Tag: middelbaar onderwijs

Gesprekken examineren – het rollenspel

Eindexamen gesprek (aflevering 5)

Door Marc van Oostendorp

Er zijn schoolvormen in Nederland waar het gesprek inderdaad wordt geëxamineerd: het vmbo en het mbo. Het zogenoemde ‘referentiekader’ dat in opdracht van het ministerie van onderwijs is samengesteld geeft vrij uitvoerige informatie over aan wat voor criteria een goede gespreksbijdrage zou moeten voldoen.

Een van die criteria is, willekeurig gekozen, ‘beurten nemen en bijdragen aan samenhang’. Op het laagste door het referentiekader gedefinieerde niveau betekent dat ‘Kan een kort gesprek beginnen, gaande houden en beëindigen’. Op het hoogste niveau is het ‘Kan een passende frase kiezen om eigen opmerkingen op de juiste wijze aan te kondigen en de beurt te krijgen, of om tijd te winnen en de beurt te houden tijdens het nadenken’. Of dat succesvol vechten om ‘de beurt’ nu per se een hard criterium kan zijn – ‘Kan standaardzinnen gebruiken (bijvoorbeeld: ‘Dat is een moeilijk te beantwoorden vraag’) om tijd te winnen en de beurt te behouden’  heet het bij een van de tussenniveaus –, daarover kun je twisten. Je zou ook kunnen zeggen dat je soms zo min mogelijk aan de beurt moet zijn om een gesprek tot een succes te maken. Maar zo is er altijd wat. Lees verder >>

Hoe examineer je gespreksvaardigheid?

Eindexamen gesprek (aflevering 4)

Door Marc van Oostendorp

Niet al je streven, schreef ik vorige keer, kan gericht zijn op het voorbereiden van jongeren op een ideale samenleving. Je wilt ze ook vertrouwd maken met de rijstebrijberg waar ze in de werkelijke wereld mee moeten omgaan, de kakofonie die helemaal niet voortkomt uit één geest, maar uit al die andere geesten die ons omringen, en die op elkaar reageren in voortdurende interactie.

Daarnaast is er een verschil tussen een roman lezen en een opiniestuk lezen. Een roman biedt een onvervangbare ervaring; een opiniestuk is een vorm die misschien simpelweg wel zijn langste tijd gehad heeft.

Er is met andere woorden in mijn ogen slechts één ware vorm van taalgebruik, de oudste, het gesprek. Nu begrijp ik ook wel dat er meteen een probleem ontstaat wanneer je iemands gespreksvaardigheid wil gaan toetsen: hoe moet je dat doen? Lees verder >>

Vóór gespreksvaardigheid

Eindexamen gesprek (aflevering 3)

Door Marc van Oostendorp

De oudste en belangrijkste taalvaardigheid, schreef ik gisteren, is het gesprek. Socrates wist het al.

De Griekse oudheid was natuurlijk niet de laatste keer dat het gesprek gewaardeerd werd. In de negentiende en de vroege twintigste eeuw gold de ‘beschaafde conversatie’ ook als zo’n beetje de belangrijkste vaardigheid die iemand moest beheersen. Schrijvers als Denis Diderot en Oscar Wilde waren in hun eigen tijd minstens even bekend voor hun conversatie als voor hun geschreven werk. Alleen is natuurlijk alleen het laatste overgebleven. Een goed gesprek laat weinig sporen na behalve dat het de gesprekspartners voor altijd heeft veranderd.

Er valt nog steeds veel voor te zeggen. Lees verder >>

Moeten scholieren de Volkskrant kunnen lezen?

Eindexamen gesprek (aflevering 1)

Door Marc van Oostendorp

Ik ben de laatste tijd aan het nadenken over de ‘taalvaardigheden’. Wat zouden leerlingen moeten leren bij Nederlands? Ik zal daarover de komende dagen bloggen, want het onderwerp is interessant genoeg, en de eindexamens komen er weer aan.

