Inleiding bij De Rembrandt-tutorials

Door Roland de Bonth

Met tal van activiteiten vierden we in het Rembrandtjaar 2006 dat Rembrandt van Rijn 400 jaar geleden op 15 juli 1606 werd geboren. Dit jaar gedenken we dat op 4 oktober 1669, precies 350 jaar geleden dus, hij zijn laatste adem uitblies. Net als 13 jaar geleden komen ook nu liefhebbers van deze internationaal vermaarde schilder ruimschoots aan hun trekken. Het Rijksmuseum pakte uit met de grote overzichtstentoonstelling ‘Alle Rembrandts’, waarin voor het eerst in de geschiedenis alle schilderijen, etsen en tekeningen van Rembrandt uit de eigen collectie te zien waren. Ook Rembrandts geboortestad Leiden laat zich niet onbetuigd. In november zal in het pas volledige gerestaureerde museum De Lakenhal een expositie worden geopend met als titel ‘Jonge Rembrandt’. En dan zijn er nog acht andere tentoonstellingen in Amsterdam, Den Haag en Leeuwarden te bezichtigen (geweest) die een directe relatie hebben met Rembrandt.

Rembrandts brieven

Niet alleen Rembrandts werk spreekt tot de verbeelding. Elke snipper informatie die licht kan werpen op het leven en het werk van deze volgens velen grootste schilder uit de Gouden Eeuw, wordt gekoesterd. Binnen het ‘Rembrandt Documents Project’ (RemDoc) werken de Radboud Universiteit Nijmegen, Museum het Rembrandthuis uit Amsterdam, het StadsArchief Amsterdam en het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie (RKD) samen aan de digitalisering van ruim 1700 documenten van en over Rembrandt van Rijn. Daarbij gaat het onder andere om huurcontracten, trouw- en geboortecertificaten en verscheidene inventarissen. Een demo-versie van RemDoc met ruim 1200 documenten (en beeldmateriaal) staat inmiddels online. 

Onder deze documenten bevinden zich ook acht door Rembrandt eigenhandig geschreven brieven, elk voorzien van metadata, een transcriptie, een vertaling in het Engels, opmerkingen bij die vertaling en commentaar. In RemDoc zijn ze eenvoudig terug te vinden door bij Document Type ‘’brief [letter]’’ en bij Name of author “Rembrandt Harmensz. van Rijn” in te voeren.

Het betreft één Italiaanse brief – geschreven aan het eind van 1662 en gericht aan Don Antonio Ruffo – en zeven Nederlandstalige, die Rembrandt tussen februari 1636 en februari 1639 heeft geschreven aan Constantijn Huygens (1596-1687). Onder neerlandici zal Huygens vooral bekendheid genieten als een vermaard en begenadigd dichter. Het beoefenen van de dichtkunst was voor hem echter voornamelijk liefhebberij. Beroepshalve was Huygens in de tijd dat hij brieven ontving van Rembrandt, namelijk secretaris van Frederik Hendrik, prins van Oranje.

Wat in de eerder genoemde demoversie van RemDoc ontbreekt zijn foto’s van de originele brieven. Die zijn, uiteraard op de Italiaanse, niet aan Huygens gerichte brief uit 1669, wel te vinden in de Briefwisseling van Constantijn Huygens 1607-1687, op een ander deel van de website van het Huygens Instituut (zie hier). Die zijn wel te vinden in de Briefwisseling van Constantijn Huygens 1607-1687, op een ander deel van de website van het Huygens Instituut (zie hier). Alleen van brief 2042, gedateerd 13 februari 1639, ontbreekt een afbeelding. Volgens J.A. Worp, die van 1911-1917 een zesdelige editie bezorgde van de Briefwisseling van Constantijn Huygens 1608-1687, was deze brief in 1913 in bezit van Alexander Meyer Cohn te Berlijn. Tegenwoordig bevindt hij zich in Musée royal de Mariemont te Mariemont (Hainaut).

Rembrandts stem

Hoe ging Rembrandt te werk? Welke grondstoffen gebruikte hij? Welke schildertechnieken paste hij toe? Waar haalde hij de stof voor zijn werk vandaan? Door archiefonderzoek en door zijn schilderijen, etsen en tekeningen met hoogwaardige technologie te bestuderen krijgen we een steeds beter beeld van Rembrandt als kunstenaar.

Maar zijn schilderijen kunnen ook dienen om meer te weten te komen over de mens Rembrandt. Zo is de Technische Universiteit Carnegie Mellon (Pittsburgh, USA) er op basis van Rembrandts zelfportretten met gebruikmaking van artificial intelligence en zelflerende algoritmes zelfs in geslaagd te laten horen hoe Rembrandts stem bij benadering zal hebben geklonken. Een impressie van dit onderzoek is hier te vinden.

