Gedicht: C.S. Adama van Scheltema • Het regent het zegent

Het regent het zegent –

Het regent
Het zegent
De pannen worden nat,
Daar komen drie Duitsche wijven an,
Drie Duitsche wijven zonder man,
Die vallen op der gat –
Roemsele – roemsele – roem -!

Het regent
Het zegent
De huizen worden nat,
Daar komen drie Duitsche soldaten an,
Die hebben een snor en een sabel an
En stappen door de stad –
Roemsele – roemsele – roem -!

Het regent
Het zegent
De straten worden nat,
Daar komen drie Duitsche kindertjes an,
Drie Duitsche kindertjes kijken me an
Of ‘k kindertjes opat –
Roemsele – roemsele – roem -!

Het regent
Het zegent
De wereld die wordt nat,
Daar komen drie donkere ezeltjes an,
Die kijken de hemel en de aarde an
En zijn het leven zat –
Roemsele – roemsele – roem -!

Het regent
Het zegent
Mijn oude ziel wordt nat,
Zoo ’n zondige ziel – wat heb je er an! –
Die brengt een liedje aan de man –
Daar gaat een zwarte rat! –
Roemsele – roemsele – roem -!

C.S. Adama van Scheltema (1877-1924)
uit: Zwervers verzen (1904)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.