De meeste deskundigen lijken het erover eens dat het schoolvak Nederlands vooral moet gaan om  ‘taalvaardigheid’. Dat maakt het vak anders dan sommige andere vakken: bij aardrijkskunde zullen weinig mensen beweren dat het primair erom moet gaan dat mensen zich over de aarde moeten kunnen bewegen en bij geschiedenis is al helemaal onduidelijk welke ‘vaardigheid’ daar centraal zou moeten staan. Bij sommige andere vakken – denk aan wiskunde – zijn kennis en vaardigheid juist bijna synoniem met elkaar.

Goed, taalvaardigheid dus. Lees verder >>

Nieuw: Neerlandistiek voor de klas – voor leraren die van het Nederlands houden

Door Peter-Arno Coppen, Marc van Oostendorp en Nicoline van der Sijs
Redactie Neerlandistiek voor de klas

Het schoolvak Nederlands is misschien wel het interessantste en het aantrekkelijkste, maar in ieder geval het belangrijkste dat de middelbare school te bieden heeft. Om dat te laten zien én om leraren Nederlands de kans te geven over de inhoud van het vak van gedachten te wisselen met elkaar en met neerlandici aan de universiteiten, beginnen we vandaag met een nieuwe, gratis nieuwsbrief: Neerlandistiek voor de klas.

Neerlandistiek voor de klas verschijnt tienmaal per jaar en biedt interessante inhoudelijke links voor leraren, nieuwtjes uit het onderzoek, aandacht voor interessant lesmateriaal, interviews met docenten, leerlingen of studenten, voor het onderwijs relevante artikelen uit verschillende taalkundige tijdschriften en een gedicht van de maand.

De nieuwsbrief wordt gevuld door een team van docenten uit het middelbaar onderwijs en medewerkers van alle afdelingen Neerlandistiek aan Nederlandse universiteiten. Lees verder >>

Websitetip: KlasCement

Door Redactie Neerlandistiek voor de klas

Geen les willen geven aan de hand van een methode Nederlands, maar geen tijd om zelf materiaal te ontwikkelen? Hier is een – misschien zelfs wel dé – oplossing!

Scholen voor voortgezet onderwijs waar uitsluitend gewerkt wordt met eigen materiaal zijn nog altijd een zeldzaamheid. De meeste secties Nederlands maken gebruik van een leergang die is ontwikkeld door een educatieve uitgeverij. Dat levert uiteraard tal van voordelen op. Zo geeft het gebruik van een methode structuur aan de lessen – doorlopende leerlijnen – en hoeven er geen toetsen, antwoordmodellen en normeringen vervaardigd te worden. Een docent bespaart zich hiermee kostbare tijd, want in het zelf ontwikkelen van lesmateriaal en toetsmateriaal gaan vele uren zitten. Lees verder >>

Taalkunde geeft glans aan je les Nederlands

Door Mathilde Jansen

Waarom hebben wij mensen taal en dieren niet? Wat kunnen we allemaal doen met taal, behalve opstellen schrijven? Hoe leren we eigenlijk een taal? Allemaal vragen die iedereen boeiend vindt, want kennis over taal is kennis over onszelf én de wereld om ons heen. Waarom leren we op school wel hoe ons lichaam werkt, hoe de natuur werkt en de politiek, maar bijna niets over taal?

Het vak Nederlands draait meer en meer om taalvaardigheid: spreken, luisteren, lezen en schrijven. Stuk voor stuk nuttige vaardigheden, maar leerlingen zullen zich niet altijd even gemotiveerd op hun zoveelste opstel storten. Verschillende taalkundigen hebben hier in het (recente) verleden al kritiek op geleverd, omdat daardoor te weinig aandacht wordt besteed aan de kenniscomponent.

Lees verder >>

Bewust geletterd en taalcompetent

Door Peter-Arno-Coppen en Theo Witte
Namens de meesterschapsteams Nederlands

Het heeft even geduurd, maar precies een jaar na de publicatie van het Manifest Nederlands op School van de Meesterschapsteams Nederlands komt de Taalunie met haar eigen visietekst Iedereen taalcompetent! Net als de meesterschapsteams zet de Taalunie in op de waarde van bewuste kennis over de Nederlandse taal, literatuur en cultuur, en vindt zij dat die in het schoolvak geïntegreerd zou moeten worden aangeboden.

