Tag: semantiek

Deze appel is roder dan die andere

Door Marc van Oostendorp

Galileo Galilei onderscheidde al twee soorten bijvoeglijk naamwoorden. Sommige geven een absolute waarde aan; in het Nederlands is zwanger daar het spreekwoordelijke voorbeeld van (‘je kunt niet een beetje zwanger zijn’). Andere kun je op een schaal zetten: je kunt wel ‘een beetje groot’ zijn, zoals je trouwens ook groter kunt zijn dan iemand anders, en niet zwangerder.

Maar dat soort ‘geschaalde’ bijvoeglijk naamwoorden kun je nog verder opdelen, zeggen de semantici Nat Hansen en Emmanuel Chemla in een nieuw artikel in het tijdschrift Linguistics and Philosophy. Je hebt bijvoeglijk naamwoorden als groot die relatief zijn. Als Wouter groter is dan Joop, betekent dat niet dat Wouter ook in absolute zin groot is. Vergeleken met de meeste andere mannen is hij misschien maar een miezerig mannetje. Daarnaast heb je bijvoeglijk naamwoorden als ziek: als Wouter zieker is dan Joop, dan is Wouter zeker ziek, en Joop trouwens ook.  Lees verder >>

Drie winnaars voor deze race: mogelijkheden tellen

Door Marc van Oostendorp

Er is een interessant verschil tussen boeken en winnaars, merkte de Amerikaanse taalkundige Itamar Francez onlangs op in een nieuw artikel. Je kunt dat verschil zien als je zinnen zoals de volgende twee met elkaar vergelijkt:

  • Op dit moment kunnen er drie winnaars van deze race zijn.
  • Op dit moment kunnen er drie boeken op tafel liggen.

De eerste zin is dubbelzinnig. Lees verder >>

Op, aan, in

Door Marc van Oostendorp

Ik had nog nooit gehoord van de op-aan-in-schaal, maar dankzij een fraai overzichtsartikel (€) in Language and Linguistic Compass van de Utrechtse semanticus Joost Zwarts zal ik het niet snel meer vergeten.

Dat artikel gaat over de betekenis van ruimtelijke voorzetsels: wat bedoelen we als we in of achter zeggen? En wat zegt dat over de manier waarop we in taal de ruimte om ons heen voorstellen?

Neem op. Object A is op ruimte B. Dat betekent doorgaans dat A zich boven B bevindt volgens een of ander coördinatenstelsel (meestal: verder weg van moeder aarde) en verder dat A aan B raakt, dat de ruimtes die A en B innemen zich op vrijwel onwaarneembare afstand bevinden. Maar als een lucifersdoosje op een boek ligt, en dat boek ligt op tafel, kun je ook best zeggen dat het lucifersdoosje op tafel ligt, ook al raakt het die tafel niet aan. Lees verder >>

Herinnering: Nascholing opleiding Nederlandse Taal en Cultuur Leiden

De sturende kracht van taal – avondlezingen 17 en 31 mei 2017

Taal is nooit neutraal. We gebruiken taal voor onze communicatie, maar de interpretatie van uitingen wordt maar gedeeltelijk bepaald door de betekenis van de woorden die de spreker gebruikt. Een spreker bedoelt meer, en soms zelfs iets anders, dan hij letterlijk zegt en  schrijvers van verhalen en gedichten zetten talige, narratieve technieken doelbewust in om effect op lezers te sorteren.

