Tag: middelbaar onderwijs

Een hartenkreet: stop de karikaturen!

Door Robert Chamalaun

Sinds de beslissing viel om de bacheloropleiding Nederlands aan de VU te sluiten, is een schier oneindige stroom aan artikelen op gang gekomen: op internet, in (online) vakbladen, maar ook in opiniekaternen van (landelijke) dagbladen. De strekking is veelal hetzelfde: het is een schande dat er minder mogelijkheden zijn om op universitair niveau Nederlands te studeren, een studie Nederlands is zo ontzettend boeiend, wat is er aan de hand dat aankomende studenten niet langer voor een studie Nederlands kiezen, en zo verder. Het ene artikel nog snediger en feller dan het andere.

Vrijwel al deze artikelen hebben nog iets met elkaar gemeen: het voortdurend wijzen naar het vak Nederlands op de middelbare school. Academici, schrijvers en publicisten schromen niet om steeds te fulmineren tegen de vermeende saaiheid van het vak. Het schoolvak zou saai zijn, enkel dienstbaar aan andere vakken, alleen gericht op die vermaledijde signaalwoorden en trucjes. Literatuur zou bovendien verbannen zijn naar de periferie. Af en toe wordt verwezen naar een enkele idealistisch gedreven docent, een paradijsvogel, die als een soort verdwaalde hobbyist probeert de liefde voor de taal bij leerlingen aan te wakkeren. Lees verder >>

Word docent Nederlands!

Door Barbara de Vos
(docent Nederlands in ruste)

Beste Vibeke Roeper en al diegenen die zich de afgelopen periode in negatieve zin hebben uitgelaten over het vak Nederlands en het beroep van docent Nederlands op de middelbare school,

Van harte sluit ik me aan bij de oproep aan aanstaande studenten om neerlandistiek te gaan studeren, een degelijke, brede en interessante studie over een van de meest wezenlijke aspecten van het mens-zijn: de taal. En inderdaad met talloze beroepsmogelijkheden. Lees verder >>

Leer geen trucjes, zing een ode

Door Marc van Oostendorp

Fijn van mens zijn is dat je niet alles zelf hoeft te bedenken. Dat we een manier hebben gevonden om onze gedachten met elkaar te delen. Geen andere diersoort lukt dat. Een hond kan misschien de gemoedstoestand van een kompaan aanvoelen, een bij kan uitleggen aan haar medebijen waar geurige bloemen staan, maar wat de mens kan – de ideeën van allerlei andere mensen aanhoren en die combineren tot een geheel nieuwe gedachte – dat kan geen ander dier. Alleen ons lukt dat, dankzij de taal.

Mensen hebben grotere hersenen zodat ieder mens op zich ook redelijk goed kan denken in vergelijking met andere dieren. Maar wat ons bijzonder maakt is dat onze gedachtewerelden nog veel groter zijn dan onze hersenpan, en ook gebruik maken van het geestesleven van anderen – zelfs van mensen die al heel lang dood zijn. Dat lukt ons dankzij het feit dat we gedachten tot zinnen weten om te vormen, die zinnen kunnen onthouden en met elkaar kunnen delen. Dankzij de taal hebben we continu de ideeën en de observaties van andere mensen tot onze beschikking. Lees verder >>

Curriculum.nu

Door Coen Peppelenbos

Het onderwijs gaat, voor de zoveelste keer, op de schop. Op dit moment worden er miljoenen gepompt in het megaproject Curriculum.nu waarbij docenten, lerarenopleiders en wetenschappers werken aan de opzet van een nieuw plan voor het onderwijs. Van de basisschool tot en met 6 vwo. Dan krijg je doorlopende leerlijnen zoals dat in het onderwijsjargon heet. Om de zoveel tijd komt er een tussenproduct van Curriculum.nu naar buiten en daar komt dan heel veel kritiek op of om het maar weer in onderwijsjargon te zeggen: de feedback is zo af en toe vrij stevig. Meer tips dan tops, om het nog didactischer te verwoorden.