De Taalunienotitie sluit aan bij de grote eensgezindheid over de te volgen koers, die het vorig jaar door de meesterschapsteams al werd samengevat in de leuze Meer inhoud, meer plezier, beter resultaat. De meesterschapsteams zijn dus heel positief over dit belangrijke signaal dat de Taalunie zich bij deze eenstemmigheid aansluit. Lees verder >>

Zes DOT’s Nederlands – Samen inspirerend onderwijs ontwerpen

Door Peter-Arno Coppen en Theo Witte
Meesterschapsteams Nederlands

De Meesterschapsteams Nederlands zoeken voor het schooljaar 2017-2018 enthousiaste docenten die in de geest van het Manifest Nederlands op school samen met ons het schoolvak Nederlands willen vernieuwen. Onder het motto ‘meer inhoud, meer plezier en betere resultaten’ willen wij in zes zogenoemde DOT’s (docentontwikkelteams) het schoolvak Nederlands nieuw leven inblazen en collega’s inspireren.

De docentontwikkelteams worden verspreid over Nederland en kennen elk een eigen onderwerp: (1) activerende didactiek voor taalkunde (Nijmegen, Peter-Arno Coppen), (2) Retorica (Leiden, Ton van Haaften), (3) Formuleren (Groningen, Kees de Glopper), (4) praten over boeken (Eindhoven, Marjolein van Herten), (5) literaire klassiekers uit de 20e eeuw (Utrecht, Erwin Mantingh en Sander Bax) en (6) organiseren van literaire ontwikkeling (Zwolle, Theo Witte). Lees verder >>

Ook Neerlandistiek is voor taalcompetentie!

Door Marc van Oostendorp

Alleen al uit de titel blijkt dat Iedereen taalcompetent! een van de meest ambitieuze stukken die de afgelopen jaren uit de boezem van de Nederlandse Taalunie is opgeweld: een ‘visiedocument’ van de organisatie op het onderwijs Nederlands in de 21e eeuw!

Die ambitie zit op verschillende niveaus. In de eerste plaats betreft het al het onderwijs in Nederland en Vlaanderen tot en met het eindexamen. In de tweede plaats wordt er een nogal grootse visie uiteengezet op dat onderwijs – het gaat hier niet om de details, maar om de grote lijnen van wat we met het onderwijs in de moedertaal willen en waar het naartoe moet.

Sterker nog, met dit rapport durft de Taalunie strijd aan te gaan met allerlei krachten tegen wie het waard is om gestreden te worden. Zo roept het rapport op tot: Lees verder >>

De eerste ervaringen van Expeditie Nederlands

Door Arnoud Kuijpers

In  vorige blog beschreef ik hoe ons onderwijsvernieuwende project Expeditie Nederlands tot stand is gekomen. Inmiddels zijn we meer dan tien weken verder en kunnen we terugblikken op de eerste periode. Hoe gaat het? Wat doen we? Werkt het? En wat vinden onze leerlingen ervan?

Wat hebben we gedaan?

In de eerste periode zijn we aan de slag gegaan met schrijfvaardigheid, grammatica, werkwoordspelling en leesvaardigheid. En dat doen we op een andere manier dan leerlingen gewend zijn. Bij grammatica moesten ze bijvoorbeeld zelf een instructiefilmpje maken waarbij ze spelenderwijs ontdekten welke functies een persoonsvorm kan hebben. Bij werkwoordspelling hebben we ingestoken op differentiatie omdat dat zich er bij uitstek voor leent: het niveau van leerlingen verschilt bij dit onderdeel namelijk enorm. Uiteindelijk heeft dat zijn vruchten afgeworpen want vrijwel iedereen heeft het gewenste niveau (80% = goed!) gehaald. Bij leesvaardigheid hebben we alleen actuele teksten gebruikt over onder andere etnisch profileren, sexting en social media. Aan de hand van deze teksten en bijbehorende nieuwsitems hebben we hele interessante gesprekken en levendige discussies gehad. Wil je zien hoe we precies te werk gaan? Al ons lesmateriaal delen we op onze Facebookpagina, die inmiddels meer dan 580 leden telt. Aanmelden kan nog steeds.


