Tag: Vlaanderen

Debat of sacochengevecht?

Over de vernieuwde visie op taalvariatie van de Taalunie

Door Wim Vandenbussche

Was Ons Erfdeel zwanger van profetische inzichten toen het in de zomer van 2018 een debat over taalvariatie organiseerde in de sacrale sferen van het Hollands College in Leuven? Een aantal Nederlandse vrienden hield toen vol dat het een praatavond zonder voorwerp was, drukdoenerij om niets in een wereld waarin elk weldenkend mens taalvariatie omarmt – ook nadat sommige Vlaamse interpellanten verhit van alomverslindende taalverloedering hadden gewaagd, en het eind van de standaardtaal met een vurig maar bevreesd hart tegemoet zagen. Die laatsten werden gesterkt in hun wanhoop toen de algemeen secretaris van de Taalunie kloek aankondigde dat een druk werkende commissie onder Vlaamse leiding hem dra zou vertellen wat hij nu precies over taalvariatie moest denken. De enen zagen vertwijfeling bij een taalpaus, de anderen leek het een weloverwogen toonbeeld van polderen. Niemand leek nog te weten dat de Taalunie in 2003 al eens een zeer helder advies over taalvariatie formuleerde.

Lees verder >>

De zegen van de standaardtaal

Door Peter Debrabandere

Het Vlaamse denken over standaardtaal moet ‘genezen’ en ‘gedeïdeologiseerd’ worden. Er moet een ‘grote schoonmaak’ gehouden worden. Vlamingen hebben ‘verlammende ideeën’ over taal. En het wordt tijd dat die ideeën ‘uit de voegen loskomen’. Zo valt te lezen in een opiniestuk van Stefan Grondelaers: De kwaal van de standaardtaal (De Standaard, 22-02-2019). Dat is even schrikken, vooral omdat Grondelaers lid was van de commissie die op verzoek van de Nederlandse Taalunie de nieuwe Visie op taalvariatie en taalvariatiebeleid (2019) geschreven heeft. En daar is de toon een stuk milder.

Vreemd is dat Grondelaers de overtuiging van de verdedigers van de Nederlandse standaardtaal een ideologie noemt, terwijl zijn eigen visie op het functioneren van taal in een maatschappij net zo goed ideologisch gekleurd is. Het is de ideologie van de variatie- of sociolinguïstiek. De hierboven al genoemde commissie bestond uitsluitend uit sociolinguïsten en dialectologen en steunde op een literatuur die voor een goed deel door henzelf geschreven is. Alleen al daardoor is de visie van de Taalunie (nu geleid door de sociolinguïst Hans Bennis) ideologisch gekleurd door de sociolinguïstiek. Lees verder >>

Voor Nederlanders is taal zo vanzelfsprekend dat ze er vaak onverschillig mee omspringen

Door Luc Devoldere

(Dit stuk is een uitgebreide reactie op deze blogpost van Marc van Oostendorp.)

Beste Marc,

Je zegt dat Vlamingen klagen, de Nederlanders van alles verwijten en dan de handen niet uit de mouwen steken. Als het over taal gaat.

Je hebt een punt.

Laat mij hier gewoon uitleggen waarom wij heel anders denken, en vooral “voelen”, over taal dan jullie. Het meeste weet je, maar het is niet slecht het nog even op te schrijven. Je kunt dezelfde taal spreken en toch heel andere opvattingen over taal hebben, een andere verhouding hebben met taal.

Mijn boutade daarover gaat als volgt: Vlamingen zijn zo gevoelig voor taal dat ze er vaak verkrampt van worden; voor Nederlanders is taal zo vanzelfsprekend dat ze er vaak onverschillig mee omspringen. Het is een boutade. It’s the history, stupid. Lees verder >>

Taal in Vlaanderen: het is allemaal de schuld van de Nederlanders

Door Marc van Oostendorp

Er is iets raars aan de hand met de taal in Vlaanderen: je hoort er zelden wat over. Het gebied heeft maar in beperkte mate een eigen taalinfrastructuur: geen tegenhanger van ons radioprogramma De Taalstaat, geen tegenhanger van ons tijdschrift Onze Taal, geen tegenhanger van Wim Daniëls of Paulien Cornelisse of Japke-d. Bouma. Zelfs geen tegenhanger van iets eenvoudigs als Neerlandistiek.

