Tag: plaatsnamen

De geordende kijk op aardrijkskunde van de standaardtaalspreker

Door Henk Wolf

Wie geen streektalen kent, vindt soms andere dingen normaal dan wie er wel een spreekt. De standaardtaalspreker heeft bijvoorbeeld een veel overzichtelijker visie op aardrijkskunde dan de streektaalspreker.

Een paar dagen geleden schreef ik een stukje over het gebruik van lidwoorden in aardrijkskundige namen. In het Standaardnederlands bestaan wel namen van landen, eilanden, plaatsen enz. met lidwoorden, maar ze zijn ongewoon. Veel van die lidwoorden zijn bovendien ‘opgeslokt’ in de naam en geen echt lidwoord meer. In veel Nederlandse streektalen, misschien wel in alle, is dat anders. Daar zijn lidwoorden voor aardrijkskundige namen juist heel gewoon. Lemmer is in het Fries de Lemmer en Ameland is it Amelân. Leek is in het Gronings de Laik en Schiermonnikoog wordt in het Gronings vaak t Ailaand genoemd. Marcel Plaatsman schreef hier dat op Texel ’t Skil voor Oudeschild werd gezegd, Wikipedia vertelt me dat Meterik in het Limburgs De Mieëterik en België ’t Belsj wordt genoemd en zo zijn er nog talloze andere voorbeelden te bedenken.

Lees verder >>

Waterlandsmeer

Door Wouter van der Land

beeld: OpenStreetMap

De kogel is door de kerk. Vorige week besloot de gemeente Landsmeer om te gaan fuseren. CDA-raadslid Eric Knibbe stak zijn voorkeur niet onder stoelen op banken en hield een zelfgemaakt gemeentebord met ‘Waterlandsmeer’ omhoog. Zijn favoriete huwelijkspartner is dus Waterland en hij heeft de nieuwe naam al bedacht. De verantwoordelijke wethouder vond het echter nog te vroeg voor een apachedans en noemde het koeltjes een ‘mooie werktitel’. Maakt de naam een kans?

Hoe komen gemeentenamen tot stand?

De procedure voor een nieuwe gemeentenaam is in het kort als volgt. De gemeenteraden van de fuserende partijen nemen een besluit voor een gezamenlijke voordracht en de rijksoverheid geeft daar een klap op. Maar Nederland zou Nederland niet zijn zonder een commissie die zich ermee bemoeit. De Adviescommissie Aardrijkskundige Namen in Nederland heeft criteria opgesteld waaraan een nieuwe naam zou moeten voldoen. Een van de voorwaarden luidt: ‘Maak geen aaneenrijgende constructienamen (met of zonder streepjes)’. De vraag is dus: is ‘Waterlandsmeer’ een aaneenrijgende constructienaam?

Lees verder >>

Nederland of Holland?

Door Marten van der Meulen

Ik ben de komende tijd af en toe in het buitenland. Gevraagd waar ik vandaan kom antwoord ik in het Engels steevast ‘Holland’. Dat vind ik nou eenmaal makkelijker uit te spreken. Bovendien is het geografisch correct: ik ben Hagenees en kom dus ook uit dat deel van Nederland dat traditioneel ‘Holland’ wordt genoemd. Maar is het in algemene zin ook goed? Bedoel ik niet eigenlijk Nederland? Er zijn mensen die daar boos van worden, hoewel ze moeilijker te vinden zijn dan ik dacht. Hoe dan ook ben ik mijn taaladviescorpus ook weleens een advies hierover tegengekomen:

Nederland(s) en Holland(s) zijn synoniem. Met het woord Holland bedoelt men nooit de combinatie Noord- en Zuid-Holland. „Is, Neêrland, dit uw beeld?” vraagt Helmers in zijn gedicht De Hollandsche Natie. De Nederlandse maagd en een Hollandse jongen, de Nederlandse Leeuw en de Hollandse haring. (Charivarius 1940:42)

Gebruik liever Nederland, Nederlandsch en Nederlander als u ons vaderland en zijn bewoners bedoelt, en Holland, Hollandschen, Hollander alleen ter aanduiding van de provincies Noord-Holland en Zuid-Holland. (Taalclub 1943:65)

Wij dienen, sprekend over ons land, de term [Holland] te vermijden. (Apeldoorn & Pot 1983:142)

Hollands = van/uit Noord- en/of Zuid-Holland Nederlands = van/uit Nederland
* Duitsland importeert veel Hollandse landbouwproducten.
Duitsland importeert veel Nederlandse landbouwproducten.
* Holland wint hopelijk van Italië.
Nederland wint hopelijk van Italië. (Van der Pol 1996:192)

Het is een vrij zeldzaam probleem, met maar vier voorkomens (als iemand er nog eentje kent houd ik me aanbevolen), maar toch is het interessant. Lees verder >>

Wat kun je leren van de betekenis van een plaatsnaam?

Dit stuk verschijnt in het kader van de Nieuwsbrief Neerlandistiek voor de klas. Het bevat geen origineel onderzoek, maar is een vereenvoudigde weergave van recent onderzoek op het gebied van het Nederlands, speciaal bedoeld voor leerlingen van de middelbare school.

Door Marten van der Meulen

Ik woon in Utrecht, maar wat betekent die naam? De studie van plaatsnamen is niet alleen interessant voor taalkundigen, maar ook voor historici. Zo leer je niet alleen iets over de taal van onze verre voorouders, maar vind je ook sporen van hun belevingswereld terug in plaatsnamen die nog steeds bestaan. Een van die sporen is de godsdienst: onderzoek naar sporen van godsdienst in plaatsnamen levert verrassende resultaten op.

