Zijn knecht staat te lachen

Door Aart G. Broek

Kinder- en jeugdkoor tijdens repetitie o.l.v. Enid Hollander – foto Aart G. Broek

Na de gewelddadige revolte van mei ’69 op Curaçao dienden niet alleen de gouverneur, de premier en de hoofdcommissaris een zo donker mogelijke huidkleur te hebben, maar ook Sinterklaas. Op het eilandelijke Peter Stuyvesant College (PSC) – een school voor havo/VWO – kleurde Sinterklaas en verbleekten de Zwarte Pieten uit protest tegen onderdrukking en racisme van het moederland: Nederland. Eigenlijk diende het feest voorgoed van het eiland verbannen te worden.

Na enkele jaren was op het PSC Sinterklaas weer wit. De Zwarte Pieten werden weer flink zwart geschminkt met een moeilijk verwijderbaar smeersel, óók al waren de knechten zelf reeds meer of minder donker gekleurd. Op alle andere scholen was het niet anders. Was er niets veranderd? Ja wel, op korte termijn minder radicaal handelen en op de lange duur ingrijpender ontwikkelingen.

Schmink

Zoals te doen gebruikelijk meenden ook in de jaren tachtig honderden ouders, waaronder ik zelf, dat onze kinderen – van zeer uiteenlopende etniciteit – Sinterklaas moesten begroeten bij zijn aankomst in de haven van Willemstad. Hij was blank. Hij reed op een wit paard (misschien wel het enige op het eiland) en zijn tientallen Zwarte Pieten waren zwart-zwart geschminkte eilandbewoners van diverse huidkleuren, zij hadden geen paard (zelfs geen ezel), zij liepen, deelden snoepgoed uit, lieten een enkel kind schrikken, maakten kinderen aan ’t lachen, buitelden over elkaar, en zongen luidkeels: Papiamentstalige sinterklaasliederen op swingende Caraïbische ritmes! Die sinterklaashits duwden moederlandse liedjes moeiteloos de kade af. Onder de bezielende leiding van Enid Hollander zongen Curaçaose kinderstemmen Sinterklaas in het Papiaments het eiland over. Het kinderkoor Zjozjoli werd muzikaal ondersteund door de meest populaire band van het eiland: Rignald Recordino en zijn Doble R.

Niet alleen de liederen veranderden van taal en ritme, ook Sinterklaas werd bijgeschoold. Gezien de achtergrond van de kinderen, werd de Goedheiligman toch echt geacht niet alleen in het Nederlands – de officiële taal – te kunnen spreken, maar sowieso ook een persoonlijk woord in het Engels, Papiaments en Spaans te kunnen richten tot de peuters en kleuters. Vele peuters vonden de Zwarte Piet overigens maar een engerd: het eiland bestaat grotendeels uit meer of minder donker gekleurde mensen, maar de heftig zwart geschminkte Pieten zagen er toch nadrukkelijk anders uit dan ieder was gewend. Mede door hun kleurrijke pakken, gevederde petten en capriolen was Zwarte Piet voor ieder kind – ongeacht de huidkleur – toch vooral ‘de ander’ en als zodanig niet iemand om zich mee te identificeren.

Carnaval

Het Papiaments antillianiseerde het feest. De Sint spreekt tegenwoordig allereerst de taal van het eiland: ook het Papiaments werd een officiële taal. De Papiamentstalige liedjes van Enid Hollander, haar kinderkoor Zjozjoli, Rignald Recordino en zijn Doble R zijn klassiekers geworden en worden jaarlijks volop gezonden, terwijl ook nieuwe hits zich aandienen. De Pieten verven zich inmiddels in allerhande kleuren die sowieso niet aan welke huidkleur dan ook doen denken. Als de kleding zo kleurrijk is inmiddels ook de schmink.

Het sinterklaasfeest wordt steeds uitbundiger en krijgt nieuwe kleur-, muziek- en dansvariaties mee. Kortom, het feest begint een warming-up voor het carnaval te worden. Van een bestraffende Sint is sowieso al lang geen sprake meer. De Sint is gedienstig. Zwarte Pieten maken de dienst uit. Sinterklaas (blank) en tientallen Pieterknechten (zwart, groen, geel, blauw, rood, oranje) varen jaarlijks de haven binnen onder luid gejuich van honderden kinderen en hun ouders, zowel autochtone eilandbewoners als Nederlandse passanten en andere expats.

Aan het afschaffen van het Sinterklaasfeest wordt op Curaçao niet gedacht. Moederlandse uitspraken dat het hoog tijd is om afscheid te nemen van Zwarte Piet bereikten vanzelfsprekend ook het eiland. In die eilandelijke samenleving is echter al lang en breed bekend dat je Sinterklaas zwart kunt maken en Nederlandse stagiaires voor Zwarte Piet – blank met roetstrepen – kunt laten spelen zoveel je wilt. Met die wisseling van spelers en kleuren wordt geen enkele garantie ingebouwd dat kleurrijke politieke bestuurders van het eiland en van de overheidsorganisaties meer integer en minder corrupt zullen zijn dan hun blanke koloniale voorgangers. De gemankeerde verhoudingen van alledag – in inkomen, vermogen en mogelijkheden – worden door het resoluut afschaffen van de ‘zwarte’ knechten, van ‘knechten’ of van het feest als zodanig niet in evenwicht gebracht.

Kortom, zo wil de overtuiging, laat je niet leiden door overspannen verwachtingen die een radicale ommezwaai met zich meebrengt. Schaamte-ervaringen – zoals de vernederingen die door koloniale verhoudingen zijn opgelopen – worden juist pijnlijker wanneer dergelijke verwachtingen niet worden ingelost. Kleur het feest dus rustig bij en blijf vooral dansen, zingen en lekker eten.

Zijn knecht staat te lachen’ is een van de vijftien beschouwingen in de bundel Schaamrood; Aantekeningen over angst, agressie en ambitie (Haarlem: In de Knipscheer, 2017). Bestelinformatie bij de uitgever.

Dit bericht is geplaatst in column, cultuur met de tags , , , , . Bookmark de permalink.

Laat een reactie achter