En op de paar websites die er wel zijn, wordt volop gejammerd en geschamperd over Nederlanders. Die hebben het allemaal gedaan, die zijn er, als ik deze blogpost van ‘de taalfluisteraar‘ goed begrijp, de schuld van dat je nooit iets uit Vlaanderen hoort. Waarom berichten de Nederlandse media niet wat meer over het zuiden van het taalgebied?

Je zou dan kunnen denken als eenvoudige buitenstaander: nu, dan zet je daar zelf toch een kanaal voor op? Lees verder >>

Vacature AIO / PhD-student Middelnederlandse literatuur

In het kader van het NWO Vrije Competitie project `The Multilingual Dynamics of the Literary Culture of Medieval Flanders (ca 1200 – ca 1500)´ is aan de Universiteit Utrecht plaats voor een Assistent-In-Opleiding (AIO) oftewel PhD-student Middelnederlandse literatuur.

Onderzoeksprogramma

Dit project richt zich op het meertalige karakter van de literaire cultuur van middeleeuws Vlaanderen. Lees verder >>

Totally ready

Taal lijkt een gepasseerd station in de sinistere strijd van Vlaams-nationalisten

Door Marc van Oostendorp

In Vlaanderen gaat het publieke debat al een paar dagen om een smoezelig clubje Gentse studenten dat zich Schild en Vrienden noemt en onder leiding staat van een zekere Dries Van Langenhove. Die Van Langenhove heeft het vorig jaar geschopt tot het universiteitsbestuur, maar is vorige week de toegang tot de universiteit ontzegd nadat het onderzoeksprogramma Pano onthulde dat Van Langenhove en de zijnen achter de schermen seksistische, antisemitische en racistische memes uitwisselden en zich ook overigens leken voor te bereiden op een fascistische strijd. Inmiddels heeft ook de politie een inval gedaan bij Van Langenhove thuis.

Er valt vast van alles te zeggen over Schild en Vrienden, en wie de Vlaamse media de afgelopen dagen volgde, heeft ook inderdaad het een en ander gehoord: de Leuvense rector opperde dat Van Langenhove misschien naar zijn stad kon komen omdat iemand altijd recht houdt op onderwijs (en mij lijkt dat iemand die zich met zulke ontstellend domme dingen inlaat ook inderdaad aantoont dat hij wel wat scholing kan gebruiken).

In dat tumult viel toch ook de taalkundige een ding op: hoe gretig deze jonge Vlaams-nationalisten Engels gebruiken. Lees verder >>

Onbetwistbare belangen van de neerlandistiek. Een Vlaams perspectief

Door Yves T’Sjoen

De Commissie Taal- en Letterkunde van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde organiseert op 20 april in Leiden een themanamiddag over de rol van de geesteswetenschappen en de studie van de vaderlandse geschiedenis in de negentiende-eeuwse natievorming van Nederland. De sprekers zullen in debat reflecteren over de academische respectievelijk maatschappelijke rol van de menswetenschappen en in het bijzonder van de neerlandistiek vandaag. Bij die gelegenheid wordt de studie Language, Literature, and the Construction of a Dutch National Identity (1780-1830) gepresenteerd.

