Neder-L, no. 0508.b

Subject: Neder-L, no. 0508.b
From: Ben Salemans
Reply-To:Elektronisch tijdschrift voor de neerlandistiek
Date:Wed, 31 Aug 2005 03:03:51 +0200
Content-Type:text/plain
                           *********************
*-Veertiende-jaargang------ Neder-L, no. 0508.b -----------ISSN-0929-6514-*
|                                                                         |
|      ************************************************************       |
|      * Neder-L, elektronisch tijdschrift voor de neerlandistiek *       |
|      ************************************************************       |
|                                                                         |
| Onderwerpen in dit bulletin:                                            |
| ============================                                            |
| (1) Rub: 0508.11: Evenementenagenda, met:                               |
|                   - Amsterdam: Lezing Marc van Oostendorp over de       |
|                     geschiedenis van het Esperanto, zo 27 november 2005 |
| (2) Med: 0508.12: Overleden: Gertie Evenhuis-Elbertsen (1927-2005),     |
|                   Louis Ferron (1942-2005), Jacques Arends (1952-2005)  |
| (3) Rub: 0508.13: Hora est! Promotie C. Blom, Amsterdam, UVA, do 8      |
|                   september 2005                                        |
| (4) Med: 0508.14: Simon Stevin dubbellezing door Jozef Devreese en      |
|                   Marijke van der Wal, Eindhoven, wo 21 september 2005  |
| (5) Med: 0508.15: Genomineerden Taalunie Toneelschrijfprijs bekend;     |
|                   uitreiking op do 1 september 2005 te Brussel          |
| (6) Lit: 0508.16: Pas verschenen: Jos A.A.M. Biemans. Het begrijpen van |
|                   de vorm. (Amsterdam, 2005)                            |
| (7) Lit: 0508.17: Pas verschenen: Willy Vandeweghe. Duoteksten.         |
|                   Inleiding tot vertaling en vertaalstudie. (Gent, 2005)|
| (8) Col: 0508.18: Linguistisch Miniatuurtje CII: Van Basten trapt in    |
|                   eigen schijnbeweging                                  | 
| (9) Informatie over Neder-L                                             |
|                                                                         |
*-------------------------                     -------wo-31-augustus-2005-*
                           *********************

(1)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: 30 augustus 2005
From: P.J. Verkruijsse <p.j.verkruijsse@uva.nl>
URL artikel: http://www.neder-l.nl/bulletin/2005/08/050811.html
Subject: Rub: 0508.11: Evenementenagenda

=================
Evenementenagenda
=================


AMSTERDAM, De Burcht – Vakbondsmuseum, Henri Polaklaan 9

Lezing Marc van Oostendorp, zondag 27 november 2005, 14.00 uur.

  • Taalkundige Marc van Oostendorp, verbonden aan het Meertens Instituut, spreekt over zijn boek ‘Een wereldtaal; de geschiedenis van het Esperanto’. De kunsttaal Esperanto werd eind 19e eeuw ontwikkeld in Wenen door de joodse oogarts Lejzer Zamenhof. Binnen korte tijd kreeg de taal een grote aanhang, met name ook in Nederland. De gedachte was dat als mensen ongehinderd met elkaar konden communiceren in een door iedereen begrepen taal er in de toekomst ook geen conflicten en oorlogen zouden zijn. Het idealisme uit de begintijd lijkt goeddeels verdwenen en vandaag de dag wordt het Esperanto wereldwijd nog maar door enkele tienduizenden mensen beoefend. Van Oostendorp gaat vooral in op de ‘sociale geschiedenis’ achter het Esperanto: waarom sprak het Esperanto zoveel idealisten en mensen uit de linkse hoek aan? Entree EUR 5,00. Reserveren gewenst: +31 (0)20-6241166. http://www.deburcht-vakbondsmuseum.nl.

(2)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: 30 augustus 2005
From: P.J. Verkruijsse <p.j.verkruijsse@uva.nl>
URL artikel: http://www.neder-l.nl/bulletin/2005/08/050812.html
Subject: Med: 0508.12: Overleden: Gertie Evenhuis-Elbertsen (1927-2005), Louis Ferron (1942-2005), Jacques Arends (1952-2005)

=========
Overleden
=========

Op 19 augustus 2005 overleed te Amsterdam de jeugdboekenschrijfster Gertie Evenhuis-Elbertsen (* 4 maart 1927 te Onstwedde). Als domineesvrouw in Biervliet (Zeeuws-Vlaanderen) debuteerde Gertie Evenhuis in 1958 met ‘Avontuur aan de grens’, later opgenomen in de ‘Westerschelde omnibus’ (1980). Daarna volgden nog vele, goed gedocumenteerde jeugdboeken, zoals ‘Wij waren er ook bij’, in 1964 bekroond met de Nienke van Hichtumprijs, en ‘Stefan en Stefan’, in 1974 goed voor een Zilveren Griffel. Evenhuis is ook de auteur van de ‘Erik en Anke’-serie leesboekjes. Een aantal van haar boeken is in het Engels en Zweeds vertaald. Zie ook de DBNL: http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php?id=even004.

