Tag: toekomst van de neerlandistiek

Een hartenkreet: stop de karikaturen!

Door Robert Chamalaun

Sinds de beslissing viel om de bacheloropleiding Nederlands aan de VU te sluiten, is een schier oneindige stroom aan artikelen op gang gekomen: op internet, in (online) vakbladen, maar ook in opiniekaternen van (landelijke) dagbladen. De strekking is veelal hetzelfde: het is een schande dat er minder mogelijkheden zijn om op universitair niveau Nederlands te studeren, een studie Nederlands is zo ontzettend boeiend, wat is er aan de hand dat aankomende studenten niet langer voor een studie Nederlands kiezen, en zo verder. Het ene artikel nog snediger en feller dan het andere.

Vrijwel al deze artikelen hebben nog iets met elkaar gemeen: het voortdurend wijzen naar het vak Nederlands op de middelbare school. Academici, schrijvers en publicisten schromen niet om steeds te fulmineren tegen de vermeende saaiheid van het vak. Het schoolvak zou saai zijn, enkel dienstbaar aan andere vakken, alleen gericht op die vermaledijde signaalwoorden en trucjes. Literatuur zou bovendien verbannen zijn naar de periferie. Af en toe wordt verwezen naar een enkele idealistisch gedreven docent, een paradijsvogel, die als een soort verdwaalde hobbyist probeert de liefde voor de taal bij leerlingen aan te wakkeren. Lees verder >>

‘Normaal gesproken’. Naar aanleiding van een onverwachte bestseller

Door Marc Kregting

Wolkers is terug! Dat dacht ik, terwijl de bejubelde roman De avond is ongemak (2018) door Marieke Lucas Rijneveld het woord tot mij richtte:

Ik was tien jaar en deed mijn jas niet meer uit. Die ochtend smeerde moeder ons een voor een in met uierzalf tegen de vrieskou, die kwam uit een geel blik van Bogena en werd normaal gesproken alleen gebruikt tegen kloven, eeltringen en bloemkoolachtige knobbeltjes op de spenen van de melkkoeien. De deksel van het blik was zo vettig dat je hem er alleen met een theedoek af kon draaien; het rook naar gaar gestoofd uierboord, dat in dikke sneden besprenkeld met zout en peper weleens in een pan met bouillon op het fornuis stond en waar ik van gruwelde, net als van de stinkende zalf op mijn huid. Toch zette moeder haar dikke vingers in ons gezicht als in een kaas waar ze aan voelde en op klopte om te kijken of de korst aan het rijpen was.

Er opent zich een gereformeerde wereld die door vele Nederlandse romans overgeleverd is, maar die bij mijn weten alleen Wolkers van zo’n tastbare beeldspraak voorzag. Bovengemiddeld concentreert De avond is ongemak zich op korstjes en randjes en snot en dies meer wat als vies en overtollig geldt. En ook bij Rijneveld is er een oudere broer die sterft en oefenen de achtergebleven machteloos en steeds meer teruggetrokken hun rouw. Rond de eettafel blijven de Bijbelspreuken galmen; reacties daarop zijn in hoge mate fysiek. De ik-figuur Jas raakt geconstipeerd, terwijl de familie louter het erf verlaat voor kerk, school en etenswaar waarin het niet zelf kan voorzien. Lees verder >>

Hoogdagen van de letterkundige neerlandistiek in Gent

Door Yves T’Sjoen

De voorbije tijd beleefden de letterkundige neerlandistiek en bij uitbreiding de geesteswetenschappen hoogtijdagen aan mijn alma mater, de Universiteit Gent. Een vakdiscipline impliceert niet alleen wetenschappelijk onderzoek en academisch onderwijs. In het universitaire jargon spreken we daarnaast over het belang van valorisatie en dienstverlening, twee administratieve termen die een brede lading dekken en almaar aan belang winnen. De universiteit speelt een rol in het maatschappelijke en culturele leven, en moet zich terdege bewust zijn van die rol. Het is cruciaal dat wordt ingezet op publieke zichtbaarheid van een vakgebied en dat ten aanzien van de taal- en cultuurgemeenschap relevantie en toegevoegde waarde van een wetenschapsdiscipline steevast worden verduidelijkt. Hoeveel boekenwijsheid ook en belangwekkende onderzoeksmethoden en -observaties, de valorisatie van onderzoek en opgebouwde wijsheid verdient een zo breed mogelijk forum. In de neerlandistiek – een huis met vele kamers – heerst naar verluidt een crisissituatie. Of beter: de Nederlandse neerlandistiek is in een impasse beland. Dat beweren althans de Nederlandse collega’s. Mijn bevindingen aan de Gentse universiteit maar ook op buitenlandse adressen stroken niet met de noodklok die sommige noorderburen luiden. Ik verklaar mij nader in een weekkroniek (17-25 april) met drie korte momentopnamen. Lees verder >>