Tag: psychologie

De aangeboren weerzin tegen het idee dat weerzin aangeboren kan zijn

Door Marc van Oostendorp

– Iris Berent, Foto: Matthew Modoono/Northeastern University

Sommige kennis is mogelijk aangeboren. Er bestaat op dit punt bijvoorbeeld al een lang lopende discussie over taal. Nu is dat een nogal wonderlijke discussie als je kijkt naar wat er wetenschappelijk bekend is: bijvoorbeeld dat baby’s van een paar uur oud al verschil horen tussen hun moedertaal en een vreemde taal. Dat betekent dat ze zich al aspecten van de klankvorm van hun moedertaal hebben eigengemaakt in de moederschoot, zonder dat iemand ze verteld heeft dat zoiets van belang zou zijn, dat uitgerekend die klanken iets zijn om heel precies op te letten.

Op zijn minst de motivatie om taal te leren, en het idee dat er in de omgeving zoiets bestaat als ‘taal’ dat de moeite waard is om te leren, lijkt me aangeboren. Heel slimme dieren komen nooit op dat idee.

Lees verder >>

Laat de crisis in de sociale psychologie een waarschuwing voor ons zijn

Door Marc van Oostendorp

Iedere goede wetenschap is waarschijnlijk permanent in crisis. Steeds weer komt men erachter dat de bestaande theorieën eigenlijk niet voldoen en dat er onbegrepen feiten zijn. Steeds komt er weer iemand aandragen met nieuwe ideeën en steeds weer krijgen sommige van die nieuwe ideeën aanhang terwijl ze bij anderen op weerstand stuiten. Zo ontstaat strijd. Zo ontstaat crisis.

Maar de crisis in de psychologie en met name de sociale pyschologie, daar wordt je moedeloos van.

Het is een vak met een interssant onderwerp: de manier waarop menselijk gedrag wordt bepaald door anderen, maar het is ook een vak dat een aantal grote klappen heeft gehad. Allerlei beroemde experimenten bleken niet te herhalen en enkele van de grootste bedriegers van de moderne wetenschap (zoals Diederik Stapel) bleken sociaal psychologen. Lees verder >>

Promotie: Anne-Fleur van der Meer over depressie en intertekstualiteit in hedendaagse autobiografische literatuur

Datum: 27 September 2018, 11.45 stipt
Locatie: Aula, Vrije Universiteit te Amsterdam (Hoofdgebouw)

Op donderdag 27 september 2018 om 11.45 precies zal Anne-Fleur van der Meer haar proefschrift Ladders naar het licht. Depressie en intertekstualiteit in hedendaagse autobiografische literatuur in het openbaar verdedigen in de aula van de Vrije Universiteit te Amsterdam.

Autobiografieën over depressie kunnen een belangrijke rol spelen in het verspreiden van kennis over depressie – vaak volksziekte nummer één in de samenleving genoemd. Daarmee leveren ze een belangrijke bijdrage aan het publiek debat, én bieden ze belangrijke inzichten voor patiëntenorganisaties en het brede publiek. Dit blijkt uit het promotieonderzoek van Anne-Fleur van der Meer. Lees verder >>

Oninteressant onderzoek: kinderen tekenen meer mannelijke wetenschappers dan vrouwelijke

Door Freek Van de velde

Een dikke maand geleden is in het tijdschrift Child Development een artikel verschenen dat druk gedeeld is op allerhande social media. De auteurs, vier psychologen van Northwestern University, werden na de publicatie voor de camera’s gehaald om duiding te geven bij hun mediagenieke onderzoek. Waar ging dat over? Ze hadden een ‘meta-analyse’ uitgevoerd (dat is jargon voor: bestaande, vergelijkbare onderzoeken samenvoegen om meer betrouwbare resultaten te krijgen, of trends te zien), naar ‘draw-a-scientist’-experimenten.

De methode bestaat erin dat aan kinderen gevraagd wordt een wetenschapper te tekenen, om dan na te gaan of ze mannetjes of vrouwtjes tekenen, en wat dat dan zegt over stereotypering. Het eerste onderzoek van dat type is gepubliceerd in 1983 en was gebaseerd op tekeningen uit de jaren 60 en 70, en de kinderen hadden massaal mannen getekend. Zelfs de meisjes. Van de 5000 schoolkinderen hadden er maar 28 een vrouwelijke wetenschapper getekend. Lees verder >>

Pavlov-reacties in een vreemde taal

Door Marc van Oostendorp

In een vreemde taal ben je minder bang. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek dat deze week verscheen in Nature Scientific Reports.

De onderzoekers deden een fascinerend experiment, dat gebaseerd is op zo’n beetje de klassiekste psychologische proef die er bestaat: de Pavlov-reactie. Je laat iemand een aantal keer twee plaatjes zien en na het ene plaatje geef je ze steeds een kleine schok en na het andere plaatje niet. Na verloop van tijd beginnen ze na dat ene plaatje en voor de schok al een beetje te transpireren.

