De Volkskrant lacht een minister uit en alle Limburgers

De Volkskrant, die krant die denkt dat taal een onderwerp is waarover je niets hoeft te weten maar waarover je wel eindeloos kunt smalen, had gisteren weer een nieuwtje:

Minister Lilianne Ploumen zei dinsdag op gewichtige toon tegen een gezelschap van ondernemers in Congo: ‘There is no such thing as a Dutch product in terms of quality!’ Oftewel: ‘Nederland heeft geen kwaliteitsproducten’, aldus de minister voor Buitenlandse Handel. Ze bedoelde natuurlijk het tegenovergestelde: ‘There is nothing like a Dutch product.’

Vervolgens komt de verslaggever van dienst met een heel verzameling bekende broodje-aapverhalen over het Engels van Nederlandse politici: Joop den Uyl die zou hebben gezegd dat we ‘a country of undertakers’ zijn, Luns die zou hebben verklaard ‘I fok horses’.

Later op de dag mocht een humorist van de krant aan deze scoop ook nog de grap knopen dat sommige politici (Limburgse politici, natuurlijk) maar beter Engels konden spreken, omdat je hun Nederlands niet kunt verstaan.

Dat was het taalnieuws van de Volkskrant van gisteren: een verspreking van een minister, gelardeerd met een hoop door de krant bij elkaar verzamelde onjuistheden en grapjes – waarvan niets gecheckt is, want als het om taal gaat mag je ongegeneerd ongecontroleerde verhalen voor de zoveelste keer opdissen. (Alleen dat zinnetje van Ploumen, dat heeft ze echt gezegd, dat blijkt uit de link onderaan de pagina.)

En dan die verspreking zelf. In de eerste plaats suggereerde de krant dat There is no such thing as a Dutch product net zo’n soort te letterlijke vertaling uit het Nederlands was als undertaker of I fok horses. Ik heb daar lang over nagedacht, maar geen idee hoe de krant dat kan zien. Wanneer je de zin terug vertaalt, krijg je:

Er is niet zo’n ding als een Nederlands product in termen van kwaliteit.

En dat lijkt me nauwelijks een Nederlandse zin, laat staan met de vereiste betekenis. Wanneer Ploumen echt een Nederlandse zin had vertaald had ze gezegd There is nothing above a Dutch product of zoiets, maar dat zei ze dus niet.

Het lijkt eerder een ‘gewone’ verhaspeling, een die moedertaalsprekers ook zouden kunnen maken. Merk bovendien op dat de constructie helemaal perfect is: there is no such thing as… Ze zegt zelfs niet zoiets als There is nothing as… of zo. De woorden komen vloeiend over haar tong, maar iedereen verspreekt zich wel eens.

Daar komt bij dat het zinnetje dat ze wel zei in het Engels helemaal niet betekent ‘Nederland heeft geen kwaliteitsproducten’, zoals de Volkskrant beweert. Het betekent eerder ‘Waar het gaat om kwaliteit, kun je niet spreken van hét Nederlands product’: het kan vriezen en het kan dooien. Niet echt een mededeling die je verwacht van een minister op dat moment, maar ook niet zo’n hilarisch leuke misser dat je er je hele bibliotheekje van mopjes maar weer eens voor uit de kast moet halen.