De keuze voor het onderwerp is evident. Steeds meer komt de opleiding taal- en letterkundige neerlandistiek aan Nederlandse universiteiten in de verdrukking. Er zijn universiteiten waar de neerlandistiek intussen is opgegaan in Cultural Studies en soortgelijke brede, meer op comparatistiek gerichte studierichtingen. Columnisten en vakgenoten wijden in de media geregeld opiniestukken aan de teloorgang, achteruitgang en volgens bepaalde stemmen zelfs de irrelevantie van een specifieke opleiding Nederlands. Anderen, zoals Sander Bax onlangs, komen in het verweer en verdedigen op het publieke forum het vakgebied. Lees verder >>

Waarom is de Grote Geule zo smal?

Door Karel Leenders

De twee delen van De Vlaamse waternamen. Verklarend en geïllustreerd woordenboek, waarvan op 1 maart 2018 het tweede deel is gepresenteerd, beschrijven samen ongeveer 9000 waternamen. In deze bijdrage bekijken we één naamtype: GEUL(E). Dat naamtype komt op 4 locaties voor, alle in de kustvlakte van Vlaanderen.

Afb. 1. De vier locaties van Geul(e) in de kustvlakte van Vlaanderen.

Lees verder >>

Verplicht boek voor alle Nederlandse taalkundigen

Door Marc van Oostendorp

Het kan niet gemakkelijk zijn om een Vlaamse intellectueel te zijn. Er is altijd gedoe om taal, op een manier die een Nederlander zich over het algemeen niet kan voorstellen: iedere keuze die je maakt in taalzaken – hoe nauwkeurig je je aan de standaard houdt, wat je precies als standaard beschouwt, hoeveel dialect je je permitteert – is niet alleen onderhevig aan de vooroordelen die overal aan taal vastzitten, maar ook al snel een politieke kwestie.

Een docent op de middelbare school moet bijvoorbeeld heel precies over deze zaken nadenken: wat voor regels hanteer ik voor gebruik van dialect in de klas? Hoeveel trek ik me aan van de normtaal zoals die in een ander land, Nederland, geldt?  Lees verder >>

Ilja Leonard Pfeijffer als Belg

De taal van Ilja Leonard Pfeijffer (21)

Door Marc van Oostendorp

Het tijdschriftdebuut van Ilja Leonard Pfeijffer, in het betreurde tijdschrift De Tweede Ronde, behelsde een gedicht over België, dat ook ‘belgië’ heette:

een bescheiden en niet al te moeilijk gedicht moet nog gezegd
over belgië waar in grijsgepleisterde huizen voorzichtig content
belgen wonen en waar veel in de grond zit zoals zweet
van vlaanderens mooiste een goed overspelig glas port
van nonkel père en beambten gevallen voor het vaderland

men zegt wel ik heb mijn twijfels over belgië
toch wil ik mij op grijze dagen belgië voelen en nergens iets aan
doen want ergens iets aan doen maakt het bijna altijd erger
aanstellerke met je gewroet wat koop je voor de hutsekluts
ga een bolleke pakken loop mak en romig over makkedam en ga horen
woorden uit het roomse boek het grijsboek uit de kroeg op de hoek

Het is natuurlijk opmerkelijk dat een periode waarin de dichter zich groots manifesteert als uitgesproken exponent van duistere poëtica’s, begint met een gedicht dat zichzelf ‘bescheiden’ en ‘niet al te moeilijk’ noemt. Lees verder >>

Online: Louis Peter Grijp-lezing 2017 door Geert Buelens

De Louis Peter Grijp-lezing 2017 door Geert Buelens (‘De schaduw van 1585 en 1967. Laaglandse geschiedenis en hippiecultuur in het werk van de Vlaamse zanger Wannes Van de Velde’) vond plaats op 10 mei 2017 in de Aula van het Academiegebouw te Utrecht.

Toen Wannes Van de Velde (1937-2008) overleed, noemde The Independent hem even belangrijk voor het Vlaamse lied als zijn landgenoot Jacques Brel was voor het Franse. Dat was geen overdreven lof voor de zelfverklaarde Antwerpse “liekeszanger”, al was het maar de halve waarheid. Van de Velde schreef inderdaad een aantal liedjes die klassiek zijn geworden, maar voorts geldt hij als de belangrijkste schakel tussen de orale liedtraditie die soms eeuwen teruggaat en de moderne wereld van de folkrevival en de singer-songwriters uit de jaren zestig. Lees verder >>

Hoe Vlaming te zijn?

