Daar zij het zich tot een EER rekenen in dergelijke vuile, rustverstorende blaadjes te worden gehekeld

De Multatulileescursus (24)

– Nou, dit was nu eens een boek waaruit je echt helemaal niets te weten komt over Multatuli.

– Maar wel het een en ander over de wereld waarin hij werkte, toch? Ik vond het wel aardig om die juristen te lezen over de rechtszaak tussen Van Lennep en Multatuli: had Van Lennep inderdaad het recht om zomaar van alles in dat boek te veranderen? Had Multatuli daarna het recht om het boek alsnog naar eigen inzichten uit te geven? Hoe zat dat met het auteursrecht in die tijd?

– Tja, ieder zijn meug, zeg ik altijd maar.

– Als we binnenkort nog eens tijd hebben, wil ik eigenlijk wel wat meer van of over Van Lennep lezen.

– Sorry, maar ik vind dat we volgende week toch wel weer naar het Volledige Werk terug moeten.

– Ik vond dit wél een heerlijk boek. Ik vind het fijn dat de Nederlandse literatuur in ieder geval één auteur heeft over wie alles nageplozen wordt. Ik vind het fijn als dingen eindeloos worden uitgeplozen. Dat is voor mij één van de fascinaties van Multatuli.

– Dit boek bevat ook allerlei stukken die in de Volledige Werken hadden moeten worden opgenomen: stukken uit de juridische archieven.

– Maar er is toch wel iets raars mee. Dit boek laat toch ook wel zien hoe de obsessie voor Multatuli eigenlijk een obsessie is met Max Havelaar.

– Maar ja, het moest over een rechtszaak gaan. En over de Havelaar voerde nu Douwes Dekker nu eenmaal rechtszaken.

– Maar wat dat betreft is de zaak uit januari 1866 toch veel interessanter? Over die klap die hij in december had uitgedeeld aan mannen die het hadden gewaagd een actrice in de Nes te beledigen? Daar zou ik nu weleens meer over willen weten, hoe dat juridisch precies in elkaar zat.

– Ja, daar hebben we net over gelezen in de Volledige Werken.

– Mag ik bij dezen reclame maken voor de Multatuli-encyclopedie van K. ter Laan? Staat ook helemaal op internet. Met onder andere dit korte artikel over ‘de klap‘:

Tijdens een optreden van de muzikale familie van Hubert Sauvlet in de Salon des Variétés van Duport in de Nes te Amsterdam, deelde M. op 1 december 1865 een oorvijg uit ‘aan eenige heren, die zich voor tien stuivers entree ’t regt aanmatigden zeer verdienstelijke artisten te beschimpen’ (zie hiervoor m.’s advertentie in het Algemeen handelsblad van 5 december 1865, vw xi, p. 523-524). De gedupeerden, Jacob Jacobs en Jesaja de Vries, spanden vervolgens een proces aan tegen M. Op 17 januari 1866 moest hij voorkomen (proces-verbaal, vw xi, p. 545-548). Omdat hij, naar eigen zeggen, te lang op de afhandeling van zijn zaak moest wachten, vertrok hij naar Keulen, waar hij al met Mimi had afgesproken. Op 18 januari werd hij veroordeeld tot 15 dagen gevangenisstraf, twee boetes van f 8,-, en de kosten van het geding (zie het vonnis, vw xi, p. 550-552).

– Dat is toch allemaal bizar? Wat werd hem nu precies ten laste gelegd? Wie waren die Jacob Jacobs en Jesaja de Vries? Waarom vond hij het niet de moeite waard om te wachten op het oordeel van de rechter? Daarover lees je veel minder dan altijd maar over die kwestie met Van Lennep.

– Ik vond op internet wel iets over ‘de muzikale familie van Hubert Sauvlet’. Op deze pagina haalt een verre nazaat van Sauvlet allerlei stukken op over de rechtszaak, maar ook over de eerdere wederwaardigheden van deze familie. Hij laat bijvoorbeeld een advertentie uit 1854 – 11 jaar voor ‘de klap’ – zien, waaruit blijkt dat ze ook toen al op hoon en laster konden rekenen:

– Ze zouden dus toch weer uit Parijs terugkomen om op Nederlandse kermissen beschimpt te worden.

– Ik zou dat artikel nu toch ook wel willen lezen.

– Dat satirische blaadje Asmodée, waar deze familie zoveel last mee had, daar zou Multatuli nog een interessante relatie mee krijgen.

– Mag ik nogmaals de Encyclopedie aanbevelen, met een goed artikel over Asmodée.

– Over dat blaadje zou ik weleens een boek willen lezen. Al zou het ook leuk zijn als de DBNL het zou digitaliseren. Het werd in zijn tijd enorm goed gelezen.

– Ik wil dat boek over Multatuli tegen Van Lennep dat we voor vandaag gelezen hebben toch ook nog wel verdedigen, hoor. Ik vind bijvoorbeeld het artikel van Marita Mathijsen over Joost de Ruyter heel interessant, de eerste uitgever van de Max Havelaar. Hij blijkt een soort huisdrukker voor Van Lennep geweest te zijn.

– Ja, en een beetje een bangige man. Die Max Havelaar alleen maar deed omdat de grote Van Lennep dat graag wilde, maar er verder zo min mogelijk mee te maken leek te hebben willen hebben. Al dat politieke gedoe.

– Mathijsen noemt hem een soort Droogstoppel, ook omdat hij er kennelijk geen been in zit kinderen en hoogbejaarden in zijn bedrijf te nemen, waarschijnlijk om de kosten te drukken.

– Ja, het geeft je een interessant kijkje in het uitgeversbedrijf van die tijd, dat hoofdstuk. Zoals de andere hoofdstukken je natuurlijk ook wel wat leren over de wereld waarin Multatuli opereerde. Dat brengt je met een omweg toch wel weer wat dichter bij de schrijver, denk ik dan.

– Maar ik snak toch echt nu wel naar weer wat werk van de Meester zelf.

– Volgens mij zijn de brieven uit 1867 nu aan de beurt.

– Toen Multatuli in Duitse ballingschap zat vanwege De Klap!