Gedicht: Prosper van Langendonck • ‘k Ben vreemd te moede

‘k Ben vreemd te moede… er vlot iets om me henen
als grauwe mistlucht in Novemberlanen.
‘k Ben droef te moede als een, de borst vol tranen
met ’t naar gevoel van nimmermeer te weenen.

‘k Ben laf te moede… o! klaar in ’t leven lezen!
O! nimmer zich met mannenkracht omgorden!
O! klaar besef van kunnen-zijn en toch-niet-wezen,
van willen-zijn en toch-niet-willen worden…

Van op den grond der zee reikhalzend stijgen
en snakken naar de lucht, het licht, het leven,
en aan der wanhoop ijskorst blijven kleven:
daar, aâmloos, tusschen leven, sterven hijgen…

‘k Ben droef te moede als een, de borst vol tranen
met ’t naar gevoel van nimmermeer te weenen…

Prosper van Langendonck (1862-1920)

———————————–