Experiment: politieke slagzinnen verzinnen

Door Wouter van der Land

De interessantste parlementsverkiezingen in tijden lijken eraan te komen! Partijen hebben zo veel concurrentie dat ze zich moeten profileren. Dat betekent dat retorica weleens de grote winnaar van TK2021 zou kunnen worden. En dat leidt tot de vraag: wat komt er op de posters te staan? Dat voorspel ik hieronder voor alle 22 deelnemende partijen.

Het is dus een experiment: ik heb geprobeerd om te bedenken wat er straks daadwerkelijk op de affiches zal staan. Als ik vier of vijf slagzinnen of kopregels ongeveer juist heb, heb ik het goed gedaan, denk ik zo. Het lijkt me ook een interessante opdracht voor een school of communicatieopleiding.

Van verkiezingsstrategie naar dat ene zinnetje

Hoe ontwikkel je een verkiezingscampagne? De belangrijkste uitgangspunten zijn het partijprogramma, de politieke filosofie, allerlei onderzoeksgegevens over kiezersgroepen en de persoon van de lijsttrekker. Daar wordt een ‘strategie’ uit afgeleid. De kunst is om programma en filosofie te versimpelen tot een boodschap die emoties oproept bij de belangrijkste doelgroepen en die past bij de lijsttrekker.

Bij voorkeur komt alles samen in één zinnetje, dat voortdurend herhaald kan worden in advertenties, speeches, interviews, debatten en op de posters. Een slogan die de aandacht trekt, iets unieks en relevants over de partij zegt en goed klinkt. Het liefst heeft de regel ook ‘amusementswaarde’: door stijlfiguren of als conclusie van campagne-uitingen.

De slagzin kan een belofte zijn, maar ook een oproep, een uitroep, een verwoording van een of meer standpunten, of een vraag. Van vitaal belang is het onderscheid met andere partijen. Het moet straks voor de kiezer goed duidelijk zijn wat het verschil is tussen bijvoorbeeld D66 en GroenLinks. De slogan kan daar een sleutelrol bij spelen.

Hoe verzin je een zin?

Het bedenken van politieke slagzinnen is een complexe creatieve klus. Het werk bestaat grofweg uit vier activiteiten: het vertalen van de partijstrategie van de naar één zin (redactie), het tegelijkertijd navolgen van goede voorbeelden (analogie), het beoordelen en eventueel verbeteren van woordkeus, ritme en klankeffecten van kandidaat-zinnen (optimalisatie) en tot slot het kiezen van de winnende zin (selectie). De opdracht is dus: ga zitten en bedenk zinnen totdat je highfivend op de tafel springt of totdat je echt niets beters meer kunt bedenken.

Het begint met de strategie: het programma, de filosofie en hoe je deze wilt overbrengen. Ik ken de strategieën van de deelnemende partijen natuurlijk niet; de programma’s zijn zelfs nog in ontwikkeling. Maar de websites geven duidelijk aan waar de partijen voor staan en de doelgroepen kan ik er gemakkelijk bij bedenken. Op alle sites staan al slagzinachtige zinnen en voor de partijen belangrijke woorden. De basis ligt panklaar.

Tijd voor een andere toekomst

Met de visieteksten op de sites ben ik slagzinnen gaan vormen. Ik heb ervaring met het bedenken van reclamezinnen, maar politieke communicatie vormt een subgenre met eigen tradities en trends. Daar heb ik eerst een klein onderzoek naar gedaan.

Voorbeelden van oude politieke slagzinnen staan op verkiezingsaffiches.nl, een website van ProDemos. Het lijkt erop dat het vuurwerkverbod daar al tien jaar geleden is ingegaan. Als er al slogans op de affiches staan, zijn deze vaak dooddoeners: ‘Zeker nu’, ‘Juist nu’, ‘Nu SP’, ‘En nu vooruit’, ‘De tijd is nu’, ‘Voor de verandering’, ‘Voor een andere aanpak’, ‘Tijd voor een ander beleid’, ‘Stem voor verandering’, ‘Andere politiek’, ‘Het kan anders!’, ’‘Nederland kan op ons rekenen’, ‘Klaar voor de toekomst’, ‘Maak het verschil’, enzovoort, enzovoort. Dat kan anders, dat kan beter. En de partijen moeten nu wel.

