Tag: hertaling

Nederlandsche Historien

Door Lia van Gemert

P.C. Hooft (1581-1647) is vooral bekend gebleven om zijn gedichten, liedjes en toneelstukken. Maar zijn echte levenswerk waren de Nederlandsche Historien: de magistrale reconstructie van de periode 1550-1590, toen in België en Nederland de vrijheidsstrijd losbarstte. Hooft vertelt alles: de ideologie van deze opstand, de gevechten tegen de Spaanse vijand, de verdeeldheid in het Nederlandse kamp, de gevolgen voor de gewone mensen in de steden en op het platteland. En dat in een weergaloos proza, dat de lezers 1242 pagina’s lang onderdompelt in de sfeer van de zestiende eeuw, een tijd waarin in de Nederlanden een nieuwe wereld ontstond.

De 20 ‘boeken’ (delen) van de Nederlandsche Historien die tussen 1642 en 1654 verschenen zijn nu integraal raadpleegbaar en doorzoekbaar op de website van het Huygens Instituut. Ze zijn bovendien vertaald in het Nederlands van vandaag door drie specialisten: Eddy Grootes, Frank van Gestel en Arjan van Leuvensteijn. 

21 juni 2019, Amsterdam: Lancering integrale hertaling Nederlandsche Historien

Op vrijdag 21 juni 2019 lanceert het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis een website met de integrale vertaling van P.C. Hoofts Nederlandsche Historien, vervaardigd door Frank van Gestel, Eddy Grootes en Arjan van Leuvensteijn. U bent van harte uitgenodigd om daarbij aanwezig te zijn.

Wanneer:       Vrijdag 21 juni, 14.30 – 16.30 uur

Waar:                         Huygens ING, Oudezijds Achterburgwal 185, 1012 DK Amsterdam

Lees verder >>

Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan: boekuitgave

Door Michelle van Dijk

Ja! Je leest het goed! Dit jaar nog komt mijn hertaling van Couperus’ Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan op de markt. Ik hoop dat het boek straks op vele scholen te vinden is en via verlanglijstjes voor Sint en Kerst weer in vele huishoudens een plek in de boekenkast krijgt.

De hertaalde versie is een volledige versie: dat wil zeggen dat ik geen zinnen of passages geschrapt heb. Maar in de taal is er wel degelijk wat veranderd: woorden en begrippen die wij nu niet meer kennen, zijn vertaald. De zinslengte en -volgorde is vaak aangepast. Zo kan ook iemand die niet thuis is in de taal en cultuur van meer dan honderd jaar geleden toch zonder voetnoten en academische inleiding meegesleept worden door het familiemysterie van de ‘oude mensen’ en door de meesterlijke vertelkunst van Couperus. Lees verder >>

Een Reynaertbewerking voor de 21ste eeuw

Door Jan Uyttendaele

In het kader van de ‘Vossenexpeditie in het land van Reynaert’, die tijdens deze vakantiemaanden in het Waasland wordt georganiseerd, publiceerde The Phoebus Foundation een nieuwe hertaling van Van den Vos Reynaerde in wat in de inleiding van het boek ‘het eenentwintigste-eeuws’ wordt genoemd (p. 17).

Deze hertaling richt zich duidelijk tot een breed publiek. In deze bespreking gaan we na of deze nieuwe bewerking geslaagd is in de opzet om het verhaal te actualiseren en het aantrekkelijk te maken voor het 21ste-eeuwse lezerspubliek en of daarbij de oorspronkelijke boodschap en de bedoeling van Willem voldoende worden gerespecteerd. Lees verder >>

Schimmel hoeft niet in de canon

Door Marita Mathijsen

Hoe belangrijk is het dat er een literaire canon is en dat er via het onderwijs en de overheid aan literaire monumentenzorg gedaan wordt? Dat er een aantal werken uit de Nederlandse literatuur uit het verleden gekend wordt door iedereen die meer dan de basisschool doorlopen heeft? Enige maanden geleden heb ik een pleidooi gehouden voor hertalingen van klassieken. Nu wil ik dat verder specificeren: het gaat er mij om dát er een canon is en dat er klassieken gelezen worden, desnoods met aanpassingen.

