Tag: taalvergelijking

Der Nonchalantivsatz

Von Philipp Krämer

Foto P. Blank, CC-BY 2.5

Fast wäre der diesjährige Koningsdag berührungslos an uns vorbeigezogen. Es gab ja genug andere Sorgen: Frankreich (erste Wahlrunde), Großbritannien (Neuwahl), USA (eigentlich alles, was mit Trump zu tun hat). Trotzdem lohnt es sich, kurz an den Feiertag zurückzudenken, nämlich wegen eines Artikels, der zum Koningsdag im NRC erschienen ist.

In ihrer Sprachkolumne schreibt Japke-d. Bouma, dass wir wieder zur Bezeichnung Koninginnedag zurückkehren sollten. Aber abseits dieser monarchischen Geschlechterfragen bietet die NRC-Artikel noch ein anderes schönes Phänomen, das nicht selbst Thema des Artikels ist: den Nonchalantivsatz. Im letzten Absatz finden wir davon gleich drei:

Wat zeg ik: we maken Máxima óók ons staatshoofd. Hebben we er twee, kan ons het schelen.

En als we dan toch bezig zijn, maken we er ook weer 30 april van. Kunnen de toeristen met een Lonely Planet van 2002 ook weer meedoen.

Van 27 april maken we dan Republikeinendag. Hebben die mensen ook eens een feestje.

Lees verder >>

Er is iets mis met -nis

Door Philipp Krämer

Wat is er aan de hand met –nis? Dat achtervoegsel is nogal raadselachtig, dat hebt u hier al gelezen. We vinden het in allerlei woorden zowel in het Nederlands als in het Duits.

das Gefängnis de gevangenis das Ärgernis de ergernis
die Betrübnis de droefenis, de treurnis das Bekenntnis de bekentenis (ook: de belijdenis)
die Bekümmernis de bekommernis (ook: de bekommering) die (Er)kenntnis de kennis (ook: het inzicht, het begrip)
die Wildnis de wildernis das Zeugnis de getuigenis
die Verdammnis de verdoemenis / verdommenis das Gleichnis (ook: die Gleichheit) de gelijkenis
das Hindernis de hindernis das Bildnis de beeltenis
das Erlebnis de belevenis (vaker: de ervaring) das Ereignis de gebeurtenis (andere stam)
das Begräbnis (vaker: die Beerdigung) de begrafenis

 

die Düsternis (vaker: die Finsternis) de duisternis

 

Lees verder >>

Schrijnens Handleiding honderd jaar

Door Michiel de Vaan

Honderd jaar geleden verscheen bij Sijthoff in Leiden de Handleiding bij de studie der Vergelijkende Indogermaansche Taalwetenschap, vooral met betrekking tot de Klassieke en Germaansche Talen. Het is een van de weinige Nederlandstalige handboeken van het Indo-Europees geweest, en een van de mijlpalen in de geschiedenis van de Nederlandstalige Indogermanistiek. Een beknopte voorganger was Uhlenbeck 1894, de voorlopig laatste representant van dit genre was Beekes 1990. Die heeft van zijn eigen boek vijf jaar later een Engelstalige versie gemaakt, en het valt niet te verwachten dat een nieuwe Nederlandstalige inleiding nog snel zal verschijnen. In die zin is het een kortlevend genre geweest. Alleen dat al is een reden om even aandacht te schenken aan het jubileum van Schrijnens Handleiding.

De Persoon

Schrijnen heeft op verschillende taalkundige terreinen zijn sporen verdiend. Aan de Indo-Europese taalkunde in het algemeen heeft hij de term “s-mobile” geschonken heeft, die nog steeds in gebruik is voor het verschijnsel dat veel Indo-Europese wortels soms met en soms zonder begin-s verschijnen, bijv. Latijn in teg-ō maar Grieks stég-ō ‘ik bedek’ (Schrijnen 1891, 1937). Verder was hij de eerste die officieel de “algemene taalwetenschap” tot leeropdracht kreeg: in Utrecht in 1921 als buitengewoon hoogleraar, in Nijmegen vanaf 1923 als ordinarius. Ook bemoeide hij zich intensief met de Nederlandse dialectologie, vooral met de Limburgse. Lees verder >>

Was für ein faszinierende Konstruktionen!

Door Philipp Krämer

Wat een mooie landschappen vind je toch in Nederland! (D.J.Bergsma, CC-BY-SA 4.0)

Bescheidenheit ist eine Zier, weiter kommt man ohne ihr. So sagt es der Volksmund, ohne Rücksicht auf Verluste im Kasussystem. Ganz unbescheiden darf ich ein Kompliment zitieren, das meine Blog-Kolleg/inn/en und mich sehr gefreut hat. Ein Kollege aus den Niederlanden schrieb in einer Mail:

Wat een leuke stukjes zetten jullie toch op jullie website!

