Tag: taalverandering

Een Haagse familiariseringstendens: Mark doe dat nou niehiet

Door Siemon Reker

Het was een lang debat over het coronavirus afgelopen donderdag in de Tweede Kamer. Ik zie vooraf dat een van de drie aanwezige bewindslieden (Grapperhaus, Justitie en Veiligheid) zich naar het gestoelte van de voorzitter begeeft en een eerbiedige buiging maakt voor mevrouw Arib. Zij beantwoordt dat met een even minzame nijging van haar kant. Als alle spelers hun plaats op het toneel hebben ingenomen zonder handen te schudden kan het debat beginnen. De spreektijden zijn zes minuten, dit gaat duren.

Lees verder >>

Waarom is hij overleden?

Door Peter Nieuwenhuijsen

In de populaire rubriek Ikje – in het NRC-Handelsblad – schrijft de Ik op 21 januari 2020 over haar vijfjariige dochter: “Als ze me vraagt waarom hij is overleden,…” Ik vraag me af hoeveel lezers van de NRC bij deze zin even gefronst hebben. Voor mij is hij eigenlijk ongrammaticaal, maar ik weet dat talloze andere sprekers van het Nederlands er geen moeite mee hebben. 

Lees verder >>

ProRail vernieuwt

Door Marc van Oostendorp

Volgens de meeste naslagwerken is vernieuwen een overgankelijk werkwoord: iemand vernieuwt iets. De laatste jaren komt er een nieuw gebruik bij, constateert Gea Dreschler van de Vrije Universiteit in een artikel in Linguistics in the Netherlands. De laatste decennia tref je ineens koppen aan als de volgende, waarin het werkwoord onovergankelijk wordt gebruikt:

  • Centrum Zeist vernieuwt.
  • Tumuli vernieuwt.
  • ProRail vernieuwt.
Lees verder >>

Taalverandering rond het woordje tandje

Letten op het belendende perceel (3)

Triomf, triomf! hef aan, mijn luit,
Want moeder zegt: de tand is uit!
Laat dreunen nu de wanden!
Eerst gaf Gods gunst het lieve wicht
Den adem en het levenslicht,
Nu geeft zij ‘t wichtje tanden.

Zo dichtte Tollens Op den eersten tand van mijn jongstgeboren zoontje. Jazeker, het jongetje heette nog wichtje, taal kan veranderen.

Lees verder >>

Taalverandering rond het woordje duidelijk

Letten op het belendende perceel (2)

Door Siemon Reker

Duidelijk is niet direct over het hoofd te zien voor wie Nederlands leert. Even tellen? Het woord staat meer dan 3500 maal genoteerd in de Handelingen gerekend over het hele kalenderjaar 2019 waarin verslagen van alle plenaire vergaderingen van de Tweede Kamer verzameld zijn. Maar duidelijk is een woord zonder meer, sprekers m/v vinden dat te kaal en grijpen niet zelden naar een nadere toelichting in de vorm van een bijwoord dat in die verslagen vooral links ervan opgeschreven staat. Dat kan een nadrukkelijke onderstreping betreffen (helemaal duidelijk, echt duidelijk, volstrekt duidelijk, fundamenteel duidelijk) maar ook veel voorzichtiger: ietsje duidelijk, behoorlijk duidelijk, een tikje duidelijk, een beetje duidelijk. Ook een volledige ontkenning kan natuurlijk voorkomen (niet duidelijk, niks duidelijk).

Lees verder >>

Taalverandering rond het woordje best

Letten op het belendende perceel (1)

Door Siemon Reker

Als we simpeltjes kijken naar het (ongecorrigeerde) verslag van de laatste plenaire vergadering van de Tweede Kamer in het vorige jaar, tellen we 23 maal het woord best. Is dat veel? Laten we in plaats van deze vraag een andere stellen: wat vergezelt best aan de rechterzijde? Natuurlijk, op zo’n laatste vergaderdag van het jaar klinken alvast goede voornemens door aan het Binnenhof en dus noteren we geregeld de uitdrukking z’n best doen ja, z’n uiterste best doen. Maar minstens zo opmerkelijk is de frequentie waarmee best direct vergezeld wordt door iets in de sfeer van een bijvoeglijk naamwoord of bijwoord (samen gemakshalve aangeduid als A, respectievelijk adjectief en adverbium). Best fijn, moeilijk, vaak, veel, relevant, lastig, bereid zijn voorbeelden daarvan. Best mogelijk is een ander geval, waarschijnlijk het eerste dat een nieuwe trend in het Nederlands op gang heeft gebracht, namelijk die combinatie van best + A.

