Tag: social_media

Twittertaal wordt alledaagser

Door Marc van Oostendorp

Het is altijd bevredigend als een idee wordt bevestigd. Jarenlang heb ik gestreden tegen het idee dat de sociale media de taal zouden veranderen (bijvoorbeeld hier en hier), en met name dat de taal ‘korter’ zou worden door sms en Twitter.

Mijn argument was vooral gebaseerd op de logica. Het is onwaarschijnlijk dat zoiets belangrijks voor het menselijk leven als taal, iets dat zich in de loop van duizenden jaren heeft ontwikkeld, zou veranderen door zoiets efemeers als de sociale media. Zelfs de gehardste Twitteraar spreekt op een dag waarschijnlijk nog steeds meer woorden dan hij tweet. En de proportie geharde Twitteraars op de gehele populatie is te verwaarlozen. De sociale media zijn bovendien zelf zo veranderlijk dat je eerder verwacht dat zij zich langzaam aan de behoefte van de mens aanpassen om de taal op een natuurlijke manier te gebruiken.

Lees verder >>

Neemt het gebruik van hun als onderwerp af?

Door Jet Duinmeijer,
student Nederlandse Taal en Cultuur, Universiteit Leiden

Kun je het je voorstellen? Een afname van het gebruik van hun als onderwerp? Voor velen een grote opluchting, voor anderen een punt voor nader onderzoek.

Deze afname was in eerste instantie de uitkomst van mijn BA-eindwerkstuk aan de Universiteit Leiden. Ik was erg verbaasd over dit resultaat. Dit sloot namelijk totaal niet aan bij mijn hypothese. Ik ging van alles uit, maar niet van een afname. Voor mijn eindwerkstuk wilde ik graag het gebruik van hun als onderwerp in kaart brengen. Hoe vaak komt dit nou daadwerkelijk voor en in welke context? Hierbij was ik voornamelijk geïnteresseerd in de meest recente resultaten. Ik kreeg daarom als tip om de data voor mijn onderzoek te zoeken in Twitter, tegenwoordig een veelgebruikt medium onder taalkundigen om informeel taalgebruik te onderzoeken. In Twitter kon ik mijn zoekopdracht goed specificeren en kon ik Tweets filteren op datum. Perfect zou je zeggen, maar niets bleek minder waar. Lees verder >>

Hun gebruiken expres een rare spelling op Twitter

Door Marc van Oostendorp

Vorige week vierde Dany Jaspers zijn zestigste verjaardag. Jaspers is een van de erudietste, een van de slimste én een van de aardigste taalkundigen van het Nederlandse taalgebied. Het is dus volkomen terecht dat zijn collega’s een Festsite voor hem hebben gemaakt. Hoe aardig en hoe erudiet hij is blijkt al uit de enorme diversiteit aan geleerden die hebben bijgedragen: van de letterkundige Elke Brems tot en met de semanticus Pieter Seuren; van de syntacticus Noam Chomsky tot en met de dialectoloog Jan Goossens.

Een mooie bijdrage aan de site komt van de Nijmeegse sociolinguïst Stefan Grondelaers, en gaat over het maatschappelijk meest controversiële van alle taalkundige onderwerpen, de Zwarte Piet van de Nederlandse taal: hun als onderwerp: “Als je zo speelt, krijgen hun natuurlijk altijd kansen.” In Vlaanderen komt het niet voor, maar in Nederland is het al in 1911 voor het eerst geobserveerd en ondanks de redeloze woede die het in sommige kringen oproept, wordt het steeds meer gebruikt.  Lees verder >>

Ooit wordt u een scheldwoord

Door Marc van Oostendorp

Het gebeurde in de afgelopen week een paar keer en ineens: mensen raakten aangebrand als ze door onbekenden met u werden aangesproken. Ik raakte in een discussie met iemand die beweerde dat de taalwetenschap allemaal onzin was, omdat ze ooit verplicht een cursus had moeten doen die haar niet beviel. Ik bevroeg haar over die cursus, en daarbij gebruikte ik het gevreesde persoonlijk voornaamwoord van de tweede persoon. U.

Mijn gesprekspartner reageerde als door een wesp gestoken: “Je hoeft niet zo pedant te doen!” Dat verbaasde me enorm, en toen bleek een andere Twitteraar haar te willen sussen door te wijzen op mijn doorgaans goede karakter: “Dat doet hij anders nooit?”