Rembrandts stemgeluid horen we terug in de zogeheten Rembrandt tutorials, die nog altijd te bekijken en te beluisteren zijn op de website van ING (zie hier), hoofdsponsor van het Rijksmuseum. De grote meester leert daar zijn gehoor in zes lessen waar men op moet letten bij het schilderen van een portret.

Rembrandttutorials

Omdat het geen pas geeft dat Rembrandt zich in 21e-eeuws Nederlands tot zijn leerlingen richt, hebben Dirk Geirnaert en Roland de Bonth, beiden verbonden aan het Instituut voor de Nederlandse Taal, de door Rembrandt uit te spreken teksten gepoogd naar zeventiende-eeuws Nederlands te hertalen. Over het proces en de principes van het hertalen hebben wij in de bijdrage ‘Het 17e-eeuwse Nederlands van Rembrandt’ op Neerlandistiek (zie hier) al eerder verslag gedaan.

Onder aan die bijdrage hebben we ter illustratie zowel de eerste alinea van de oorspronkelijke tekst in hedendaags Nederlands als die van onze hertaling gegeven. Aanvankelijk hadden we geenszins de intentie de volledige tekst van de zes tutorials te publiceren. Onze hertaling was – voorzien van modern-Nederlandse ondertitels – bij die filmpjes te horen en daarmee was voor ons de kous af.

Maar van verschillende zijden kregen we verzoeken om toch vooral wel de volledige hertaling in het licht te geven. Hoewel we bij het hertalen uiterst zorgvuldig te werk zijn gegaan, hadden we toch enige bedenkingen bij de publicatie van de zes tutorialteksten: wij vonden het een interessante uitdaging om op een zo grote schaal 21e-eeuws Nederlands terug te brengen naar het Nederlands uit Rembrandts tijd, maar het resultaat kon natuurlijk niet anders dan een geconstrueerde vorm van zeventiende-eeuws zijn. Het daadwerkelijk reconstrueren van Rembrandts taal is, al was het alleen maar omdat we slechts over een gering aantal overgeleverde teksten van de schilder beschikken, überhaupt onmogelijk.

Na wat wikken en wegen hebben we uiteindelijk toch besloten onze hertaling beschikbaar te stellen. Wellicht dat een discussie erover bijdraagt tot nader onderzoek naar het Leids, het Amsterdams en de vermenging van beide dialecten in de door Rembrandt gebruikte variant van het Nederlands. De reacties onderaan de bijdrage over ‘Het 17e-eeuwse Nederlands van Rembrandt’ bevatten tal van beweringen en veronderstellingen – met name over Rembrandts uitspraak – die nader onderzoek vereisen.

Rembrandts spelling

Wie het begin van tutorial 1 vergelijkt met het voorproefje dat we hebben gepresenteerd in het artikel ‘Het 17e-eeuwse Nederlands van Rembrandt’, zal het opvallen dat de beide teksten van elkaar verschillen in spelling. Dit komt omdat we bij de voorbeeldalinea spellingvarianten hebben gekozen die we hebben aangetroffen in de citaten van het Woordenboek der Nederlandsche Taal. Voor de volledige uitgave van de tutorials zijn we teruggegaan naar de bron: we hebben ons voor de spelling zoveel als mogelijk laten leiden door de spelling waarvan Rembrandt zich bediende in zijn brieven aan Huygens.

Hoe zijn we daarbij te werk gegaan? Eerst hebben we op basis van de foto’s die te vinden zijn op de site van het Huygens-instituut (zie hier), Rembrandts brieven diplomatisch getranscribeerd. Over het algemeen leverde het lezen van Rembrandts handschrift na enige oefening weinig problemen op. Slechts in enkele gevallen was het lastig om vast te stellen hoe Rembrandt iets precies had opgeschreven. Het verschil tussen hoofd- en kleine letters is bijvoorbeeld niet altijd even goed zichtbaar (C en c, E en e). Een ander probleem dat zich aandiende, was of Rembrandt twee woorden los of aan elkaar had geschreven. De ruimte tussen de letters is soms te gering voor een echte spatie maar tegelijkertijd te groot om ervan uit te gaan dat de woorden aan elkaar vast zaten. Zo ondertekent hij zijn brieven standaard met zijn voornaam waarbij hij enige ruimte laat tussen de m en de b. Het lijkt dus of hij Rem brandt schrijft.  Aan het eind van sommige woorden, met name van verbogen vormen, was niet altijd met zekerheid vast te stellen wat de laatste letter was. Rembrandt had de neiging om na de -e een lange haal naar beneden te laten volgen. Soms eindigde die haal in een kronkel, waaruit je zou kunnen afleiden dat hij hiermee een -n bedoelde. Die kronkel ontbreekt ook wel eens en dan is niet altijd uit te maken wat hij heeft opgeschreven. Daar komt bij dat Rembrandt aangaf dat sommige brieven in der haast zijn geschreven en dat zou het ontbreken van de kronkel kunnen verklaren.