Ik ben het meest geïnteresseerd in Nederlands en dan voornamelijk literatuur. De aanbevelingen voor de onderbouw zijn: Lees verder >>

Vaardig, waardig en aardig

Door Martin Bootsma
Alan Turingschool, Amsterdam

Wellicht heeft u het advies van de Onderwijsraad aan de minister van onderwijs over de curriculumherziening gelezen. Ik schreef over dat advies een blog, dat u hier kunt vinden. In het advies van de Onderwijsraad staat onder meer te lezen dat de samenhang voor de leerlijn Nederlands ontbreekt. Wie het vierde tussenproduct van het ontwikkelteam Nederlands leest, zal dit beeld herkennen. De visie op het taalonderwijs op de basisonderwijs sluit niet aan bij die van de onderbouw van het vo en dat geldt ook voor de aansluiting tussen onder- en bovenbouw van het voortgezet onderwijs. Feitelijk formuleert de ontwikkelgroep Nederlands drie aparte curricula.

In het tussenproduct staat een afbeelding, waarin schematisch staat weergeven hoe het curriculum inzake onze landstaal is opgebouwd:

schermafbeelding 2019-01-22 om 18.58.41

Het zijn met name de twee buitenste cirkels waar ik het in de blog over wil hebben. Als je naar de buitenste cirkel kijkt, dan herken je wat ik voor het gemak even de drieslag van Biesta noem: socialisatie, kwalificatie en persoonsvorming. Die zijn, zo begreep ik van een betrokkene bij curriculum.nu, bij elk ontwikkelteam het uitgangspunt. Lees verder >>

Nieuwe proef en twee nieuwe leesclubs online op www.litlab.nl

Vanaf het najaar van 2018 verschijnt maandelijks nieuw lesmateriaal online in LitLab, een digitaal laboratorium voor literatuuronderzoek op de middelbare school. Dat materiaal ontwikkelt de redactie van LitLab in samenwerking met docenten, studenten en docenten-in-opleiding.

Nieuwe proef online: ‘Vrouwelijk schrijverschap’

Een nieuwe proef inclusief antwoordmodel is nu klaar voor gebruik: ‘Vrouwelijk schrijverschap’. In deze proef maken leerlingen kennis met ideeën ván en óver schrijvende vrouwen uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis, van Anna Bijns en Johanna Coomans tot Niña Weijers en Heleen van Royen. Ze leren onderzoeken en beschrijven hoe deze auteurs in verleden en heden omgaan met mannelijke normen in de literatuur. De opgedane  kennis passen ze toe in een afsluitend debat over de zin en onzin van aparte literaire prijzen voor vrouwelijke auteurs. Lees verder >>

Overtuigende en activerende taal

Door Roland de Bonth

Leerlingen opvoeden tot kritische, mondige én taalvaardige burgers. Dat is één van de doelstellingen van het Haags Montessori Lyceum – en van vele andere scholen. Om dit te bereiken heeft de sectie Nederlands járen geleden het zogeheten mediaproject in het leven geroepen. De meeste mensen denken bij het woord project aan een aantal lessen verspreid over een periode van een week of drie, vier. Maar dan kom je bedrogen uit. Het ging hier om een project over een actueel, controversieel en maatschappelijk relevant onderwerp waar leerlingen bijna een heel schooljaar lang aan werkten. Zij verzamelden artikelen, stelden daarbij argumentatieschema’s op, schreven een uiteenzetting en pleitredes, hielden een debat, namen een interview af met een deskundige en werkten dat vervolgens uit. Aan het eind van de rit werd dit alles verzameld in een dikke pleitmap. Tijdens de uitvoering van dit project mopperden leerlingen vaak dat het (te) veel werk was en (te) veel tijd kostte. Maar achteraf gezien waren ze trots op hun pleitmap en gaven de meesten aan en toe dat zij er veel van hadden opgestoken. Lees verder >>

In het spoor van Reynaert de Vos (lespakket)

Door Glenn Bosmans

In de lessen Nederlands komen de Middelnederlandse verhalen doorgaans pas in de hogere jaren van het secundair onderwijs aan bod. Waarom zo lang wachten? De ongemeen boeiende literatuur uit die periode kan immers alle leeftijden begeesteren. Bovendien is het belangrijk dat leerlingen op jonge leeftijd kennismaken met ons cultureel erfgoed.