Op 26 augustus 2005 overleed te Haarlem de dichter en schrijver Louis (Aloysius) Ferron (* 4 februari 1942 te Leiden). Ferron werd geboren als Karl Heinz Beckering, maar kreeg op zijn 7e – na de dood van zijn Duitse vader – de naam van zijn moeder. Hij verhuisde na zijn huwelijk naar Belgie, maar keerde spoedig naar Nederland terug en werd copywriter bij een reclamebureau. Ferron debuteerde met een cyclus gedichten, ‘Kleine krijgskunde’, in Maatstaf (mei 1962). Zijn eerste zelfstandig verschenen publicatie was de poeziebundel ‘Zeg nu zelf, is dit ontroerend?’ (1967). Na een tweede bundel gedichten, ‘Grand Guignol’ (1974), publiceerde hij overwegend proza, waarmee hij pas echt naam zou maken. De delen van de trilogie bestaande uit ‘Gekkenschemer’ (1974), ‘Het stierenoffer’ (1975) en ‘De keisnijder van Fichtenwald’ (1976) hebben met elkaar gemeen dat ze alledrie de Duitse cultuurgeschiedenis als hallucinerend decor hebben om daarmee de onafwendbaar lijkende ontwikkeling van het Duitsland van Ludwig II van Beieren tot en met nazi-Duitsland te schilderen. Daarbij gaat het Ferron niet zozeer om een betrouwbaar cultuurhistorisch beeld, als wel om de psychosociale verschijnselen die het fascisme oproepen, waarbij die verschijnselen opgehangen zijn aan onderling uitwisselbare en daardoor tijdloze personages. Zo wordt bijvoorbeeld het personage Sternheim uit ‘Turkenvespers’ (1977) samengesteld uit twee historische figuren uit de filmwereld: Von Sternheim en Von Stroheim. De filosofie van Nietzsche en de psychologie van Freud spelen in het werk van Ferron een belangrijke rol. Ferron ontmaskert allerlei ideologieen en romantische voorstellingen om de daarachter liggende chaos van driften en verborgen formele conventies zichtbaar te maken. Ferrons werk wordt door een aantal critici postmodernistisch genoemd.
In 1991 verschenen opnieuw gedichten van zijn hand in ‘Voor de val’. Deze bundel werd gevolgd door een door Armando geillustreerde bundel gedichten ‘Liederen van een andere zee’ (1997). Met ‘De Walsenkoning’ (1993) begint Ferron aan een reeks autobiografische romans, waarin feiten uit zijn bestaan in een fictionele context worden verwerkt. Zo wordt in ‘Een aap in de wolken’ (1995), het tweede deel van de reeks, Ferrons beklimming van de Parnassus gemythologiseerd, een beklimming overigens die zal eindigen in de riolen van Haarlem. Vlak voor zijn dood verscheen de roman ‘Niemandsbruid’ (2005) over Adele Schopenhauer. Behalve romans schreef Ferron een operalibretto naar Bachs Mattheus Passie (1977) op muziek van Louis Andriessen. Daarnaast schreef Ferron een libretto voor een kameropera over Heinrich von Kleist: ‘Aan de Wannsee’ (1986). Voorts schreef hij essays: ‘De hemelvaart van Wammes Waggel’ (1978) en ‘Berlin Alexanderplatz. Fassbinder contra Doeblin’ (1981). Ferron vertaalde werk van James Baldwin en Vladimir Nabokov. In 1978 werd hem de Multatuliprijs toegekend voor ‘De keisnijder van Fichtenwald’. In 1990 kreeg hij de AKO-literatuurprijs voor ‘Karelische nachten’ (1989) en in 1994 de Bordewijkprijs voor ‘De Walsenkoning’. In 2001 werd hem de Constantijn Huygensprijs van de Jan Campertstichting toegekend voor zijn gehele oeuvre. Ferron was Ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw. [G.J. van Bork in het biografieenproject van de DBNL: http://www.dbnl.org/tekst/bork001schr01_01/bork001schr01_01_0333.htm].
Zie ook: http://www.louis-ferron.nl/.