Lees verder >>

Kritische punten bij het vwo-examen Nederlands 2016

Door Christine Brackmann

Het opstellen van een goed examen is een razend moeilijke klus. Dit jaar stuitte met name het vwo-examen op veel bezwaren. Maar liefst 98 procent van de examinatoren vond het examen te lang. Gemiddeld waardeerden de docenten het vwo-examen slechts met een  4,9. Een examen dat zoveel kritiek oproept, zou aanknopingspunten moeten bieden voor verbeteringen.

Onderstaande analyse snijdt enkele punten uit het vwo-examen aan en koppelt deze aan discussievragen over het examen leesvaardigheid. Aan de orde komen: de problematiek van meerpuntsvragen geïllustreerd aan de hand van vraag 20, de lengte van het examen en de gemiste vragen.

<Vanwege de uitvoerigheid van de analyse staat deze in een apart pdf-document>

Aankondiging: LitLab is online!

LitLab is een digitaal laboratorium waarin bovenbouwleerlingen de Nederlandse literatuur kunnen leren onderzoeken. Op de website staan nu 6 proeven klaar rond recent academisch onderzoek naar de Nederlandse literatuur in brede zin: van onderzoek naar de voordracht van middelnederlandse verhalen tot de bestudering van nationalisme in hedendaagse popmuziek. Zo vormt LitLab een schakel tussen leerlingen, docenten en onderzoekers aan Nederlandse en Vlaamse universiteiten. De Universiteit Utrecht sponsorde het prototype dat nu beschikbaar is. Lees verder >>

Masterclass Mij maak je niets wijs: vaardig met tekst en beeld

Vrijdag 4 november 2016 en vrijdag 16 juni 2017, Universiteit Leiden

Over het schoolvak Nederlands is recentelijk al het nodige gezegd en geschreven. Zowel door de deskundigen, de docenten, als in diverse academische gremia worden momenteel initiatieven ontplooid om het schoolvak Nederlands nog prikkelender, aantrekkelijker en uitdagender te maken; vooral met het oog op de dalende instroom aan de universiteiten en het (toekomstige) lerarentekort. Deze masterclass wil zich bij die initiatieven aansluiten en een voorzet doen. Een groep taal- en literatuurwetenschappers van de Universiteit van Amsterdam en de Universiteit Leiden denkt momenteel na over een nieuwe (gedeeltelijk blended) methode: Mij maak je niks wijs: vaardig met tekst en beeld. Uitgangspunt van die methode is de overtuiging dat het schoolvak Nederlands de kritische weerbaarheid van leerlingen moet vergroten ten aanzien van (talige) representatie. Leerlingen moeten leren analyseren welke voorstelling van de wereld in literaire teksten, maar ook in andere media wordt opgebouwd. Wat zijn de effecten van verschillende manieren van representeren, bijvoorbeeld in beschrijvingen van mensen uit andere culturen? Hoe worden lezers daardoor gemanipuleerd? Hoe werkt framing, in journalistieke teksten of in politieke toespraken? De initiatiefnemers van Mij maak je niks wijs willen, samen met leraren Nederlands en andere betrokkenen, nadenken over en anticiperen op nieuwe eindtermen en kerndoelen van het schoolvak Nederlands. In de masterclasses van 4 november en 16 juni willen zij aan de hand van een aantal concrete lesvoorbeelden (modules) daarover met u van gedachten wisselen. Lees verder >>

Oprichting Nijmeegs Netwerk Neerlandistiek (NNN)

Door Nicoline van der Sijs

De afdeling Nederlandse Taal en Cultuur van de Radboud Universiteit Nijmegen vindt het belangrijk dat de banden tussen docenten Nederlands in het academisch en middelbaar onderwijs worden aangehaald. We zijn van mening dat beide partijen veel van elkaar kunnen leren en veel gemeenschappelijke belangen hebben. Daarom willen we een Nijmeegs Netwerk Neerlandistiek (NNN) oprichten, waarvan alle leraren Nederlands lid kunnen worden. In de praktijk zullen de meeste leraren woonachtig zijn in het achterland van de Nijmeegse universiteit: Gelderland en de aangrenzende provincies.