Van den vos Reynaerde geldt als één van de absolute hoogtepunten in de Middelnederlandse literatuur. Rond het hoofdpersonage ontwikkelde ik een themabundel voor de B-stroom. Dat is in Vlaanderen het eerste jaar van het secundair onderwijs, voor leerlingen die nog niet alle leerstof van het lager onderwijs hebben verwerkt. In verschillende etappes doet Reynaert, op een aan de doelgroep aangepast niveau, zijn belevenissen uit de doeken. Aan elke etappe is een leerstofonderdeel gekoppeld dat verband houdt met het verhaal. Er werd over gewaakt dat de opdrachten overeenkomen met de ontwikkelingsdoelen voor het onderwijsvak Nederlands. De focus ligt niet louter op leesplezier, ook taalvaardigheid en taalbeschouwing komen aan bod in zorgvuldig opgebouwde oefeningen. Met het oog op differentiatie werden er heel wat extra, uitdagende oefeningen opgenomen in de bundel. Achteraan vindt u als lesgever een handleiding terug waarin de beoogde ontwikkelingsdoelen expliciet staan vermeld. Bovendien werden enkele didactische tips bijgevoegd. Lees verder >>

Een uur Nederlands… méér, alstublieft

Door Carl De Strycker en Yves T’Sjoen

Docenten Nederlands die maandagochtend vanuit de hele wereld naar Leuven reisden waar dezer dagen het internationale Colloquium Neerlandicum plaatsvindt, en die de krant kochten, moeten onderweg daarheen wel versteld hebben gestaan. Zij hebben gelezen dat het vak dat zij in de wereld uitdragen, en waarvoor groeiende interesse is (DS, 29/8), in het eigen taalgebied moet inkrimpen.

De katholieke onderwijskoepel maakte bij monde van de directeur-generaal bekend dat idealiter vanaf 1 september 2019 een vak “mens en maatschappij” zal worden georganiseerd in de eerste graad van het secundair onderwijs. Aangezien het aantal lesuren beperkt is, zal die ingreep ten koste gaan van wat anders in het curriculum. Naast plastische opvoeding, waarover we dezer dagen niemand horen, is in dat plan Nederlands het kind van de rekening. Lees verder >>

Grote opdracht: Inzicht in je taal maakt je een betere taalgebruiker

Door Marc van Oostendorp

Je hart slaat over als ergens je ideaal door iemand anders expliciet wordt gemaakt. Je bent niet alleen! Ook andere mensen willen een wereld die lijkt op wat jij voor ogen hebt!

Het overkwam me deze week. Het ‘ontwikkelteam’ van leraren dat voor Nederlands in opdracht van het ministerie aan het discussiëren is over de inrichting van het schoolvak heeft op de website Curriculum.nu een aantal kernpunten geplaatst. Deze hebben de enigszins eigenaardige naam ‘grote opdrachten’, maar het zijn eigenlijk 10 kernpunten volgens die leraren.

Ik bladerde erdoor en ontdekte toen ineens ‘grote opdracht 4’! En daar wordt precies verwoord waar het allemaal om gaat, in het vak, in het leven! Lees verder >>

Voor inspirerend eindexamen Nederlands moet je naar het buitenland

Door Anne Sanderling

Wat vrijwel niemand in Nederland weet, is dat ook het International Baccalaureate (IB) eindexamens Nederlands afneemt. En wat voor examens! Het IB is een gerenommeerd internationaal onderwijsprogramma dat veel wordt gebruikt op internationale scholen. Op een aanzienlijk aantal scholen kunnen leerlingen ook Nederlands kiezen als eindexamenvak. In tegenstelling tot het Nederlandse eindexamen Nederlands is het IB-examen Nederlands inspirerend, uitdagend, valide, gedegen en flexibel.

