Tag: Louis Couperus

Het hertalen van Couperus: toch een goed initiatief

Door Henk Wolf

Ik heb een irrationele aversie tegen hertalingen van negentiende- en twintigste-eeuwse Nederlandse literatuur. Die aversie wil ik hier – zoekend – proberen te verklaren. En daarna wil ik duidelijk maken waarom ik denk dat het hertalen van Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan toch een goed ding is.

Lees verder >>

De boeken die voorbijgaan – of niet, dankzij hertalingen

Door Michelle van Dijk

‘Hertalen en inkorten is de enige manier om literaire pareltjes van de vergetelheid te redden,’ stelde Marita Mathijsen vorig jaar in de Volkskrant. Ronald Giphart riep in radioprogramma De Nieuws BV schrijvers op om aan het hertalen te slaan. Als schrijver en leraar Nederlands voelde ik me geroepen: het eerste hoofdstuk van Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan had ik al eerder hertaald en plaatste ik diezelfde week nog op mijn blog.

‘Dit kan niet, Couperus is het niet meer,’ zei de één. ‘Mooi initiatief, goed gedaan,’ prees de ander. Over enkele weken verschijnt de hertaling bij Uitgeverij de Kleine Uil.

Maar toch weer even die vraag: waarom zou je Couperus hertalen?

Lees verder >>

Verschenen: Couperus Cahier XVII. Tot leven gewekte verbeelding. Couperus en het toneel

Tot leven gewekte verbeelding.

Op maandag 10 juni 2019 is in het Louis Couperus Museum in Den Haag het zeventiende Couperus Cahier gepresenteerd: Tot leven gewekte verbeelding. Couperus en het toneeldoor Rob van der Zalm.

De afgelopen honderd jaar zijn veel romans van Couperus bewerkt voor het toneel, van Eline Vere en De boeken der kleine zielen tot De stille kracht. Rob van der Zalm schetst in dit cahier de geschiedenis van deze bewerkingen, de verschillende invalshoeken en de keuzes waarvoor de bewerkers zich gesteld zagen. Hij doet dit tegen de achtergrond van de ontwikkelingen in het Nederlandse theater vanaf de jaren zeventig. Ten slotte probeert de auteur de lezer ervan te overtuigen dat nieuwe emoties te putten zijn uit oude romans en dat Couperus’ papieren personages een heel nieuw leven krijgen op het toneel. Het cahier is fraai geïllustreerd met foto’s van vele Couperus-voorstellingen.

Lees verder >>

Haagse romans

Door Marc van Oostendorp

Omslag ;Hartstocht achter de horden;

Den Haag is de fascinerendste stad van Nederland, de enige grote stad aan de zee, de enige stad met een duidelijk gevoeld standsverschil tussen de bewoners. En in de periode vanaf ongeveer 1860 tot aan de Eerste Wereldoorlog was Den Haag een stad die een enorme bevolkingsexplosie doormaakte.

Den Haag is in die zin misschien ook wel de literairste stad van Nederland. Natuurlijk wonen er in Amsterdam meer schrijvers, en trekken vooraanstaande Haagse schrijvers (S. Carmiggelt, J.J. Voskuil) zelfs al heel lang naar de hoofdstad. Maar het fenomeen van Haagse roman heeft geen parallellen elders. In Rotterdam is er misschien wat hoekige dichtkunst, in Utrecht is er Ingmar Heytze, maar echte genres kun je dat toch niet noemen.

Lees verder >>

6 april 2019, Leiden: Genootschapsdag Louis Couperus Genootschap

Echtpaar Couperus in riksja’sCollectie Spaarnestad Photo

De jaarlijkse Genootschapsdag van het Louis Couperus Genootschap vindt dit jaar plaats in Museum Volkenkunde in Leiden, op zaterdag 6 april. Het thema van dit jaar is ‘Couperus in Azië’. Coen van ’t Veer vertelt op deze dag over de zes overtochten naar Azië die Couperus binnen een bestek van vijftig jaar maakte. De reis per mailboot veranderde in die halve eeuw drastisch van karakter. Simon Mulder (redacteur van ons tijdschrift Arabesken) reisde Couperus bijna honderd jaar later na, ter gelegenheid van zijn voordracht over Couperus in de Nederlandse ambassade in Tokyo in december 2018. Hij zal ons deze middag leiden door het Japan dat Couperus hoopte te vinden, het Japan dat Couperus daadwerkelijk vond en het Japan van nu. Het volledige programma kunt u vinden op de website van het genootschap.

