zeventiende eeuw, wanneer al die liedjes verzameld in liedbundeltjes op de markt komen, geschikt voor jong en oud. Muzieknotatie is niet nodig, want de boekjes bevatten contrafacten: teksten van liedjes met aanduiding van de bekende melodie waarop ze gezongen kunnen worden.
Voor de Top 40 van de Gouden Eeuw hebben we de veertig populairste melodieën uit de Nederlandse Liederenbank geselecteerd, die destijds in het Nederlandse taalgebied het meest gebruikt zijn. Bij deze melodieën hebben we mooie, ontroerende en verrassende liedteksten uit die tijd gezocht om Nederlandstaligen van nu in staat te stellen kennis te maken met de rijkdom van dit cultureel erfgoed. Iedereen kan nu met behulp van de muzieknotatie of de midi-files de liedjes leren zingen. Van tijd tot tijd zullen we een exemplaar uit de Top 40 publiceren, tot we bij de allerpopulairste melodie op nummer 1 zijn.
In het boekje waarin alle liedjes verschijnen, willen we uw commentaar graag verwerken.

Een amoureus fier gelaat

De Nederlandse Liederenbank registreerde 197 liederen op deze melodie, al hebben weinige daarvan ook ‘Een amoureus fier gelaat’ als wijsaanduiding. In het Aemstelredams, Amoreus lietboeck (1589) vonden we de tekst ‘Een Amoreus een fiere ghelaet’, terwijl die als wijsaanduiding ‘Van Syon’ heeft, dat gezien de strofevorm waarschijnlijk verwijst naar ‘O Sion wilt u vergaeren’, een Bijbels lied uit 1552. Er zijn twee instrumentale bronnen met de naam ‘Een amoureus fier gelaat’, beide in tabulatuur voor cither (1568 en 1570). De melodie was dus ook geliefd bij luit- en citherspelers en is wellicht vooral op die manier overgeleverd. Onze bron uit Het prieel der gheestelijcker melodiie (1617) met zijn loopjes – ook leuk om te zingen – lijkt eveneens gebaseerd te zijn op een instrumentale versie. De tekst begint als beurtzang tussen een minnaar en een minnares bij haar slaapkamerraam. Hij belooft van alles om haar te verleiden, waarop zij zegt dat ze haar nieuwsgierigheid niet kan bedwingen. Vervolgens horen we van de verteller hoe het verder gaat: nadat beiden uitgebreid van de liefde hebben genoten, gaat de minnaar er weer vandoor.

Een nieu Liedeken: Op de voys van Syon

3. U weerde soete Lieveken,
Comt voor u Vensterken staen;
Ontfangt van my dit brieveken,
Daer in suldy vinden staen
Mijn ionste en eerbaerheden,
Reyn edel Vrouwelick graen,
Wilt doch in dancbaerheden
U schamel dienaer ontfaen.

4. Ick hoorde de Nachtegael singhen
Ende ick hoore hem maken groot gheclach,
Ick en can my niet bedwinghen,
Ick verwondere my wattet wesen mach.
Mijn hemdeken wil ick aenschieten,
Ende mijn vensterken open doen;
Hoe sout my moghen verdrieten?
Die Mey staet lustich en groen.

5. Dat schoon kint heeft uyt ghekeecken,
Die Maen scheen licht en claer;
Haer Lieff quam daer ghestreken,
En sprack minnelick teghen haer.
Met pijpen en tamboren
Dede hy haer een Amoreus ghelaet.
Die liefde stont te roeren
In dit schoone kindt delicaet.

6. In een Prieel met roosen
Dat daer beneden stont,
Daer hebben zy een langhe poose
Gaen spreecken mont al teghen mont.
Sy hebben gaen domineren
En Venus bant ontdaen,
Daer ginghen zy in studeren;
Elck was met minne bevaen.

7. Met also scherpen sinne
So waer zy noch beraen;
Dat eedel Tersoor van minnen
Dat hebben zy tsamen ontdaen.
Haer lieder harte heeft hem ontsoncken,
Dat dede der minnen dorst;
Sy hebben malcander gheschoncken
Een ghebodt der Amoreusen lust.

8. Oorloff reyn edel kerssouwe,
Welrieckende Rosemareyn,
Schoon Lieff blijff my altijt getrouwe,
Mijnder harten medecijn,
Want ick nu moet henen varen
Al doet het mijnder harten pijn.
Godt wil u in deuchden sparen
Als ick van u moet zijn.

fiereliefelijk
raetredding
geschichteaangezicht
u vermeerenuzelf gelukkig maken
boelerenvrijen
conventgezelschap
brievekentrouwbelofte
ionste en eerbaerhedengenegenheid en trouw
graenjuweeltje
sout my moghen verdrietenzou ik daar spijt van kunnen krijgen
Met pijpen en tamborenmet veel bombarie
stont te roerenbracht beroering
hebben gaen dominerengingen het ervan nemen
Venus bantgordel met erotische afbeeldingen
ontdaenlosgemaakt
also scherpen sinnezulke hevige hartstochten
Tersoorschatkist
ontdaengeopend
Haer lieder harte heeft hem ontsonckenze bezwijmden
Oorloffvaarwel
kerssouwemadeliefje
van ubij u weg

Tekst uit: Aemstelredams, Amoreus lietboeck, nu nieus uutgegaen waer in begrepen zijn alderhande Liedekens, die in geen ander Lietboecken en staen, meest al met zijn voys oft wijse daer bi gestelt om alle droef heyt, melancolie te verdrijven (Amsterdam: Harmen Jansz Muller 1589), fol. 39. https://www.dbnl.org/tekst/_aem001aems01_01/_aem001aems01_01_scans.pdf (pdf. p. 38)
Melodie uit: Joannes Tollenarius, Het prieel der gheestelicker melodiie, inhoudende veel schoone leysenen ende geestelijke liedekens van diveersche devote materien ende op de principale hoochtijden des jaers dienende etc. Van nieuws over-sien vermeerdert ende verbetert in veel plaetsen (Antwerpen: Hieronymus Verdussen, 1617), p. 69-70. https://books.google.nl/books?id=sDcUAAAAQAAJ (pdf p. 96-97)