Hoe dan, Jan?

Er zijn gelukkig ook genoeg goede voorbeelden te vinden. Met ‘Labour isn’t working’ plaatste de Engelse Conservative Party in 1978 een succesvolle, directe aanval gericht op het bestaansrecht van de tegenstander. ‘Laat Lubbers z’n karwei afmaken’ was de zin waarmee het CDA in 1986 de verkiezingen won. De campagne draaide om de omvangrijke bezuinigingen van het zittende kabinet onder leiding van de christendemocraten. Het zinnetje maakte de bezuinigingen niet lichter, maar door de woorden ‘karwei’ en ‘afmaken’ voelde dat wel zo.

Een van de weinige goede partijslogans van deze eeuw was ‘Kies partij voor de dieren’ van de PvdD. Dankzij de dubbelzinnigheid waren er slechts vier letters nodig om de poster rond te krijgen.

De beste politieke slagzin uit de geschiedenis is wat mij betreft ‘Eigendom is diefstal’ (‘La propriété, c’est le vol’). Hiermee vatte Pierre-Joseph Proudhon met een confronterende contradictie de anarchistische filosofie samen.

Buiten de politiek is er natuurlijk nog veel meer moois bedacht, van ‘Veni, vidi, vici’ tot ‘A.E.I.O.U.’ , van ‘A diamond is forever’ tot ‘Heineken refreshes the parts other beers cannot reach’ en van ‘In gelul kun je niet wonen’ tot ‘Leven is het meervoud van lef’. Hoe meer zinnen je in je hoofd hebt zitten, hoe meer je de trucjes ervan bewust en onbewust kunt navolgen. Een afgeleide methode is het toepassen van stijlfiguren: abstracte recepten voor sterke zinnen. Je kunt het naslagwerkje van Ton den Boon erbij pakken en één voor één met elke figuur een slogan bedenken.

Checklist: wat maakt een politieke slogan goed?

Nu over het beoordelen en de selectie. Je kunt kandidaat-slagzinnen intuïtief beoordelen, maar zoals bekend speelt de onbewuste geest gemene spelletjes en zul je (te) snel kiezen voor iets wat vertrouwd overkomt. En een partij wil zich juist onderscheiden! Het helpt om bij het beoordelen een checklist te gebruiken. Ik stelde de volgende lijst met criteria op, die zowel helpen bij het verzinnen als bij het verbeteren en het beoordelen.

De ideale politieke zin:

  1. Is kort en eenvoudig: in een flits te begrijpen en na een paar confrontaties te onthouden. Maak je punt puntig.
  2. Is betekenisvol. Wees niet bang voor clichés, maar vermijd lege clichés. Zinnen als ‘Stem voor verandering’ of ‘Juist nu’ kun je net zo goed weglaten. Onduidelijk is dodelijk.
  3. Is onderscheidend. Een goede test is om te kijken of de zin ook op andere partijen van toepassing kan zijn. Je kunt ook de straat op gaan en aan voorbijgangers vragen bij welke partij de regel past.
  4. Klinkt goed. Ga staan, maak een karatehandje en spreek een kandidaat-zin hardop uit terwijl je het ritme meeslaat. Je voelt direct of het goed zit. Let vervolgens o.a. op klankherhalingen, klankcontrast, niet te veel medeklinkerclusters en woordherhaling. Vooral herhalingen op beklemtoonde posities tellen mee. Eindrijm geeft al snel een te goedkoop gevoel.
  5. Bevat een of meer stijlfiguren, zoals overdrijving of understatement, metafoor, metoniem, oxymoron (‘Eigendom is diefstal’), vergelijking, neologisme, betekeniscontrast, informeel register (‘Samen voor ons eigen’), climax, woordspeling, dubbelzinnigheid (‘Vrouwen kiezen voor zichzelf’), spel met verwante woorden (‘Labour isn’t working’), retorische vraag, woordherhaling, uitgangherhaling, herhaling van woorden met gelijk aantal letters, karakterisering in tweeën, drieslag, weglating van lidwoorden. Ook met de grafische vorm kun je spelen, zoals Bij1 doet met de schrijfwijze van de partijnaam. Stijlmiddelen kunnen ervoor zorgen dat een slagzin opvalt, maar kunnen ook helpen om iets bondig te verwoorden (zie punt 1).
  6. Heeft campagnepotentie. Het geheim van veel sterke reclamecampagnes is een zinnetje dat als clou van een eindeloos aantal uitingen kan dienen. Ook de flyerende windjacks in de winkelcentra hebben veel aan een korte kreet die ze iedereen mee kunnen geven.
  7. Raakt aan een waarde en/of roept een emotie op bij de kiezersgroepen. Politiek draait niet om gelijkgestemdheid, maar om een gedeelde stemming.
  8. Bevat bij voorkeur versterkende, positieve en/of activerende woorden. Iets moet de zin kracht geven. Negatief (‘Stem tegen, stem SP’, ‘Stop de bio-industrie’) is soms sterker dan positief (‘Stem voor, stem SP’, ‘Kies voor biologische landbouw’). Het gaat dus ook om het sterkste perspectief.
  9. Past bij de lijsttrekker. De slagzin kan een echte uitspraak zijn (‘At your service!’), maar ook ‘Kies Kok’ was in dit opzicht goed; de zin paste bij het imago van eenvoud.
  10. Leidt niet tot ongewenste woordspelingen of rijmpjes. Iets als ‘Geloof als anker’ lijkt toepasselijk voor bijvoorbeeld de SGP, maar inspireert te gemakkelijk viltstiftvandalisten. Van ‘sterk en sociaal’ kan een tegenstander ‘sterk asociaal’ maken en de lachers op haar hand krijgen.

Mijn slagzinnen voor de deelnemende partijen

Voor 22 partijen heb ik de volgende 22 zinnen bedacht. Het gaat om alle partijen die mee lijken te gaan doen, voor zover ik daar zicht op heb. Bij elke zin geef ik een korte onderbouwing.

De partijnamen alfabetisch volgend:

1. 50Plus: De plusgeneraties laten zich niet plukken

Door al het gedoe en het opstappen van Henk Krol is 50Plus al bijna uit de peilingresultaten verdwenen. Maar de problemen voor de kiezersgroep zijn niet verdwenen, dus met een fris boegbeeld en een heldere protestcampagne kunnen de grijze vuisten zich herpakken. Met het neologisme ‘plusgeneraties’ maakt de partij duidelijk dat zij verschillende generaties bedient, met verschillende problemen: leeftijdsdiscriminatie op de arbeidsmarkt, boomerfobie, één keer per maand douchen, vereenzaming, pensioenkorting, enzovoort. Plus-plukken geeft fijn beginrijm.

2. Bij1 (voorheen Artikel 1): We beginnen pas

De in discriminatiebestrijding gespecialiseerde partij – vernoemd naar artikel 1 van de Grondwet – heeft bestaansrechtbedreigende concurrentie van verschillende gevestigde partijen die racisme als verkiezingsonderwerp hebben benoemd. Wat te doen? Volgens de website wordt er gewerkt aan een ‘groter en breder’ programma voor TK2021. Het lijkt mij verstandig om in de campagne toch te focussen op discriminatie. ‘We beginnen pas’ zegt op een actieve manier dat er nog veel werk te doen is en neutraliseert het negatieve beeld bij een partij zonder zetels. Het is ook de naam van een lied van De Dijk en dat is een dijk van een strijdlied (‘We zijn er nog niet, maar we zijn onderweg’). ‘Laat de ‘Bij1zwerm aanzwellen’, roept de lijsttrekker en de blazerssectie zet in. Een beetje bombast is soms gepast.