Het lijkt een van de vele botsinkjes die in het dagelijks leven veroorzaakt wordt door de grote verwarring waarin wij allen verkeren over je en u. Lees verder >>

Zeg maar dag tegen de afko 

Door Marc van Oostendorp

Ik geloof dat kinderen nu al niet meer weten wat er ook weer zo hip is aan alles kort mogelijk opschrijven. Wij allen, van de generatie die het eerst hadden over msn- en daarna over sms- en tenslotte over Twittertaal, wij kunnen beginnen met nostalgisch terugkijken op LOL, op OMFG, op OLM. Aan 20 jaar geklaag over dat jongeren almaar alles zo kort zeggen en ze daardoor geen normale brief meer kunnen schrijven, komt een eind. Nu kan 20 jaar geklaag beginnen over dat de jongeren niet meer precies en nauwkeurig kunnen schrijven en er zomaar van alles en nog wat uitgooien zonder nog te proberen zich een beetje in te perken.

De baas van Twitter, @jack, legde het goed uit, toen hij de maatregel aankondigde om Tweets niet langer te beperken tot 140 lettertekens, maar tot 280. Lees verder >>

‘Ik zit bhel shi zombi achter de laptop’

Door Marc van Oostendorp

Dat Marokkaanse jongeren in Nederland graag hun taal kruiden met woorden uit het Berber en het Arabisch, dat weet vermoedelijk iedereen. Maar waarom doen ze dat eigenlijk?

De reden is aantoonbaar niet dat ze niet beter weten. Wanneer een Marokkaanse jongere een officiële brief moet schrijven, komt hij heus niet ineens met wollah aanzetten. Maar waarom doen ze het dan wel? In het meeste onderzoek tot nu toe wordt ervan uitgegaan dat de jongeren het doen om hun identiteit uit te drukken of vorm te geven: door dat soort woorden te gebruiken laat je zien wie je bent, wie je wilt zijn, tot welke groep je hoort. Je creëert een onderlinge band door te laten merken dat je Marokkaanse woorden kent.

Maar in een interessant nieuw artikel in Nederlandse Taalkunde laat de hoogleraar Berber-talen Maarten Kossmann zien dat ook nog een andere factor een rol kan spelen: Marokkaanse jongeren gebruiken dat soort woorden ook om een wat lichtere toets aan te slaan – om te laten merken dat ze wat ze zeggen licht ironisch is. Lees verder >>

De revolutie van de opgestoken duim

Door Marc van Oostendorp

Volgens de Britse taalkundige Vyv Evans waren er ‘woedende reacties’ van collega-taalkundigen toen de redactie van het Oxford English Dictionary in 2015 de emoji ‘😂’ verklaarde tot woord van het jaar. Wat een schande! Wat een degradatie en wat een teken van verloedering!

Evans publiceert nu, nadrukkelijk eveneens als taalkundige, een boek over emoji. De bewering over die collega’s is meteen wel een voorbeeld van de wat overspannen toon die zijn boek heeft. Ik kan in ieder geval geen echt woedende reacties door deskundigen terugvinden, en het zou ook minstens tijdverspilling zijn om woedend over zoiets als de verkiezing tot woord van het jaar te worden. (In 2015 schreven  Lucas Seuren en Mark Dingemanse op Neerlandistiek over de vraag of emoji woorden zijn, allebei zonder een spoor van woede.)

Dat heeft zelfs niet zoveel te maken met wat je wel of niet van emoji’s vindt. Die hele verkiezing is een commerciële gimmick – wie maakt het wat uit wat daar wint? Je zou hooguit kunnen opmerken hoe interessant het is dat een gecommercialiseerd woordenboek een gecommercialiseerd communicatiemiddel als de gimmick verkiest boven het vrije woord.

Bovendien geeft Evans zelf ook toe dat een emoji natuurlijk geen woord is. Lees verder >>

Teleurstellingswetenschap

Door Marc van Oostendorp

Het is onzeker dat er behalve de mens ergens in het universum nog een wezen is dat teleurstelling kan ervaren. Het is vergeleken met bijvoorbeeld boosheid of vrolijkheid een ingewikkelde emotie. Je moet iets verwacht hebben en dan moet het gebeurd zijn en je gevoel over die gebeurtenis moet negatiever zijn dan van te voren.

Wie wil er geen teleurstellingen voorkomen? Het onderzoek waarop Florian Kunneman vorige week in Nijmegen promoveerde zou daar een bouwsteentje voor kunnen zijn. Hij heeft er zelfs een nieuw woord voor gemunt: anticipointment (anticipileurstelling), al snap ik niet zo goed waarom: kan teleurstelling bestaan zonder anticipatie?)

