Gedicht: Martin Bruyns • Ik zwem • Pinksteren

Ik zwem

is dit de blauwe adria?
en dat de golf van spezia?
het is de oude ijsel maar
waarin ik watersnijdend vaar
voorbij de weiden en het riet
met aan mijn borst het brekend lied
van ’t koel en donker element
waarin ik mij verheerlijkt wend.
ik ben omspoeld en opgenomen
in blauw- en groendoorglanzde dromen.
de hemel is toskaans azuur
de waterspiegel kwikglazuur.
één ben ik met de lauwe aarde
en dank haar dat zij eens mij baarde
met een weerkaatsend halilo!
o morgenzuiver h20!
mij antwoordt der sirenen stem.
ik luister niet. ik zwem. ik zwem.

**

Pinksteren
28 Mei

Dit is het hoge feest
Van God den Heilgen Geest
Den milden Paracleet
Den Trooster van het leed.

De Goddelijke Duif
Ontwiekt Zijn vlucht en wuift
Zijn Wezen tegemoet
Aan elk verdord gemoed.

De Geest der zeven gaven
Noodt aan Zijn bron te laven
Wie nimmermeer wil dorsten,
Of ’t knechten zijn of vorsten.

Gij, Taal en Tong van vuur
Leer ons weer in dit uur
De spraak die elk verstaat,
Die naar het hart toegaat.

O, Derde Klaverblad,
Dat elk te zeer vergat,
Maak levend op dit feest
In ons Uw liefdegeest.


Martin Bruyns (1903-1969)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.