Gedicht: Joke van Leeuwen

Vandaag de derde en vierde van in totaal tachtig tienregelige strofen die samen het ‘stuwende en epische’ gedicht Levenslust vormen, waarin Joke van Leeuwen ‘een heel leven grijpt’ en ‘persoonlijke herinneringen en gemoedstoestanden koppelt aan de tijd en wereld om ons heen’.

wat uit het kikkervisjesmensbegin
hersentjes krijgt, ellebooggewrichtjes
wat vet opslaat, wat door een buikwand bach
kan horen, wat door een schacht naar licht
geboord krijst van het op de wereld zijn
wat moet beginnen af te stevenen op sterven
wat ongevraagd een bende genen erft
en voor het weet hoe geven gaat
cadeautjes krijgt, ze wegduwt en plezier
maakt met het glanzend pakpapier

vanwege de week van de borstvoeding
zitten de moeders in rijen in zonlicht
hun kleinen te zogen uit blozende borsten
omringd door productconfrontatie
een aangepast vergezicht smedend
de eeuw van het meten is bezig
hoeveel moet gedacht en gegeten
en zelf tussen schuifdeuren liever
lichtvoetig onmeetbaar doen lukt niet
die gaan veel te snel automatisch weer dicht

Joke van Leeuwen (1952)
uit: Levenslust (2019)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.