Vorige maand was het weer zover: de eindexamens voor het vak Nederlands. Ongetwijfeld zullen docenten en leerlingen er ook dit jaar weer veel commentaar op hebben. Op de opiniepagina’s verschenen de afgelopen jaren bijdragen met titels als ‘Heb ik hiervoor zes jaar het vak Nederlands gevolgd?’ (Trouw, 2017) en ‘Waardeloos examen Nederlands’ (NRC, 2017). Docenten noemen het eindexamen Nederlands een “gedrocht” (Nationale Onderwijsgids, 2016) en “een saai trucje” (NRC, 2016).

Voor wie niet op de hoogte is: het centrale examen Nederlands bestaat uit teksten met vragen. Kritiekpunten betreffen onder andere de lengte van het examen, de eenzijdige focus op leesvaardigheid en het feit dat op sommige vragen meerdere antwoorden mogelijk zijn. Daarnaast pleiten neerlandici en docenten Nederlands voor meer aandacht voor schrijfvaardigheid en literatuur (‘Zo kan het examen Nederlands écht niet’, NRC, 2016). Lees verder >>

Elk voordeel hep se nadeel

Een pleidooi voor het herintellectualiseren van de docent-Nederlands en van het onderwijs dat hij geeft

Door Rien Rooker

Steller dezes, nu een gepensioneerd-70’er, heeft het overgrote deel van zijn werkzame leven doorgebracht in de bovenbouw vwo/havo van een Zeeuwse school. Mijn geheugen is verzadigd van de herinneringen daaraan en ik geef daarvan hier een voorbeeld dat een jaar of twintig geleden speelt. Een leerlinge in vwo-4, niet bepaald een lezeres, had ik Kees de Jongen gegeven, toch niet bepaald een werk van de hoogste moeilijkheidsgraad als het om leesbekwaamheid gaat. Ik werd vervolgens opgebeld door haar buitenschoolse studiebege-leider, die me verzocht om haar een eenvoudiger werk op te dragen. (Hij zei er overigens bij dat hij Kees niet zelf gelezen had, maar het leek erop dat hij veronderstelde dat het om een pittig literair werk ging). Ik heb hem beantwoord met een tegenvraag: wat doet hij als een vwo-4 pupil zich bij hem beklaagt over de moeilijkheidsgraad van wiskunde? Verzoekt hij diens docent dan, hem/haar te laten beginnen met een telraam? Het gesprek eindigde onbevredigend; mijn advies aan dat meisje heb ik niet gewijzigd en met haar leeslijst is het best in orde gekomen.

Maar wat die studiebegeleider beoogde, acht ik wel degelijk typerend voor de mentaliteit die, naar mijn indruk, typerend is voor het via pedagogische studiecentra etc. gepropageerde beleid: de wens om voor de leerling(e) alle moeilijkheden uit de weg te ruimen. Ik vind dat pedagogisch volstrekt onjuist. Het volwassen leven heeft niet alleen vreugde, maar ook harde kanten. Een goede school bereidt jonge mensen ook daarop voor en leren gaat vaak van ‘Au’. Inderdaad, dat is een pijnlijk proces. In concreto: je zet je tanden maar in Kees en je gaat je maar af zitten vragen waarom sommigen zo’n roman toch nóg interessanter vinden dan de Privé of de Story. Lees verder >>

De verhalen in onze taal zijn de troef van ons vak

Door Floor van Renssen.
Met medewerking van Anneke Smits en Erna van Koeven.