In twee avonden belichten telkens twee Leidse neerlandici deze interactie tussen semantiek en pragmatiek vanuit hun eigen discipline: de taalkunde, taalbeheersing, moderne of oudere letterkunde. Op 17 mei zijn dat dr. Ronny Boogaart, auteur van Een sprinter is een stoptrein zonder wc. De sturende kracht van taal (AUP) en dr. Bram Ieven die zal vertellen over de online MA-class Mij maak je niks wijs. Een inleiding tot de representatiekritiek. Op 31 mei spreekt dr. Olga van Marion over de rol van taal en emotie in vroegmodern theater en dr. Henrike Jansen over de sturende kracht van taal in de argumentatie in politiek debat. Lees verder >>

Getalsincongruentie in vergelijkingen

Door Fabian Stolk

Kijk, de taalkunde ligt, voor een deel, op straat. Ik ben al een tijdje bezig met linguïstisch veldwerk, in die zin dat ik interessante deskundigen op het gebied van de taal- en communicatiekunde in het wild aanspreek met een probleem dat ik met me meezeul omdat ik de kennis niet in huis heb om een begin van een oplossing te vinden. Zo sprak ik onlangs op de Drift in de universiteitsstad U. een loslopende taalkundige aan die werkzaam is op een in een romanreeks verwerkt instituut te A. (‘Hé, Marc, jij hier?’) en betrok hem onmiddellijk, net als eerder Jacomine N. en via haar Margreet D., en later ook nog Pim M., in mijn vraagstuk van de getalsincongruentie in vergelijkingen; een verschijnsel waarvan ik tot voor kort geen weet had, dat het bestond. Marc van O. slingerde na enig denken gisteren zijn ideeën op Neerlandistiek.nl.

Ik heb de goede man nogal verbouwereerd, want hij weet mijn moeder aller voorbeelden van dit verschijnsel niet goed meer te citeren. Lees verder >>

Wanneer is nu?

Door Marc van Oostendorp

Lijkt de betekenis van nu meer op die van ik of meer op die van hij? Dat is een van de fascinerende vragen die Daniel Altshuler opwerpt in zijn nieuwe, gratis te downloaden studie Events, states and times, waarin hij ingaat op de manier waarop er in verhalen met de tijd wordt omgegaan.

Op het eerste gezicht lijkt nu meer op ik dan op hij. Ik verwijst altijd naar de spreker: het krijgt alleen een andere betekenis wanneer iemand het gebruikt:

Irene zei dat Peter liever wilde dat ik wegging.

Anders zit dat met hij dat verwijst naar ‘de belangrijkste (mannelijke) persoon waarover we op dit moment aan het praten zijn’. In de volgende zin kan dat Peter zijn, of iemand die ik aanwijs terwijl ik deze zin uitspreek, of iemand over wie we het net hebben gehad: Lees verder >>

Je bent als granaatappels

Door Marc van Oostendorp

Sinds ik naar verluidt ben doorgedrongen tot de top-100 van bekendste neerlandistische bloggers aller tijden (tot nu toe), word ik op straat weleens aangesproken. Ik liep onlangs door het Utrechtse stadje U., toen er ineens een neerlandicus op een fiets kwam aangesneld, die afstapte en mij toeriep dat hij een probleem voor me had.

Ik was zo verbouwereerd dat ik het probleem niet eens helemaal precies onthouden heb. Het kwam erop neer dat de neerlandicus-fietsenrijder bezig was met een vertaling van een Turks gedicht waarin een regel voorkwam die ongeveer luidde:

Je bent als granaatappels.

De vraag is nu waarom dat meervoud in het Nederlands gek klinkt, terwijl dat in het Turks kennelijk niet het geval was. Lees verder >>

Vet kutte dingen

Door Marc van Oostendorp

Bron: Kakhiel. Merk op dat ’10 vet kutdingen’ ongrammaticaal zou zijn.

Twitter schijnt op zijn laatste benen te lopen, maar tot het zo ver is, hebben de taaltwitterati wel weer een productief weekeindje. Het begon met een tamelijk onschuldige vraag die alleen aan Onze Taal gericht was:

Al snel begonnen allerlei mensen zich ermee te bemoeien. Hoe bepaal je eigenlijk dat super en hyper hier noodzakelijk voorvoegsels zijn en geen bijwoorden? Wat is het verschil tussen extreem mooi en super mooi? Lees verder >>

Is water hetzelfde als H2O?