Kunnemans onderzoek is gericht op Twitter: kun je de computer laten voorspellen wanneer gebeurtenissen zullen plaatsvinden door Twitter te lezen? En kan zo’n computer de gevoelens meten die er op Twitter heersen? Lees verder >>

Water en taal

Door Marc van Oostendorp

untitled_artwork-1Een taal is geen stroompje, maar een grote, brede rivier. Traag stroomt ze permanent in de richting van de zee. Als je iets dichter bij kijkt, zie je golfjes die in de richting van de oever gaan. En nóg dichterbij, onder de microscoop, bewegen de moleculen alle kanten op.

Zo is het ook met de taal. In de loop van de eeuwen gaat ze een bepaalde richting op. Het Nederlands verandert bijvoorbeeld in een naamvalsloze taal; die verandering is in de 14e eeuw voortgezet, nu hebben we alleen nog een paar naamvallen voor de persoonlijk voornaamwoorden (ik/mij), maar ook die zijn langzaam maar zeker aan het wegslijten.

Een niveau lager zijn er wat gedetailleerdere veranderingen, die zo’n beetje alle kanten op gaan.  Lees verder >>

Jij moet gaan vloggen

Het socialemediabeleid wordt vermoord in een nieuwe aflevering van De verleden tijd van lijken

Door Marc van Oostendorp

Attachment-1 (17)“Gerard,” zei de boomlange manager Sophie op haar vriendelijkst tegen haar collega. “Het kan zo niet doorgaan.”

Gerard was lange tijd de ietwat saaie vakdidacticus van de afdeling geweest tot hij enkele jaren geleden in een ietwat saaie manager was veranderd. Omdat hij te verlegen was om zelfs maar slechtnieuwsgesprekken te voeren, had het management team besloten hem uiteindelijk tot coordinator social media te benoemen.

Plichtsgetrouw plaatste Gerard sinds die tijd één keer per dag een lollig bedoelde maar wetenschappelijk en didactisch verantwoorde quiz op Facebook (‘Welk bijvoeglijk naamwoord ben jij?’) en ongeveer vijf keer per dag (in het weekeinde: drie keer) een tweet waarbij hij aansluiting zocht op een trending topic om de aandacht te vestigen op de opleiding (‘Zodadelijk #utrnec. Dat zijn wel heel veel zachte g’s bij elkaar! #opleidingNederlands’).  Lees verder >>

Sociale wetenschapper en sociale media

Door Marc van Oostendorp

Processed with Snapseed.
Illustratie: M. vna Oostendorp.

Een schokkend bericht uit de pyschologie: een voormalige president van de American Psychological Society, Susan Fiske, plaatst in het laatste nummer van het mededelingenblad van die vereniging een gastcolumn waarin ze klaagt over de manier waarop haar collega’s de sociale media gebruiken.

Nee, dat gaat er niet over dat ze de hele tijd zitten te Facebooken tijdens interessante lezingen. Er is iets ernstigers aan de hand: via de sociale media gaan de Amerikaanse pyschologen zich volgens hun vorige voorzitter te buiten aan “uncurated, unfiltered trash-talk”. Individuen worden aangevallen, carrières worden vernietigd. “Zelfbenoemde datapolitie” met zoveel kritiek op websites dat deze er soms bijna onder bezwijken.

Wat is hier aan de hand? Lees verder >>

Treft mij nu een blaam?

Door Marc van Oostendorp 

Het is voor iedereen maar het beste dat ik geen jurist ben. Voor hen tellen woorden zo zwaar – je kunt je niet permitteren de wet verkeerd te interpreteren of een onduidelijkheid te laten staan in een internationaal verdrag. De twijfel zou de hele tijd aan mij knagen. 

Wat betekent het woord ‘Nederlands’ bijvoorbeeld? Wanneer is een tekst precies in het Nederlands gesteld? In het dagelijks leven kom ik er best uit: een tekst hoeft niet perfect te zijn, en niet eens begrijpelijk, maar als een moedertaalspreker van het Nederlands hem herkent als Nederlands, is hij Nederlands.

Maar hoe moet dat nu als men van rechtswege gaan eisen dat je Nederlands schrijft? Wat zijn dan de grenzen? Stel dat iemand mij voor de rechter zou slepen omdat hij meent dat ik geen Nederlands schrijf, hoe kan ik me dan verweren? Hoe bewijs aan een onwillige dat de letters die hier staan wel degelijk Nederlands zijn?

De kwestie werd gisteren actueel toen Dertien. Magazine voor het Vlaamse overheidspersoneel (is magazine een Nederlands woord?) het bericht plaatste dat Vlaamse ambtenaren alleen in het Nederlands mogen twitteren. Ze mogen zelfs geen berichten in andere talen retweeten (doorsturen via Twitter).

Meteen begon ik me, plaatsvervangend voor de Vlaamse ambtenaar, allerlei zorgen te maken.
Lees verder >>