Tag: Nederlandse Taalunie

Bericht uit Jakarta: Geert Joris speecht

Door Jaap Grave, Jakarta

Berichten uit Jakarta – deel 4: Geert Joris speecht op de Taaldag

Elk jaar organiseert de vakgroep Nederlands van de Universitas Indonesia (UI), met 300 hoofdvak- en 150 bijvakstudenten de grootste vakgroep Nederlands ter wereld, een Taaldag. Op deze dag presenteren docenten hun lopende onderzoek, zingen en declameren studenten Nederlandstalige teksten en zijn er gasten uit Nederland of Vlaanderen. Die gasten zijn exoten in het tropische Jakarta, niet alleen doordat zij geen Indonesisch spreken maar ook en vooral doordat zij zich, indien zij van het mannelijke geslacht zijn, onverstoorbaar in een pak hullen.

Op 19 april 2016 kon de vakgroep een bijzondere delegatie uit Den Haag begroeten: voor het eerst had de algemeen secretaris van de Taalunie, Geert Joris, de reis naar Indonesië gemaakt. Hij werd begeleid door Marc le Clerq, voor wie het bezoek aan de UI zijn afscheidsbezoek was. Althans in zijn huidige functie, want hij verlaat de Taalunie na een lange carrière op eigen verzoek, omdat hij zich niet meer in het huidige beleid kan vinden.

Lees verder op het weblog van Ons Erfdeel

 

Taalunie: de bedelorde voor het Nederlands

Door Arie Pos

Minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker van OCW doen hun sloopwerk graag in stilte. Via het Comité van Ministers van de Taalunie, waarin Vlaanderen gelijkwaardig vertegenwoordigd heet maar niets heeft in te brengen, bezuinigen ze er onverbiddelijk op los. De Taalunie voert die bezuinigingen stipt door en doet dat ook graag in stilte. Directie en medewerkers van het Erasmus Taal Centrum in Jakarta – inmiddels geschrapt van de Taaluniebegroting en ‘teruggegeven aan de markt’ – kregen een zwijgplicht opgelegd toen de bijl in de organisatie ging. Ook directie en medewerkers van het Instituut voor Nederlandse Lexicologie (INL) – dat sinds 1 januari 2016 Instituut voor de Nederlandse Taal (INT) heet maar daar naar buiten toe nog niets van laat merken – moeten zwijgen over het hak- en sloopwerk dat daar wordt verricht. Met veel minder geld gaat men daar veel meer doen, met veel minder mensen voor veel meer mensen, en niemand weet nog wat, maar zwijgen is goud. Het is tenhemelschreiend maar je hoort er geen hond over. Zwijgplicht. Zo gaat dat in de voorheen democratische Nederlandse rechtsstaat waar transparantie ooit hoog stond aangeschreven. Kop dicht of je kop gaat eraf.

‘Hij wilt’: het magt!

Door Marc van Oostendorp


Ik weet dat er mensen zijn die de afgelopen weken, sinds het verschijnen van het nieuwe Groene Boekje, iedere dag wel even naar de spellingwebsite van de Taalunie gingen om te zien of het er nog stond.

En ja hoor, het staat er nog steeds:

willen

willen
ik wil
jij wilt
hij/zij/het/u wilt
wij willen
jullie willen
zij willen

Zo mag je ook jij kun schrijven volgens dit machtige overheidsorgaan, en jij zul. En gedownload naast geforwarded

Kijk, dat is nu eens een mate van anarchisme die wij hier op Neder-L kunnen waarderen.
Lees verder >>

Berichten uit Jakarta

Germanist en neerlandicus Jaap Grave verblijft drie maanden in de Indonesiche hoofdstad Jakarta, waar hij lesgeeft aan de Universitas Indonesia. Op de blog van Ons Erfdeel brengt hij verslag uit van zijn wedervaren, met bijzondere aandacht voor het Erasmus Taalcentrum (ETC) in de stad. Het ETC was een van de onderwerpen in het conflict eerder dit jaar tussen de Nederlandse Taalunie en de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (zie ook dit Ons Erfdeel-artikel). Op Ons Erfdeel staat nu het eerste van drie blogberichten.

