Tag: Simon Vestdijk

Romans Vestdijk op DBNL

S. Vestdijk. Bron: Wikimedia

Vanaf vandaag, de geboortedag van Simon Vestdijk, zijn twaalf historische romans van deze veelzijdige auteur online beschikbaar in de DBNL. Hiermee worden deze werken, waarvan al enige tijd geen herdruk meer is verschenen, wereldwijd toegankelijk voor onderwijs en onderzoek.

Vestdijk werd geboren op 17 oktober 1898 en was geschoold als arts. Begin jaren dertig trad hij toe tot literaire kringen, onder andere als medewerker aan de tijdschriften Forum en Groot Nederland, en in 1934 debuteerde hij als romancier met Terug tot Ina Damman. Daarna verschenen nog vele romans, novellen, essays en gedichten van zijn hand. Zijn proza is zeer veelzijdig, zowel qua genre als qua thematiek. Vestdijk was samen met Harry Mulisch, Hugo Claus en Hella Haasse lange tijd kanshebber voor een Nederlandse Nobelprijs.

Rijmverdoezeling

Door Marc van Oostendorp

Simon Vestdijk was niet alleen medicus, dichter, romanschrijver, essayist en wat niet al, maar in zijn vrije tijd waarschijnlijk ook de belangrijkste theoreticus van het Nederlandse vers die we ooit gehad hebben. Zijn boek De glanzende kiemcel (DBNL) werd niet voor niets decennia als studieboek gebruikt bij de opleiding Nederlands.

Hij ging daarbij te werk als een echte wetenschapper: hij verzamelde gegevens en probeerde die te interpreteren en te verklaren in een theorie. Veel van wat hij deed zou je misschien nog nét wat preciezer willen doen – net wat systematischer de data binnenhalen, de theorie net wat ondubbelzinniger formuleren – maar heel veel van wat hij zag en bedacht is onovertroffen.

Neem zijn theorie over het rijm. Volgens Vestdijk hadden veel dichters de neiging om het feit dat regels rijmden te verdoezelen. Een van de middelen die ze daarvoor hadden was om de klemtoon te manipuleren. Door in de tweede van een paar rijmende regels de klemtoon net vóór het rijmwoord te leggen, werd het rijm minder prominent:

Lees verder >>

Vestdijk 2.0

Door Jos Joosten

Simon VestdijkDaar had S.Vestdijk met zijn ontegenzeglijk rijke verbeeldingskracht toch niet van kunnen dromen of schrijven: dat er ooit een fenomeen zou bestaan als internet, waarop zijn oeuvre besproken zou worden. Dat was vast niet de toekomst der religie van de letteren die hij zich had voorgesteld.

Toch was het via Facebook – meer precies via de Facebook-pagina van Rutger H. Cornets de Groot  – dat ik gisteravond bij het mooie stuk van Hermans Stevens verzeilde, dat ik, net als Cornets de Groot, met veel genoegen gelezen heb. Toevallig was ikzelf vorige week in Leeuwarden en had ik daar in de Prinsentuin nog lopen mijmeren over Vestdijks De koperen tuin, dat ik als scholier zo’n wondermooi boek had gevonden. Lees verder >>

Maarten ´t Hart wint Ina Dammanprijs 2018

(Persbericht Vestdijkkring)

Het bestuur van de Vestdijkkring kent de Ina Dammanprijs dit jaar toe aan Maarten ´t Hart voor zijn essays over en aandacht voor Simon Vestdijk in publieke optredens.

De tweejaarlijkse prijs die in 1999 is ingesteld, wordt op zaterdag 10 november, 14.00 uur in de Grote Kerk van Harlingen uitgereikt. Tijdens die gelegenheid wordt ook de Anton Wachterprijs uitgereikt voor het beste debuut in de afgelopen twee jaar naar het oordeel van een jury.

Maarten ´t Hart toont in zijn vele essays en artikelen over een grondige kennis te beschikken van Vestdijks oeuvre, en daarnaast geeft hij daar uiting aan in talloze publieke optredens in de media, tot op heden! Hij doet dat in een mix van stelligheden gedrenkt in ironie op een geheel eigen en onvestdijkiaanse wijze. Ook in zijn onlangs verschenen De wereld van Maarten ´t Hart (2017). Lees verder >>

Alles voor de mannen

Door Marc van Oostendorp

Sommige schrijvers krijgen een biografie omdat ze zo’n indrukwekkend oeuvre hebben nagelaten. Anderen omdat ze een meeslepend leven hebben geleid. En nog weer anderen omdat ze zulke interessante personen hebben gekend.

Dat laatste overkwam Henriëtte van Eyk (1897-1980). De ondertitel van de biografie die Aukje Holtrop over haar schreef zegt dat eigenlijk al en wel op twee manieren: Vrouw tussen vier mannen laat niet alleen zelf al zien hoe Van Eyks leven bepaald werd door vier markante persoonlijkheden; de titel verwijst ook nog eens niet naar een van haar eigen werken, maar naar de titel van een roman die door een van die mannen geschreven is: S. Vestijks Kind tussen vier vrouwen.