Door Marc van Oostendorp

Als ik jong was geweest – ik ben nu heel oud, maar ook ik had ooit een bos krullen en puisten – had ik Als dan dus daarom van Sjoerd van der Niet verslonden. Sterker nog, als ik het lees, voel ik het weer kriebelen op mijn kruin én op mijn wangen. De opwinding van het wonder van de menselijke taal, zoals het beleefd wordt in de taalfilosofie is weer helemaal terug!

Is water bijvoorbeeld hetzelfde als H2O? Geeft de wetenschappelijke definitie de ultieme betekenis van een woord voor het dagelijks gebruik? Maar in een glas water zitten doorgaans allerlei moleculen die niet H2O zijn, en H2O in vaste toestand noemen we geen water maar ijs. Hoeveel vervuiling kunnen we aan om nog steeds van water te blijven spreken?

En betekent ‘mijn hond rent door het park’ hetzelfde als ‘Pluto loopt door het park’, als ik Sjoerd ben en Sjoerd zijn hond Pluto heet? En hoe herkennen we eigenlijk een hond als ‘hond’? Zijn er essentiële eigenschappen die een hond heeft? Is de staart zo’n eigenschap? En wat gebeurt er als we die staart afhakken? Lees verder >>

Waarom ‘het houten mooie stoeltje’ niet goed voelt

Door Marc van Oostendorp


Wat zou jij zeggen: ‘de kleine rode stoel’ of ‘de rode kleine stoel’? Vrijwel iedereen kiest hier voor de eerste vorm – de tweede klinkt vreemd. Ook in andere talen is dat de volgorde die de voorkeur geniet: ‘the small red chair’ is beter dan ‘the red small chair’. (In het Frans ligt het daar wat anders omdat sommige bijvoeglijk naamwoorden voor het zelfstandig naamwoorden kan staan: in ‘la petite chaise rouge’ geeft dat weliswaar dezelfde volgorde, maar dat is min of meer toevallig.)

Zulke toetsjes kun je doen voor allerlei paren bijvoeglijk naamwoorden: ‘de dappere oude vrouw’ klinkt natuurlijker dan ‘de oude dappere vrouw’, ‘het ronde stenen tafeltje’ beter dan ‘het stenen ronde tafeltje’. En ook hier geldt weer: als je deze woordgroepen in een andere taal vertaalt, kan de volgorde van de bijvoeglijk naamwoorden behouden blijven.

Wat bepaalt die voorkeur? Lees verder >>

Nogal vele woorden

Door Marc van Oostendorp

Er is al vaker geschreven over het verschil tussen veel en vele, maar de 33 pagina’s die de Utrechtse taalkundige Eddy Ruys eraan wijdt in het wetenschappelijke blad Glossa laten ineens allerlei nieuwe kanten van dit paar zien.

Er is om te beginnen een verschil tussen niet-telbare stofnamen zoals wijn en telbare woorden als flessen:

  • veel boeken
  • vele boeke
  • veel wijn
  • vele wijn (uitgesloten)

Op het eerste gezicht doet het feit dat vele op een –e eindigt vermoeden dat we hier een bijvoeglijk naamwoord te pakken hebben: zoals we naast fijn de vorm fijne hebben, zo hebben we naast veel vele. Alleen reageert fijn heel anders op deze woorden: Lees verder >>

Het getal vijftig overtreft het getal veertig

Het aantal bekoringen van de semantiek is eindeloos

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-45Een van de onbetwistbare wetenschappelijke helden van de twintigste eeuw is Gottlob Frege (1848-1925), de vader van de semantiek van menselijke taal én van de grondslagen van de wiskunde. Een man die toen hij op het punt stond een doorwrochte studie te publiceren een brief kreeg van een of andere blaag die hem erop wees dat hij een ernstige denkfout had gemaakt, en die de blaag niet negeerde maar in het nawoord van zijn boek schreef: “Een wetenschappelijke schrijver kan nauwelijks iets naarders overkomen als dat hem na voltooiïng van een werk een van de grondslagen van het bouwwerk wordt weggeslagen. In deze omstandigheid werd ik gestort door een brief van de heer Bertrand Russell, toen dit boek bijna van de drukkerij kwam.”