Kan het Nederlands wel wat minder?

Twintig docenten Nederlands reageren op besparingen van de Taalunie


Door Annelies de Jonghe


Kan er best bespaard worden op het Nederlands? De Taalunie vindt van wel. Hoe zou het gaan als we de slotmedeklinker van ieder woord weglaten? 
In het kader van de door de Taalunie uitgeroepen feestelijke ‘week van het Nederlands’, die volgende week begint, laten twintig docenten Nederlands in het buitenland horen hoe dat klinkt, een taal en literatuur waarop bezuinigd is.
Bekijk het filmpje van de docenten. Ontdek de nieuwe canon van de Nederlandse literatuur.

© Seminarium NVT – 2015 / contact: annelies.de.jonghe@sli.uni-freiburg.de

Belangenverstrengeling bij Toneelschrijfprijs 2015

Hoe is het toezicht op de Taalunie geregeld?

De Vlaams-Nederlandse Taalunie heeft zichzelf beschadigd door de kwestie Freek Mariën met zijn zuster Ruth Mariën in de jury voor de toekenning van de Taalunie Toneelschrijfprijs 2015 van 10.000 euro. Wijbrand Schaap heeft er voor het Cultureel Persbureau aandacht aan besteed in een kritisch artikel.

Uitleg van ‘secretaris’ Steven Peters dat bij de besluitvorming in de jury Ruth Mariën terugtrad schiet tekort omdat dit de rol van de Raad van Toezicht (RvT) ongenoemd laat die volgens principe 8 van de Governance Code Cultuur bij belangenverstrengeling essentieel is: ‘Besluiten over het aangaan van transacties of relaties waarbij tegenstrijdige belangen kunnen spelen behoeven vooraf goedkeuring van de raad van toezicht.’


Lees verder >>

Adviesgroep Financiële Openheid aan het werk

reacties welkom: AFO@schinkelshoek.nl

De Adviesgroep Financiële Openheid, de commissie die het financiële beleid van de Nederlandse Taalunie tegen het licht houdt, is met haar werk begonnen. Op 2 september, heeft de adviesgroep de eerste vergadering in Den Haag gehad.

Om te beginnen gaat de AFO alle financiële stukken van de Taalunie – uiteenlopend van begrotingen tot jaarrekeningen – over de afgelopen jaren bekijken. Na afronding van dat onderzoek wil ze, vermoedelijk in de loop van oktober, gesprekken voeren met hoofdrolspelers.

Aankondiging opdracht: Zomercursus voor studenten Nederlands als Vreemde taal (NVT)

Bericht van de Nederlandse Taalunie

Zo’n 15.000 studenten in ongeveer 35 landen studeren Nederlands in het hoger onderwijs. Deze studenten Nederlands in het buitenland vormen de toekomst van het NVT-onderwijs en de internationale neerlandistiek. Als aanvulling op hun opleiding is het belangrijk dat ze minstens één keer tijdens hun studie een bezoek brengen aan het Nederlandse taalgebied. De Taalunie speelt hierop in door elk jaar zomercursussen Nederlands te organiseren.

De jaarlijkse zomercursussen Nederlandse Taal & Cultuur van de Taalunie in Nederland en Vlaanderen voor buitenlandse studenten kennen een lange traditie en zijn altijd goed geëvalueerd. Elk jaar namen in totaal zo’n 250 studenten voor een periode van drie weken deel aan een van de zomercursussen in Zeist of Gent. Het concept van de zomercursussen heeft zich door de jaren heen voldoende bewezen. Echter, de context in deze globaliserende en digitaliserende wereld verandert steeds sneller. Het is dan ook tijd voor een nieuwe aanpak van de zomercursus.

Niet alleen de veranderde financiële situatie van de Taalunie, maar zeker ook de nieuwe inzichten in didactiek, de behoeften in het veld en de terechte vraag naar de maatschappelijke meerwaarde van dergelijke zomercursussen hebben de Taalunie ertoe aangezet om na te denken over een geheel vernieuwd concept voor de zomercursus vanaf 2016.

