Verhalen Vertellen als Nederlands Erfgoed

Directeur Leo Adriaanse van KIEN ondertekent het certificaat (foto: Theo Meder)

Door Theo Meder

Op zaterdag 25 januari 2020 is in de Gelderlandfabriek in Culemborg het “Verhalen Vertellen” bijgeschreven op de Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland van KIEN (het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland). Het document werd getekend door initiator Raymond den Boestert (verteller, verteldocent en voorzitter van de Federatie Nederlandse Vertelorganisaties), Peter van Duijvenboden (teamleider van de Stichting Lezen), Theo Meder (verhaalonderzoeker Meertens Instituut en hoogleraar Nederlandse Volksverhalen en Vertelcultuur van de Rijksuniversiteit Groningen) en Leo Andriaanse (directeur van KIEN). De inventarislijst wordt bijgehouden sinds 2012, toen Nederland het UNESCO-verdrag tekende inzake Bescherming van het Immaterieel Cultureel Erfgoed.

Op de inventarislijst staan nu bijna 300 tradities zoals het Draaksteken in Beesel, Koningsdag, het Carbidschieten in Drenthe, de Passiespelen in Tegelen, de Top 2000, Midwinterhoornblazen in Overijssel en Gelderland, de Beiaardcultuur, het Fierljeppen, de Pride Amsterdam, de Sint Maarten viering in Utrecht, het Zomercarnaval in Rotterdam, de Matthäus-Passion in Naarden, en een hele partij bloemencorso’s. Overigens liggen enkele tradities op de lijst momenteel onder vuur: het Sinterklaasfeest vanwege Zwarte Piet, het afsteken van consumentenvuurwerk met Oudjaar, en diverse grote vreugdevuren (denk aan Duindorp en Scheveningen).

Eigenlijk heeft het Verhalen Vertellen niet zo heel veel bescherming of ‘borging’ nodig, want het betreft geen bedreigd erfgoed. De (mondelinge) traditie van verhalen vertellen is een eeuwenoude kunst die alle nieuwe uitvindingen moeiteloos heeft doorstaan en zelfs geïncorporeerd: van boekdrukkunst, toneel en film, tot radio, televisie en internet. Er zijn op het moment veel verhalenvertellers en vertelkringen actief, bestaande uit zowel amateurs als professionals. Verhalen vertellen behoeft derhalve geen museum, en er hoeft zeker geen stolp overheen. Blijkens het persbericht heeft de Federatie Nederlandse Vertelorganisaties concrete plannen om verhalen vertellen weer een plaats te geven in het onderwijs en wil men tevens nieuwe jonge vertellers op gaan leiden:

Om het erfgoed door te geven aan nieuwe generaties gaat de federatie de komende jaren onder andere leerkrachten basisonderwijs trainen in de basisvaardigheden van het vertellen van verhalen in de klas. Daarnaast zullen de, bij de Federatie aangesloten, organisaties projecten beginnen voor de professionalisering van jong talent. De federatie wil een sturende rol nemen in de emancipatie van het verhalenvertellen in Nederland.

Het Meertens Instituut zal zijn documentatie- en onderzoekstaak voortzetten op het gebied van Nederlandse (volks)verhalen, door middel van collectievorming, archivering, digitalisering en research. De Nederlandse Volksverhalenbank bevat momenteel meer dan 47.000 verhalen, de Sagenjager kent 18 wandel- en fietsroutes van verhaal naar verhaal, en er wordt gewerkt aan ISEBEL, een internationale search engine met momenteel ruim 67.000 Nederlandse, Friese, Deense en (plat-)Duitse sagen. Volksverhaal-onderzoek wordt gepubliceerd in boeken en artikelen en in het e-zine Vertelcultuur in het tijdschrift Neerlandistiek.

Overigens staat het vertellen van een specifiek genre verhalen, op initiatief van verteller Wijnand Stomp, al sinds oktober 2016 op de inventarislijst van KIEN: de (Surinaamse en Antilliaanse) Anansi Verteltraditie.

De bijschrijving op de erfgoed-inventaris werd tijdens het Vertel Event in Culemborg omlijst met – hoe kan het ook anders – verhalen. Het thema was dit keer ‘Grenzeloos Vertellen’. Enkele hoogtepunten: Maarten van Rompaey vertelde een verrassend verhaal over de ‘goesting’ (zin, trek) van man en vrouw in seks. Irina Hoffer maakte indruk door eerst een verhaal zonder woorden uit te beelden (zonder dat het pantomime werd), en vervolgens improviserend een verhaal vanuit het niets te vertellen, in samenspraak met het publiek. Paul Groos zocht op magistrale wijze de grens op met een kannibalistisch horror-verhaal. Het hele Vertel Event toonde eens te meer aan hoe enthousiast en creatief de vertellers zijn, en hoe levensvatbaar het vertellen van verhalen is.