‘De dichters plicht’

Door Fabian Stolk

Het was immers de dichters plicht om trouw te blijven aan het oorspronkelijke verhaal uit de oudheid ‘en niet de fabelen, of historien van dien tijd, te verkrachten, en naar zijn welgevallen op te schikken.’ (mijn curs., FS)

Dat lees ik in een artikel van Alie Lassche en Arnoud Visser (p. 45) over zeventiende-eeuwse lezerssporen in Vondels Palamedes

In het Engels kan zoiets, dacht ik, nog steeds: It is the poet’s duty (or something like that), maar in het Nederlands moest dat tot voor een tijdje terug toch zijn: Het is des dichters plicht? Of ben ik abuis? Niet bedoeld is, mijns inziens: Het is de dichtersplicht. En lelijker, maar correct, is: Het is de dichter z’n plicht.

Ik heb al een tijdje het vermoeden dat, sinds de officieuze afschaffing (c.q. het in onbruik raken) van de naamvallen (tegelijk, maar dit ter zijde, met dat van het woordgeslacht) in het Nederlands taalgebruik, een Engelstalige genitiefconstructie is/wordt geïmporteerd als (principieel overbodige)  Ersatz.

Om dat vermoeden te staven, zal ik een verzameling aanleggen. Uw hulp, lieve lezer, kan ik daarbij heel goed gebruiken. Gelieve uw voorbeelden, voorzien van bronvermelding, te sturen naar: indenvroolijkenhermeneut[at]gmail.com o.v.v. ‘de dichters plicht’.

Dit stukje verscheen eerder op In den vroolijken hermeneut.