Door Marc van Oostendorp

Er is, voor een Nederlander, nauwelijks een curieuzer cultuur dan de Vlaamse: zo dichtbij in zoveel verschillende opzichten en tegelijkertijd zo vreemd. Over Engelsen, over Duitsers, over Fransen, over Luxemburgers of Denen wordt in Nederland minder in termen van sjablonen gesproken dan over Vlamingen. (Het enige volk dat nóg onbekender is, zijn de Walen. Over een Waal weet een Nederlander helemaal niets.)

Die sjablonen gelden bijvoorbeeld voor de taal. Vlamingen zouden daar enorm gehecht aan zijn, aan onze gezamelijke taal, veel meer dan Nederlanders die om het minste of geringste bereid zijn deze taal aan de kant te schuiven. Vlamingen daarentegen wonnen het Groot Dictee ieder jaar moeiteloos, totdat de Nederlandse publieke omroep een harteloos einde maakte aan dat taalevenement. Dat tegelijkertijd er momenteel nauwelijks sprake is van enig openbaar taalleven in Vlaanderen – er is geen vereniging van taalliefhebbers, het enige publiekstijdschrift Over taal is onlangs zonder plichtplegingen opgeheven, het enige publieke taaldebat lijkt altijd en alleen maar te gaan over ‘tussentaal’ – past niet in dat plaatje, dus wordt genegeerd. Dat de VRT het Groot Dictee ieder jaar gratis kreeg doorgestuurd door de Nederlandse omroep en er dus nóóit aan meebetaalde, eveneens. Lees verder >>

Nieuws van Teksteditie Literatuur in Vlaanderen (Gent)

Recente edities van TLIV (voorjaar 2017)

Literatuur in Vlaanderen 1900-1950 (Academia Press): Victor Brunclair, Gedichten (nawoord Anneleen De Coux). Gent 2017. 

Experimentele literatuur in Vlaanderen (W∞lf): Gust Gils, Voor onpersoonlijk gebruik. Poëzie van Gust Gils (1965-1969) (nawoord tekstediteurs). Antwerpen 2017. 

Experimentele literatuur in Vlaanderen (W∞lf): Paul Snoek en Hugues C. Pernath, Soldatenbrieven. Met een inleiding van Jan Walravens (nawoord Joris Gerits). Antwerpen 2017. Lees verder >>

Vacature: promovendus syntactische variatie, Nijmegen en Leuven

The Department of Linguistics of the KU Leuven and the Centre for Language Studies at the RU Nijmegen are looking for a

PhD-candidate

for a project (funded by an LN&L-grant) entitled

North and South, bottom to top.
Using big data to model syntactic variation in Belgian and Netherlandic Dutch.

Project outline

While Belgians and Dutchmen are well aware that they use different words, and that their pronunciation diverges, they are mostly oblivious to the fact that there are also grammaticaldiscrepancies between Belgian and Netherlandic Dutch. Few Belgians, for instance, will realize that the preposition voor in Jan maakte (voor) haar een boterham is optional for them, whereas it is indispensable for almost all the Dutch. Lees verder >>