Pas toen we onze transcriptie voltooid hadden, ontdekten we het hierboven genoemde RemDoc. Met de zoektermen Rembrandt & brieven verschijnt de website in Google helaas niet op de eerste pagina met zoekresultaten en op de website van het Huygens wordt bij de brieven geen link gelegd naar RemDoc. We hebben onze transcriptie vergeleken met die van RemDoc en daarna op basis van die vergelijking een zo betrouwbaar mogelijke transcriptie gemaakt van Rembrandts brieven.

Vervolgens hebben we de tekst van de brieven opgeslagen als txt-bestand. Met behulp van de tool AutoSearch – gratis beschikbaar voor iedereen met een CLARIN-account – konden we op eenvoudige wijze een goed doorzoekbaar Rembrandt-corpus maken. Het invoeren van de wild card * in de zoekbalk Word bij Simple Search (zie hieronder) genereert vervolgens een lijst met alle woordvormen die in het corpus voorkomen.

Let op, als een woord in een diplomatische transcriptie door een spatie in twee delen is verdeeld, wordt elk samenstellend deel gezien als één woordvorm; om dit probleem te ondervangen kan men ervoor kiezen gescheiden woorddelen door middel van een underscore met elkaar te verbinden (huis_deur).

AutoSearch biedt de mogelijkheid om de gevonden resultaten gemakkelijk en overzichtelijk bij elkaar te plaatsen. Met de functie Group by Word (linksboven) krijg je een overzicht van alle woordvormen waarbij met een cijfer in een balk wordt aangegeven hoe vaak die vorm voorkomt. Rechtsonder op het scherm bevindt zich een knop waarmee dat overzicht alfabetisch geordend kan worden; klik hiervoor op de functie Sort by Identity. Dit levert het onderstaande resultaat op. 

Dit bestand kan vervolgens met de knop Export CSV (rechtsonder) worden gedownload en bewerkt in bijvoorbeeld Excel of Numbers. Deze woordenlijst is een handig en eenvoudig hulpmiddel om vast te stellen hoe Rembrandt spelde, en welke woorden hij gebruikte. Een paar voorbeelden:

  • Voor de lange aa gebruikt Rembrandt altijd de spelling ae (afgedaen, straet)
  • De lange ee wordt zowel in gesloten als in open lettergrepen met twee letters geschreven (Heemelvaert, meede, reekeningen)
  • Het achtervoegsel –ig schrijft hij doorgaans als –ich (naerlaetich, naerstich)
  • In auslaut schrijft hij meestal geen stemhebbende maar een stemloze dentaal (antwoort, dusent, saelicheyt
  • In anlaut zien we in de brieven uitsluitend de s; slechts eenmaal is daar de z aangetroffen, in Zijn Excellencij
  • Rembrandt geeft de voorkeur aan het oudere voegwoord ende boven en
  • De naam voor de schepper duidde Rembrandt aan met het tetragrammaton Godt
  • Tussen de beide letters van het voorvoegsel ge– spelt Rembrandt geen h (gedaen, geluck, geschiet)

Op basis van deze lijst met Rembrandts woorden hebben we de spelling van woorden uit de tutorials vergeleken en waar nodig aangepast. Omdat het Rembrandtcorpus klein is, was het niet voor alle woorden onomstotelijk vast te stellen hoe Rembrandt ze geschreven zou hebben. In die gevallen hebben we gezocht naar vergelijkbare woorden en op basis daarvan een vermoedelijke spelling vastgesteld. 

Rembracht bracht in zijn brieven zeer sporadisch interpunctie aan; daarin zijn wij hem in onze tutorials niet gevolgd: om de leesbaarheid voor de lezer te vergroten hebben wij zowel hoofdletters als leestekens aangebracht om zinnen van elkaar te scheiden.

Zoals gezegd pretenderen we geenszins dé taal van Rembrandt te hebben gereconstrueerd. Zelf beschouwen we onze hertalingen naar het zeventiende-eeuws Nederlands eigenlijk als een vorm van serious gaming. Hoe goed zijn we in staat om met behulp van de ons beschikbare middelen, zoals het Woordenboek der Nederlandsche Taal, RemDoc en AutoSearch, een tekst te vervaardigen die neigt naar 17e-eeuws Nederlands? Dat wij daarbij keuzes hebben gemaakt die niet iedereen met ons zal delen, is onvermijdelijk. Wie op basis van (eigen) onderzoek of andere bronnen meent dat bepaalde woorden of zinnen beter anders opgeschreven hadden kunnen worden, nodigen we graag uit met een beargumenteerd alternatief te komen.

Rest ons tot slot iedereen veel succes te wensen met het leren schilderen van portretten op de wijze van Rembrandt.