Verstandige ouders discussiëren niet met hun kinderen over tandenpoetsen, schone onderbroeken of de bruine boterham. Ze moeten het gewoon doen, aandoen of opeten. Je discussieert hooguit erover of je een gele of een rode onderbroek aandoet, of je met een electrische of met de gewone tandenborstel poetst, of je na de bruine boterham een beschuit met hagelslag mag, maar niet óf je het doet. Lees verder >>

Hertalen mag soms, inkorten gaat te ver

Door Æde de Jong
student Nederlands, Groningen

Ik heb gemengde gevoelens bij het hertalen van Nederlandse klassiekers. Dat het nodig is getuigt van een zekere teloorgang. Niet alleen van het vermogen om historische teksten in historisch Nederlands te lezen, maar ook van de bereidheid van de lezer om zich in moeilijke teksten vast te bijten. Daarom heb ik moeite met de houding van Ronald Giphart. Hij roept op tot het massaal hertalen van de klassiekers. Naar mijn mening zijn we bij een thema aanbeland waar we voorzichtig mee moeten omspringen, al lijkt Giphart er de ernst niet van in te zien.

Ik ben het met hem eens dat het nuttig kan zijn om toneelstukken (zeker op basisscholen en middelbare scholen) in aangepaste vorm in te studeren en op te voeren, maar men moet niet zomaar overgaan tot het hertalen van Van den vos Reynaerde, Vondels Lucifer, laat staan Max Havelaar. Het Nederlands van de laatste staat wat mij betreft dicht genoeg bij het huidige Nederlands en hoeft niet hertaald te worden.

Ik snap echter wel dat Marita Mathijsen – emiritus hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam – van gedachten is veranderd. Ze geeft de voorkeur aan luie lezers boven niet-lezers, al is het met pijn in het hart. Deze visie staat haaks op wat zij eerst verkondigde: historische teksten niet hertalen en al helemaal niet inkorten. Lees verder >>

Vermodderd: hertaling Couperus

Door Michelle van Dijk

‘Wat vermodderd was, was vermodderd.’ Een prachtige zin uit Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan. Ik las het boek van Couperus voor mijn leeslijst. Tegenwoordig wordt Couperus ook nog wel eens voor de lijst gelezen. Als ik een klas dwing en help, dan lezen 30 van de 30 leerlingen zijn werk. Als ik dat niet doe, circa 0 tot 1. Ik maak mezelf maar even zo belangrijk als ik ben: leraren Nederlands houden oude literatuur levend.

Treurig is dan ook dat literatuurgeschiedenis geen vast onderdeel meer hoeft te zijn in de hbo-lerarenopleiding Nederlands. En dat terwijl het in het basisonderwijs ook al zo treurig is met lezen. Moet de oude literatuur dan maar in een vlotte vertaling? Marita Mathijsen zegt: ja, ‘in de hoop dat die literatuur toch mee blijft doen’. Ronald Giphart zegt: ‘Laat schrijvers hertalen!’ Schrijvers, hmm, ik denk neerlandici, maar soit, een bewerking brengt ook de oude werken weer tot leven. Ik sprak erover in Joop Café (podcast, zéér de moeite waard!). Lees verder >>

Max Havelaars met zombies en culturele toeëigening

Door Marc van Oostendorp

92000000599827852016 was het jaar dat Max Havelaar door een vooraanstaand schrijver een ‘effectief moordwapen voor elk sluimerend vonkje literaire interesse ‘ werd genoemd, een boek dat je vooral niet aan middelbare scholieren moet geven omdat ze dan nóóit meer een boek willen lezen.

Het was ook het jaar dat Max Havelaar met zombies verscheen, een bewerking die volgens de auteur, Martijn Adelmund, door scholieren gelezen kan worden naast het origineel om ze te laten zien dat het een ‘sensatiegerichte aanklacht’ is. Om dat sensationele karakter te onderstrepen voorziet hij het verhaal van opengereten buiken met naar buiten stulpende ingewanden.

Er lijkt me in ieder geval genoeg stof tot discussie. Lees verder >>

Pas verschenen: nieuwe uitgave Majoor Frans

9789402230451Op 28 oktober jl. is er een nieuwe uitgave verschenen van Majoor Frans van A.L.G Bosboom-Toussaint. Het gaat om een hertaling en bewerking door G.J. de Bruijn.