De vier mannen in Van Eyks leven waren dan ook allemaal nogal, laten we zeggen, sterke persoonlijkheden. Lees verder >>

Wie, zelfverblind, niet leest richt diep het letsel aan dat niet geneest

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (165)
Het Nederlandse sonnet bestaat 453 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij

Facultas medica

Hij die het mes en het lancet hanteert
kan onverschrokken zijn wanneer hij vreest
met heilige vrees. Het edelste, de geest,
wordt in dit uur beveiligd of gedeerd.

Zie het gelaat van wie zich niet verweert,
een open boek. Wie, zelfverblind, niet leest
richt diep het letsel aan dat niet geneest.
Hij heeft de adel van het ambt onteerd.

Gezegend die het weten van zijn grens
belijdt: zijn hand vertoont die vaste trek,
zijn ziel de schroom die adeldom verraadt.

Met instrumenten werkend aan een mens
opent hij nog de sluitklink van het hek
waardoor een ander naar de vrijheid gaat.

(Ida Gerhardt, De slechtvalk)

Dankzij internet weten we dat dit gedicht soms geïnterpreteerd wordt als een hulde aan de medische stand, of in ieder geval aan goede dokters. Dat het bijvoorbeeld geheel of gedeeltelijk wordt geciteerd als een medicus met pensioen gaat. Omdat het gedicht kennelijk een beetje ingewikkeld is, publiceerde een huisblaadje voor een geriatrische instelling in 2009 zelfs een ‘vertaling’: Lees verder >>

De ovens waar men schelpen brandt

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (150)
Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij

Zelfkant

Ik houd het meest van de halfland’lijkheid:
Van vage weidewinden die met lijnen
Vol waschgoed spelen; van fabrieksterreinen
Waar tusschen arm’lijk gras de lorrie rijdt,

Bevracht met het geheim der dokspoorlijnen.
Want ‘k weet, er is waar men het leven slijt
En toch niet leeft, zwervend meer eenzaamheid
Te vinden dan in bergen of ravijnen.

De walm van stoomtram en van bleekerij
Of van de ovens waar men schelpen brandt
Is meer dan thijmgeur aanstichter van droomen,

En ’t zwarte kalf in ’t weitje aan den rand
Wordt door een onverhoopt gedicht bevrijd
En in één beeld met sintels opgenomen.

(S. Vestdijk)

Tijm wordt kennelijk nog steeds gebruikt om dromen op te wekken: je vindt in ieder geval nog pagina’s op het internet met het advies om het onder je kussen te leggen, want de dromen die je krijgt schijnen gezond te zijn. In het gedicht Zelfkant van S. Vestdijk wordt die tijmgeur wel genoemd, maar ruikt het verder vooral naar gras: in regel 2 zijn het weidewinden, in regel 4 armelijk gras, en dan in regel 12 een ‘weitje aan de rand’ van een gebied dat zelf ook weer tot de rand behoort. Lees verder >>

Vrouwendienst, het vrouwbeeld bij Vestdijk

Afbeelding: Fons Montens

Naar eigen zeggen hield Simon Vestdijk het meest van zijn vrouwelijke personages. Toch is er over zijn ‘vrouwvolk’ veel te doen geweest. De meningen lopen uiteen van ‘heeft geen verstand van vrouwen’ tot aan ‘zij zijn een feest voor de lezer.’ Heeft de Vestdijkkunde wel een compleet vrouwbeeld opgeleverd? Valt er nog wat aan toe te voegen of op af te dingen? Jazeker! Dat zal blijken op het symposium van de Vestdijkkring over Vrouwendienst, het vrouwbeeld bij Vestdijk.

Het vrouwbeeld bij Vestdijk heeft maatschappelijke, historische én filosofische wortels volgens welke bij verliefdheden twee reacties mogelijk zijn: vluchten of vechten.

Niet alleen in zijn werk, ook in zijn persoonlijk leven was Vestdijk steeds op zoek naar een ideale liefde. Lang heeft de omgang met Jet van Eyk geduurd, aan wie hij schreef: ‘Wij zijn van elkaar’. Maar volgens Jet kwam zij voort uit zijn fantasie: ‘In zekere zin heeft Vestdijk mij verzonnen’. Lees verder >>

Nieuw van uitgeverij Prominent: Molto Moderato, brieven over muziek van Jozef Eijckmans en Simon Vestdijk

(Persbericht uitgeverij Prominent)

omslag_Molto Moderato_v1.indd‘Spijtig genoeg bescheiden van omvang, want o, wat boeiend!’, schrijft Maarten ’t Hart over deze uitgave.

En musicoloog/componist Leo Samama schrijft: ‘Een bijzondere briefwisseling: twee unieke auteurs scherpen elkaars muzikale geest. Mij hebben ze stevig aan het luisteren gezet: is het wel waar wat ze beweren, of valt over smaak inderdaad nauwelijks te twisten?’

De muziekessays van Simon Vestdijk (1898-1971) werden in 1983 in tien gebonden delen uitgegeven. We lezen in het tiende deel dat Vestdijk vanaf 1956 ernstig werk was gaan maken van het bespreken van muziek volgens het nog ongekende principe van wat hij de ‘differentiële waardekritiek’ noemde. Waarom zou je niet de ‘beste composities’ naar voren brengen en uitvoeriger behandelen dan andere muziekstukken? Hij besprak composities zoals hij dichtbundels recenseerde. Deze aanpak sprak de dichter en muziekkenner Jozef Eijckmans (1907-1996) wel aan. Lees verder >>