Op 16 augustus jl. is Jacques Arends na een kort ziekbed op 53-jarige leeftijd overleden.
In 1991 verwierf Jacques een Akademie-onderzoekerschap waarmee hij bij de vakgroep Algemene Taalwetenschap van de faculteit terecht kwam, waar hij zich sindsdien eerst als faculteitsfellow en later als universitair docent in onderwijs en onderzoek bezig hield met zijn grote passie: de creolistiek, in het bijzonder de vorming van het Sranan en het Saramakkaans in Suriname. Binnen de opleiding Taalwetenschap en de minor Migrantentalen vervulde hij een belangrijke rol in het onderwijs op dit gebied. Bij het ACLC was hij een buitengewoon gedreven onderzoeker die veel collega’s wist te inspireren. (Zijn webpublicatie ‘Nederlands met een kleurtje’, http://taalschrift.org/reportage/000466.html, moge daarvan getuigen.) Hij stond op het punt een nieuw boek, ‘Language and slavery: A social and linguistic history of the Suriname creoles’, te voltooien. De uitvaartdienst heeft op zaterdag 20 augustus jl. plaatsgevonden Jacques is begraven op de Algemene Begraafplaats “Duinhof”, Spekkelaan, Lisse. Bij de afdeling Taalwetenschap (Bungehuis, Spuistraat 210, derde verdieping) kunt u een boodschap achterlaten in het condoleanceboek.
Zie ook: http://creoles.free.fr/noticeArends.htm

(3)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: 25 augustus 2005
From: P.J. Verkruijsse <p.j.verkruijsse@uva.nl>
URL artikel: http://www.neder-l.nl/bulletin/2005/08/050813.html
Subject: Rub: 0508.13: Hora est! Promotie C. Blom, Amsterdam, UVA, do 8 september 2005

=========
Hora est!
=========

Donderdag 8 september 2005, 13.45 uur, Aula Vrije Universiteit
Mevrouw C. Blom: Complex Predicates in Dutch. Synchrony and Diachrony.
Promotor: prof. dr. G.E. Booij.

Er kwam haar iets verschrikkelijks over
—————————————

Waarom spreken we vaak van het onjuiste uitgeprint en van afgecheckt in plaats van respectievelijk geprint en gecheckt? En hoe komt het eigenlijk dat de zin Marie kwam uit Amerika over wel goed is, maar Er kwam haar iets verschrikkelijks over duidelijk niet? In haar proefschrift geeft Corrien Blom antwoord op deze vragen en nieuw inzicht in de schijnbaar onlogische Nederlandse taal.

Blom gaat in op de verschillen in structuur en betekenis, tussen enerzijds samengestelde werkwoorden die te scheiden zijn (uitprinten, overkomen, omvallen) en anderzijds werkwoorden die je altijd aan elkaar schrijft (overkomen, doorzoeken, omringen). Uit deze voorbeelden blijkt al dat werkwoorden waarin de klemtoon op het eerste deel ligt, wel zijn te scheiden (omvallen), maar werkwoorden waarin dat niet het geval is doorgaans aan elkaar blijven (omringen). De grote vraag blijft echter, wat nu bepaalt welk klemtoonpatroon bij een bepaald werkwoord hoort.

De historische ontwikkeling van scheidbare versus onscheidbare samengestelde werkwoorden speelt een belangrijke rol. Bijwoorden en voorzetsels die in oudere stadia van het Nederlands direct links van het werkwoord konden staan, zijn door de eeuwen heen aan dit werkwoord vastgegroeid. Dit leidde tot complexe werkwoorden die scheidbaar bleven, zoals omvallen en overkomen. Een deel van deze werkwoorden ontwikkelde zich verder, tot onscheidbare werkwoorden zoals overkomen en omringen. Data van het Middelnederlands ondersteunen deze stelling en werpen nieuw licht op die veronderstelde ontwikkeling.

Blom laat zien dat het bestaan van scheidbaar samengestelde werkwoorden implicaties heeft voor onze visie op de grammatica. Dat geldt vooral voor het lexicon: dit bevat niet alleen de lijst van Nederlandse woorden, maar ook lexicale eenheden die groter zijn dan een woord, zoals de scheidbaar samengestelde werkwoorden. Daarnaast bevat het lexicon patronen voor de vorming van deze lexicale eenheden.

(4)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Sat, 20 Aug 2005 01:36:36 +0200
From: Jan Roukens <jroukens@hotmail.com>
URL artikel: http://www.neder-l.nl/bulletin/2005/08/050814.html
Subject: Med: 0508.14: Simon Stevin dubbellezing door Jozef Devreese en Marijke van der Wal, Eindhoven, wo 21 september 2005

====================================================================
Simon Stevin dubbellezing door Jozef Devreese en Marijke van der Wal
====================================================================

NL Term, het Studium Generale TUE, de studievereniging Simon Stevin TUE en het Algemeen Nederlands Verbond nodigen u uit voor de

Simon Stevin dubbellezing door Jozef Devreese en Marijke van der Wal

op woensdag 21 september 2005, in het Auditorium (Blauwe Zaal) van de Technische Universiteit Eindhoven.