We weten uit eerdere literatuur al dat het daadwerkelijk toekennen van de schok niet eens nodig was. De deelnemers uitleggen dat na het ene plaatje een schokje zou volgen, was al genoeg. Lees verder >>

Vrouwen kunnen beter gedachten lezen

Door Lucas Seuren

In een hoofdstuk over taalgebruik uit 2013 stelde de beroemde Britse taalkundige Stephen Levinson dat het een wonder is dat sociale interactie zo soepel verloopt. Aan de basis van ons talig en niet-talig handelen liggen allerlei intenties, intenties die natuurlijk niet direct toegankelijk zijn voor onze gesprekspartners. En toch kunnen we veelal vrij probleemloos, of in ieder geval goed genoeg, de juiste intenties toeschrijven aan sprekers. We zijn er zelfs zo goed in dat er gemiddeld genomen geen merkbare stilte valt tussen twee opeenvolgende gespreksbijdragen: als spreker A klaar is reageert spreker B binnen 0,1 seconde.

Afleiden wat de intenties van een spreker zijn op basis van talige en niet-talige signalen wordt in de cognitieve psychologie gedachten lezen genoemd, omdat hoorders de verscheidene mentale statussen moeten toeschrijven aan de sprekers: wat bedoelt de spreker; wat voelt de spreker; wat wil de spreker; wat denkt de spreker; etc. Op basis daarvan een hoorder dan besluiten wat een gepaste reactie is. Lees verder >>

Waarom de meeste mensen beter dan gemiddeld autorijden

Door Marc van Oostendorp

Altijd weer gezellig, als iemand op Facebook een bericht deelt waaruit blijkt dat de meeste automobilisten vinden dat hun stuurmanskunst groter dan gemiddeld is. Dat kan toch helemaal niet, wat een hoogmoed van de mens!

Het lijkt ook inderdaad een robuust effect, en er zijn al verschillende theorieën over opgesteld, zoals dat mensen zulke gedachten koesteren om een prettig zelfbeeld te creëren. Maar daarbij had nog niemand rekening gehouden met een mogelijkheid die in een nieuw artikel door een aantal onderzoekers wordt gesuggereerd: dat de alledaagse betekenis van het woord gemiddeld.

Typisch

 De onderzoekers lieten een aantal studenten zichzelf vergelijken met ‘de gemiddelde student’ op een aantal punten: Lees verder >>

Sociale wetenschapper en sociale media

Door Marc van Oostendorp

Processed with Snapseed.
Illustratie: M. vna Oostendorp.

Een schokkend bericht uit de pyschologie: een voormalige president van de American Psychological Society, Susan Fiske, plaatst in het laatste nummer van het mededelingenblad van die vereniging een gastcolumn waarin ze klaagt over de manier waarop haar collega’s de sociale media gebruiken.

Nee, dat gaat er niet over dat ze de hele tijd zitten te Facebooken tijdens interessante lezingen. Er is iets ernstigers aan de hand: via de sociale media gaan de Amerikaanse pyschologen zich volgens hun vorige voorzitter te buiten aan “uncurated, unfiltered trash-talk”. Individuen worden aangevallen, carrières worden vernietigd. “Zelfbenoemde datapolitie” met zoveel kritiek op websites dat deze er soms bijna onder bezwijken.

Wat is hier aan de hand? Lees verder >>

Een zelfverzonnen Oedipuscomplex

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (6/60)

Door Marc van Oostendorp

Deze zomer publiceren nrc.next en NRC Handelsblad de roman President Tsaar op Obama Beach van A.F.Th. van der Heijden als feuilleton. De afleveringen verschijnen ’s ochtends <op de website van de krant>. In de loop van de dag blog ik een bespreking. Vandaag: aflevering 6.

obama6Vandaag heb ik voor het eerst echt even gehuiverd bij dit verhaal, want er zit iets gruwelijks verborgen in de passage van vandaag – een heel moeilijk te vatten gevoel.

Eerst denk je, die Oedipus, daar worden we wel met de neus opgedrukt, nee, die wordt ons in onze toetjes gewreven. Dit is al de tweede keer dat de naam expliciet valt, en naar het complex werd ook al indirect verwezen. Maar in deze aflevering – we zijn nu op eentiende van het feuilleton – wordt het allemaal wel heel duidelijk gemaakt. Zelfs Freuds naam wordt expliciet genoemd.

De zoon denkt dat zijn moeder zin heeft in een ‘liefdesnacht’, hij overweegt als zesjarige heel even zijn vader te doen struikelen en een doodsmak te bezorgen, waarna hij zich ‘wekenlang’ miserabel voelt omdat dit misschien wel zijn ‘diepste verlangen’ was. Zelfs als klein kind begrijpt Natan in zekere zin dus al dat hij misschien een Oedipus-complex heeft. (Een mooi detail vind ik dat de moord gepleegd zou worden door het samenknopen van de veters – een mooie straf voor het verminken van Oedipus’ voeten door zijn vader in de mythe.)