Het doel van het Nijmeegs Netwerk Neerlandistiek is om te komen tot dialoog en kennisuitwisseling tussen neerlandici in het middelbaar en academisch onderwijs en om samenwerkingsverbanden te smeden, zodat we gezamenlijk het vak Nederlands in zowel het middelbaar als het wetenschappelijk onderwijs kunnen verdiepen en verrijken. Dat klinkt misschien abstract maar we willen het heel praktisch aanpakken. We denken onder andere aan de volgende activiteiten: Lees verder >>

Expeditie Nederlands

Door Arnoud Kuijpers

‘Wat zouden jullie in de huidige onderwijspraktijk willen veranderen?’ Dat was de vraag die mijn collega Rutger Cornelissen en ik te horen kregen toen we eind juni 2015 met de directie van onze scholengemeenschap Quadraam rond de tafel zaten. Sinds ik op het Candea College in Duiven als docent Nederlands werk, zijn Rutger en ik altijd bezig geweest met het ontwikkelen en verbeteren van ons vak. We hebben onze eigen visie op het onderwijs en zijn er allebei van overtuigd dat Nederlands beter en leuker kan. Ons antwoord op bovenstaande vraag was dan ook: “Geef ons de ruimte om het vak Nederlands in één jaarlaag volledig in te richten zoals wij dat willen.” En zo geschiedde, dit schooljaar zijn we met havo 3 begonnen met ‘Expeditie Nederlands’.

Maar zo makkelijk als ik het beschrijf, was de totstandkoming van dit project natuurlijk niet. Want waar beginnen we? Wat willen we? Hoe brengen we onze visie in de praktijk? Samen met verschillende Quadraamcollega’s besloten we als eerste te bepalen wat nu écht belangrijk is voor havo 3-leerlingen die Nederlands krijgen. Het was verbazingwekkend hoe snel we het eens waren wat de theoretische basis van Expeditie Nederlands zou moeten worden. We behandelen dit jaar dus minder stof, maar wat we doen, moeten leerlingen beter doen dan voorheen. Kortom: we kiezen voor kwaliteit, in plaats van kwantiteit. Ons eerste speerpunt stond, maar hoe verder? Lees verder >>

Dag van de Literatuurkritiek

De eerste Dag van de Literatuurkritiek

Na de geslaagde studiedag in 2015 organiseert Vlaams-Nederlands Huis deBuren samen met literair-kritisch platform De Reactor de eerste Dag van de Literatuurkritiek: een nascholingsdag voor docenten in het middelbaar onderwijs. Aan de hand van straffe lezingen en inspirerende workshops bieden we docenten de kans om literatuurkritiek in te zetten in hun lessen. Verwacht sterke sprekers, prikkelende lesideeën en een flinke scheut literatuur. Presentator van dienst is Willem Bongers-Dek (deBuren).

Lezingen en workshops

Bas Jongenelen, docent Nederlands aan de Fontys Lerarenopleiding Tilburg en promovendus aan de Radboud Universiteit Nijmegen, spreekt de openingslezing uit. Hij publiceert regelmatig over literatuuronderwijs en bereidt een proefschrift voor over humor in de zestiende eeuw. In zijn openingslezing beantwoordt hij de vraag hoe je literatuurkritiek kunt gebruiken om historische literatuur voor leerlingen te ontsluiten. Lees verder >>

Vrijdag 7 oktober 2016 Lerarendag VU: ‘De canon in de klas? Literatuurgeschiedenis op school’

Folder-Lerarendag-Nederlands-VU-2016Locatie: Vrije Universiteit
De Boelelaan 1105
1081 HV Amsterdam
Zaal: WN – M129

Met de woorden ‘Fuck de canon’ wist schrijver en columnist Christiaan Weijts begin 2016 de Nederlandse literaire gemoederen op te schrikken door in NRC Handelsblad van leer te trekken tegen de literatuurlijst op school. Hij schreef: ‘Altijd weer Max Havelaar, die afgrijselijke monumentale baksteen die een effectief moordwapen is voor élk sluimerend vonkje literaire interesse.’