Lees verder >>

‘Een schaap, dat geen wol had, zag paarden’

Een aanstekelijk boekje over historische taalkunde

Door Nicoline van der Sijs

De zin uit de titel over het geschoren schaap komt uit de fabel ‘Het schaap en de paarden’, die August Schleicher in 1868 in het Indo-Europees schreef. Inmiddels bestaan er minstens vier alternatieve versies van de Indo-Europese tekst, die ieder het voortschrijdende inzicht tonen in onze kennis van deze gereconstrueerde moedertaal van de meeste Europese talen. Het voorbeeld komt uit het boekje De stam van het woord. Over taalevolutie en de eerste taal ter wereld van Yannick Fritschy, dat in 2019 is verschenen. Het boek is onderdeel van de Pocket Science-reeks die wordt gepubliceerd door New Scientist en die goedkope populair-wetenschappelijke introducties biedt in verschillende wetenschapsgebieden. Het boekje van Fritschy is het eerste dat aan taal is gewijd, en dan nog wel aan mijn lievelingsdiscipline: de historische taalkunde. Goed nieuws dus.

Lees verder >>

De betekenisontwikkeling van ‘fijntjes’: van nuance naar grover geschut

Fragment webiste NRC

Door Siemon Reker

Minister Hoekstra – de nummer 1 op het departement dat het sinds gisterenmiddag zonder een staatssecretaris moet stellen na het ontslag van Menno Snel – heeft allicht een onrechtmatige daad begaan met de aanschaf van aandelen Air France-KLM. Hij was er door ambtenaren uitdrukkelijk voor gewaarschuwd om de Kamer in te lichten en daar toestemming vooraf te vragen. Dat kan ook volgens een procedure in vertrouwelijkheid, maar dat liet de minister bewust na.

Lees verder >>

Er is heel wat gaande

Door Ronny Boogaart

Mijn college in de MA Neerlandistiek in Leiden gaat nu al een paar jaar over ‘expressieve constructies’, constructies die een gevoel uitdrukken. Elk jaar komen de studenten met voorbeelden van constructies die ik zelf niet ken maar die alle studenten in dat jaar wél kennen. Vaak gaat het dan om vormen die al langer bestaan, maar die blijkbaar een nieuwe functie hebben gekregen.

Lees verder >>

Op z’n hondjes

Samson leest een boek. Vindt ie moeilijk.

Door Lauren Fonteyn

Het is voor een Vlaming in Nederland vaak toch een beetje alsof je op een andere planeet bent. Zo is het hier bijvoorbeeld niet de gewoonte om je hand op te steken als je iets wil bijdragen tijdens een vergadering (je moet gewoon beginnen praten met vijf tegelijk en degene die het langst het luidst kan praten wint, denk ik). Maar laatst voelde ik me toch weer even dicht bij huis, toen er hier iemand over Albert Heijn begon, en ik zei: “Ten eerste t’is Albertooo”. Dat slaat natuurlijk nergens op voor iemand die niet opgegroeid is op de planeet Aarde met het legendarische kinderprogramma Samson & Gert. Gelukkig hebben veel Nederlanders toch tenminste dàt met me gemeen.

Lees verder >>

Ik blog me helemaal kleurenblind

Door Marten van der Meulen

Waar we ons de laatste tijd bezighielden met serieuze en belangrijke factchecks en het aan de kaak stellen van wéér een staaltje alarmisme over het Engels, daar is het nu weer tijd om te schrijven over de lichtere dingen des taals. Houd je van je taal, dan vier je die, door bijvoorbeeld te kijken naar fijne Franse woorden, of tandjesmooie intensiveerders. Nu kwam ik weer een voetbalgerelateerde uitdrukking tegen om van te smullen: ik speelde de tegenstander helemaal kleurenblind. Heerlijk, géén Engels, en redelijk netjes: een versterkend woord voor jong en oud!

Lees verder >>

Praten ouders écht minder met hun kinderen door smartphones?

Taalkundige factcheck

Door Sterre Leufkens

Een levende taal gaat met zijn tijd mee. Het is dan ook geen gekke gedachte dat het Nederlands (en ons gebruik daarvan) verandert als gevolg van nieuwe technologie, zoals de smartphone. Vorige week was er opeens een golfje nieuws over dat thema. In berichten in o.a. het Parool en Metronieuws werd verslag gedaan van onderzoek waaruit zou blijken dat ouders tegenwoordig zó afgeleid zijn door hun smartphone dat ze minder met hun kinderen praten, met uiteraard allerlei rampzaligs tot gevolg.

