Wie weet er of Jo een echte Limburger is?

Door Marc van Oostendorp

Iedere zin is een wonder. Ik ben nu toch al tientallen jaren student taalwetenschap, en nog steeds ontvouwt zich bijna iedere dag wel weer een klein raadsel rondom een doodnormale zin.

Zo las ik deze week een artikel over zinnen zoals:

  • Ben weet niet of Jo een Limburger is.

Op het eerste gezicht lijkt deze zin misschien alleen een mededeling over de actuele stand van Bens kennis. Daarin ontbreekt kennelijk wat informatie. Je zou de zin dan kunnen expliciteren als:

  • Ben weet niet dat Jo een Limburger is en Ben weet niet dat Jo geen Limburger is.

Maar als je er preciezer over nadenkt, betekenen die twee zinnen niet hetzelfde. 

In de eerste plaats zeg je door het uitspreken van de eerste zin óók iets over je eigen kennis. In ieder geval gaat de suggestie er sterk vanuit dat je het zelf óók niet weet. Het klinkt een beetje gek om bijvoorbeeld het volgende te beweren:

  • Ben weet niet of ik thuis ben.

Je zal in zulke gevallen toch eerder zeggen “Ben weet niet dat ik thuis ben” (of “Ben weet niet dat ik niet thuis ben”). Zo is het ook een beetje gek om te zeggen:

  • Jo is een Limburger, maar Ben weet niet of Jo een Limburger is.

Alleen in bijzondere omstandigheden lijken dit soort zinnen mogelijk, bijvoorbeeld als je quiz-master bent en het deel is van je vak om bepaalde kennis verborgen te houden, kun je die laatste zin zeggen tegen je publiek voor Ben binnenkomt.

Maar ook over Bens kennis zegt de eerste zin die ik hierboven aanhaal eigenlijk iets anders dan de tweede. Normaliter kun je over dingen die je niet weet wel een bepaalde gedachte hebben:

  • Ben weet niet zeker dat Jo geen Limburger is, maar hij denkt dat hij een Brabander is.

Maar bij ‘hij weet niet of…’ klinkt dat vreemd:

  • Ben weet niet of Jo een Limburger is, maar hij denkt  dat hij een Brabander is.

Met andere woorden, als je zegt dat Ben niet weet of Jo een Limburger is zeg je daarmee normaliter eigenlijk dat Ben helemaal geen duidelijke mening heeft over de provinciale herkomst van Jo. Een conversatie als de volgende is daarom ook gek:

  • A: Ben weet niet of Jo een Limburger is.
    B: Klopt. Hij denkt dat hij een Brabander is.

Het lijkt zo’n simpel zinnetje – maar het zegt meer over de kennis van allerlei mensen dan je op het eerste gezicht zou vermoeden.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in column met de tags , , . Bookmark de permalink.