3. CDA: Nederland beter

Als het de partij meezit, bezorgt lijsttrekker De Jonge in zijn rol als minister rond februari 2021 de eerste coronavaccins aan een GGD, gevolgd door spontane straatfeesten waarbij tot ver na middernacht ‘Hugo, Hugo, Hugo, bedankt!’ wordt gezongen. Er hoeft dan niets meer op het affiche te staan behalve zijn naam. Maar als partijstrateeg Jack de Vries er toch iets op wil, denkt hij als eerste aan een medische metafoor, ook omdat De Jonge de zorgsector weer wil verstatelijken. ‘Nederland Beter’ is door de actualiteit geen leeg cliché. Iets als ‘Beter uit de crisis’ zou denk ik teveel negatieve associaties oproepen.

4. ChristenUnie: Het goede doe je samen

De CU heeft haar deelname aan regeringen verzilverd met beleid dat de achterban als christelijk waardeert. Je zou zelfs kunnen zeggen dat deze partij de ‘c’ van het CDA is geworden. Het succes als coalitiepartner is het logische onderwerp van de komende campagne. Met ‘Het goede doe je samen’ verwoord je dat positief met een christelijke knipoog.

5. Denk: Eis je plek op

Het beeld dat Denk van zichzelf creëert, is dat van vlot sprekende volksvertegenwoordigers die zich ferm inzetten voor (met name) de belangen van burgers met een (met name niet-Westerse) migratieachtergrond. In campagne-uitingen komt die nadruk op belangenbehartiging nog niet erg sterk naar voren. Op de site staat bijvoorbeeld een foto van een spandoek met de tekst ‘Nederland is van iedereen’. Diezelfde boodschap kun je meer activistisch verwoorden met ‘Eis je plek op.’ Ook daarmee sluit je niemand uit, maar met kopregels van het type ‘Ook een moskee moet zich kunnen laten horen’ kunnen kansrijke kiezersgroepen getarget worden.

6. D66: Verbinding

D66 heeft verschillende ambitieuze ideeën, maar het meest ambitieus is het plan om de eerste vrouwelijke premier te leveren: de huidige minister Sigrid Kaag. Als je zo hoog wilt inzetten, moet je ook op een hoger abstractieniveau communiceren en alvast een beetje boven de partijen gaan staan. ‘Verbinding’ is dan het enige juiste woord dat je onder het portret van de oud-diplomaat kunt zetten. Zoiets als de bekende ‘Hope’-poster voor de Obama-campagne.

7. Forum voor Democratie: Stop de waanzin. Stem voor gezond verstand.

Knip, plak. ‘Stop de waanzin’ is een kreet die door verschillende protestgroepen wordt gebruikt, zoals de boeren, de windmolenbevechters en de anti-G5-beweging. En er komt nog een winter van onbehagen aan. ‘Politiek van het gezond verstand’ is de titel van het jongste boek van Thiery Baudet, de politiek leider van het FvD. Samen vormen ze een een-tweetje met de vorm probleem-oplossing. De parallellie wordt versterkt door de alliteratie stop-stem. Je kunt er eindeloos internetplaatjes mee ondertekenen, maar je kunt het ook door een megafoon scanderen. Voor een verkiezingsspot laat je bijvoorbeeld zo’n voor biomassa gekapt Amerikaans woud zien, met uitleg waarom dit duurzaam heet, maar niet is. Dan verschijnt als super eerst ‘Stop de waanzin’ in beeld, gevolgd door de rest en het partijlogo.

