Gedicht: G.A. Bredero • Sonnet

Vandaag is het 400 jaar geleden dat Bredero overleed, en daarom is 2018 Bredero-jaar. Zie Bredero2018.nl.

Sonnet

Ick twijfel, lieve Lief, wat my eerst mocht vercrachten*
De schoonheyt van u Ziel of van u rijpe* Jeucht,
Of u verlicht verstant, of u volmaakte Deucht,
Of wat ick sal voor ’t Eelst van dese dingen achten.

O soete straffe strijt!* o stribblighe* gedachten!
Hoe stoot en stommel dy* Garbrande inde* vreucht,
Die van syn selven* nau een trisseltje* en heucht,
Want siet vergetel dranc* dronck by verscheyen nachten

Door de beschouwing van niet Werelts* noch niet cleyns,
Maer van u schoone ziel ! die waerlijcx niet gemeyns*
Heeft met dit aertsche volck van logge lompe sinnen.

O soetheyt! laet my* noch een weynich nuchter Breyns,
Op dat ick in myn hart met erenst* overpeyns
Of ymandt meer als ick haer deuchden mach* beminnen?

G.A. Bredero (1585-1618)

• mocht vercrachten: kon overweldigen
• rijpe: ervaren, tot wijsheid gekomen
• straffe strijt: harde tweestrijd
• stribblighe: tegenstrijdige
• Hoe stoot en stommel dy enz.: wat beweegt gij de dichter met rukken heen en weer
• inde: temidden van de
• Die van enz.: die nauwelijks meer weet wat hij geweest is
• een trisseltje: een schijntje
• vergetel dranc: drank waardoor men het bewustzijn van zichzelf verliest, nl. de verliefdheid
• niet Werelts: niets van deze aarde
• niet gemeyns: niets gemeen
• laet my: gun mij, laat mij behouden
• erenst: ernst
• mach: kan, zou kunnen

———————————–

Dit bericht is geplaatst in gedicht met de tags , , . Bookmark de permalink.

Laat een reactie achter