Gedicht: Charles Ducal – Ochtendritueel

In 1988 werd de eerste C. Buddingh’-prijs uitgereikt, voor het beste debuut van 1987. Er waren acht bundels genomineerd, en uit vijf daarvan leest u deze week een gedicht, geselecteerd door dichteres Hester Knibbe. Komende vrijdag komt er een gratis e-boekje beschikbaar, met daarin een gedicht uit alle acht de bundels – opmerkelijk genoeg van acht dichters die ook vandaag de dag nog poëzie schrijven. Als eerste een gedicht van Charles Ducal.
.

Ochtendritueel
Elke morgen worden wij herenigd.
In de keuken ligt het hoofd
onder de kraan. Ik sluit het aan,
het spreekt getrouw de ochtendbede:

brood. Het lichaam is vooraf gesneden,
uit de ijskast dampt de rode pot gelei.
Het offer aan de dag moet sober zijn.
Ik neem en eet, en voed de rede

met de nieuwe toestand in de krant.
Er wordt, zoals ook gister, veel geleden.
Dit verheugt, ik voel het huis in vrede,
hier alleen loopt alles in de hand.

Achter de rug kreunt nog een laatste trede,
droom en slaap plegen hun zwak verzet.
Boven ligt de nacht doorwoeld over het bed.
Het graf is leeg. Hij is herrezen.

Charles Ducal (1952)
uit: Het huwelijk (1987)