Lees verder >>

Waar was Geert?

Door Marc van Oostendorp


Jet Bussemaker vindt het werk van neerlandici heel belangrijk.
(Foto: Matthias Hüning)

Er was in menig huisgezin al weken naar uitgezien – het Grote Taalunie-Gala dat de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN) – afgelopen vrijdag organiseerde. Dit voorjaar is er een voor ons zo vredige wereldje ongekend hevige clash geweest tussen de hoogste leiding van de Nederlandse Taalunie en de beoefenaren van het vak over de hele wereld. De vraag was of het nu tijd was voor verzoening.

Ik heb geloof ik niemand gesproken die het niet opvallend vond dat de leiding van de Taalunie daarbij zelf niet aanwezig was. De verantwoordelijke Nederlandse minister Jet Bussemaker stuurde slechts een bijzonder onpersoonlijke ‘videoboodschap’ waarbij ze, karakteristiek, geen seconde de camera inkeek, terwijl ze uit haar hoofd opzei dat ze het werk van neerlandici echt, heus, heel belangrijk vond.

Lees verder >>

100 studenten, 30 landen, 1 taal: Nederlands


Elk jaar vindt er een taalwonder plaats: op de 60e zomercursus Nederlandse Taal & Cultuur voor internationale studenten gebeurde het opnieuw. 100 talentvolle studenten uit 30 landen kregen drie weken lang de gelegenheid om niet alleen hun gevorderde Nederlands bij te spijkeren volgens een uitgekiend lesprogramma, maar moesten ook de koetjes en kalfjes delen in ’t Nederlands: in de kantine, in de slaapkamer, in het centrum van Den Haag, op het fietspad naar Utrecht.

Vooral op het fietspad: er is geen tijd om na te denken: of je nu Russisch, Oekraïens, Kroaat of Serviër, Indonesiër of Argentijn bent: je moet reageren in het Nederlands, op z’n Nederlands.

Dat is de speciale ‘formule’ van de Zomercursus van de Taalunie. De vreemde taal is niet alleen een instrument tot communicatie, maar wordt ook een noodzakelijkheid om te zeggen wie je bent, wat je gevoelens en gedachten zijn. Zoiets is in je moedertaal al niet gemakkelijk, maar deze zomercursus zorgt er juist voor dat deze alchemie ontstaat: in een luttele drie weken wordt de vreemde taal eigen.

Lees verder >>

Erasmus Taalcentrum in Jakarta toch echt gesloten

Door Nathalie Van der Perre, Els Vanbrabant, Lotte Hemelrijk, Petra Roël, Welmoed Hoogvorst

We hebben de brief van de Raad van de Nederlandse Taalunie van 26 juni jl. gelezen, waarin de Taalunie een reactie geeft op de zorgen omtrent de bezuinigingen en we zijn zeer verbaasd over de informatie die daarin wordt gegeven.

Op het ogenblik verzorgen wij de zomercursus voor de studenten van de Universitas Indonesia (UI) die door het Erasmus Taalcentrum (ETC) wordt georganiseerd. De cursus begon op woensdag 24 juni in het gebouw van het ETC en duurde tot en met 7 juli. Vanaf 1 juli moesten wij lesgeven op de UI.

We hebben dus met eigen ogen kunnen zien hoe het ETC moest sluiten op 30 juni. Het personeel van het ETC is ontslagen en krijgt doorbetaald tot december, maar zij hebben geen enkele garantie dat het ETC een doorstart krijgt en dat zij hun werk weer kunnen oppakken.

De doorstart waarover in de brief wordt gesproken is nog in de onderzoeksfase: er moet naar geld gezocht worden – deze taak neemt de Nederlandse Ambassade in Jakarta op zich. Het is dus helemaal nog niet zeker dat er een doorstart gerealiseerd kan worden. Wij begrijpen daarom niet waar de bewering van de Taalunie dat de doorstart wordt gerealiseerd, op is gebaseerd.

