Gedicht: Albert Verwey • Rijpheid

Rijpheid

‘Eusebia, laat los!’ Die kreet van Vondel
Toen hij vooraanging in het vast besluit
Voortaan alleen te leven als gewijde

En lust en leed, te lang gedragen bondel,
Afwierp, opdat zijn geest, door niets gestuit,
De klaarheid won waar hij zich heel bevrijdde,

Die kreet klinkt weer wáár eedlen, rijp en ouder,
De wereld weten, en hun liefst geloof
Vervolgen willen op gedroomde bergen.

Zij voelen vleugels wassen aan hun schouder
En zijn voor ’t schreien van de harten doof
Die hun de vreugd van ’t dal nog eenmaal vergen.

Albert Verwey (1865-1937)
uit: De weg van het licht (1922)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.