Het regent nog

Door Marc van Oostendorp

Wat is het verschil in betekenis tussenhij slaapt’, en ‘hij slaapt nog’? Nog voegt, zegt de Duitse semanticus Sigrid Beck in een nieuw artikel in Linguistics and Philosophy, twee betekenislagen toe aan het werkwoord: hij sliep in het (eventueel recente) verleden ook; en er is de verwachting dat hij in de toekomst niet meer zal slapen.

Beide lagen laten zich gemakkelijk illustreren. Als twee ouders urenlang ongerust boven een wieg hebben gehangen van een baby die almaar aan het huilen is en ze horen eindelijk een rustige ademhaling, zeggen ze niet tegen elkaar ‘hij slaapt nog’, maar ‘hij slaapt’. Het is voor een nog-zin nodig dat degenoemde handeling of staat van zijn al even aan de gang is.

Ironisch

Dat het ook nodig is dat in de toekomst verandering komt in de zaak bewijst de ongelukkigheid van een zin als ‘hij is nog dood’. Die zin kun je alleen begrijpen in een wereld waarin mensen weer opstaan uit de dood. (Vaak zit er in nog-zinnen nog de dimensie dat je misschien eigenlijk zou verwachten dat de situatie inmiddels al veranderd zou zijn, dat hij niet meer zou slapen of niet meer dood zou zijn.)

Zo kun je ook niet goed zeggen ’11 is nog een priemgetal’, zegt Beck. Je kunt in het Nederlands natuurlijk wel zeggen ’11 is nog altijd een priemgetal’, maar dat is ironisch, het suggereert dat iemand zou kunnen denken dat de priemgetalliteit van een getal kan veranderen. Waarom daar dan eigenlijk altijd bij moet, weet ik niet. (Beck heeft het in haar artikel eigenlijk over het Duitse noch en het Engelse still. In het Duits kan het geloof ik ook, met immer noch, maar in het Engels niet.)

Op je pad

Overigens is die verwachting nu ook weer niet keihard. Wanneer iemand zegt ‘het regent nog’, gaan we er wel vanuit dat die persoon denkt dat het niet lang meer zal duren, maar als spreker kun je daar verandering in aanbrengen door expliciet te zijn: ‘het regent nog en dat zal nog tot het eind der tijden blijven regenen’. Zelfs dan zit natuurlijk in het tweede deel van de zin iets van het tegenspreken van een verwachting.

Beck laat zien dat je andere vormen van nog ook zo kunt begrijpen, wanneer je ervan uitgaat dat ook andere schalen dan de tijd gebruikt kunnen worden:

  • Durham ligt nog in Engeland.

Voor dit soort zinnen introduceert Beck het begrip pad: wanneer je zo’n pad door Engeland trekt, van het centrum (wat dat ook moge zijn) naar de periferie, dan ligt Durham op het uiteinde van zo’n pad. Als je iets verder gaat ben je niet meer in Engeland maar in Schotland. Alles wat voor Durham op je pad ligt is nog wel Engeland.