Klankencyclopedie van het Nederlands (18): [m]

[m] De [m]-klank maak je met je lippen op elkaar, waardoor de lucht uit de longen niet naar buiten kan stromen en het zachte verhemelte omlaag zodat het geluid wel door de neus naar buiten kan. (Vanwege die laatste karakteristiek wordt de [m] een neusklank of nasaal genoemd.)

In heel veel talen is het woord voor ‘mama’ zoiets als mama. Dat heeft te maken met de vorm van de kindermond.

Omdat je de [a] maakt door je mond wijd open te sperren, maak je mama door je mond open en dicht te doen. Dat kan ieder kind moeiteloos – je hebt er niet eens tanden voor nodig, en geen verfijnde beheersing van de spier die tong heet. Wat zuigelingen nog niet zo goed kunnen: hun neusholte afsluiten. Als je goed luistert naar een baby, zegt hij mama ook niet op zijn Nederlands maar meer op zijn Frans: maman, waarbij de lucht ook tijdens de [a] nog door de neus naar buiten stroomt.

Een van de eigenaardigste en leugenachtigste woorden is bij dit alles natuurlijk mmmmm! Het wordt geacht zin in eten uit te drukken, maar ondertussen knijpt de spreker zijn lippen ferm op elkaar. Ondertussen stroomt de lucht door de neus naar buiten, zodat je ook onmogelijk iets kunt ruiken. Mmmmm! zou daarom bruikbaarder zijn als een kreet van afschuw over vreselijk eten, maar is als zodanig in geen enkele menselijke taal aangetroffen.