Wilt u zich ook onderdompelen in Aziatische sferen? Meld u zich dan snel aan! Iedereen is van harte welkom. De entreeprijs bedraagt  27,50 euro per persoon (donateurs en doza’s van het Louis Couperus Genootschap en amices van het Louis Couperus Museum betalen 22,50 euro per persoon), inclusief alle consumpties. U kunt zich aanmelden door op onze website een ticket te kopen. (Ga naar betalen.louiscouperus.nl, kies de knop ‘webshop’ en selecteer uw ticket.) Wij adviseren u dringend om u tijdig, maar in ieder geval vóór 25 maart aan te melden. Wij reserveren de plaatsen in volgorde van betaling. U ontvangt geen bevestiging van uw betaling, wij zetten u direct op de deelnemerslijst.

Van jonge mensen, de dingen, die nog komen gaan…

Door Peter Hoffman

Van oude menschen, eerste druk.

Een heuse rel rond Couperus, wie had dat anno nu nog verwacht? Aanleiding is het initiatief van neerlandica Michelle van Dijk om Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan te hertalen, om zo Couperus’ beroemde roman weer toegankelijk te maken voor jonge lezers. En dat is hoognodig volgens haar, want zijn proza is ‘veel te bloemrijk voor deze moderne tijd, met zijn herhalingen, de neologismen, de gallicismen, de puntjes… de uitroeptekens!! Maar dat wat nog het meest afwijkt van onze taal nu, is de zinsvolgorde (-lengte ook, ja). En geloof me, dat is dus iets waar een jonge lezer over struikelt’.

Eerst even iets over het misverstand dat Couperus’ taalgebruik en stijl mettertijd zouden zijn ‘verouderd’. De waarheid is dat Couperus’ manier van schrijven al ouderwets en ingewikkeld werd bevonden voordat zijn paarse inkt goed en wel was opgedroogd. En niet alleen door scholieren. Lees een willekeurige recensie van zijn werk uit die tijd, en je stuit steeds weer op dezelfde bezwaren: ‘de gemaaktheid van stijl en woordenkeus’, ‘het kwistig gebruik van Fransche uitdrukkingen’, ‘opzettelijke gekunsteldheid’, ‘verwrongen zinsconstructies’, enzovoort. Wat dat aangaat had Van Dijk honderd jaar geleden al aan de slag gekund. Lees verder >>

Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan: boekuitgave

Door Michelle van Dijk

Ja! Je leest het goed! Dit jaar nog komt mijn hertaling van Couperus’ Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan op de markt. Ik hoop dat het boek straks op vele scholen te vinden is en via verlanglijstjes voor Sint en Kerst weer in vele huishoudens een plek in de boekenkast krijgt.

De hertaalde versie is een volledige versie: dat wil zeggen dat ik geen zinnen of passages geschrapt heb. Maar in de taal is er wel degelijk wat veranderd: woorden en begrippen die wij nu niet meer kennen, zijn vertaald. De zinslengte en -volgorde is vaak aangepast. Zo kan ook iemand die niet thuis is in de taal en cultuur van meer dan honderd jaar geleden toch zonder voetnoten en academische inleiding meegesleept worden door het familiemysterie van de ‘oude mensen’ en door de meesterlijke vertelkunst van Couperus. Lees verder >>

Beleef Toscane met Couperus

(Ingezonden mededeling)

Louis CouperusSchrijver Louis Couperus (1863-1923) was dol op Italië. Hij hield van de zon, de mensen, de kunst, het landschap en het eten. Het Zuiden betekende voor hem een bevrijding uit de sombere benauwenis van zijn geboortestad Den Haag. Samen met zijn vrouw Elisabeth verbleef Couperus vele jaren in Italië, vooral in Rome en Florence. Over Italië schreef Couperus diverse moderne en historische romans en talrijke feuilletons, zoals die over zijn Italiaanse vriend Orlando. Wat zag, deed en at Couperus in Toscane, wat is daarvan in zijn teksten beland en wat kunnen wij daarvan tegenwoordig nog terugvinden? Die vragen vormen het uitgangspunt voor een bijzondere 8-daagse rondreis door Toscane, van 6 t/m 13 juni 2019, georganiseerd door Liliane Berendsen-Remmers, eigenaresse van Specialitalia, naar het succesvolle biografische en culinaire onderzoek van Couperus-kenner José Buschman. Lees verder >>