Taaldebat Vlaanderen-Nederland: 10-0

Door Marc van Oostendorp

Als het gisteren een tv-spelletje over taal was geweest, had je het kunnen zien aankomen: Vlaanderen zou wel weer winnen, en wel met ongeveer 10-0. Maar het was geen tv-spelletje, het was het verslag via YouTube van een vergadering van de Interparlementaire  Commissie van de Nederlandse Taalunie.

In die commissie zitten Nederlandse en Vlaamse parlementariërs die samen het beleid van de Taalunie moeten evalueren. Althans, de Nederlandse parlementariërs waren niet komen opdagen, of ze hadden zich onder de bankjes verstopt, of ze waren te verlegen. Ze kwamen in ieder geval niet aan het woord, behalve Martin Bosma, deze bloem van het vaderland, die zich totaal niet had voorbereid en zich daarom met een kluitje in het riet liet sturen.

Lees verder >>

Door Franse en Taalunie-bezuinigingen dreigt het Nederlands in Noord-Frankrijk te stagneren

APNES (docentenvereniging middelbaar onderwijs Noord-Frankrijk)

Naast de recente plannen van de Franse overheid om het secundair onderwijs in de onderbouw te hervormen (waardoor de positie van het Nederlands als tweede vreemde taal op de helling komt te staan), is er in onze grensregio ongerustheid ontstaan over de gevolgen van de bezuinigingen die de Taalunie onlangs heeft aangekondigd.

Als docent en assistent-inspecteur houd ik me naast lesgeven bezig met het begeleiden en evalueren van het veertigtal docenten dat in Noord-Frankrijk in het middelbaar onderwijs werkzaam is. In die hoedanigheid heb ik regelmatig contact met de mensen van de Taalunie, met name die van het Taaluniecentrum in Brussel die zich sterk maken voor de ontwikkeling van het onderwijs van het Nederlands in de grensgebieden (waarvan één deels gedetacheerd werkzaam in Lille). Mede dankzij deze samenwerking heeft het Nederlands zich in Noord-Frankrijk kunnen ontwikkelen: het aantal scholen (50), leerlingen (2.000) en vakbekwame docenten (40) stijgt gestaag.

Nederlands over de grens

Ulrike Schwarz stelt terecht de vraag welke toekomst er in het verschiet ligt voor het niet-universitair onderwijs Nederlands in het Duitse grensgebied met Nederland. Daar waar waardevolle nieuwe projecten zijn ontstaan, was vrijwel altijd de Nederlandse Taalunie, al jarenlang vanuit het “Taaluniecentrum” in Brussel, een ondersteunende kracht en soms de aanjager.  Zo werd er een passende oplossing gevonden om het nijpende tekort aan leraren Nederlands in Noord Rijn Westfalen te verminderen. Via een verkort traject werd er een intensieve cursus taal, cultuur en didactiek georganiseerd, die reeds werkzame  docenten een lesbevoegdheid bezorgde. Hierdoor kon een flink aantal scholen toch beantwoorden aan de vraag naar onderwijs Nederlands van leerlingen en ouders. Soortgelijke initiatieven die ertoe doen, heeft de Taalunie ondernomen in Wallonië/Brussel en Noord-Frankrijk.

In een vorige bijdrage schreef ik al over de groeiende belangstelling voor het Nederlands in de grensgebieden. En ook Ulrike Schwarz geeft aan dat er plannen zijn om het Nederlands in grenssteden een stevige plaats te geven. Daarbij gaat het niet alleen om interesse  bij onze buren voor toeristische bezoekjes en culturele uitstapjes; daar spelen economische motieven een belangrijke  rol evenals het streven om te komen tot een grensoverschrijdende arbeidsmarkt, waaraan nu meer behoefte is dan ooit. Dit verklaart ook de  toenemende interesse aan Nederlandse kant om in de grensgebieden nieuwe activiteiten  voor de buurtalen (Duits en Frans) te ontwikkelen. De 2e Kamer heeft hiertoe een motie van Karin Straus aanvaard. In de grensgebieden dienen zich in de komende jaren bovendien mogelijkheden aan om in het kader van Interregsubsidies, flinke investeringen te doen in het leren van het Duits en Frans in Nederland en van het Nederlands in onze buurlanden. Deze kansen moet de Taalunie niet missen door het nu sterk te gaan bezuinigen op het Nederlands over de grens.