Lees verder >>

Keukenstafels

Door Henk Wolf

Waar het Nederlands één woord keukentafel heeft, heeft het Fries er minimaal twee: keukentafel en keukenstafel. Die twee vormen zijn niet onderling uitwisselbaar.

Een keukentafel (zonder tussen-s en met de woordklemtoon op keuken) is een willekeurige tafel die in een keuken staat of die gemaakt is om in een keuken te staan. De Ikea en de Kwantum verkopen een heleboel van die keukentafels.

Lees verder >>

Competatief

Door Marc van Oostendorp

De man met de beste taaloren van Nederland is zonder twijfel Siemon Reker. Deze emeritus hoogleraar Gronings was de eerste die het verschijnsel opmerkte dat Jan Stroop later Poldernederlands zou noemen. Nu hoorde hij drie jaar geleden al iets bij Mark Rutte dat anderen, pas recentelijk begint op te vallen: de man zegt competatief. Net als tal van anderen, die trouwens ook bijvoorbeeld repetatief zeggen.

Lees verder >>

Meer neerlandistiek is meer beter

Door Marc van Oostendorp

Ik zie toch echt regelmatig allerlei jonge mensen. Al tientallen jaren sta ik regelmatig voor groepen twintigers en sinds ik vader ben verkeer ik ineens ook weer in de wondere wereld der moderne dertigers. Maar ze zeggen nooit iets tegen mij, althans nooit iets waar ik iets aan heb.

Ik moet het allemaal van collega’s hebben. Zoals mijn Nijmeegse collega Edwin die vrijdag ineens tweette:

Of dit wel of niet ‘fout’ is, lijkt me niet het belangrijkste aspect van deze constructie. Belangrijk is dat het inderdaad kennelijk al minstens 12 jaar gezegd wordt en dat ik er nog nooit van gehoord had.

Lees verder >>

Niet gevangen zijn of hebben, maar zitten: hoe zit dat?

Door Maarten Bogaards

Prinses zit gevangen bij Goejanverwellesluis. Bron: Pricryl

Werk moet lonen voor iedereen die in de bijstand gevangen zit’, betoogt NRC eerder dit jaar in het redactioneel commentaar. Op zich geen baanbrekend standpunt, maar de formulering ervan bevat wel een interessante constructie van het Nederlands: de combinatie van een voltooid deelwoord, gevangen, met het houdingswerkwoord zitten.

Zo’n soort combinatie kennen we vooral van de voltooide tijd. Daarin gaat een voltooid deelwoord vergezeld van een hulpwerkwoord van tijd, zijn of hebben. ‘Zelfs de choreografie van de zangers is gevangen in notenschrift’, schrijft NRC bijvoorbeeld over de recente uitvoering van een experimentele opera van de twintigste-eeuwse componist Stockhausen. En over het werk van fotograaf Christian Voigt, die dinosaurusskeletten vastlegde in ultrahoge resolutie: ‘zoals Voigt ze heeft gevangen zag je ze nog niet’. Is en heeft gevangen zijn voorbeelden van de voltooide tijd. Maar in het voorbeeld waarmee we begonnen, staat geen is of heeft, maar zit. De vraag ligt voor de hand: hoe zit dat?

Lees verder >>

Verkansie

Door Henk Wolf

Vrijdag schreef columniste Nadia Ezzeroili in de Volkskrant een stukje over het woord verkansie, een variant van vakantie.

De columniste observeert een groeiende populariteit van de geschreven vorm verkansie op de sociale media. Dat kan heel goed een juiste observatie zijn, daar wil ik af blijven, maar de suggestie dat de variant verkansie nieuw zou zijn of een “lelijke verbastering” van vakantie is niet correct. Nadia Ezzeroili neemt aan dat het nu als Standaardnederlands geldende vakantie als model wordt gebruikt om een onvolmaakte kopie (‘een verbastering’) als verkansie te vormen. Die denkfout wordt heel veel gemaakt, maar beide vormen komen al eeuwenlang in het Nederlands voor, naast talloze andere varianten. Op schrift is vakantie de norm geworden, maar in de spreektaal bestaat die vormvariatie nog steeds.