Liest man den Satz mit deutscher Grammatik im Hinterkopf, zuckt man erst einmal zusammen und denkt sich: Da stimmt etwas nicht. Muss ein Versehen sein, vielleicht ein Verschreiber. Eigentlich passt wat een nicht zusammen mit einem Plural (stukjes).

Auf Deutsch gibt es natürlich eine entsprechende Formulierung:

Was für schöne Beiträge habt ihr da auf eurer Website!

Unmöglich ist aber die Konstruktion, die das Niederländische hat: Lees verder >>

Call for papers ‘Nederlands tussen Duits en Engels’ (A Germanic Sandwich 2017)

In zijn bekende boek uit 1956 toonde C.B. van Haeringen overtuigend aan dat het Nederlands niet alleen geografisch gezien het midden houdt tussen het Duits en het Engels, maar dat het ook taalstructureel een tussenpositie inneemt. Van Haeringen beklemtoonde in z’n verklaring van deze tussenpositie de historische verschuiving in het Nederlands in de richting van meer analytische structuren. Latere taalvergelijkende onderzoeken hebben echter niet alleen meer linguïstische fenomenen in de analyse betrokken, maar ook gewezen op structurele en typologische aspecten ter verklaring, en daarnaast inspiratie gezocht in psycholinguïstische en sociolinguïstische theorievorming.

Sinds 2005, het jaar waarin het verschijnen van Van Haeringens boek werd herdacht in Berlijn, bestaat er een conferentie die is gewijd aan de vergelijkende studie van Nederlands, Duits en Engels, nl. de ‘Germanic Sandwich’. Na edities in Sheffield (2008), Oldenburg (2010), Leuven (2013) en Nottingham (2015) wordt de volgende editie georganiseerd in Münster (Duitsland), op 17 en 18 maart 2017.

Lees verder >>

A Germanic Sandwich 2015. Call for Papers

A Germanic Sandwich 2015 will be the fifth in a series of conferences in which Dutch is compared with its closest Germanic neighbours, English and German. The first edition took place in Berlin in 2005 to commemorate the appearance of Nederlands tussen Duits en Engels (‘Dutch between German and English’), a study by the renowned Dutch linguist C.B. van Haeringen. Subsequent editions were held in Sheffield (2008), Oldenburg (2010) and Leuven (2013). This two-day conference will take place on 24 and 25 April 2015 at the University of Nottingham (UK Campus).

Lees verder >>

Taalonderzoek onder kaaskoppigen

De Australische Alison Edwards doet in Cambridge promotieonderzoek naar het schriftelijk Engels van Nederlanders. Om te zien in hoeverre inboorling-kaaskoppen Engels understanden heeft ze een online vragenlijst opgesteld. Die lijst is niet alleen nuttig voor haar, maar werkt ook hoogst zelfreflecterend. Doe mee en win geen fiets.

Het meewerken aan het onderzoek kost circa 15 minuten tijd:  https://docs.google.com/spreadsheet/embeddedform?formkey=dG5uY0NUQldCR0RhdUpqeVNBVm9WMFE6MA”

Promotie-onderzoek Karen Keune: mannen en vrouwen hebben verschillende spreekstijlen en ander woordgebruik

Mannen en vrouwen praten verschillend: ze hebben een andere spreekstijl en gebruiken andere woorden. Dit ontdekte Karen Keune via een uitgebreide corpusstudie. Zij promoveert op 15 oktober 2012 om 15.30 uur in de aula van de Radboud Universiteit Nijmegen, Comeniuslaan 2.

Een corpus is een grote verzameling van geschreven of gesproken tekst. Keune onderzocht o.a. met behulp van het Corpus Gesproken Nederlands de effecten van sociale achtergrond (leeftijd, geslacht, opleiding) op woordkeuze. Ze concludeert dat vrouwen over het algemeen een betrokken spreekstijl hebben, met relatief veel werkwoorden en veelvoorkomende woorden. Mannen praten daarentegen informatiever en gebruiken meer zelfstandige naamwoorden en unieke woorden.

Lees verder >>

Don Kíkóti

Zou Miguel de Cervantes de naam van zijn bekendste personage nog herkennen als hij hem nu zou horen? In Spanje wel, want de hedendaagse uitspraak, ‘donkiechotte’, is bij mijn weten niet wezenlijk anders dan in zijn tijd (1547-1616). De spelling wel een beetje: Don Quixote heet nu Don Quijote.
Maar elders?