Ceci n’est pas un panneau

Door Henk Wolf

Toen mijn vrouw José en ik maandag van Groningen naar Leeuwarden reden, stonden we vlak bij de Gronings-Friese grens opeens voor een rood-wit gestreept hek. De weg was opgebroken. We hadden twee keuzes, dachten we. Naar rechts, naar het dorp Burum, of naar links, naar het dorp Visvliet. Omdat we nergens een aanwijzing voor een alternatieve route zagen, reden we op goed geluk Burum maar in. Dat was een fout en tien minuten later reden we mopperend Burum weer uit.

Net buiten Burum, maar nog voor de kruising met de doorgaande weg, hing een bord waarop het volgende stond:

Okee, dachten we, de pijltjes met een B erin volgen, dat gaat ons lukken. Een paar honderd meter verderop kwamen we weer op de doorgaande weg. Daar verwachtten we nu een pijltje met een B erin. Maar er waren geen pijltjes. Wel stond er een verkeersregelaar, die ons linksaf stuurde, terug in de richting Groningen.

Met een grote omweg en veel zoeken belandden we uiteindelijk ergens midden in de weilanden. Daar stond het volgende bord:

Einde omleiding, dachten we, nu komen we zodadelijk weer op de doorgaande weg, of we zien ergens een bord met Leeuwarden erop. Of een plaats aan de doorgaande weg Groningen-Leeuwarden.

Niets daarvan. Even laten kwamen we op een plattelandskruising. Daar stonden wel borden met plaatsnamen, maar niet een ervan lag ook maar in de buurt van onze dagelijkse forensenweg. Borden met pijltjes waren niet meer te zien. Andere verkeersdeelnemers evenmin. Het duurde dan ook nogal even voor we weer op bekend terrein waren.

Op de terugreis dachten we: nu moet het lukken, nu letten we goed op, want we hebben vast pijltjes over het hoofd gezien. Nu moesten we pijltjes volgen met een A erop. En weer stond er bij de eerstvolgende kruising geen pijltje. Weer kondigde een bord aan dat er geen nieuwe omleidingspijltjes meer zouden komen en weer hadden we op de eerstvolgende kruising geen idee waar we waren. Ondertussen was er op de weg geen levende ziel meer te bekennen.

Ergens tijdens de terugreis begreep mijn vrouw wat wij niet hadden begrepen. Wij hadden het eerste bord buiten Burum gelezen alsof we de pijltjes met een B erin moesten volgen, waar die ook naartoe wezen. Maar het pijltje op dat eerste bord wees naar links. Het was dus tegelijk het eerste pijltje van de route.

Met het laatste bord was het wat vergelijkbaars. Ik had dat gelezen als ‘nu komen er geen pijltjes met een B erin meer’. Maar het betekende blijkbaar ook nog ‘bij de volgende kruising rechtdoor rijden’.

“Maar dat kan helemaal niet!” riep ik wanhopig. “Je kunt een teken niet tegelijk in zelfnoemfunctie gebruiken en ermee naar iets in de buitentalige werkelijkheid verwijzen. Je verkoopt in een tuincentrum toch ook geen kaartjes met het woord geranium erop? Ik ben toch niet met de zelfstandignaamwoordsgroep mijn vrouw getrouwd? Ceci n’est pas un panneau!

“Je moet wel taalkundige zijn om te vinden dat dat niet kan”, zei mijn vrouw. “Een praktisch opgeleide wegwerker vindt zoiets heel logisch.”

Dit bericht is geplaatst in column met de tags , . Bookmark de permalink.

6 reacties op Ceci n’est pas un panneau

  1. Rob Alberts schreef:

    Of bordenplaatsers goed zijn opgeleid weet ik niet.

    Bij staan de borden vaak genoeg foutief geplaatst.

    Vriendelijke groet,

  2. Coen Peppelenbos schreef:

    Ik vind dit wel een heel omslachtige manier om uit te leggen waarom jullie te laat op de vergadering waren.

  3. Lucienne schreef:

    Je hebt vast ook moeite met het invullen van formulieren van instanties?

  4. Rob Duijf schreef:

    Je hebt tegenwoordig ook zoiets als ‘navigatie’. Het alternatief is kaart-en-kompas. Nooit bij de scouts gezeten?

  5. Mient Adema schreef:

    Ja, en wat was er nu op tegen geweest als ze op zo’n bord gewoon nog even een voetnootje hadden geplaatst met de tekst “Taalkundigen, die in hun bedrijfsblindheid wellicht twijfelen en graag op tijd willen komen, adviseren wij voor Leeuwarden hier linksaf te slaan, want u hoeft het over Visvliet echt niet te proberen”?
    En eindelijk begrijp ik mijn kat die hongerig mijn wijsvinger bestudeert waarmee ik hem zijn kattenbrokjes aanwijs.
    Wegomleggingen zijn overigens een crime, dat dan weer wel.

  6. Gerard van der Leeuw schreef:

    Ik reed afgelopwwn zaterdag ook van Hroningen naar Ljouwert: per trein. Geen omwegen, geen rare bordjes. Als ik het per fiets doe neem ik altijd een kaart mee. Je weet wel dat is zo’n papieren ding waarop je je route zelf kunt uitstippelen.. Ik had in jouw geval ook zonder kaart sowieso de weg naar Visvliet genomen: dat was vroeger immers een station op de lijn. Groningen-Leeuwarden……. Je komt vandaar makkelijk in Buitenpost (ook al een station op die lijn). Burum is mooi, helaas een afgegraven terp en een afgebrande molen….. Kortom: neem voorataan de trein, minder vervuilend en je bent gegarandeerd op tijd.

Laat een reactie achter