Vakantie en verkansie zijn allebei ‘verbasteringen’

Vakantie en verkansie zijn allebei gevormd naar het voorbeeld van een woord uit een Romaanse taal. Dat is vermoedelijk niet, zoals de columniste schrijft, het Latijnse vacatio. Het is onwaarschijnlijk dat de mensen in Nederland en Vlaanderen het [n]’etje in het woord zelf hebben verzonnen. Volgens de meeste etymologische woordenboeken is het Latijnse vacantia of het Franse vacances de waarschijnlijke inspiratiebron geweest (of allebei). Vernederlandste vormen kwamen in de vijftiende eeuw al in het Nederlands voor, toen nog alleen in de betekenis ‘periode waarin geen recht werd gesproken’.

Lees verder >>

Sam Smith en hun voornaamwoorden

Door Ronny Boogaart

Sam Smith. Bron: Wikimedia

Volgens het Algemeen Dagblad van 13 september jl. wil de Britse zanger Sam Smith voortaan niet meer met hij worden aangesproken, maar met hen of hun, aangezien hij zich niet exclusief mannelijk of vrouwelijk voelt. Ik vraag me af hoeveel lezers van het AD dit bericht begrijpen. Ikzelf in elk geval niet meteen. Wat moet ik nou zeggen als ik Sam tegenkom of een stukje over hem/hen/hun schrijf?

Als je Sam Smith tegenkomt

Om te beginnen suggereert het bericht dat Sam Smith nu wel steeds met hij wordt aangesproken, maar dat lijkt mij sterk. Als mensen dat bij mij zouden doen, zou mij dat ook irriteren, maar dat heeft niet zoveel met non-binariteit te maken. Bovendien is het erg verwarrend:

  • Zeg Sam, komt hij dit jaar nog in de Ziggo Dome optreden?  

Als deze vraag aan Sam Smith wordt gesteld, kan hij niet naar de zanger zelf verwijzen. Dat probleem bestaat ook als je hen of hun gebruikt, zoals Sam Smith volgens het AD ‘aangesproken wil worden’:

Lees verder >>

Het reflex

Door Henk Wolf

Er zijn Nederlandstaligen voor wie reflex een onzijdig woord is. Laatst sprak ik met iemand die dingen zei als ‘het reflex’ en ‘een sterk reflex’. Ik vroeg of reflex voor haar een de-woord of een het-woord was en ze antwoordde zonder aarzelen: ‘een het-woord’.

Op internet zijn ook voorkomens te vinden van ‘het reflex’. Het zijn er geen duizenden, maar wel te veel om alleen typfouten te zijn. Hieronder staan een paar voorbeelden:

  • Het reflex zorgt voor de productie van endorfines, een neurotransmitter dat pijnstillend werkt en een fijn en verzadigd gevoel geeft.
  • Dat heeft te maken met het reflex dat ontstaat als je zenuwen geprikkeld worden. 
  • Het reflex wordt getriggerd door het kijken naar de hand waardoor een onbewuste knijpbeweging ontstaat.
  • Je kan je voorstellen dat het lastig is naar links te kijken en tegelijk je armen en benen mee te bewegen volgens het reflex (die ga je dan strekken).
  • Het reflex van de musculus stapedius zou normaal gesproken pas in werking treden als er een geluid harder dan 100 decibel wordt …
  • toeschietreflex zelfst.naamw. [biologie] het reflex van het naar buiten laten spuiten van moedermelk uit de melkklieren Bron: Wikiwoordenboek – toeschietreflex.
  • Hierna verdwijnt het reflex langzaam.
Lees verder >>

Waarom hangen hun al ruim een eeuw aan de kapstok?

Door Henk Wolf

Misschien herinnert u zich nog de aflevering van De wereld draait door uit 2012 waarin taalkundige Helen de Hoop en toenmalig minister van onderwijs Ronald Plasterk spraken over het voornaamwoord hun. Bij m’n collega’s en mij op NHL Stenden Hogeschool is het een populaire onderwijsvideo. Ik gebruik ‘m zelf om studenten te laten zien hoe mensen gesprekstechnieken toepassen om derden te overtuigen.

De video illustreert hoe twee mensen wel aan dezelfde tafel kunnen zitten en ogenschijnlijk over hetzelfde onderwerp spreken, maar toch finaal aan elkaar voorbij praten. Ik heb bij het zien van de video altijd wat medelijden met Helen de Hoop, die probeert iets inhoudelijk interessants te vertellen, maar daar nauwelijks de ruimte voor krijgt en ook nog erg weinig respect krijgt van zowel Plasterk als de presentator.

Lees verder >>