Jan Willem Anker, De Nederlander zegt nee

Uit mijn hoofd

Door Marc van Oostendorp

‘De Nederlander zegt nee’ komt uit de nieuwe bundel van Jan-Willem Anker, Ware aard. Het is een atypisch gedicht, maar bijna alle gedichten in Ware aard zijn atypisch. Er staan gedichten in over het leven van een vader van twee jonge kinderen in Weesp – nooit eerder werd Weesp zo uitvoerig bezongen in de wereldgeschiedenis van de dichtkunst – maar soms ontpopt de dichter zich als een klimaatdichter, of als iemand die herinneringen ophaalt aan reizen naar Europese steden in verschillende jaren in de 21e eeuw.

‘De Nederlander zegt nee’ komt uit een cyclus die, in ieder geval in vergelijking met de rest van de bundel, enorm klankrijk is. De klank is de ee, met gespreide lippen; een paar keer onderbroken door de ronde o van mond. (De andere twee gedichten gaan over de a van Mark in wie we een premier herkennen want hij lacht, en de i van Wil.)

‘De Nederlander zegt nee’ is een soort ironisch volkslied – wie zou ‘de Nederlander’ ooit met nederigheid associëren, of zelfs met eten? Het is een vrije associatie op de naam Nederland, waarin nee, neder en land voorkomen, en uiteindelijk zegt het wel degelijk iets over het land.

Het lijkt mij een instant klassieker, misschien wel hét gedicht van 2019 dat in alle toekomstige bloemlezingen kan.

(Bekijk deze video op YouTube.)