De onmogelijke relatie van de Vlaming met het Nederlands

Door Wim van Rooy

Het tijdschrift Onze Taal heeft zowat 33.000 abonnees, van wie een behoorlijk deel in België/Vlaanderen. Dat is erg veel voor een taalkundig tijdschrift dat zich o.m. ten doel stelt het verantwoorde gebruik van de Nederlandse taal te bevorderen. De scholingsgraad van de Vlaamse bevolking ligt hoog en ook kranten besteden regelmatig aandacht aan het Nederlands, aan het nut van de Taalunie, aan de ondertiteling van Vlaamse films, aan de bastaardisering van onze taal, aan het feit dat we tot een middelgroot taalgebied behoren. In sommige kranten beschikte men tot een paar jaar geleden zelfs nog over een soort taaltuinier, maar dat werd postmoderngewijs algauw als oubollig gekwalificeerd. Het jaarlijks terugkerende taaldictee, zowel regionaal als binationaal, zowel kleinschalig als grootschalig, heeft een immens succes: degenen die anders alleen maar naar voze spelprogramma’s kijken, halen balpen en papier te voorschijn en beginnen frenetiek te noteren, alsof een correcte spelling het hoogste is wat men in een mensenleven kan bereiken. En dan is er de immer geestige weblog van de Taalprof, een anonymus die van taalkundige wanten weet en die door al zijn artikelen een soortement plezier jaagt dat aanstekelijk werkt. Er zijn verschillende taaltelefoons, en die worden gretig geconsulteerd. Er zijn de vele taalwebsites (taalpost@onzetaal.nl, taaldrop@milesgroup.be, taallink@vlaanderen.be, enzovoort).

Woestijnvisacteur Bruno Vanden Broecke stelt zich in een interview de vraag wat écht belangrijk is. Naast gezin en vrienden, noemt hij taal, en terecht – maar ondertussen spreekt hij wel over ‘ingangsexamen’ en ‘theatermiddens’. Die alomtegenwoordige belangstelling voor taal heeft er intussen meestal niet toe geleid dat de zogenaamde aandacht die de Vlaming heeft voor taal, van een dusdanige oprechtheid en kwaliteit is dat hij die ook zou verzorgen. Taaltuiniers: dat is immers iets van vroeger, dat was modern, uit de stal van de volksverheffing. Nu zijn we postmodern bezig en dan mag alles, ook in taal. Er was een tijd dat de onverwoestbare politiek columnist van de NRC, Jerôme Heldring, elke week opmerkte hoeveel taalfouten er in de krant hadden gestaan. Die tijd is voorbij: nu maalt men niet meer om een taalfoutje meer of minder. De correctoren had men al gedefenestreerd, de taaltuiniers werden als frikkerige schoolmeesters gelabeld.

Lees verder

 

‘Strijd in onze gelederen’. Bij de verjaardag van de neerlandistiek in Gent

Door Yves T’Sjoen

21 februari 1852-2017. Het was gisteren een memorabele dag voor de taal- en letterkundige neerlandistiek in Gent. Niet dat er velen van wakker liggen. Ik heb nergens een verwijzing zien opduiken. De neerlandistiek verkeert in het moedertaalgebied in zwaar weer. Aan Nederlandse universiteiten is al langer begonnen met de stelselmatige afbraak van het vakgebied. Elders doet men het op zijn manier. Gisteren op de Internationale Dag van de Moedertaal (UNESCO) precies 165 jaar geleden, richtten enkele atheneumleerlingen in Gent ’t Zal Wel Gaan op. De vrijzinnige en flamingantische leerlingenbond is op instigatie van een Antwerpenaar boven de doopvont gehouden. Jacob Frans Heremans, leraar Nederlands verbonden aan het Gentse atheneum en liberaal politicus, enthousiasmeerde zijn leerlingen van de poësis en gaf hen de liefde voor het Nederlands mee. Onder de leerlingen zijn bekende namen Anton Bergmann, schrijver van de realistische roman Ernest Staes, advocaat (1874), Emiel Moyson en Julius Vuylsteke, oprichter van het Willemfonds. Een jaar later, in het academiejaar 1853-1854, studeerde het merendeel van de Heremanszonen – de naam van de leerlingenvereniging – aan de faculteiten rechten en geneeskunde. Door toedoen van de bijzonder ondernemende Vuylsteke, dichter, boekhandelaar en advocaat, groeide ’t Zal Wel Gaan uit tot een studentensociëteit. Het Taalminnend Studentengenootschap opereerde sindsdien onder de kenspreuk: “’t Zal Wel Gaan”. Het is op heden de oudste nog actieve studentenclub van de Universiteit Gent.