8. GroenLinks: Een groene planeet, een kleurrijk land

Geen lijsttrekker heeft zich de laatste jaren zo in het spreken geoefend als Klaver. De beste aanpak voor GroenLinks lijkt mij om de campagne straks af te trappen met een lange, visionaire speech door deze lijsttrekker, met soundbites die viraal zullen gaan. Hij schetst de wereld die hij voor zich ziet: ‘(…) een groene planeet met eerlijk gedeelde welvaart en op alle continenten goede leef- en werkomstandigheden. En ergens op die planeet ligt een kleurrijk, gelukkig land aan de Noordzee, een land waar iedereen een goede woning kan vinden, waar iedereen vrij is om zich te ontplooien, waar je wordt beoordeeld op je karakter en niet veroordeeld om je huidskleur of geloof, een land waar we voor elkaar zorgen wanneer dat nodig is. Is dat een land waar ook jullie willen wonen? (pauze voor reactie) Stem dan op 17 maart GroenLinks.’

9. Jezus leeft: Jezus leeft

Onlangs was er een Nederlandste kunstenaar in het nieuws die kunstmatige intelligentie gebruikte om foto’s op basis van schilderijen en standbeelden te genereren. Hij maakte zo zeer levensechte compositiefoto’s van bijvoorbeeld Napoleon, de ‘David’ van Michelangelo en het Vrijheidsbeeld. Jezus Leeft zou hem kunnen inhuren om hetzelfde te doen met een bekend schilderij van Jezus van Nazareth, waarop deze een beetje kijkt als een typische lijsttrekker. De partijnaam is zelf al een slogan; er hoeft niets bij. Zo krijg je een poster die veel mensen in huis zullen willen ophangen. Mocht er onverhoopt toch geen zetel worden behaald, dan is in elk geval de blijde boodschap verspreid.

10. Libertarische Partij: het echte liberalisme.

Met de libertarische slogan ‘Belasting is diefstal’ maakte de voormalige LP-lijsttrekker Toine Manders reclame voor zijn belastingadviesbureau. Een klacht hierover bij de reclamecodecommissie werd gegrond verklaard. Op een verkiezingsposter zou de regel geen probleem vormen, want politieke reclame valt alleen onder de vrijheid van meningsuiting. Maar de zin is ook een voorbeeld van wat ‘The great libertarian macho flash’ wordt genoemd: libertarisch potloodventen. Libertariërs kunnen het niet nalaten om gesprekspartners te overdonderen met omstreden standpunten als vrij wapenbezit, vrije drugshandel en juist criminaliteit van belasting. Je kunt beter beginnen met onomstreden feiten, zoals de correlatie tussen economische vrijheid en vrijheid. Posterregels als ‘De VVD is niet liberaal’, ‘Meer vrijheid is meer welvaart en ‘Belasting is geen dienst’ leggen beter uit dat de partij staat voor de positieve effecten van meer vrijheid en minder overheid. Dat kun je met historische argumenten het ‘echte liberalisme’ noemen. Het huis van Thorbecke heeft misschien veel kamers, maar er is maar één fundament.

11. Nida: Stem van de islam

Nida is een ‘door de islam geïnspireerde partij’ met zetels in de gemeenteraden van Rotterdam en Den Haag. Het woord ‘nida’ betekent ‘stem’. De meest strakke oplossing lijkt me om ‘Stem van de islam’ heel groot op de affiches te zetten. Dat betekent hetzelfde als ‘door de islam geïnspireerde partij’. Met medeklinkerrijm.

12. Niet-stemmers: Ik kies niet, maar ik stem wel
Ik zie geen tekenen dat deze partij weer meedoet, maar wie weet.Het idee erachter was een soort vrijwillige opkomstplicht. Door deze partij te kiezen laat je horen dat je niet gehoord wordt door de bestaande partijen. Dat vraagt om een zin met een contradictie.