Het effect van zijn column was duidelijk: velen klommen direct in de hoogste boom. Anti- en pro-canongeluiden vulden de kranten en de social media. Verontruste leraren schreven ingezonden brieven, schrijver Philip Huf was tegen een lijst, NRC Handelsblad meldde in het hoofdcommentaar juist dat het de taak van de leraar was de Max Havelaar te doen schitteren. Lees verder >>

Schoolvak Nederlands: inhoud voorop of vaardigheden voorop?

Door Roland de Bonth

Tijdens de docentenconferentie op zaterdag 18 juni in Utrecht hadden de deelnemers de mogelijkheid zich van tevoren in te schrijven voor verschillende workshops, waaronder een met de titel Nederlands: inhoud voorop of vaardigheden voorop? Nadat gespreksleider Hanneke Gerits de regels van het socratisch debat – de werkvorm waarin de  workshop was gegoten – had  uiteengezet en de spreker een korte inleiding op het onderwerp had gegeven, ontstond een levendig debat onder de ruim 30 deelnemende docenten. Hieronder volgt zowel de tekst van de inleiding als een korte bespreking van enkele vragen waarbij tijdens deze workshop langer is stilgestaan.

Nederlands: inhoud voorop of vaardigheden voorop?

“De meeste leerlingen vinden Nederlands het saaiste vak op school’’ las ik in een interview met Theo Witte, vakdidacticus van de Rijksuniversiteit Groningen en een van de stuwende krachten achter het inmiddels welbekende Manifest Nederlands op school. Een ‘factcheck’ van een journalist van de Correspondent toonde aan dat op deze uitspraak wel het nodige valt af te dingen valt. Lees verder >>

Het ideale examen?

Door Arnoud Kuijpers

Afgelopen jaar kende het examen Nederlands een dieptepunt als het gaat om alle kritiek die er zowel voor- als achteraf werd verkondigd. Er bestaat al langer onvrede over het examen, maar met alleen klagen verander je uiteindelijk niks. Aan de hand van twee socratische gesprekken van ongeveer een uur, hebben meer dan zestig docenten zich afgelopen zaterdag tijdens de conferentie Nederlands Nu gebogen over de vraag hoe een ideaal examen Nederlands eruit zou zien. Een lastige en complexe vraag, maar de deelnemers wisten er wel raad mee. Er werd in mijn ogen constructief nagedacht over hoe we het huidige examen zouden kunnen verbeteren. Wat er precies is besproken kun je hier lezen. Uiteindelijk resulteerden de gesprekken in een paar aanbevelingen. 

Goed zoals het is

De eerste aanbeveling is wellicht opvallend, maar volgens de docenten zou er op de korte termijn niet zo veel hoeven te veranderen. Lees verder >>

Formatief evalueren bij Nederlands

Samen met mijn Joanneke Prenger (basisonderwijs) heb ik, Gerdineke van Silfhout (voortgezet onderwijs) de afgelopen tijd vormen van formatief evalueren bij taal/Nederlands ontsloten op de website Formatief evalueren bij Nederlands.

  • Voor basisonderwijs de leesgesprekken (docent-leerling gesprekjes rond een tafel vol boeken) om te achterhalen wat leesvoorkeuren, stijlen, motivatie en vaardigheid
  • Voor het voortgezet onderwijs het formuleren van leerdoelen, geven van (peer)feedback en werken met rubrics en succescriteria bij schrijfvaardigheid met lesvoorbeelden die docenten kunnen downloaden.

Bij Lees meer en Zelf aan de slag vind je de recente literatuur over dit onderwerp, links naar tools, apps, websites etc.

