Gedicht: Willem Wilmink • Een vreemde tijger

Een vreemde tijger

Hoe kan men een zoon van vijf
troosten voor doodsgedachten?
Alle bedenksels falen,
behalve de reïncarnatie.

Dus oude oma is nu
een tijger?

Ja jongen, maar niet in Artis,
niet in een kooi,
niet een tijger die ijsbeert.

Zij die haar leven lang leed
onder de tyrannie
van geldgebrek, echtgenoot, crisis,
roddel en burenruzies,
die verzoend heeft en vergoelijkt,
die doof was voor alle kwaad
en tenslotte voor ALLES doof was,

zij is een tijger met gruwelijk felle,
gruwelijk mooie ogen,
en wee de man in de wildernis
die haar ontmoet:
opgevreten is hij,
eer hij beseft dat er iets op hem toespringt.

Een vreemde tijger is het,
een tijger die soms een wonderlijke
droom heeft: een pasgedweild stoepje,
een pijpenrek met de woorden
‘Het is geen man
die niet roken kan.’

Maar een sterke tijger:
die de droom van zich afschudt als regen
en met lange trefzekere sprongen
het dier bereikt of de jager
of de pelgrim bij de rivier.

Een tijger zonder genade.
Een tijger die wraakneemt.

Willem Wilmink (1936-2003)

—————————–



Dit bericht is geplaatst in gedicht met de tags . Bookmark de permalink.

Laat een reactie achter