Enkele weken geleden verschenen er vlak achter elkaar een aantal emotionele artikelen over literatuuronderwijs aan tweedegraads lerarenopleidingen. Collega’s vielen elkaar aan op een snibbige toon. Het begon met de column van Coen Peppelenbos op weblog Tzum over het feit dat literatuur van voor 1880 niet meer verplicht is in de herijkte kennisbasis voor lerarenopleidingen Nederlands. Marc van Oostendorp wond zich hier over op: ‘Nu heb ik er genoeg van!’. Hij schreef over ‘het hbo’ (hij bedoelt de lerarenopleiders die de kennisbasis vaststelden): ‘Hiermee heeft het hbo laten zien dat het niet in staat is een eigen ‘kennisbasis´ vast te stellen, dat men zich te veel laat leiden door allerlei andere overwegingen en niet door de wens leraren te kweken die een voorbeeld voor hun leerlingen kunnen zijn – voorbeelden van nieuwsgierigheid, van eruditie, van iets verder kijken dan je neus lang is.’

En toen had ík er genoeg van. Lees verder >>

Meer ontwikkeltijd, beter onderwijs

Door Thomas de Bruijn
Docent Nederlands havo/vwo, Pax Christi College Druten

De onderwijsinspectie luidt de alarmbel: het niveau van het Nederlandse onderwijs is de laatste twintig jaar gedaald (Volkskrant 11 april 2018). Het artikel haalt het driejaarlijkse Pisa-onderzoek aan, waarin Nederland op onderwijsgebied met een groot aantal andere landen wordt vergeleken. Daar zakken we op de ranglijst. De onderwijsinspectie concludeert hetzelfde naar aanleiding van eigen onderzoek. In de stroom artikelen die volgt, worden mogelijke oorzaken genoemd, zoals het lerarentekort, de afname van het niveau van de lerarenopleidingen, het percentage jonge docenten dat binnen drie jaar het onderwijs verlaat (ongeveer 20-30 procent), het lage salaris en de hoge werkdruk die ervaren wordt door veel docenten.

De Volkskrant doet nog een dappere poging om het docentschap een imago-impuls te geven door er een katern aan te wijden (14 april) en in verschillende artikelen wordt de oplossing voor alle problemen teruggebracht tot méér salaris voor de leraar. Zeker, dit geldt voor de basisschoolleraren. Hun eis om hetzelfde salaris te ontvangen als hun gelijk geschoolde collega’s in het VO is meer dan terecht. Helaas lees ik nergens de enige echte oplossing die veel van hierboven geschetste problematiek kan ondervangen én de kwaliteit van het onderwijs ten goede komt. Wij, de leraren, moeten meer ontwikkeltijd krijgen, en dus minder lessen geven per 1,0 fte. Sterker nog, er moet 20 procent van de lessen af per week. Minister Van Engelshoven, leest u mee? Lees verder >>

Wat ik geleerd heb van tweedegraadsgate

Door Marc van Oostendorp

Soms raak ik hier in dit kleine maar doorgaans o zo gezellige hoekje van het wereldwijde netwerk van computers dat wel ‘Internet’ wordt genoemd ineens een gevoelige snaar. Dat gebeurde nu met de kwestie rond de tweedegraadsleraren: moeten zij verplicht worden iets te weten over de literatuurgeschiedenis van voor 1880?

Wat ik jammer vind: als je over zo’n kwestie iets zegt, trap je bijna onvermijdelijk bij mensen op hun ziel. En wel bij mensen met goede zielen.

Wanneer er een maatregel wordt genomen in het onderwijs die veel mensen niet bevalt, ontstaan er automatisch twee groepen: die van de de mensen die er het beste van proberen te maken en die van de mensen die kritiek uiten op de nieuwe situatie. De eerste kan zich dan gemakkelijk aangevallen voelen door de tweede: hoezo deugt er niets van het onderwijst, zij doen toch hun best? Lees verder >>

De benarde positie van de historische neerlandistiek

Door Freek Van de Velde

Er waart een pessimistisch spook door de neerlandistiek. Ik lees de laatste dagen opvallend veel sombere berichten: een scherpe aanklacht van Marc van Oostendorp over de lerarenopleiding in Nederland: tweedegraadsleraren worden niet meer lastiggevallen met literatuur van voor 1880. Dat stuk droeg de alarmerende titel ‘De leraar Nederlands weet niet wie Multatuli is’, en vond zo zijn weg naar NRC. En via Nicoline van der Sijs kwam ik terecht bij een vrij deprimerend stuk van Inge Glorie ‘Heeft de neerlandistiek nog een toekomst?’ in Voertaal. Het antwoord is: ja, maar dan moet er wel snel wat gebeuren aan de treurige toestand van het vakdomein. En er zijn vast nog wel stukken met een vergelijkbare teneur, die ik niet gezien heb.