Literatuur: verplicht vak of keuzevak?

Door Michelle van Dijk

ClN6W83WEAApoaTVandaag (18 juni) was er een bijzondere bijeenkomst van docenten Nederlands: Nederlands Nu. Het was bijzonder omdat dit de eerste bijeenkomst was die georganiseerd werd voor en door docenten die elkaar alleen kennen van de Facebook-groep ‘Leraar Nederlands’. De uitwisseling van lesideeën en meningen over het schoolvak Nederlands was online al eerder goed op gang gekomen, nu was er een aangenaam vervolg in real life.

Ik mocht het onderwerp ‘Literatuur: verplicht vak of keuzevak?’ inleiden. Nu was het doel van deze dag en van elke workshopronde niet om flink te debatteren en te roeptoeteren. De organisatie wilde vooral uitwisseling vanuit de vraag: wat zien wij als opdracht van de docent Nederlands? Met die insteek hield ik de inleiding over literatuur (hieronder), waarna de groep van ca. 32 docenten in deze ronde hierover in socratisch gesprek ging. Kort samengevat is het socratisch gesprek er vooral op gericht vragen en antwoorden uit te lokken, in plaats van tegenstellingen en argumenten zoals je die in een debat vooral hoort. Ik heb ook geprobeerd daarvan een korte weergave te noteren.

Literatuur: waarom eigenlijk?

Jullie kennen dit allemaal: je zit midden in een geweldige les poëzieanalyse, de leerlingen zijn driftig aan het werk in groepjes en zoeken op wie Lesbia was en wat een meepse barg is, en één leerling vraagt als je even stilstaat bij het groepje: ‘Mevrouw, waarom doen we dit eigenlijk? Ik vind het wel leuk, hoor, maar ik vraag het me gewoon af.’ Lees verder >>

De week van de drive

Door Arnoud Kuijpers


Komende week is dé week van de Drive voor de leraar Nederlands! Op die virtuele map op internet delen leraren Nederlands uit heel Nederland (en Vlaanderen) lesmateriaal met elkaar. 
Elke dag van deze week zal op de Facebook-groep Leraar Nederlands een bericht verschijnen meteen voorbeeld van fantastisch lesmateriaa. Jij kunt, als je leraar bent, jouw lessen met dit gratis lesmateriaal via http://drive.hetschoolvaknederlands.nl/bestanden verrijken!

Maar daar hebben we ook jouw hulp bij nodig. Als je dit leest, aarzel niet en besluit deze week in ieder geval 1 bestand, presentatie, werkvorm of project te uploaden in de drive (immers: halen is brengen)! Zo helpen we elkaar ons onderwijs nog mooier te maken.

Eind deze week posten we een bericht hoeveel materiaal er afgelopen week in de drive is geüpload. We kunnen toch ook op jouw steun rekenen?

Namens het drive-team, een heel fijne inspirerende week toegewenst!

Masterclass babyonderzoek voor middelbare scholieren

De Nijmeegse onderzoeksgroep First Language Acquisition organiseert tweemaal per jaar de masterclass ‘Babyonderzoek: ontwikkeling van taal, denken en gedrag’ voor middelbare scholieren die hun profielwerkstuk willen schrijven over de ontwikkeling van baby’s en jonge kinderen. Op woensdag 8 april vindt de eerstvolgende masterclass weer plaats op de Radboud Universiteit in Nijmegen. Inschrijven kan nog tot 30 maart.

Tijdens de masterclass wordt aandacht besteed aan het opstellen van een goede onderzoeksvraag en een goed onderzoeksplan, maar ook de praktische uitvoering komt aan bod. De leerlingen krijgen een beeld van het onderzoeksveld dankzij presentaties over wetenschappelijk onderzoek in het algemeen en specifiek onderzoek op het gebied van de ontwikkeling van baby’s en jonge kinderen. Daarna kunnen leerlingen in kleine groepjes in gesprek met onze experts en krijgen ze hulp bij bijvoorbeeld het opstellen van hun eigen onderzoeksvraag.

Lees verder >>