Internationale Neerlandistiek in Paramaribo

Cross-Over en CARAN.

Door Jerzy Koch, Eric Mijts, Yves T’Sjoen, Yra van Dijk en Michiel van Kempen

‘Want een boek is dan pas groot wanneer er een wereld voor ons opengaat waarin de schrijver zelf ten onder gaat aan het geschapene en in zekere zin machteloos staat ten aanzien van zijn creatie.’
Boeli van Leeuwen, De taal van de aarde

‘We zijn altijd op weg op de eilanden’, stelde Wim Rutgers, de grand wise man van de Caribische literatuurkritiek: ‘ik weet niet of we ooit aankomen’. Het had het motto kunnen zijn van het congres dat van 27 tot 30 november 2019 werd gehouden in Paramaribo.

Een geïnspireerde ontmoeting van vijftig specialisten uit tenminste twaalf landen op het gebied van de Caribische Nederlandstalige  cultuur. Literatuur in het onderwijs, het gebruik van Nederlands in Surinaamse sociale media en de allegorie bij Boeli van Leeuwen. De onderwerpen waren zeer uiteenlopend. Van masterstudenten tot lerarenopleiders en hoogleraren: een diverse dwarsdoorsnede van experts kwam aan het woord. 

De eerste dag van de dubbelconferentie in Paramaribo, onder leiding van Hilde Neus, was gewijd aan Cross-Over. In november 2017 is het congres georganiseerd door de Universiteit van Aruba. Toen kreeg de Caribische neerlandistiek een platform aangeboden. De samenwerking met de Caribische Associatie voor Neerlandistiek (CARAN) groeide uit tot een succes dat deze week in Paramaribo voortgezet werd. Niet alleen lag de nadruk op een inclusief begrip van neerlandistiek, met aandacht voor culturele diversiteit en meertaligheid, maar ook op de rijkheid en volheid van de Nederlandstalige Caribische literatuur in context. 

Karlijn Waterman (Taalunie) onderstreepte tijdens de openingstoespraak namens de Taalunie de gevarieerdheid en dynamiek van de neerlandistiek wereldwijd. Buiten het moedertaalgebied speelt het Nederlands een veelheid van rollen. In contact met andere talen en culturen neemt de Nederlandstalige literatuur uiteenlopende gedaanten aan. De referaten, met oog voor dat meervoudig perspectief, lieten vanuit Caribisch standpunt gelaagde identiteiten zien van de moderne en hedendaagse literatuur van het Nederlands. 

Naast de Taalunie en CARAN was de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek vertegenwoordigd. Ze speelt in de wereld van het vakgebied een verbindende rol. Naast taal en onderwijs, taalbeleid en hoger onderwijs stonden het Nederlands in een meertalige context en de Staat van het Nederlands in Suriname op de discussieagenda. Het platform CARAN bestaat intussen tien jaar en ontwikkelde zich als een overlegplatform voor de neerlandistiek in Suriname en op de Caribische eilanden. Steeds meer docenten en onderzoekers, ook jonge navorsers, vinden aansluiting. CARAN laat zien hoe bijzonder de positie is van het Nederlands buitengaats, met name in het Caribisch gebied. 

Cross-Over in Paramaribo belichtte de koloniale en postkoloniale geschiedenis van de Surinaamse en Antilliaanse literatuur. Het concept van Surinaamse literatuur is geproblematiseerd, kinder- en jeugdliteratuur en het werk van Anton de Kom (Wij slaven van Suriname, 1934) kwamen ter sprake. Nederlandse onderzoekers spraken over de esthetische en ideologische opvattingen van Albert Helman en over de romans Gewaagd leven (1996) en Lijken op liefde (1997) van Astrid Roemer. Dichterlijke liederen in het Hindi en de rol van Surinaamse literaire stemmen (Edgar Cairo en Astrid Roemer) en Anti Apartheid Beweging Nederland zijn besproken. De hedendaagse Caribisch-Nederlandse literatuur is in een rijk gedocumenteerd panorama gepresenteerd. Michiel van Kempen publiceerde recent in Ons Erfdeel (augustus 2019) over deze (nieuwe) stemmen in de Nederlandse literatuur.

Cross-Over is inmiddels uitgegroeid tot een nomadisch neerlandistieksymposium, een dynamisch congres in inhoudelijke, methodologische en geografische zin. De institutie sluit tweejaarlijks aan bij academisch sterke vakgroepen, regionale docentenplatforms en/of lokale neerlandistiekverenigingen die buiten de Lage Landen actief zijn. Collega’s uit Amsterdam, Aruba, Gent, Leiden en Poznań hebben een hand in de oproep, de samenstelling van het programma en nemen de praktische organisatie waar. Op die manier worden de veelzijdigheid en internationale status van de Nederlandstalige literatuur belicht. De letterkundige neerlandistiek is internationaal en cultureel divers. Interculturaliteit is deel van de geschiedenis en het heden van de Nederlandse literatuur. Cross-Over is een wetenschappelijk platform waar letterkundigen van vele horizonnen elkaar ontmoeten en onderzoekbevindingen uitwisselen. De geanimeerde discussies zijn een getuigenis van de vitaliteit en het interculturele karakter van het vakgebied. 

Op het einde van Cross-Over is mede namens de Taalunie en IVN bekend gemaakt dat in 2021 de conferentie plaats heeft aan de Karelsuniversiteit (Praag), waar de neerlandistiek dan precies een eeuw bestaat. Samenwerking met het regionale docentenplatform en wetenschappelijke instellingen ligt ook dan weer voor de hand.

Het Instituut voor Maatschappijwetenschappelijk Onderzoek (IMWO) was de gastheer voor de dubbelconferentie die met financiële steun van de Taalunie mogelijk is gemaakt.

Dit artikel verscheen eerder in Neerlandia (2019, jaargang 123, nr. 4, pp. 20-21.
Afbeelding: Paramaribo District. SN Fernandez, Wikimedia