De samenwerkende organisaties heten u op 21 september om 11:45 welkom in de TU Eindhoven voor twee lezingen over Simon Stevin, die in de 16e/17e eeuw in de Nederlanden en in Europa een belangrijke rol speelde in de wiskunde, de ingenieurswetenschappen, de natuurkunde en …. als taalvernieuwer. Stevin was getuige en product van de politieke scheiding tussen de Zuidelijke en de Noordelijke Nederlanden. Hij werd in 1548 in Brugge geboren en stierf in 1620 in Den Haag. Stevin had een brede maatschappelijke en wetenschappelijke belangstelling: hij was onder andere verbonden aan de Leidse universiteit maar ook adviseur voor defensiewerken van prins Maurits.

Prof. Jozef T. Devreese (Univ. Antwerpen, TU Eindhoven) bespreekt het leven en de wetenschappelijke prestaties van Stevin. Devreese schreef onder andere het boek ‘Wonder en is gheen wonder’ (2003) over het werk van Stevin. De titel van zijn lezing: ‘Simon Stevin: denker, doener, duizendpoot’

Voor NL Term is Stevin bijzonder interessant door zijn aandacht voor het creatieve gebruik van de Nederlandse taal in de wetenschap en het wetenschapsonderwijs. Stevin was overtuigd dat de vooruitgang in de Nederlanden bevorderd kon worden door jonge mensen in de wetenschappen in te wijden en voor die kennisoverdracht de moedertaal van de studenten te gebruiken, het Nederlands (toen nog Duytsch genoemd). In die tijd was het Latijn de wetenschapstaal bij uitstek maar jonge mensen beheersten die taal niet of niet goed genoeg.
Omdat veel wetenschappelijke termen in het Nederlands van die dagen niet bestonden of geen gemeengoed waren, was Stevin gedwongen zelf termen te ontwikkelen en ingang te doen vinden. Die verrijking van de Nederlandse wetenschappelijke terminologie heeft tot vandaag sporen nagelaten. Algemeen gebruikte woorden zoals wiskunde (wisconst), evenwijdig(ch), middelpunt zijn waarschijnlijk aan Stevin te danken. Even belangrijk als het bedenken van termen was het gebruik van het Nederlands voor wetenschappelijke en technische verhandelingen.

Dr. Marijke J. van der Wal (Univ. Leiden) schreef ‘Geschiedenis van het Nederlands’ (3e druk 2002) en ‘De moedertaal centraal. Standaardisatieaspecten in de Nederlanden omstreeks 1650’ (1995). Zij spreekt over de duizendpoot onder de titel: ‘Stevin en het Nederlands als wetenschapstaal’.

Samenwerking

In Vlaanderen en Nederland is een groot aantal straten en pleinen naar Stevin genoemd. In Brugge staat een standbeeld van de man en is een departement van de Hogeschool naar hem genoemd. Aan de TU Eindhoven draagt de studievereniging voor werktuigbouwkunde zijn naam, vooral vanwege Stevins’ constructieve vaardigheden. NL Term heeft in eerste instantie met deze studievereniging contact gezocht voor de organisatie van de Simon Stevinlezingen, ook om het doelpubliek voor haar activiteiten te verruimen en jongen mensen aan te spreken. Via de enthousiaste studievereniging is het Studium Generale van de TU bij dit evenement betrokken die de algemene organisatie heeft overgenomen. Ook de Algemene Nederlandse Vereniging toonde grote belangstelling en heeft haar naam aan het evenement verbonden.

Programma en lezingen

De toegang is vrij.
11:00 (vanaf) opening informatiebalie aan de Blauwe Zaal van het Auditorium;
11:45 verwelkoming en korte inleiding;
12:00 lezing Professor Jozef Devreese;
12:45 lezing Dr. Marijke van de Wal;
13:30 afsluiting.
Deelnemers kunnen desgewenst de lunch gebruiken in de cafetaria van de Universiteit.

Bereikbaarheid

Het terrein van de TU ligt vlak bij het centraal station Eindhoven. Vanaf het station naar het Auditorium is een wandeling van 10 minuten. Wie per auto komt vindt op het terrein van de TU voldoende parkeergelegenheid. Let op: de TU heeft vijf ingangen. De ingang het dichtst bij het Auditorium is aan de John F. Kennedylaan. Voor plattegrond en route-informatie: http://w3.tue.nl/nl/de_universiteit/route_en_plattegrond/plattegrond/ Het Auditorium wordt op deze plattegrond voorgesteld door het rode blokje AUD.

(5)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Tue, 30 Aug 2005 17:03:34 +0200
From: Liesbet Vannyvel - Nederlandse Taalunie <lvannyvel@taalunie.org>
URL artikel: http://www.neder-l.nl/bulletin/2005/08/050815.html
Subject: Med: 0508.15: Genomineerden Taalunie Toneelschrijfprijs bekend; uitreiking op do 1 september 2005 te Brussel

=====================================================
(Persbericht Nederlandse Taalunie, 30 augustus 2005:)
Genomineerden Toneelschrijfprijs bekend
=====================================================

Een van de vier genomineerde teksten wint op 1 september de Taalunie Toneelschrijfprijs 2005. De uitreiking vindt plaats na mightysocietypreview 2, een multimediale presentatie met vier toneelauteurs en vier deskundigen.