Lees verder >>

Van zulcke schrijvers vlucht d’onvruchtbren overvloed

Door Marc van Oostendorp

Misschien moet een nieuwe literatuurgeschiedenis van de Nederlanden niet door letterkundigen geschreven worden, maar door historici. Die conclusie kun je trekken na het sprankelende en razend interessante De weg naar het binnenland – het laatste deel van de ‘Geschiedenis van de Nederlandse literatuur’, dat geschreven werd door de Leuvense hoogleraar Tom Verschaffel. Dat boek gaat over bij voorbaat misschien wel het meest wanhopige onderwerp ooit – de Nederlandstalige letterkunde in de Oostenrijkse Nederlanden in de achttiende eeuw.

Er zijn nu eenmaal geen echt interessante literaire schrijvers geweest die toen en daar in het Nederlands publiceerden. Romans werden helemaal niet geschreven, onder ‘schone letteren’ werd vooral geschiedschrijving verstaan, en het levendigste letterkundige leven vond plaats in kringen van de rederijkers, die hun werk in doorsnee echter niet uitgaven. Lees verder >>

Van standaardtaal naar harmonie

Door Marc van Oostendorp

Verdwijnt het Standaardnederlands? Over die belangrijke vraag buigen twee van de belangrijkste experts op dit gebied, Stefan Grondelaers, Roeland van Hout en Paul van Gent, zich samen in een artikel in het nieuwste nummer van het vakblad Taal en Tongval.

Er zijn mensen die denken dat de standaardtaal er onherroepelijk aan gaat. Mensen geloven niet meer aan normen en aan autoriteit en binnenkort praat iedereen hoe hij wil. De dialecten verdwijnen misschien ook wel, maar daarvoor in de plaats komen dan allerlei typische eigen manieren van praten van sociaal afgebakende groepen – sociolecten.

Inderdaad: het oude ideaal dat ooit alle Nederlandstaligen precies hetzelfde zou spreken, in volzinnen die recht uit de lijst voorbeelden van de Algemene Nederlandse Spraakkunst zou zijn ontnemen en een woordenschat uit Van Dale, minus de woorden die de labels ‘regionaal’ of ‘ongebruikelijk’ kregen – dat ideaal heeft zijn laatste tijd waarschijnlijk wel gehad.  Lees verder >>

Prof. dr. Leon Elautprijs voor Janneke Weijermars

De Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) heeft de Prof. dr. Leon Elautprijs 2016 toegekend aan Janneke Weijermars. Zij krijgt de prijs voor haar boek‘Stiefbroeders. Zuid-Nederlandse letteren en natievorming onder Willem I, 1814-1834’, dat in 2012 bij verscheen bij Uitgeverij Verloren.

De Elautprijs wordt toegekend voor een studie over de culturele Vlaamse beweging. De prijs wordt vanaf 2016 om de vier jaar uitgereikt en bedraagt 5000 €.

De jury bestond uit academieleden Piet Couttenier, Leen van Dijck, Anne Marie Musschoot (voorzitter), Wim Vandenbussche en Bruno de Wever (extern expert). De volledige tekst van het juryverslag vindt u in de bijlage bij dit bericht.

De prijs wordt uitgereikt tijdens de Openbare Vergadering van de KANTL op woensdag 19 oktober 2016 in het Academiegebouw in Gent.

Eerdere laureaten van de Elautprijs waren Joris de Deurwaerder (2004), Greet Draye (2008) en Adelheid Ceulemans (2012).

Liever tussentaal dan standaardtaal

Door Marc van Oostendorp

Processed with Snapseed.
ik moe netjes schrijven.

