In memoriam Riet van der Laan (1949-2019)

Door Marc van Oostendorp

Van de illustere gezelschappen waartoe ik behoor is het illusterste wel dat van de (Oud-)medewerkers van Onze Taal: de mensen die ooit op het kantoor van dat genootschap hebben gewerkt, of die dat nog doen.

Door omstandigheden kon ik in juni niet bij het jaarlijkse etentje in Den Haag zijn dat de voornaamste activiteit van dit gezelschap is. Maar binnen een paar uur wist ik dat er een veel belangrijker iemand niet was geweest: Riet van der Laan. Ze was ernstig ziek, werd er tijdens dat etentje aan de geschokte collega’s verteld.

Ze wordt vandaag begraven.

Riet was het hart van dit gezelschap van oud-medewerkers, omdat ze zelf de eerste echte medewerker van Onze Taal was. Het genootschap had natuurlijk altijd een bestuur, en een redacteur voor het tijdschrift, maar bestuurslid zijn is geen baan, en redacteur zijn was dat lange tijd ook niet. Naoorloogse redacteuren als Jan Veering en Jan Renkema werkten vanuit huis en kregen geen salaris.

In de tijd van Renkema begon de professionalisering, en kwam dus de eerste echte administratieve kracht te werken voor het genootschap. Riet werkte voor het ANP in Den Haag en werd uitgeleend aan het genootschap.

Daarna ging het hard. Er kwam een professionele directeur, er kwam een bureauredactie, er kwam een ledenadministratie en een Taaladviesdienst. Riet zag die mensen allemaal komen – ieder van de leden van het gezelschap van (oud-)medewerkers heeft ze zien binnenstappen – en ook weer gaan. Ze had een grote belangstelling voor al die mensen. Toen ze pensioneerde schreef ik in een door de redactie speciaal samengesteld extra nummer van ‘Het Clubblad’ (zoals ze Onze Taal noemde) dat ik nu ook maar afscheid zou nemen van mijn privé-leven, omdat ik geen idee had voor wie ik dat verder nog zou leiden.

Ik weet niet of ze het Clubblad vaak las, het was haar denk ik niet speciaal om de taal te doen en ze bezag de taalnerderij van veel medewerkers met Haagse nuchterheid. Maar de sfeer op kantoor in de Laan van Meerdervoort en aan de Raamweg was altijd goed, en dat hebben we aan haar te danken.

Er staat ook een in memoriam bij Onze Taal.