(Menselijkerwijs was Frege veel minder een held, maar een vreselijke antisemiet.)

En nu heeft de Duitse semanticus Friederike Moltmann een foutje bij Frege ontdekt. Het foutje is niet zo vreselijk ingrijpend, en Moltmann is geen blaag, maar ze zet wel een interessante redenering op, waar het gaat om de betekenis van uitdrukkingen als het aantal planeten. Frege dacht op basis van zinnen zoals de volgende dat de betekenis van zo’n uitdrukking een getal was: Lees verder >>

boord / kraag

Verwarwoordenboek Vervolg (16)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen. 

boord / kraag

Er is een betekenisverschil. Lees verder >>

Raar directeur zijn

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-40Wat is het verschil tussen de radio en de walkietalkie? Over die intrigerende vraag gaat het proefschrift dat Maartje Schulpen vorige maand in Utrecht verdedigde. Dat er een verschil is blijkt uit de vergelijking tussen zinnen als de volgende:

  • Martha luisterde naar de radio en Alice ook.
  • Martha luisterde naar de walkietalkie en Alice ook.

Niet alleen klinkt de tweede zin wat vreemder dan de eerste, maar in het eerste geval kun je je best voorstellen dat Martha en Alice naar verschillende radiotoestellen luisterden, terwijl de tweede zin veel eerder in gedachten roept dat er één (al eerder genoemd) walkietalkietoestel is en dat de dames daar gezamelijk naar luisteren.

Bepaalde lidwoorden (de, het) roepen dat laatste normaliter op. Lees verder >>

verzet / weerstand

Verwarwoordenboek Vervolg (15)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen. 

verzet / weerstand

De betekenissen overlappen grotendeels. Lees verder >>

13 maart 2017, Bilzen: Lezing ‘Zwarte gaten in taal’

Dany Jaspers, voorzitter van de Vereniging voor Limburgse Dialect- en Naamkunde (VLDN) en verbonden aan de KU Leuven campus Brussel, houdt op 13 maart 2017 een lezing voor alle belangstellenden in Bilzen.

Adres: 3e etage, De Ganshof, Hospitaalstraat 15, Bilzen, België

Toegang per lezing: 3 euro (Bilisiumabonnees genieten gratis toegang)

De systematiek achter zwarte gaten in taal

Iemand kan gehuwd zijn, en ook het tegendeel, ongehuwd (vrijgezel of vrijgezellin). Maar terwijl je gehuwd al naargelang kan vervangen door echtgenoot of echtgenote, bestaat voor die laatste termen geen nonechtgenoot of nonechtgenote als tegenhanger. Deze woorden ontbreken dus in de woordenschat van het Nederlands. Hoe is dit te verklaren? Lees verder >>

beest / dier

Verwarwoordenboek Vervolg (14)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

beest / dier    

De betekenissen overlappen, maar er is ook een klein verschil. Lees verder >>

Negatie / ontkenning

Verwarwoordenboek Vervolg (13)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

negatie / ontkenning

De woorden overlappen in betekenis, maar negatie heeft nog andere betekenissen. Lees verder >>

beker / mok

Verwarwoordenboek Vervolg (12)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

beker / mok  

De woorden worden vaak door elkaar gebruikt, maar kenners zien (soms) wel verschillen. Lees verder >>

Een nieuw sonnet over –ig

Door Jenny Audring

Zeg schat, wil jij die jurk wel zeker aan?
Hij spant wat bij de taille en de bips
Hou jij je adem in? Je ziet een beetje pips
Een groot’re maat zou je vast beter staan.

Zeg jij nou dat ik dik ben, echtgenoot?
Niet dik, mijn duifje, dikkig slechts een beetje.
Wat mollig, stevig, ferm, gezellig, weet je
En verder zijn je botten ietsje groot.

Gelukkig had de vrouw niet gestudeerd
en liet haar woede met een “-ig” bezweren
en ook de man kon haar goddank niet leren
dat veelheid enkel was geïmpliceerd!