Brief aan Geert Joris, Algemeen Secretaris van de Nederlandse Taalunie

Er luwt nog niets!

Door Kirsten de Gelder

Universitair docente Nederlands, Kiev, Oekraïene

Geachte Geert Joris,

Sinds 15 april 2015 heb ik tal van vragen. Over mijn baan, mijn beroep, mijn vak en mijn toekomst. Ja, over mijn leven zelfs, en dat van vele anderen. U weet wie ik ben; kort voor de onverwachte aankondiging over de bezuinigingen stond mijn interview in Taalunie:Bericht, en sprak u in zijn column van diezelfde editie met steunende woorden over mijn werk hier in Kiev. Taal in tijden van oorlog, noemde u uw stuk.

Enfin, vragen werden beantwoord, andere vooruitgeschoven, terzijde gelegd. Door de steun van collega’s en studenten én de inzet van de IVN kon ik geduld opbrengen. Het is tenslotte niet niets, waar jullie over moeten beslissen. Het is me zelfs gelukt om begrip op te brengen voor de moeilijke situatie waarin wij ons allen bevinden.

Lees verder >>

Auf welche Zukunft sollen wir hoffen?

Brief an die Nederlandse Taalunie

Von Ulrike Schwarz
Koordinatorin deutsch-niederländische Bildungszusammenarbeit NRW
22.06.2015
Sehr geehrte Damen und Herren,
Irritiert und entsetzt nehme ich die Diskussionen um die Nederlandse Taalunie wahr. Auf welche Zukunft sollen wir hoffen?

Seit Mitte der 90iger Jahre koordiniere ich für das Land Nordrheinwestfalen, speziell für die Bezirksregierung Münster, die deutsch-niederländische Bildungszusammenarbeit besonders im Grenzraum. Erst 2012 haben die Kommissarte des Königs der grenznahen Provinzen und die Regierungspräsidenten Köln, Düsseldorf und Münster appelliert die gemeinsamen Anstrengungen im Bildungsbereich zum Erlernen der Nachbarsprache zu forcieren. Die Folge waren gemeinsame Konferenzen. Es ist gelungen, mehr Schulen zu motivieren Niederländisch zu unterrichten. Besonders im Grenzraum bieten auch Grundschulen die Nachbarsprache Niederländisch an. Nordrheinwestfalen verzeichnet weiterhin steigende Zahlen bei Schülerinnen und Schülern, die Niederländisch lernen. Diese Erfolge verdanken wir besonders der finanziellen und fachkundigen Unterstützung der Taalunie , die Lehrerfortbildung, Qualifizierung für die Unterrichtserlaubnis Niederländisch, Materialentwicklung und Tandemprojekte ermöglicht hat. Über diese Vorhaben hat regelmäßig eine Steuergruppe beim Ministerium für Schule und Weiterbildung  Nordrheinwestfalen unter Beteiligung der Taalunie entschieden. Auch der deutsch-niederländische Ausschuss für den pädagogischen Austausch, eine Einrichtung der beiden Außenministerien war damit befasst. Leider hat von niederländischer Seite kein Treffen dieses Ausschusses seit 2013 stattgefunden.

Ohne die Unterstützung durch die Taalunie sind diese Entwicklungen gefährdet und das gerade in einer Zeit, wo in NRW Strukturen entwickelt werden durch die Einrichtung von Koordinierungsstellen, um Nachhaltigkeit zu gewährleisten: Wir wollen in jeder grenznahen Kommune eine Grundschule mit Niederländischangebot einen Anschluss im Niederländischunterricht in der Sekundarstufe I bilinguale Module im Sachfachunterricht (MINT) grenzüberschreitende Berufsorientierung und –ausbildung
Für diese Maßnahmen benötigen wir weiterhin die Unterstützung der Taalunie. Dann sehen auch wir Chancen, gerade in den Euregiogebieten positive Effekte für Wirtschaft und Arbeitsmarkt mit sprachlich und interkulturell gut ausgebildeten jungen Menschen in einem Europa ohne Grenzen zu erzielen.