De jury, regisseur-toneelschrijver Jeroen van den Berg, actrice Barbara Pouwels en dramaturge Mieke Versyp, ontving dit jaar 83 inzendingen voor de Taalunie Toneelschrijfprijs. Daarmee ligt het aantal teksten rond het gemiddelde van de vorige jaren, na een uitzonderlijk rijke oogst in 2004 met meer dan 100 deelnemende stukken. De onderwerpen en thema’s, stijlen en genres zijn divers. Net als de auteurs; naast een flink aantal gevestigde toneelschrijvers zijn er ook veelbelovende nieuwe namen. Opvallend is dat er in vergelijking met de voorgaande jaren weinig jeugdtoneelteksten werden ingezonden.

De Taalunie Toneelschrijfprijs wordt jaarlijks uitgereikt aan de schrijver van een oorspronkelijk Nederlandstalig toneelstuk dat in het voorafgaande seizoen voor het eerst is opgevoerd. Met deze onderscheiding wil de Nederlandse Taalunie de Nederlandstalige toneelschrijfkunst en de opvoering van Nederlandstalig toneel stimuleren. De prijs bedraagt 10.000 euro. Na uitgebreide afweging selecteerde de jury vier toneelteksten, die in aanmerking komen voor een bekroning met de Taalunie Toneelschrijfprijs 2005:

  • Sophie Kassies schreef, naar een idee van Flora Verbrugge, voor Jeugdtheater Sonnevanck de muziektheatertekst ‘Schaap’, bestemd voor kinderen van 4+.
  • Ko van den Bosch schreef voor zijn gezelschap Alex d’Electrique het absurd-komisch drama ‘Painicilline’.
  • Alex van Warmerdam maakte voor zijn eigen gezelschap De Mexicaanse Hond de muziektheatertekst ‘De verschrikkelijke moeder’.
  • Het trio Anna Enquist, Antoine Uitdehaag en Anne Vegter legde op verzoek van Bonheur Theaterbedrijf Rotterdam een aantal persoonlijke getuigenissen vast van mensen die het verwoestende bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940 hebben meegemaakt. Deze teksten zijn gemonteerd tot ‘Struisvogels op de Coolsingel’.

De winnaar zal op 1 september tijdens het Vlaams Theaterfestival worden bekendgemaakt in aanwezigheid van de genomineerden en de juryleden. Het Vlaams Fonds voor de Letteren staat dit jaar samen met de Nederlandse Taalunie, Theater Instituut Nederland en het Vlaams Theaterfestival in voor de organisatie.

Voorafgaand aan de uitreiking geven vier toneelauteurs een kijkje in hun toneelschrijfkeuken. Tijdens het programma ‘mightysocietypreview 2’, vertellen zij uitgebreid hoe zij hun onderzoek voor het schrijfproces verrichten, vertonen zij hun meest inspirerende videofragmenten en websites, laten hun spannendste citaten en artikels voorlezen en hun eerste tekstuele proefballonnetjes vrijblijvend opstijgen. Daarnaast hebben zij elke een ‘blind date’ met een deskundige, waarmee zij onder het genot van een lichte lunch een goed gesprek zullen voeren. U bent van harte uitgenodigd om aan zowel lunch als gesprek deel te nemen.

‘Mightysocietypreview 2’ verwelkomt o.a.: Philippe Van Parijs (filosoof en sociaal wetenschapper), Guido Pennings (professor medische ethiek en bio-ethiek), Sami Zemni (Centrum voor Islam in Europa), Laurence Rassel (cyberfeministe), Sarah Meuleman (Vrij Nederland), Marijke Schermer (Alaska), Ivan Vrambout (Action Malaise), Eric de Vroedt (mightysociety), Paul Pourveur, Inez de Bruyn, Bram Coopmans.

Presentatie ‘mightysocietypreview 2’ en uitreiking ‘Taalunie Toneelschrijfprijs’: donderdag 1 september van 13 tot 18 uur tijdens het Theaterfestival te Brussel. Locatie: het Kaaitheater, http://www.kaaitheater.be.
Het aantal plaatsen is beperkt, reserveren verplicht: mail uw naam, telefoonnummer en eventueel functie naar info@theaterfestival.be met vermelding ‘mightysocietypreview’. Of schrijf in via het online formulier (http://www.theaterfestival.org/form.asp?actie=form&id=38) http://www.theaterfestival.org. Het programma en de bijbehorende lunch kosten 7,50 euro.

Nadere informatie: http://taalunieversum.org/agenda/657/.