Het bestuderen van plaatsnamen

De studie van plaatsnamen wordt toponymie genoemd. Hieronder vallen dus plaatsnamen van dorpen, steden en andere bewoonde plaatsen, maar bijvoorbeeld ook de studie van heuvels, bergen en meer geografische kenmerken. Waarom zou je dat doen, zulke geografische namen bestuderen? Daar zijn allerlei redenen voor. Die plaatsnamen betekenen vaak iets: ze zijn niet willekeurig gekozen. Lees verder >>

Hoe het oudste Nederlands in een Spaans videospel terechtkwam

Door Peter Alexander Kerkhof
Universiteit van Gent

Wat als je als Deense hoofdman met een langschip vol krijgers in de zevende eeuw langs de Nederlandse kust kon varen? Zou je het Friese rijk van koning Radboud brandschatten en in zak en as achterlaten of zou je vreedzaam doorvaren naar Vlaanderen waar de steden van steen waren en de ploegen van ijzer? Het kan in ‘The Great Whale Road’, een videospel waarin je de leiding neemt over een vroegmiddeleeuwse nederzetting aan de zevende-eeuwse Noordzeekust. Het spel zal 30 maart uitkomen en schetst een spannend beeld van de verraderlijke veenmoerassen van vroegmiddeleeuws Holland en Vlaanderen. Daar waar tussen Friese krijgsheren en Frankische monniken Oudnederlands werd gesproken!

The Great Whale Road is een videospel dat door een klein team van spelontwikkelaars in het Spaanse Valencia is gemaakt. Volgens teamleider Joachim Sammer heeft het tot doel het reilen en zeilen van Friezen, Franken en Denen in het vroegmiddeleeuwse Noordzeegebied voor een groot publiek toegankelijk te maken. Lees verder >>

Plaatsnamen lijken op de namen van balspelen

Door Marc van Oostendorp


Waarom, oh, waarom ligt de klemtoon in Dordrecht en Wageningen op de eerste lettergreep? Over de wonderlijke vorm van Nederlandse plaatsnamen is nu een artikel verschenen, dat geschreven is door de Duitse, nu in Amerika werkzame, taalkundige Björn Köhnlein. (Tot deze zomer werkte hij bij Duits in Leiden, waar hij ook promoveerde – bij mij – maar hij heeft ons helaas verlaten voor een beter beroepsperspectief.)

Voor zover bekend heeft iedere taal eigennamen – voor personen, voor plaatsen, voor sommige dingen. Die namen lijken in veel opzichten op gewone woorden: ieder van de klinkers en medeklinkers in Dordrecht en Wageningen zou zó in een doorsnee Nederlands werkwoord of bijvoeglijk naamwoord kunnen fungeren. Maar tegelijkertijd zijn namen niet helemaal hetzelfde als gewone woorden. Dat blijkt bijvoorbeeld uit die klemtoon.

Lees verder >>

Zijn plaatsnamen liever niet te kort?

Door Marc van Oostendorp


Nu de vakantie weer voorbij is, zorgde een bericht op Language Log meteen voor enige opwinding op Facebook: Victor Mair merkte er op dat Chinese plaatsnamen eigenlijk nooit uit één karakter bestaan. De reden zou volgens hem kunnen zijn dat één lettergreep te snel leidt tot misbegrip: je hoeft alleen die ene lettergreep te missen en je weet al niet meer waar het over gaat.

Dat wilden we natuurlijk allemaal snel ook voor onze eigen taal gaan toetsen. Slechts 1 procent van de plaatsnamen in Israël blijkt eenlettergrepig te zijn, maar het Hebreeuws heeft sowieso maar weinig eenlettergrepige namen. Daarentegen blijken in Frankrijk zelfs drie of vier van de tien grootste steden eenlettergrepige namen te hebben: Nantes, Nice, Lille en, afhankelijk van de uitspraak, Lyon.

Hoe zit het in Nederland?
Lees verder >>

Erdbrug, Venray en ‘Si tard’


Door Leonie Cornips
Buiten stormt het, de bomen waar ik op uitkijk schudden heen en weer en de steeds terugkerende regenvlagen zijn zo intens dat op mijn toch wel drukke plein geen mens, noch hond of verkeer te bekennen valt.
Voor mij op tafel ligt de ‘Codex Nederlandse-Limburgse toponiemen’ van Arthur Schrijnemakers: een 951 pagina’s tellend boek dat de motieven van naamgeving van 1160 plaatsnamen in Limburg probeert te achterhalen. Deze codex, gestoken in een donkerbruine kaft met gouden letters, is in oktober 2014 uitgekomen in een oplage van 200 exemplaren uitgegeven door de Stichting CultuurHistorische Uitgaven Geleen (SCHUG) en de tweede druk komt eraan. Het woord codex – van het Latijnse caudex ‘houtblok’ – betekent niet meer dan dat het boek gebonden is en de informatie erin gebaseerd op historische bronnen, 1425 in totaal.
Schrijnemakers, psycholoog, filosoof en historicus, is nu 97 jaar, woont sinds 1952 in New York en heeft zijn hele leven historische gegevens over plaatsnamen in Limburg verzameld en vastgelegd.

Lees verder >>