Wir setzen weiterhin auf die hohe fachliche Kompetenz der Taalunie und deren Unterstützung.

Get real

Door Elise Ottaviano

Van opleiding ben ik geen neerlandica, maar ik ben van meer markten thuis. Als Vlaamse kunstenares van half-Italiaanse afkomst met tweetalig gezin in Frankrijk en een zus in Italië weet ik hoe verbeelding vertaling kan zijn, hoe verbrede talenkennis kan verbeelden. Momenteel geef ik Nederlandse les aan kinderen en jongeren in Noord-Frankrijk, met materiële, mentale en methodische de steun van een crème van een specialiste van de Taalunie. Met ongeloof en bezorgdheid volg ik de onbezonnen besparingen door de Taalunietop en ik kan maar roepen: STOP! Dit kan toch niet waar zijn? Vol bewondering maak ik mondjesmaat kennis met het veld van lessen/de studie Nederlands buiten het taalgebied en ik admireer de daar opgebouwde expertise, de gigantische interesse, de goede organisatie. En nu begint een afbouw met een sloopkogel, omdat… ja, waarom eigenlijk? In deze tijden wordt ons wijsgemaakt dat besparingen nu eenmaal moéten – iemand moet toch die arme banken en de Fyra en zo betalen – maar écht werk, dat mensen en culturen via taal dichter bij elkaar brengt, met enkele pennenstreken schrappen omdat…’ik een manager ben zonder kennis van zaken maar met nuchtere blik’? Komaan zeg. Get real. Groot was mijn opluchting toen ik vanochtend las dat er een sprankeltje hoop is, maar ik blijf mijn bange hart vasthouden.

Een verheugend bericht: een voorlopig compromis

Door Marc van Oostendorp


Dat was een verheugend bericht, vannacht. Hoewel de Taalunie de afgelopen maanden bij hoog en bij laag volhield dat de bezuinigingen op de internationale neerlandistiek echt nodig waren – de ministers wilden het, het had al in 2000 moeten gebeuren, het was onverantwoord geweest om hier ooit geld aan uit te geven –, blijkt het nu ineens allemaal een stuk genuanceerder te liggen.

De bezuinigingen worden grotendeels teruggedraaid. De manager heeft bakzeil gehaald voor de stemmen die onder andere op Neder-L klonken, en voor de diplomatieke druk van onder andere IVN-voorzitter Jan Renkema en enkele andere neerlandici met goede contacten.

Er blijven ook wel vragen over. Waar gaat dat geld, dat zo hard nodig was, nu precies vandaan gehaald worden? Had al dat gedoe met wat verstandiger beleid en handiger communicatie niet voorkomen kunnen worden? En waarom was het twee maanden geleden zo plotseling nodig dat iedereen er door overvallen werd, ook de medewerkers van de Taalunie zelf?

Lees verder >>

Voorlopig compromis IVN – Taalunie

Door het bestuur van de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek


Op 11 juni 2015 heeft het Bestuur van de IVN, in de persoon van de voorzitter, samen met  de Algemeen Secretaris van de Taalunie, een onderhoud gehad op het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in Den Haag. Deze brief doet verslag van deze bijeenkomst. De toon van de brief is wat zakelijker dan u van ons gewend bent. Dit komt omdat voor de inhoud ervan overleg is gevoerd met de Taalunie en de Nederlandse en de Vlaamse overheid.