’t Was hun geluk: geen Grice kwam tussenbeide
die sem- van pragma(n)tiek kon onderscheiden!

Dit is een antwoord op eerdere sonnetten vandaag van Marc van Oostendorp en Johan Rooryck.

En maar schommelen en maar kijken

Door Marc van Oostendorp

untitled_artwork-4Zolang de wereld nog niet vergaan is, zullen er hopelijk studies verschijnen zoals die Hans Broekhuis en Norbert Corver een tijdje geleden op Internet zetten: studies waarin een kleine, alledaagse constructie zorgvuldig wordt nageplozen. Broekhuis en Corver geven allerlei voorbeelden, en slagen er dan ook nog in net te doen of Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink nooit geleefd hebben:

 

 

  • En een pret dat ze hadden!
  • En Peter maar lachen!
  • En maar zeuren!

Lees verder >>

Een goede kilometer

Door Marc van Oostendorp

15079062_2146218272270502_8253785912488183575_nIn het internationale netwerk van taalkundigen dat ik op Facebook om me heen heb, ontstond beroering toen een Weense collega met het bijgaande plaatje aan kwam zetten. Hoe zit de hier gebruikte constructie gut 1/2 Liter eigenlijk in elkaar? Om precies te zijn: wat doet gut daar?

Een deel van de discussie ging erover dat je een soortgelijke constructie ook in andere talen hebt (un bon demi litre, nu bbone mezze litre, en god halvliter, a good half litre). Lees verder >>

Opzoek de mist ingaan

Door Robert Chamalaun

Soms kom je in schrijfproducten van leerlingen constructies tegen die op het eerste gezicht niet zo verwonderen, behalve dan dat ze ieder jaar weer terugkeren. Bij nadere beschouwing blijken ze echter onverwacht heel interessant. Zo moesten mijn leerlingen vorige week een sollicitatiebrief schrijven en menig leerling bleek opzoek naar een interessante baan. Zonder spatie dus. Nu is spatiefetisjisme niet direct aan mij besteed, maar de formulering prikkelde me wel.

Een zoektocht op Google liet zien dat niet alleen pubers zich ‘schuldig’ maken aan de verwarring tussen op zoek en opzoek. Lees verder >>

Het gebouw is morgen

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-24Een van de vele, vele dingen die je met taal kunt doen: uitdrukken hoe de werkelijkheid in diepste wezen in elkaar zit. Neem de volgende zin:

  • Socrates is wijs.

Die zin zegt iets over Socrates (een mens), namelijk dat hij wijs is. Hij zegt daarmee ook iets algemeners dat mensen eigenschappen kunnen hebben, zoals wijsheid.

Dat klinkt heel flauw, maar is het ook zo? Taal – in ieder geval het Nederlands, maar heel veel andere talen ook – heeft bijvoeglijk naamwoorden. Die drukken eigenschappen uit. Dat werkt alleen in een wereldbeeld waarin dingen ‘eigenschappen’ hebben.  Lees verder >>

De allochtoon en de macht van taal

Door Marc van Oostendorp

Image-1Als de nu opgeflakkerde discussie over allochtoon en autochtoon ons iets leert, dan is het wat de macht is van taal.

Vrijwel iedereen die er iets over zei, en in ieder geval iedereen die er met enig verstand van zaken over sprak – Sterre Leufkens bijvoorbeeld, of MaartenJan Hoekstra –al snel begon over de eeuwige cyclus van het eufemisme. Een term (gastarbeider) raakt beladen en wordt vervangen door iets neutralers (nieuwkomer). Dat gaat een tijdje goed, tot die term zelf ook weer beladen raakt.

In die context kun je allochtoon misschien ook zien, alhoewel de schrijvers daar weinig bewijs voor aandragen. Is er inderdaad veel sprake van dat mensen elkaar op straat uitschelden voor allochtoon? Maar hoe dan ook gaat het voorbij aan een veel interessantere vraag. Lees verder >>