13. Nieuwe partij Richard de Mos: Den Haag mag wel iets Haagser worden / Partij van het volk

De Haagse lokale politicus Richard de Mos (van Hart voor Den Haag / Groep De Mos) maakt onlangs bekend dat hij meedoet aan de parlementsverkiezingen. De partijnaam ‘Hart voor Nederland’ zou kunnen, maar de domeinnaam ervan is al vergeven en de naam klinkt als ‘Hard voor Nederland’. Omdat De Mos zich presenteert als man van het volk (en omdat ‘demos’ Grieks is voor ‘volk’) denk ik dat hij kiest voor ‘Partij van het Volk’. Voor nog meer volksgevoel zou een tekst- en fotowissel kunnen zorgen: ‘Den Haag mag wel iets Haagser / Nijmeegser / Zeeuwser, Caribischer, etc. worden’ (bijv. alle 16 grootste steden, de 12 provincies, tropisch Nederland en geboortestad Delft = 30 uitingen). Met natuurlijk een foto van ‘RDM’ op een herkenbare plek in gesprek met de mensen.

14. PvdA: Ik stem rood

Komt er misschien toch een links blok, of zelfs een gezamenlijke lijst van GL, PvdA, D66 en SP? Nee, ik denk dat ze alle vier verwachten dat tijdens de laatste weken één linkse partij de koppositie krijgt en de andere gaat leegeten. De PvdA heeft een machtig wapen om de leiding te nemen: een merk. Met de kleur rood en de vuistroos heeft de partij ijzersterke symboliek in handen, die is verbonden met bijna honderdvijftig jaar strijd voor emancipatie en solidariteit. Wanneer daar een geloofwaardige campagne op wordt gebaseerd, is ze niet te kopiëren en niet te evenaren. ‘Rood’ is een metoniem, een vernoeming naar een opvallende eigenschap. Dat geeft een koosnaameffect. Met ‘Ik stem rood’ is elke raamposter letterlijk een stembekentenis. Je kunt de kreet ook gebruiken voor testimonials.

15. Partij voor de dieren: Kies partij voor de dieren / en voor moderne burgerrechten

De PvdD is letterlijk haar gezicht kwijt. Een close-up van het gelaat van voorvrouw Marianne Thieme was jarenlang het belangrijkste campagnebeeld. Opvolgster Esther Ouwehand lijkt me nog te onbekend om daar hetzelfde mee te doen. Het beste lijkte me om terug naar de basis te gaan met een reprise van ‘Kies partij voor de dieren’, met een toevoeging over moderne burgerrechten, een ander kernonderwerp van de PvdD. Hiermee kun je ook fellere uitingen ondertekenen, bijvoorbeeld over de miljoenen coronadoden bij nertsenfokkerijen of de excessen bij de Belastingdienst.

16. Mens (Partij voor Mens en Spirit): mens + spirit = MenS

Wie wil er niet meer spiritualiteit in het pluche? Toch moet de partij MenS hard aan de bak om dat voor elkaar te krijgen. Het meest opvallende aan de partijsymboliek is de naam. Dit is een zogenaamd ‘recursief acroniem’, een afkorting die leest als een woord en waarvan een van de letters staat voor datzelfde woord. Met een uitleg daarvan zet je het publiek aan het nadenken.

17. Partij voor de toekomst: De toekomst moet iets zijn om naar uit te kijken

De splinterpartijenfusie van Henk Krol, Femke Merel van Kooten-Arissen en Henk Otten maakt volgens de peilingen kans op een zetel, ongetwijfeld vanwege de bekendheid en populariteit van Henk Krol. Het programma is nog weinig bekend, behalve dat de oprichters ‘Nederland steeds meer [willen] verbeteren totdat wij veilig en welvarend de toekomst in kunnen gaan. Met een beetje redigeren krijg je bovenstaande postertekst.