(6)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: 30 augustus 2005
From: P.J. Verkruijsse <p.j.verkruijsse@uva.nl>
URL artikel: http://www.neder-l.nl/bulletin/2005/08/050816.html
Subject: Lit: 0508.16: Pas verschenen: Jos A.A.M. Biemans. Het begrijpen van de vorm. (Amsterdam, 2005)

==============
Pas verschenen
==============

Jos A.A.M. Biemans. Het begrijpen van de vorm. Amsterdam: Vossiuspers, 2005 (Inaugurele rede Amsterdam). 30 blz.; ills.; isbn 90-5629-394-X.

Onderzoek van handschriften – de middeleeuwse geheel met de hand geschreven, versierde en eventueel geillustreerde boeken van voor de uitvinding van de boekdrukkunst – leert ons veel over de vormgeving, de productie en distributie van deze altijd unieke tekst- en beelddragers. De ‘boekarcheologie’ opent vensters op vroeger, brengt ons in contact met de makers en gebruikers van deze boeken. Het onderzoek beperkt zich niet tot de tijd waarin handschriften geproduceerd zijn, tussen ca. 500 en 1500. Ook het gebruik in latere eeuwen weerspiegelt de functie van deze boeken, in handen van verzamelaars en geleerden. Handschriftenkunde is – evenals de wetenschap van het gedrukte boek – een zelfstandige discipline en tegelijk een vorm van cultuurgeschiedenis. Het begrijpen van de vorm van het boek is een belangrijke sleutel daartoe.

Aan de hand van een paar voorbeelden demonstreert Biemans die discipline van de codicoloog: het Maerlant-handschrift van de UB Groningen en de Lancelot-compilatie van de KB Den Haag. Ook de verzamelaars van handschriften krijgen aandacht: de zeventiende-eeuwse Antwerpenaar Peter Oris en de negentiende-eeuwer Willem Moll.

(7)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Sun, 21 Aug 2005 12:37:39 +0200
From: Willy Vandeweghe <willy.vandeweghe@telenet.be>
URL artikel: http://www.neder-l.nl/bulletin/2005/08/050817.html
Subject: Lit: 0508.17: Pas verschenen: Willy Vandeweghe. Duoteksten. Inleiding tot vertaling en vertaalstudie. (Gent, 2005)

==============
Pas verschenen
==============

Willy Vandeweghe. Duoteksten. Inleiding tot vertaling en vertaalstudie. Gent: Academia Press, 2005. ISBN 90-382-0777-8. 214 pp., EUR 15.00.

In mei 2005 verscheen een Nederlandstalige inleiding tot vertalen en vertaalwetenschap, van de hand van Willy Vandeweghe (Departement Vertaalkunde, Hogeschool Gent). Het boek is opgevat als een eerste introductie tot (de studie van) het vertalen, gericht op ondergraduaat studenten uit de vertaalopleiding, maar ook leesbaar voor een breder publiek. De term ‘duoteksten’ uit de titel verwijst naar de tweelingrelatie tussen bron- en doeltekst die met elkaar verbonden zijn door relaties als equivalentie en correspondentie. Om die relaties mogelijk te maken zijn verschuivingen nodig die passen binnen door de vertaler gekozen strategieen om zijn eindproduct af te stemmen op het doelpubliek. Er zijn ook hoofdstukken over vertaalgeschiedenis, tolkpraktijk, audiovisuele vertaling (dubben en ondertitelen), computergesteund vertalen. Waar nuttig en nodig is er aandacht voor de hoofdconcepten en opvattingen uit de theorievorming binnen de vertaalwetenschap. Het boek wil ook een up-to-date referentiegids zijn naar basiswerken als readers, handboeken, woordenboeken en encyclopedieen rond vertaalstudie. Het slothoofdstuk geeft een selectie met links naar websites voor de vertaler.

(8)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Fri, 26 Aug 2005 12:02:45 +0200
From: Peter-Arno Coppen <P.A.Coppen@let.ru.nl>
URL artikel: http://www.neder-l.nl/bulletin/2005/08/050818.html
Subject: Col: 0508.18: Linguistisch Miniatuurtje CII: Van Basten trapt in eigen schijnbeweging

========================================
Linguistisch Miniatuurtje CII
Van Basten trapt in eigen schijnbeweging
========================================

Ik moet het toch even over die persconferentie van Marco van Basten hebben, voorafgaand aan de vriendschappelijke wedstrijd Nederland-Duitsland in augustus 2005. Daar kwam een mooi, taalkundig interessant moment in voor. Van Basten oogstte veel succes doordat hij een gedeelte van de persconferentie in het Duits afhandelde, niet in de laatste plaats omdat hem dat niet gemakkelijk afging.

Nu is het er mij natuurlijk niet om te doen om Van Basten en zijn beheersing van het Duits te kijk te zetten, of mij vrolijk te maken over opzichtige taalfouten, nee, het gaat mij om een passage in het interview waar Van Basten struikelt over zijn eigen formulering.