In die stukken wordt over veel geklaagd. Terecht, denk ik, want ik vind het ook een godsgruwel dat de historische blik niet verder terug reikt dan 1880. Voor een beetje historisch taalkundige is dat gisteren. Maar ja: ik ben zelf ook neerlandicus, en heb de neiging om mijn bedreigde vakgenoten in alles bij te treden, en misschien is onze collectieve verontwaardiging wel kortzichtig. Lees verder >>

De leraar Nederlands weet niet wie Multatuli is

Door Marc van Oostendorp

Nu heb ik er genoeg van. Al vijf jaar beschouw ik met verbazing het onderwijs Nederlands. Talloos zijn de problemen en er gebeurt veel te weinig om die op te lossen. Allerwegen verzekert men mij dat het van belang is constructief te blijven en met iedereen te overleggen. Te blijven zien dat iedereen het beste voor heeft en dat het vanzelf allemaal wel goed komt. Als we maar voorzichtig zijn.

Ik geloof het niet meer. Er zijn te veel cynici bezig alles af te breken, het onderwijs de afgrond in te drijven. Lui die gebruik maken van de laksheid en de voorzichtige vriendelijkheid van de mensen die wél iets weten en kunnen in het leven om ervoor te zorgen dat belangrijke pijlers van onze cultuur zo snel mogelijk worden kapot geslagen. Tijd om te zeggen dat we het niet meer pikken. No more Mr. Nice Guy.

Waarom ben ik zo boos?  Lees verder >>

Profielwerkstuk Taalkunde: alle tools voor jouw profielwerkstuk!

Door Kristel Doreleijers

Een profielwerkstuk schrijven bij het vak Nederlands lijkt misschien niet de meest voor de hand liggende keuze. Want ‘Nederlands dat is toch spelling, zinsontleding en tekstverklaring?’ zullen veel leerlingen denken. En dat is jammer. Het bestuderen van de Nederlandse taal omvat immers veel meer. Als taalkundige bestudeer je een wezenlijk aspect van het menszijn. Hoe verwerven baby’s taal? En waarom kunnen dieren dit niet? Je draagt ook bij aan maatschappelijke vraagstukken. Is het verstandig dat ouders hun kinderen meertalig opvoeden? Leidt meertaligheid tot taalachterstanden of biedt een meertalig brein juist cognitieve voordelen? Door taalgebruik in de maatschappij te bestuderen, leer je bovendien meer over de sociale verhoudingen tussen (groepen) mensen. Hoe zetten sprekers taal in om hun sociale identiteit vorm te geven? Hoe kun je met taal laten zien dat je tot een bepaalde groep behoort, of juist niet? Kennis over taal is bovendien nuttig bij het formuleren van een goed taalbeleid. Is het verstandig en wenselijk dat het Engels in steeds meer domeinen van de samenleving de voertaal wordt? Hoe denken de overheid, de wetenschap, het onderwijs en de ‘gewone Nederlander’ hierover? Om dit soort vraagstukken en taal in brede zin onder de aandacht te brengen, heb ik www.profielwerkstuktaalkunde.nl ontwikkeld: een digitaal kennisplatform waar taalonderwijs en taalwetenschap elkaar ontmoeten. Lees verder >>

De Witteweg naar een veelbelovende toekomst voor het literatuuronderwijs

Erwin Mantingh

Er is vóór en na Witte 2008 in het literatuuronderwijs. Zelden heeft een proefschrift in een zo korte tijd een zo grote invloed gehad op de praktijk in het schoolvak Nederlands als dat van Theo Witte. Lezen voor de lijst is in korte tijd een begrip geworden: de twee gelijknamige sites bedienen de leerlingen in het voortgezet onderwijs, en hun docenten. De praktijk op bijna 80% van de middelbare scholen in Nederland wordt inmiddels mede bepaald door Lezen voor de lijst.