Tutoyeren bij Couperus

Door Michelle van Dijk

Louis CouperusEen kritische lezer viel in mijn hertaling van Couperus’ Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan over het tutoyeren tussen Lot en zijn moeder. Dat is een interessante en complexe kwestie. Die negentiende-eeuwers zijn namelijk niet zo consequent in het tutoyeren en vousvoyeren, in ieder geval niet bij Couperus, maar het is een breder voorkomend taalfenomeen, wat van alles te maken heeft met de geschiedenis van u, gij en jij. Laat ik me hier even beperken tot Couperus en een paar concrete relaties en aanspreekvormen in Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan, zodat ik de juiste keuze kan maken bij het hertalen. Lees verder >>

Met toe-eigening begon het verderf

Door Marc van Oostendorp

“Natuurlijk,” schrijft Jaap Goedegebuure op de laatste bladzijde van zijn recent verschenen Couperus Cahier, “je mag een schrijver nooit vereenzelvigen met zijn personage, zoals we braaf hebben geleerd toen we onze lessen in literatuur kregen”.

Het is een wat curieuze zin voor een emeritus hoogleraar in de literatuurwetenschap. Hoezo hebben we dat ‘braaf’ geleerd? Hadden we soms in opstand moeten komen toen het desbetreffende college aan ons werd gepresenteerd? Zit het soms eigenlijk anders? Maar waarom is het dan ‘natuurlijk’ toch wel het geval? En waarom komt er dan in de volgende zin een onherroepelijk ‘maar’ (‘Maar dat laat onverlet dat Couperus zelden iets heeft geschreven, zeker niet in de eerste persoon enkelvoud, dat zo rauw is, zo weinig gepolijst.”)? En hoezeer is dat rauwe en ongepolijste precies in tegenspraak met onze brave lessen? Lees verder >>

Vermodderd: hertaling Couperus

Door Michelle van Dijk

‘Wat vermodderd was, was vermodderd.’ Een prachtige zin uit Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan. Ik las het boek van Couperus voor mijn leeslijst. Tegenwoordig wordt Couperus ook nog wel eens voor de lijst gelezen. Als ik een klas dwing en help, dan lezen 30 van de 30 leerlingen zijn werk. Als ik dat niet doe, circa 0 tot 1. Ik maak mezelf maar even zo belangrijk als ik ben: leraren Nederlands houden oude literatuur levend.

Treurig is dan ook dat literatuurgeschiedenis geen vast onderdeel meer hoeft te zijn in de hbo-lerarenopleiding Nederlands. En dat terwijl het in het basisonderwijs ook al zo treurig is met lezen. Moet de oude literatuur dan maar in een vlotte vertaling? Marita Mathijsen zegt: ja, ‘in de hoop dat die literatuur toch mee blijft doen’. Ronald Giphart zegt: ‘Laat schrijvers hertalen!’ Schrijvers, hmm, ik denk neerlandici, maar soit, een bewerking brengt ook de oude werken weer tot leven. Ik sprak erover in Joop Café (podcast, zéér de moeite waard!). Lees verder >>

Nieuw verschenen: Couperus Cahier XVI door Jaap Goedegebuure

Op 15 april verscheen het zestiende Couperus Cahier: Stille venijnen. Verderf en verdervers door Jaap Goedegebuure over verderf en verdervers in het werk van Louis Couperus.

Couperus schreef over levensonmacht, spleen en onbehagen. Uitzonderlijk was zijn talent deze onderwerpen te vertalen in concrete situaties en vooral in overtuigende karakters. Zijn personages strijden tegen vreemde, stille krachten of belichamen die. Onder die personages is er één dat de bijzondere aandacht heeft getrokken van Jaap Goedegebuure: dat van de Verderver. In dit Couperus Cahier beschrijft Goedegebuure hoe die gevaarlijke verderver – van Bertie in Noodlot tot Bagoas in Iskander –  zich in Couperus’ romans en verhalen manifesteert en de veilige conventie bedreigt. In hoeverre liet Couperus zich hiermee in zijn ziel kijken? De auteur laat doorschemeren dat zo’n verderver dichter bij Couperus staat dan men zou verwachten van iemand die zo zorgvuldig het imago heeft opgebouwd van een verfijnd woordkunstenaar. Lees verder >>

Liefde is bescherming: van en over Couperus en Gorters Verzen 1890.