Je zou maar leraar in Vlaanderen zijn. Hoe moet je dan ooit je mond open doen? Er worden allerlei eisen gesteld aan de taal van de gemiddelde docent: eisen die deels tegenstrijdig zijn en alleen al daardoor niet uitvoerbaar.

In Vlaanderen is taal nog altijd een zwaar gepolitiiseerd onderwerp. Er zijn nog tal van politici die zich graag profileren op een gepeperde mening over taal en zoals dat dan gaat is die mening lang niet altijd empirisch getoetst.

Hoe die leraren daarmee omgaan, dat is het onderwerp van het proefschrift waarop Steven Delarue vorige maand in Gent promoveerde. Het is een interessant soort onderzoek, waarvan er niet veel gebeurt: het onderzoekt het taalbeleid niet op het niveau op het gemaakt wordt, dat van de ambtenaren en de politici, maar op het niveau waarop het moet worden uitgevoerd – dat van de leraren. Voor zijn onderzoek heeft Delarue er tientallen gesproken: zowel voor het vak Nederlands als voor andere vakken, en in allerlei hoeken van Vlaanderen.

Het papieren beleid blijkt onuitvoerbaar.  Lees verder >>

Call: Culturele transfer tussen Duitsland en België, 1940-1944

Op 20 en 21 april 2017 organiseert de KU Leuven in Brussel een internationaal colloquium over culturele transfer (literatuur, theater, beeldende kunst, muziek,…) tussen Duitsland en België (Vlaanderen, Brussel, Franstalig België, Duitstalig België) tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De organisatie is in handen van Jan Ceuppens en Elke Brems (KU Leuven), Ine Van Linthout (UGent) en Hubert Roland (UCL). De call for papers loopt nu, de deadline voor voorstellen is 31 oktober 2016.

U kan de call vinden op de website van de organisatie, in het Duits en in het Engels.

Mission accomplished (of: hoe een spatie een vreemde taal binnenlaat)?

Door Marc Kregting

Sinds mijn verhuizing naar België snap ik beter dat taal identiteiten kan maken en breken. Die werkelijkheid strekt verder dan periodiek gebakkelei over Nederlands versus Frans, of over Standaardnederlands versus Verkavelingsvlaams. Misschien word ik uitsluitend omgeven door prinsessen-op-de-erwt, maar ik heb bedaarde mensen geëmotioneerd zien raken over één luttel woordje, binnen hechte families ontvlamden ruzies wanneer zich tussen aperitief en voorgerecht naar aanleiding van een anekdote een taaldetail aandiende.

In mijn geboorteland Nederland heerst ter zake een pragmatische instelling, dacht ik altijd. Bijvoorbeeld voor het Frans volstonden wat handgebaren en koppige herhaling, en wist voor de finetuning Gruppo Sportivo in de jaren zeventig al raad: ‘I’ll buy a dictionary / and look up what you said to me’. Maar inmiddels is een woord als finetuning niet onomstreden tegenover ‘fijnregeling’ en begint het, alsof Engels de enige invloed is, onderhevig te raken aan sociale verschillen en modes.

Of die twisten Hoekse en Kabeljauwse waarden zullen bereiken is me onduidelijk, maar ik beschouw het als een begin van rechtvaardigheid dat ook in Nederland de gemoederen hoog oplopen over taal. Moet Engels al aangeleerd worden op de lagere school? Is Cambridge-Engels echt nodig op de middelbare school? Dienen universiteiten het algemeen belang wanneer zelfs bij Nederlandse letterkunde teksten in de huidige lingua franca omgezet worden?

Ik zwijg nog over stemmen die opgaan om, decennia na de even schrijnende als gestage ineenstorting van het Esperanto, het Engels als voertaal in de hele wereld aan te nemen. Wel vraag ik me af wat laaglandse kinderen ervan weten, voor mijn part geïnternaliseerd hebben, nadat ze de banken van de kleuterschool hebben verlaten ten gunste van het echte stampwerk.

Lees verder >>