Idealiter hebben al die leerlingen inmiddels meer vat gekregen op hun ontwikkeling als literaire lezer en is het boekenleed dat leeslijst heet verleden tijd. Maar we zijn er helaas nog lange niet, want tussen droom en daad… In te veel gevallen wordt de site gebruikt op een manier die niet in overeenstemming is met de doelstellingen ervan en dan blijven beoogde effecten uit. En in het decennium sinds de publicatie van Het oog van de meester zijn er nieuwe beren op de weg verschenen, waarvan ontlezing de allergrootse bedreiging lijkt te vormen voor het literatuuronderwijs.

Toch was de toonzetting op het afscheid van Theo Witte, 16 maart jongstleden in Groningen, niet somber. De scheidende vakdidacticus, lerarenopleider, onderzoeker, projectleider en vakmeester sprak zelf bevlogen over ‘De kunst van het onderwijzen: De veelbelovende toekomst van het literatuuronderwijs in zeven axioma’s.’ Aan welke eisen goed literatuuronderwijs volgens hem moet voldoen, valt binnenkort te lezen in de bundeling van de symposiumteksten. Ik wil ter ere van het afscheid van deze leermeester van velen, kort stilstaan bij zijn grootste succes. Lees verder >>

Afgelopen decennium 21% meer Waalse leerlingen in het Vlaamse secundair onderwijs

Door Maxim Proesmans
assistent-onderzoeker aan de Université de Liège

Uit cijfers van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming blijkt dat in de afgelopen tien jaar (2008-2017) het aantal Franstalige (Waalse) scholieren in het Nederlandstalige (Vlaamse) middelbaar onderwijs met maar liefst een vijfde is toegenomen.

Opvallend in die periode is dat het aantal élk schooljaar gestaag is gestegen. Het cijfer voor het basisonderwijs daarentegen schommelt veel meer en kent de laatste jaren een duidelijke terugval. Toch is het verschil tussen de huidige populatie van Waalse leerlingen in het kleuter- en lager onderwijs en die van tien jaar geleden miniem, namelijk 1%. Globaal genomen kunnen we stellen dat er in de tijdspanne van tien jaar 7,8% meer Waalse jongeren de taalgrens hebben overgestoken om in Vlaanderen te komen studeren. Aan hypotheses voor deze omvangrijke stijging is er alvast geen gebrek: het Vlaamse onderwijs scoort beduidend beter voor de Pisa-testen dan het onderwijs in Wallonië; het economische belang van Nederlands is de afgelopen jaren flink toegenomen; of nog, de kwaliteit van de lessen Nederlands in Wallonië laat al wel eens te wensen over. Lees verder >>

Motie KANTL over educatieve master met lesbevoegdheid Nederlands

(Bericht van de KANTL)

De Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) verneemt dat er in Vlaanderen vergevorderde plannen bestaan om ook aan studenten die de opleiding Nederlands van de bachelor Taal- en Letterkunde niet hebben gevolgd toegang te verlenen tot de educatieve master met lesbevoegdheid voor Nederlands.Die studenten hebben evenwel maar de helft van het aantal studiepunten behaald dat aan de opleiding Nederlands van de Bachelor Taal- en Letterkunde vereist is om de lerarenopleiding te mogen aanvangen. Afgestudeerden met een zeer ongelijke opleiding zouden daardoor toch dezelfde lesbevoegdheid krijgen. Lees verder >>

LitLab: twee nieuwe proeven

Op de site LitLab.nl staan sinds vandaag twee nieuwe proeven klaar over Gender en Digitale literatuur. LitLab is een digitaal laboratorium voor literatuuronderzoek door middelbare scholieren. Beide nieuwe proeven hebben niveau 3, en zijn dus geschikt voor bovenbouw havo-vwo. In de Gender-proef (gemaakt door Luke Schouwenaars) onderzoeken leerlingen een historische tekst over een meisje dat als matroos verkleed de oorlog in trekt. Ze lichten die tekst door met behulp van de termen ‘gender’ en ‘performance’. De proef sluit aan bij actuele discussies over genderneutraliteit, en over de rol die (literaire) teksten kunnen spelen in het creëren van rollen voor mannen en vrouwen in de Nederlandse maatschappij.