Door Sander Bink

Liefde is bescherming. Zij dacht dat, zo zij liefhad, zij beschermen zou, zij hèm beschermen zou, voor het Leven, het Noodlot en zichzelf. Want liefde was haar het afsmekende gebed: het Noodlot zou niet durven verpletteren, een, die werd bemind…

Dit zijn de mooiste drie zinnen uit de hele Nederlandse literatuur. De passages over de liefde uit 1 Korinthiërs 13 zijn er niks bij, en die zijn ook niet mis.

H. de Toulouse-Lautrec In bed: de kus, 1892.

Ze komen zoals u uiteraard weet uit Couperus’ Metamorfoze (1897), wat mij betreft zijn allermooiste roman, die ik zeker een keer per jaar herlees. Nu ja, het is de enige roman die ik zo ongeveer lees want ik heb verder alles al uit en, zoals Couperus ook stelde, zijn romans zonde van je tijd, oppervlakkige uurtjes vermaak. Wel lees en herlees ik constant Proust, maar dat is niet echt een roman, meer een uit de hand gelopen opstel over menselijk falen, liefde en geheugen. Lees verder >>

Arabesken nummer 50 verschenen

Het vijftigste nummer van Arabesken is verschenen. In dit nummer staan twee nieuwe rubrieken. ‘Couperus en de contemporaine kritiek’ is vervangen door de nieuwe rubriek ‘Aan het werk met Couperus’. Hier wordt diverse mensen gevraagd vanuit hun beroepsgroep te reageren op het werk van Couperus en op de vraag wat dat werk vandaag de dag nog kan betekenen voor ons. De eerste persoon die aan het woord komt is Lidewijde Paris, Lees!ambassadeur en voormalig uitgever. De tweede nieuwe rubriek is ‘De passatist’, waarin u steeds twee foto’s te zien krijgt van een plek die met Couperus te maken heeft: één gemaakt in zijn tijd en één in onze tijd. Naast de foto’s staat een citaat van Couperus over deze plek.

Lees verder >>

Russen vinden ons somber!

Door Marc van Oostendorp

Waarom lijken Vlamingen meer op Russen dan Nederlanders? Wat maakte het in de Brezjnev-tijd zo aantrekkelijk om Nederlands te studeren? En wat is er zo interessant aan Louis Couperus voor de moderne Russische lezer? Ik had op de Universiteit van St. Petersburg een gesprek met Irina Michajlova, hoogleraar Nederlandse taal- en letterkunde.

(Deze video bekijken op YouTube.)

Dionyzos als porno

Door Marc van Oostendorp

Er bestaat in de literatuur een heel trage discussie over een paar zinnen in de roman Dionyzos van Louis Couperus. Er zijn tot nu drie korte bijdragen geleverd: in 1904in 1952, en in 2017 in Arabesken, het tijdschrift van het Couperus Genootschap We zijn er voorlopig nog niet uit.

Wat is er aan de hand? In Dionyzos komen zinnen voor zoals de volgende, uitgesproken door de titelheld:

In dit genot-oogenblik, o Eurytion, slinger ik mij op je breeden rug, en sla ik mijn arm om je reuzetors, zwellend van bundels spieren!

Iemand voert een handeling uit (hij slingert zich op je brede rug) en zegt tegelijkertijd wat hij doet, terwijl degene die het ziet dat net zo goed ziet en de mededeling als zodanig weinig informatieve waarde heeft. De roman verscheen in 1904. In hetzelfde jaar schreef het echtpaar Margo en Carel Scharten-Antink een bespreking in De Gids. Zij noemen deze stijlfiguur ‘kinderpraat’ en merken op:

Het is ’t begeleiden van handelingetjes met de vermelding dier handelingetjes, op oogenblikken en in situatie’s, waarop of waarin volwassenen zwijgen zouden.

Lees verder >>

Arabesken nummer 49 is verschenen: ‘Stijlvol’

Verleden jaar verscheen de meest uitgebreide biografie die ooit over Louis Couperus is geschreven. Deze titanenklus van neerlandicus Rémon van Gemeren kreeg zowel kritiek als lof toegezwaaid, maar er klonk unaniem bewondering, zo blijkt als het uitgebreide recensie-overzicht die de redactie van Arabesken voor dit nummer samenstelde. Reden genoeg voor redacteur Liesje Schreuders om eens uitgebreid en kritisch van gedachten te wisselen met de biograaf over zijn beweegredenen, uitgangspunten en visie die ten grondslag liggen aan dit ambitieuze project. Lees verder >>

Ik was een pottebakkerszoon

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (124)
Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij

Ah, Couperus! Een dichter die leefde in een taalcultuur die volkomen tegengesteld zou worden aan de zijne. Waar Couperus leefde bij variatie – bij het idee dat een dichter een andere taal gebruikte dan de journalist of de marktkoopman –, ontstond een taalcultuur waarin het de schrijver juist tot eer strekte om ‘gewone taal’ te schrijven.

