Gedicht: Jan Vanriet • Dichter

Uit Heldenleven, de nieuwe, mooi uitgevoerde bundel (met bij ieder gedicht een gouache) van Jan Vanriet. Voor de illustratie bij ‘Dichter’ kijk hier.

Dichter

In den beginne was het woord en het woord behoorde hem toe
Hij bedacht en fabriceerde het, verwrong en wierp achteloos weg
Daar stond hij, een beetje God in het voetlicht, een geverfde keizer
gezonden uit de duisternis als verwarrend geheel
Ik zat op drie meter, bewonderde zijn schoenen, de modieuze bril
van een Romeinse filmregisseur; ik las knisperende gedichten
in zijn vaste hand
Klankgenot wanneer hij zijn broeders toesprak, de poëten —
kale katers die hij over de schedel aaide; ze spinden, wisten niet beter
Hij noemde hen klerken, geblinddoekt en gekorfd, rilde
vanwege de kilte die uit andermans kleren in hun verzen waait
Kortom: vlerken, kwetterende dwergen, hun bestaan
tot voetnoot gereduceerd
De klap was pijnlijk en vernederend, maar wij voelden verlossing
bereid onze andere wang toe te keren

Jan Vanriet (1948)
uit: Heldenleven (2020)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.