Ik zag het op vakantie waar ik niet meteen pen en papier, laat staan een laptop bij de hand had om het allemaal te noteren en uit te werken, maar ik zag de video later nog op het internet (http:// www.nu.nl/news/575087/41/Van_Basten_wil_vast_basiselftal_(video).html): Van Basten probeerde het Duitse elftal een compliment te maken voor wat ze hadden laten zien tijdens de wedstrijden om de Confederations Cup afgelopen zomer. En toen zei hij: ‘Es war sehr gut was die Deutsche Mannschaft … eh … sehen… eh … eh … haette lassen (gelach)’. ‘Zum beispiel’, voegde hij er nog aan toe, zonder twijfel een hem van tevoren aangeraden stopwoordje om tijd te winnen.

Geweldig moment, en niet zozeer omdat hij er niet uitkwam, en al helemaal niet omdat iedereen brulde van het lachen. Want eigenlijk was het meer boeiend dan hilarisch. Want waarom zei Van Basten het zo? Waarom ging hij juist daar in de fout?

Kijk, je kunt natuurlijk makkelijk zeggen dat Van Basten niet op het woord ‘zeigen’ kon komen, dat in het Duits gebruikelijker is dan het Nederlandse ‘tonen’. Hij had kunnen zeggen ‘gezeigt hat’, en dan had niemand met de ogen geknipperd en was het hele voorval niet opgetreden. Maar dat zegt niets over wat hij wel zei. Hij koos voor een constructie met het hulpwerkwoord ‘lassen’ en het zelfstandige werkwoord ‘sehen’, ongetwijfeld omdat in het Nederlands ‘laten zien’ gebruikelijker is. Maar daar is niet alles mee gezegd.

Op de eerste plaats is het van belang om op te merken dat het fragment laat zien dat Van Basten wel degelijk Duits kent. Anders had hij wel eenvoudig de Nederlandse woordvolgorde aangehouden en iets als ‘hat lassen sehen’ (of desnoods ‘haette lassen sehen’) gezegd. Maar dat deed hij niet. Hij begon met het werkwoord ‘sehen’, omdat hij wist dat in het Duits de woordvolgorde in de werkwoordelijke eindgroep gewoonlijk gespiegeld is aan die van de Nederlandse volgorde. Waar het Nederlands ‘moet hebben gezien’ heeft, krijg je in het Duits ‘gesehen haben muss’. Precies omgekeerd. In het Nederlands eindig je met het hoofdwerkwoord, dus in het Duits begin je daarmee. Van Basten begint dus met ‘sehen’. En hij zegt ‘sehen’ en niet ‘gesehen’, want hij weet dat die vorm bepaald wordt door het hulpwerkwoord ‘lassen’, dat net als het Nederlandse ‘laten’ een infinitief bij zich heeft.

De vraag is nu of Van Basten hier echt een Duitse woordvolgorde hanteert, of eigenlijk toch Nederlands spreekt met een soort fonologische “verduitsing” van ieder woord. Ik denk in eerste instantie het laatste, en wel hierom: bij werkwoordgroepen van twee werkwoorden (‘heeft gezien’, ‘wil zien’) is de “Duitse” volgorde (‘gezien heeft’, ‘zien wil’) natuurlijk ook in het Standaardnederlands mogelijk (en ongemarkeerd, laat ik er dat ook maar veiligheidshalve bij zeggen). Zolang je geen werkwoordgroepen met meer dan twee werkwoorden gebruikt, kun je dus ongestraft Nederlandse woordvolgordevarianten aanhouden en toch vlekkeloos Duits spreken. Je moet alleen de variant kiezen met het hoofdwerkwoord voorop. Maar ‘heeft laten zien’ is een woordgroep met drie werkwoorden.

Onmiddellijk bij het uitspreken van het werkwoord ‘sehen’ beseft Van Basten dat er iets mis is. Hij is de bal kwijt, hij is in zijn eigen schijnbeweging getrapt. Hoe merkt hij dat? Ik denk omdat precies op dat moment het besef tot hem doordringt dat hij de woordgroep in het Nederlands niet meer kan afmaken. ‘Zien gelaten heeft’, ‘zien heeft gelaten’, ‘zien laten heeft’, dat is allemaal niet goed in het Nederlands. In het Duits had hij nog kunnen vervolgen met iets als ‘sehen gelassen hat’. Misschien niet zo gebruikelijk, maar wel mogelijk, en in ieder geval beter dan waar hij nu op uitkwam.