Dat begon ongeveer bij Multatuli, en het duurt nog steeds voort. Slechts zelden hoor je iemand prijzen om zijn eigenzinnige, verheven syntaxis. Nederlanders zijn kampioenen van de gewone taal. Er bestaat voor geen enkele andere taal zo’n gedetailleerd overzicht over hoe ‘de gewone man of vrouw’ spreekt als Syntax of Dutch. Lees verder >>

Toen de pornografie nog bontkleurige hanen had

Door Marc van Oostendorp

Weten jullie nog wie Couperus is? Ik vermoed dat het antwoord ‘ja’ is voor bijna allen die dit in 2017 lezen. Maar jij daar, degene die in 2067 door de archieven van dit curieuze ‘weblog’ aan het bladeren is, weet jij het ook?

Wij hier in 2017, we waren ook maar een minderheid die steeds marginaler werd. Maar wij beschouwden het nog wel als een teken van minimale beschaving dat we niet alleen weleens van Louis Couperus gehoord hadden, maar dat we ook weleens een boek van hem hadden gelezen.

Maar er verschenen in ons uithoekje van de eeuwigheid nog wel aardige kleine studies, zoals Een eenzame verschijning, waarin Ton van Kalmthout van het Huygens Instituut op een rijtje zet hoe Louis Couperus besproken werd in schoolboeken over Nederlandse literatuur tussen 1890 en 1990. Lees verder >>

Gedicht: Louis Couperus – Indiesch dolce-far-niente

Nieuw in de dbnl: poëzie van Ten Kate en Couperus, brieven van Erasmus, en nog veel meer.

Indiesch dolce-far-niente

Den goudgebruinden arm rondom het hoofd,
Het gitzwart hair al warlend nedervloeyend,
Den weeldrig-schoonen mond van purper gloeyend,
In ’t schittrend oog het vier maar half gedoofd;

Zoo lag ze, als in heur droom der aarde ontroofd.
En goudgewiekte vlinders speelden stoeyend
Haar om de koonen, die, als rozen bloeyend,
Zich tintten met den blos van donzig ooft.
Lees verder >>

Genootschapsdag Louis Couperusgenootschap: ‘Couperus en toneel’, 1 april 2017

De jaarlijkse dag voor de donateurs het Louis Couperus Genootschap vindt plaats op zaterdag 1 april, wederom in de Paleiskerk, Paleisstraat 8, in Den Haag. Het thema van dit jaar is ‘Couperus’ romans in bewerking voor toneel’.

Toneelgroep Amsterdam speelde dit jaar Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan… in de bewerking van Koen Tachelet. Ook Ger Thijs heeft verschillende bewerkingen van Couperus’ romans op zijn naam staan. In zijn laatste bewerking van Van oude menschen… uit 2008 bracht hij de handelingen van enkele maanden terug tot één nacht, en liet hij de oude dame geheel buiten beeld. Zowel Koen Tachelet als Ger Thijs geeft u op deze dag een kijkje in de wereld van hun bewerkingen en welke overwegingen daarbij een rol spelen. Lees verder >>

Gedicht: Louis Couperus – Dionyzos-studie

Dionyzos-studieën VIII

Op ’t bas-relief, marmerjuweelig, teêrtjes,
Festoent een wijnoogst, feest, dat mij verrukt.
De druivegoodjes klimmen op de leêrtjes
En hebben dra den vollen tros geplukt.

Zij hellen, lachend overlangs gebukt,
En bieden andren goodjes keer op keertjes
’t Zoo zwaar gezwollen ooft, dat over, weêrtjes,
Het godje tuimelt, als omver gerukt.

Een loopt er, torsend ’t korfjen overvol
Met beide knuistjes ’t knellend op zijn bol:
Wanklend de dikke beentjes wijd, wil ’t brengen

Zijn buit den wijnbak toe, waar rythmiesch twee
De trossen dansend treden : Evoé!
Tot most, dien ze u, mijn Dionyzos, plengen!

Louis Couperus (1863-1923)
uit: Dionyzos (1904) (pdf)
Evoé : jubelkreet der bacchanten

Lees verder >>