Lees verder >>

Crisis in de psychologie: nog maar een experiment

Door Marc van Oostendorp

De sociaal-psycholoog
Illustratie: M. van Oostendorp

Blogs kunnen iets wat wetenschappelijke artikelen niet kunnen: de wanhoop van de onderzoeker laten zien. Neem het stuk dat de prominente Canadese sociaal psycholoog Michael Inzlicht onlangs publiceerde op zijn eigen website. “Ik voel dat de grond onder mijn voeten beweegt”, schreef hij daarop, “en ik weet niet meer wat werkelijk is en wat niet.” En: “De sociale psychologie verdient een nieuw begin. Maar waar moeten we beginnen? Waarvan ben ik het meest zeker en waar kan mijn scepsis eindigen?”

Waar lees je zulke kreten in de vakbladen? Nee, het gaat niet goed in de sociale psychologie. De ontmaskering van Diederik Stapel bleek slechts een van de voorboden van een veel diepere crisis. Kon je in zijn geval nog denken dat het ging om een enkeling wiens bizarre onderzoeksresultaten gewoon niet goed genoeg waren getoetst, nu blijkt een van de kernpunten van het vakgebied – een effect waarvan men meende dat het in allerlei condities en in allerlei laboratoria was getoetst – ineens onvindbaar.

Het gaat om het idee dat de mens beschikt over een eindige hoeveelheid wilskracht: als je het aan het ene besteedt, kun je het niet aanwenden voor iets anders.
Lees verder >>

Waarom schrijven psychologen geen boeken?

Door Marc van Oostendorp


Hij lijkt wel een parodie, de brief die de Leidse psychologe Fenna Poletiek afgelopen zaterdag in NRC Handelsblad plaatste – een parodie op de intellectuele crisis waarin haar vakgebied verkeert. Dat heel veel onderzoek in zogenoemde ‘internationale toptijdschriften’ niet-repliceerbaar is, zoals onlangs bleek – in nog niet gerepliceerd onderzoek –, is slechts de zoveelste slag die het vak wordt toegebracht.

Voor de geïnteresseerde buitenstaander is het duidelijk wat de oorzaak van de crisis is: pyschologen schrijven geen boeken. Ze vinden dat te weinig wetenschappelijk, zonder dat ooit duidelijk is wát er zo onwetenschappelijk is aan een boek. Ja, bèta’s schrijven ook niet zoveel boeken, maar bèta’s hebben dan ook al een uitgebreid theoretisch kader opgebouwd in de loop der eeuwen. Bovendien kijken bèta’s geloof ik niet zo absurd neer op boeken als sociale wetenschappers doen.
Er wordt, zo krijg je de indruk, te veel gemeten en te weinig nagedacht in grote delen van de psychologie.
Lees verder >>

men is/ ikzelf

door Gert de Jager 
“Je”. De lyrisch toegesprokene in de poëzie van Komrij die blijkbaar geen ‘ik’ wil zeggen: “Je denkt niet graag terug aan kinderjaren.” Alle Nederlandse voetballers sinds Johan Cruijff wanneer ze na afloop van de wedstrijd worden geïnterviewd. Kouwenaars ‘men’.
 
Wat er aan de hand is, leert misschien een reeks onderzoeken van Amerikaanse psychologen waarover gerapporteerd werd in het februarinummer van het Journal of Personality and Social Psychology. In de NRC van 31 januari maakte wetenschapsredacteur Ellen de Bruin melding van hun bevindingen en sindsdien zwerft er een knipsel over mijn werktafel. Een ongewoon lange titel: “Praten tegen jezelf is prima, maar nooit in de ik-vorm” en een vakkundigelead: “Praten over jezelf als ‘je’ of ‘zij’ schept afstand. Dat maakt het makkelijker om om te gaan met irrationele gedachten” geven samen een aardige indruk van wat de dames en heren psychologen zoal hebben geconcludeerd.
 
Het gaat om het verschijnsel self-distancing. Onderzoek naar taalgebruik van dichters die zelfmoord pleegden had al eerder geleerd dat het ertoe doet: in hun gedichten komt het woordje ‘ik’ veel vaker voor. Lees verder >>

Hetzelfde anders zeggen

Je kunt nooit het ene woord straffeloos vervangen door het andere. Zelfs wanneer ze precies hetzelfde betekenen – fiets en rijwiel –, zijn er nog verschillen: het een is deftiger, of platter, of dichterlijker, of ouderwetser, dan het ander. Zodra twee vormen samen dreigen te vallen, gaan mensen ze verschillende connotaties geven, of een van de twee reserveren voor bijzondere omstandigheden.

Dat geldt niet alleen voor woorden, maar ook voor uitspraakvormen, zinsconstructies en alles wat we hebben in taal. Je kunt nooit ongestraft de een voor de ander uitwisselen. (Al zijn er een paar voorbeelden te bedenken waar het heel moeilijk is om te zien wat het verschil is: Ik denk dat hij mij gezien heeft tegenover Ik denk dat hij mij heeft gezien. Daar was vroeger nog wel een regionaal verschil tussen, maar tegenwoordig lijkt de keuze volgens sommig onderzoek volkomen willekeurig.)

Lees verder >>