In de proef over Digitale literatuur (gemaakt door de LitLab redactie) onderzoeken leerlingen zowel het schrijven van literatuur door computers – zie het recente experiment met AsiBot en Giphart – als het lezen en beoordelen van digitale literatuur. In de proef worden de termen ‘memex’ en ‘cognitie’ gebruikt om digitale literatuur te analyseren. Het produceren en consumeren van niet-digitale literatuur heeft zowel schrijvers als lezers doen wennen aan bepaalde schrijf- en leesprocessen. Gaan die helemaal veranderen nu er zoiets als digitale literatuur begint te ontstaan? Lees verder >>

De meesterschapsteams Nederlands over een nieuw curriculum

door Peter-Arno Coppen

Sinds de meesterschapsteams Nederlands in januari 2016 hun Manifest Nederlands op School publiceerden en daarbij het begrip bewuste geletterdheid introduceerden, heeft de tijd niet stilgestaan. De door de overheid ingezette herbezinning op het onderwijs (Onderwijs 2032) heeft een opvolger gekregen in Curriculum Nu, waarin docentontwikkelteams per leergebied het komend jaar de bouwstenen moeten leveren voor een nieuw curriculum. Ondertussen hebben de meesterschapsteams verder gewerkt aan de uitwerking van het begrip bewuste geletterdheid, onder andere door zelf met docentontwikkelteams aan de slag te gaan om materiaal te ontwikkelen. Afgelopen vrijdag publiceerden zij op hun website een visiestuk. Waar komt dat vandaan?
Lees verder >>

Nieuw Landelijk Platform gaat zich hard maken voor het talenonderwijs

(Persbericht Radboud Universiteit)

Is verengelsing van het hoger onderwijs nu wel of geen goede zaak? Welke economische voordelen loopt Nederland mis doordat we steeds slechter Duits en Frans spreken? Hoe lossen we het tekort aan docenten Nederlands en Duits in het voortgezet onderwijs op? Met dit soort vraagstukken gaat een nieuw Landelijk Platform voor de Talen zich bezighouden. Het platform is een samenwerking tussen zeven academische instellingen. Met de aanstelling per 1 april van emeritus hoogleraar Mike Hannay als voorzitter kan het samenwerkingsverband van start.

De zes betrokken universiteiten committeren zich met het platform aan een landelijke samenwerking van de talenopleidingen in Nederland. Het platform moet de belangen behartigen van talenstudies, samenwerking initiëren en vernieuwing stimuleren. Verkend wordt hoe de banden tussen de universiteiten onderling en met het voortgezet onderwijs en hoger onderwijs versterkt kunnen worden. Lees verder >>

Vacature: Bovenbouwdocent Nederlands, Lycée International Saint-Germain-en- Laye (bij Parijs)

Wij zoeken een enthousiaste eerstegraads docent Nederlands of 2de en 3de graad ASO (0,6 fte) voor de Nederlandse afdeling voor een vervanging tot en met eind juni met mogelijkheid tot verlenging.

De Nederlandstalige afdeling van het Lycée International ten westen van Parijs biedt Nederlandstalig onderwijs geïntegreerd in het lesprogramma van een Franse internationale school voor kinderen van 3 t/m 18 jaar. Op het Lycée International volgen zo’n 3000 internationale leerlingen, naast het Franse programma, onderwijs op moedertaalniveau binnen 1 van de 14 taalafdelingen, waaronder de Nederlandse afdeling. Bijna 200 leerlingen krijgen 6 tot 8 uur per week les in de Nederlandse taal, geschiedenis en aardrijkskunde. Lees verder >>