Waarom zegt hij dat dan niet gewoon, ‘sehen gelassen hat’? Ik denk omdat hij naar de zogeheten ‘IPP-vorm’ zoekt, die in het Nederlands verplicht is. In het Nederlands nemen hulpwerkwoorden gewoonlijk geen voltooid deelwoordvorm aan (‘participium’), maar blijven ze in de vorm van het hele werkwoord (‘infinitivus’) staan. Je zegt niet ‘heeft gelaten zien’, maar ‘heeft laten zien’. Die constructie heet ‘infinitivus pro participio’, kortweg IPP. In het Duits heet hij natuurlijk anders. Daar spreekt men over de ‘Ersatzinfinitiv’.

Blijkbaar spreekt Van Basten hier dus nog steeds Nederlands, omdat hij een weerstand voelt tegen de participiumvorm ‘gelassen’. Hij heeft net ‘sehen’ gezegd en wil nu het werkwoord ‘lassen’ gebruiken, maar hij ziet zich gedwongen om nu ineens echt Duits te spreken. Hoe zat dat ook al weer met die Ersatzinfinitiv.

In het Duits kunnen modale hulpwerkwoorden (zoals onder andere ‘wollen’, ‘muessen’, ‘koennen’), en in ieder geval ook lassen als Ersatzinfinitiv optreden, vergezeld van het hulpwerkwoord ‘haben’, maar… de Ersatzinfinitiv moet achteraan staan. Het werkwoord ‘haben’, dat daar eigenlijk thuishoort, verschuift dan naar de eerste plaats van de werkwoordelijke groep. In plaats van ‘sehen gelassen hat’ zou je dus met Ersatzinfinitiv ‘sehen lassen hat’ verwachten, maar om ‘lassen’ achteraan te krijgen moet ‘hat’ vooraan staan (‘hat sehen lassen’), of in ieder geval voor ‘lassen’: ‘sehen hat lassen’ is minder gebruikelijk, maar komt ook voor.

Van Basten moet hier iets van beseft hebben. Hij heeft misschien op de automatische piloot ‘sehen’ vooraan gezet, en zich ineens gerealiseerd dat ‘lassen’ alleen IPP kan hebben als ‘hat’ helemaal vooraan staat. Toen moet hij hebben gedacht: verdomd, ik heb al ‘sehen’ gezegd, ik kan dus helemaal dat ‘hat’ niet vooraan zetten. Dus frommelt hij het tussen ‘sehen’ en (de Ersatzinfinitiv!) ‘lassen’, daarbij niet beseffend dat dit eigenlijk goed is en daarom ‘hat’ ten onrechte vervangend door ‘haette’.

Waarom ‘haette’? Waarschijnlijk omdat hij zich ergens herinnert dat die IPP-constructie vooral voorkomt bij een ‘irrealis’: ‘haette sehen lassen’ betekent iets als ‘zou hebben laten zien’. Dat toont en passant ook nog eens aan dat het hele voorval met betekenis niets te maken heeft. Van Basten struikelt niet over de semantiek, hij trapt in een ‘syntactische’ schijnbeweging.

Peter-Arno Coppen

(9)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=

*-------------------------------------------------------------------------*
|                                                                         |
| Informatie over Neder-L:                                                |
| ========================                                                |
| Algemene informatie opvragen over Neder-L: stuur mail naar              |
|   listserv@nic.surfnet.nl met daarin de boodschap: GET NEDER-L INFO     |
| Abonnement nemen op Neder-L: stuur mail naar listserv@nic.surfnet.nl    |
|   met als boodschap: SUB NEDER-L uw-voornaam/voorletters uw-achternaam  |
| Neder-L op het web/WWW: Neder-L-nummers zijn vanaf januari 1997 in      |
|   web-formaat te lezen via: http://www.neder-l.nl/                      |
|   Nadere informatie over Neder-L in web-formaat: zie artikel 9706.01    |
|   Er is ook een WWW-archief met alle e-mailversies van Neder-L sinds    |
|   juni 1992, dat ook op trefwoord doorzocht kan worden; de URL van dit  |
|   listserv-archief: http://listserv.surfnet.nl/archives/neder-l.html    |
| Oude Neder-L-bulletins opvragen: stuur mail naar listserv@nic.surfnet.nl|
|   met daarin een boodschap als: GET NEDER-L LOG9206                     |
|   (resultaat: logboek met Neder-L-artikelen van juni '92 wordt gestuurd)|
|   Of maak gebruik van het listserv-archief (zie enkele regels hierboven)|
| Bijdrage voor Neder-L opsturen: stuur mail naar salemans@neder-l.nl     |
| Contact met redactie: stuur mail naar Salemans@neder-l.nl, naar         |
|   Willem.Kuiper@uva.nl, naar P.J.Verkruijsse@uva.nl (voor de            |
|   evenementenagenda), naar Marc.van.Oostendorp@meertens.knaw.nl of naar |
|   P.A.Coppen@let.kun.nl                                                 |
*-------------------------------------------------------------------------*

*-Einde-------------------- Neder-L, no. 0508.b --------------------------*