Aan het begin van het onderhoud is het Witboek-IVN overhandigd. Dit Witboek is inmiddels digitaal beschikbaar op de IVN-site (www.ivnnl.com). Het Witboek, met als ondertitel Het cultureel kapitaal van de Lage Landen in mondiaal perspectief, ging vergezeld met de uitnodiging aan de Taalunie om intensiever samen te werken met het volgende perspectief:

1. De voorgestelde bezuinigingen in de huidige vorm gaan niet door.  
2. De Taalunie verschaft openheid over haar financiële situatie.
3. De Taalunie maakt samen met de IVN nieuw beleid met de daarbij behorende financiële kaders.

Lees verder >>

Ook het Nederlands in de grensregio’s is belangrijk

Talenacademie Nederland

Er is de laatste tijd veel kritiek op het toekomstig beleid van de Taalunie wat betreft het universitair onderwijs Nederlands. Dit kan ik volledig begrijpen. De Taalunie houdt zich echter ook bezig met het zogenaamde niet-universitair onderwijs Nederlands. Het gaat om het onderwijs in onze taal zoals dat gegeven wordt in basis- en voortgezet onderwijs in  met name België (Wallonië –Brussel) en de grensstreek van Duitsland met Nederland. We beseffen vaak niet dat bijvoorbeeld vrijwel elke middelbare school in Wallonië en zeker in Brussel onderwijs Nederlands aanbiedt en dat die taal in bepaalde steden en regio’s zelfs verplicht is. In Duitsland  groeit de belangstelling voor het Nederlands zo sterk dat er een tekort aan docenten Nederlands bestaat. Ook voor volwassenencursussen groeit de belangstelling.

Bezuinigingen Taalunie desastreus voor Nederlands in Niedersachsen

Landesbeauftragte für niedersächsisch-niederländische Beziehungen im Bildungsbereich
Het debat over bezuinigingen bij de Nederlandse Taalunie baart mij zorgen.

In de deelstaat Niedersachsen hoort Nederlands in het grensgebied op meer dan 90 scholen tot een van de vreemde talen die leerlingen kunnen volgen. De Taalunie vervult in dezen een uitermate belangrijke rol.

Sinds jaren heeft de Taalunie door financiële en vakkundige ondersteuning ervoor gezorgd dat het onderwijs Nederlands kon worden opgestart en bevorderd. Door zogenaamde “Weiterqualifizierungsmaßnahmen” en andere vormen van professionalisering van lesgevers hebben we nu in Niedersachsen meer en betere docenten Nederlands voor de klas staan.

Zonder enige twijfel komt deze kwaliteitsverbetering ten goede aan de duizenden leerlingen die Nederlands leren; dit aantal stijgt alleen maar en de populariteit van het vak is ongebroken, mede door projecten die de Nederlandse Taalunie daadkrachtig ondersteunt. Het wegvallen van ondersteuning door de Taalunie zou dan ook voor de ontwikkeling van het vak Nederlands desastreus zijn.

Gesprek over bezuinigingen

Bericht van het bestuur van de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek

Eerder heeft het bestuur gemeld op 15 juni informatie te kunnen verschaffen over het overleg met de Taalunie. Omdat tijdens het nader overleg in het afgelopen weekend afstemming nodig bleek met twee overheden, duurt het iets langer dan gehoopt. Zodra de uitkomsten bekend zijn, zal het bestuur u verder informeren.

Reorganisatie van het INL en omvorming tot een INT

Gezamelijk persbericht INL en Nederlandse Taalunie

Eind 2014 heeft het Comité van Ministers van de Nederlandse Taalunie beslist vanaf dit jaar € 400.000 te bezuinigen op het Nederlands-Vlaamse Instituut voor Nederlandse Lexicologie (INL). Tegelijkertijd werd besloten te onderzoeken of het instituut op termijn omgevormd kan worden tot een breder Instituut voor Nederlandse Taal (INT). Op dit moment wordt aan de bezuiniging invulling gegeven door een reorganisatie. De komende weken worden gesprekken gevoerd om de omvorming tot een breder INT mogelijk te maken. Hierover zijn de afgelopen week afspraken gemaakt tussen het INL, de Taalunie en de Nederlandse en Vlaamse overheden.