18. Piratenpartij: Herover de vrije samenleving

Deze partij maakt deel uit van een wereldwijde (zes continenten!) familie van Piratenpartijen, die met een knipoog zijn vernoemd naar het vrij delen van informatie. Ze staan verder o.a. voor een open, vrije samenleving, transparante en interactieve politiek en bescherming van privacy. Oude poster- en T-shirtzinnen zijn ‘Ik ben van de partij’, ‘geloof geen poster, informeer jezelf’ en ‘Jouw keuze’. De onderregel luidt: ‘Voor een vrije informatiesamenleving’. ‘Informatiesamenleving’ is te lang, dus heb ik dit verkort en verbonden met iets piraatachtigs in een activerende gebiedende wijs.

19. PVV: Laatste kans om voor Nederland te stemmen
De PVV moet ervoor vrezen dat haar achterban strategisch gaat stemmen op de VVD. De kiezers moeten dus overtuigd worden dat hun stem echt iets waard is. Dat ze er een belangrijk signaal mee afgeven. Omdat regeringsdeelname is uitgesloten, heeft het weinig zin om beleid te beloven. Een trucje uit de reclame kan uitkomst bieden: je creëert eerst kunstmatige schaarste, zoals bij een uitverkoop of tijdelijke actie. Vervolgens communiceer je dit met een hyperbool. Op de PVV-posters staat straks heel groot ‘LAATSTE KANS’ en daaronder de toevoeging ‘om voor Nederland te stemmen’. Verder alleen het gezicht van Wilders, het feitelijke partijlogo. Geen partijnaam, geen lijstnummer, geen lijsttrekkersnaam.

20. SGP: Bijbelse oplossingen voor de 21ste eeuw

De SGP heeft een trouwe eigen achterban, maar zou stemmen bij de CU weg kunnen trekken. Die partij werkt immers samen met ‘euthanasiepartij’ D66. De essentie van de SGP staat helder op de website verwoord: aan de Bijbel worden ideeën en oplossingen voor de ingewikkelde wereld van vandaag ontleend. Een goed onderwerp voor bijvoorbeeld korte video’s.

21. SP: Gelukkig in je eigen wijk

In ‘The Philosopy of Composition’ legt Edgar Allan Poe uit hoe hij de rijmklanken van het gedicht ‘The Raven’ op ‘wetenschappelijke wijze’ had beredeneerd. Hierdoor geïnspireerd bedacht ik dat je sterke Brabantse basis van de SP – waaronder de Marijnissen-dynastie – letterlijk zou kunnen laten doorklinken in een slogan door het gebruik van zachte g’s. 

De SP is de partij die het meest zichtbaar actie voert in woonwijken. In verkiezingstijd kan dat worden geïntensiveerd met een actieplan voor de wijk. ‘Eigen wijk’ bevat zowel een zachte g als een klinkerherhaling. Dit thema is een kapstok waar je bijna alles aan kunt ophangen: bereikbare zorg, goed onderwijs, inspraak over woningbouw, betaalbare verduurzaming en leefbaarheid. Dit is samen te vatten met de term ‘geluk’. Met ‘gelukkig’ voegde ik nog eens twee g’s toe en wordt de zin strak metrisch. Geluk is bovendien een waarde: iets wat kiezers duurzaam nastreven.

22. VVD: geen zin

Ik las laatst over het verschil tussen een oprechte lach en een tandpastalach. Dat zit ’m vooral in het aantrekken van de spiertjes naast de ogen. Op politiekeaffiches.nl kun je zien dat nog niet elke lijsttrekker dit weet. Maar VVD-leider Mark Rutte doet het van nature en daar kan een slogan alleen maar afbreuk aan doen. Geen zin dus voor de VVD. De hoge stand in de peilingen laten zien dat imago en bekendheid goed zijn, dus er is ook niets om bij te sturen. Misschien dat Cora van Nieuwenhuizen als nummer 2 mee op de foto mag. Dan doet er nog een ‘eerste vrouwelijke premier’ mee.