De roman is zo weer toegankelijk gemaakt voor een modern publiek en voor jongeren. Hopelijk zal het een plaats vinden op de leeslijst van veel middelbare scholieren.

De flaptekst

Wat doe je, als je plotseling een grote erfenis in de schoot geworpen krijgt, maar met een lastige voorwaarde? Voor die vraag komt Leopold van Zonhoven te staan. Hij is wettelijk niet verplicht aan de voorwaarde te voldoen, maar moreel…? Hij besluit op onderzoek uit te gaan en ontmoet ‘Majoor Frans’, een rebelse jonge vrouw, die niet veel van mannen moet hebben en de schijnheiligheid van de vrouwen in haar tijd verachtelijk vindt.  Van niemand afhankelijk zijn en trouw aan zichzelf, zo wil zij zijn. Weet Leopold haar vertrouwen te winnen? Weet zij haar onafhankelijkheid te bewaren? Lees verder >>

Beatrijs: wie of wat?

 Door Marc van Oostendorp

Een weblog schrijven levert weinig op. Mensen zeggen weleens dat ik er beter mee kan ophouden, maar af en toe krijg je als blogger toch een fijne beloning. Zoals een recensie-exemplaar van Beatrijs de wereld in. Vertalingen en bewerkingen van het Middelnederlandse verhaal, een boek dat voort komt van een internationaal project en een congres (eind 2011) met dezelfde titel.

Beatrijs kun je lezen als een verhaal over identiteit. Wie ben je werkelijk? Het is het verhaal van een meisje dat jong het klooster in gaat, valt voor de charme van een man, zo de wereld in trekt, zelfs in de prostitutie verzeild raakt, aan de bedelstaf raakt, maar uiteindelijk toch terugkeert in het klooster. Daar heeft niemand haar gemist, want de maagd Maria heeft al die tijd haar plaats in genomen. Wie is nu de echte Beatrijs? De vrome maagd? De vrouw van de wereld? De gevallen vrouw? Veertien jaar – zo lang duurde het contact met de ‘echte’ wereld – waren er eigenlijk twee Beatrijzen: een op straat en een in het klooster. Wie was de echte?

Dezelfde vraag blijk je te kunnen stellen over de legende.
Lees verder >>

Handen af van Louis Couperus!

Door Marc van Oostendorp

Vandaag wordt in Den Haag de taal van Couperus gevierd, en ik mag daarbij zijn. Ik ben daar heel blij en vereerd mee, want ik houd enorm van Couperus en van Den Haag en van taal en van het Den Haag van Couperus en van de taal van Couperus en de taal van Den Haag, en ga zo maar door. 

De dag gaat besloten worden met een discussie over het ‘hertalen’ van Couperus om het werk toegankelijker te maken. Hoe langer ik over dat begrip nadenk, hoe absurder ik het vind. Ja, als mij vandaag een mening over die kwestie gevraagd wordt zal ik zeggen: wie Couperus wil hertalen, begaat een grote vergissing. Je kunt zijn werk op die manier helemaal niet toegankelijk maken, omdat je het werk kapot maakt door het te hertalen.
Hertalen gaat uit van een idee over stijl die heel gewoon is in Nederland, maar die nou net met Couperus niks te maken heeft.
Lees verder >>

Überfijne tijd in de middeleeuwen

Door Marc van Oostendorp
2013 moet het jaar worden van het Gruuthusehandschrift, die grote schat aan vooral liedteksten uit het jaar 1400. Binnenkort verschijnt er een wetenschappelijke editie van Herman Brinkman, momenteel is er in Brugge een tentoonstelling, en er is nu ook een mooi uitgegeven en geïllustreerde selectie, ook van Brinkman, van teksten uit het handschrift, met vertalingen van Maria van Daalen.
Met die vertalingen is iets wonderlijks aan de hand. Ze zijn in een wel heel populaire toon gesteld. Neem de volgende regels:

Adieu, adieu, gheselscap al,
mi ic u verbiede!
God kent die weet, waer henen sal.
Of ic van u sciede,
dochtic onder liede.

Van Daalen maakt daar, schokkend van:

Lees verder >>