Tag: Harry Mulisch

‘U bent gelukkig Harry Mulisch maar’

Door Wiel Kusters

Hoe is deze speciale editie van Harry Mulisch’ roman Siegfried met een opdracht van de schrijver aan Job Cohen in mijn boekenkast beland? Heb ik het uit de collectie van de oud-burgemeester van Amsterdam ontvreemd?

Ik heb het van hem gekregen. Job gaf het mij met de woorden: ‘Hier, dit hoort bij jou.’

Op de dag van de feestelijke presentatie van Siegfried, 1 februari 2001 in de Amstelkerk in Amsterdam, was Cohen nog maar net burgemeester van de hoofdstad. Het in ontvangst nemen van het eerste exemplaar van Mulisch’ ‘zwarte idylle’ was zijn eerste representatieve optreden in het openbaar. Met een toespraak die natuurlijk niet alleen tot de schrijver zou zijn gericht, maar over diens hoofd heen ook tot een publiek van literair geïnteresseerden. Tot de culturele elite van de hoofdstad, zo mag het misschien ook wel worden genoemd.

Lees verder >>

De aanslag: as en schuld

Vandaag is de 8e sterfdag van Harry Mulisch

Door Marc van Biezen

Dat as een belangrijk motief is in de bekendste roman van Harry Mulisch is voor de meeste lezers een bekend gegeven: de as van het brandende huis aan de kade na de aanslag, de kachel in Antons studentenkamer, de smeulende asbak van verzetsman Takes. Het slot van de roman luidt: (…) zijn schoenen sloffen en het is of zij wolkjes as opwerpen, ofschoon nergens as te zien is. De roman zou niet voor niets eerst As heten.

Ook in ander werk van Mulisch speelt as overigens een rol, maar dan een kleinere: bijvoorbeeld in de dichtbundel Opus Gran en de korte roman De elementen.

Een bijzondere variant van het as-motief in het werk van Mulisch is wat ik hierbij doop ‘de as-verbinding’: de verbinding tussen de initialen van een of meer namen van personen in het werk. De bekendste voorbeelden daarvan zijn Archibald Strohalm in Mulisch’ debuut en Anton Steenwijk in De aanslag. Mulisch’ moeder heette Alice Schwarz. Wellicht verwees de auteur met de namen van zijn personages naar haar. Lees verder >>

De meesterlijke ironie van Harry Mulisch

Door Marc van Oostendorp

In de novelle Het beeld en de klok van Harry Mulisch vindt een personage dat ‘de meester’ wordt genoemd en in wie de lezer vrij gemakkelijk de contouren van de schrijver kan onderscheiden een ironieteken uit:

Dat nieuwe leesteken had hij ingevoerd omdat hij voortdurend verkeerd werd begrepen. Omdat het uitroepteken gezien kon worden als het cijfer één met een punt eronder, ! en het vraagteken als het cijfer twee met een punt eronder, ?, was het ironieteken [een drie met een punt eronder]. Bij de aanvaarding van zijn orde in het koninklijk paleis had hij uiteengezet, dat dus nog een oneindig aantal leestekens mogelijk was, – met als culminatie: [∞ met een punt eronder].

De liefhebber van Mulisch vindt dit, als ik op mijn eigen oordeel mag afgaan, briljant. Het is ook Mulisch ten voeten uit: niet te bescheiden om de wereld niet te voorzien van een oneindig aantal leestekens, als dat ervoor kan zorgen dat de schrijver beter begrepen wordt. Lees verder >>

Het volstrekte leven in de literatuur

Herinneringen aan Harry Mulisch

Door Peter van Zonneveld

Kort geleden bezocht ik het huis van Harry Mulisch. Hij zou dit jaar negentig zijn geworden. Ik liep een half uur rond in zijn grote, aangename studeerkamer, en keek mijn ogen uit. Veel stof tot nadenken. Veel herinneringen ook. Ik was gefascineerd door zijn werk. Over die fascinatie, en de paar keer dat ik hem gesproken heb, gaat dit stukje.

Het lijkt wel of tegenwoordig alles vijftig jaar geleden is. In mei 1967 deed ik eindexamen. Mijn opstel ging over Harry Mulisch. Het heette: ‘Het volstrekte leven in de literatuur’. Het slot luidde; ‘Ik wil eindigen met een zin uit ‘Voer voor psychologen’, die voor mij nu zo bijzonder actueel is: “Terwijl ik over de drempel stap, weet ik dat ik nooit meer naar school zal gaan”’ Ik kreeg er een tien voor. Dat najaar stuurde ik het op naar Harry Mulisch. Nooit meer iets van gehoord. Lees verder >>

Sanskriet op de beat

De grootste woordenschat in nederhop

Door Alex Reuneker (Universiteit Leiden), Vivien Waszink (Instituut voor de Nederlandse Taal) en Ton van der Wouden (Meertens Instituut)

Op The Pudding – een onlinetijdschrift met ‘visuele essays’ – verscheen een interessant onderzoekje naar de woordenschat van Amerikaanse hiphopartiesten. De vraag was simpel: ‘Als literatuurliefhebbers Shakespeare roemen om zijn grote vocabulaire, hoe verhouden hedendaagse rappers zich daar dan toe?’. Onderzoeker Matt Daniels vergeleek van een aantal rappers 35000 woorden en gebruikte daarbij evenveel woorden uit Shakespeares werk en uit Melvilles Moby Dick als ijkpunt. Wat bleek? 50 Cent, Drake (zou ’ie nog komen?) en DMX scoren het laagst, met iets meer dan 3000 unieke (dus verschillende) woorden, maar GZA en Aesop Rock overtreffen zelfs Shakespeare (5170 unieke woorden) en Moby Dick (6022 unieke woorden) met meer dan 6400 unieke woorden. Dat bleef niet onopgemerkt; media als The Guardian en Rolling Stone berichtten erover.

Uiteraard zegt het aantal unieke woorden in een tekst niet zozeer iets over kwaliteit, maar het laat wel iets zien over de woordenschat van rappers. Dat gegeven leek ons – drie taalkundigen, onder wie één fervent hiphopliefhebber – interessant genoeg om hetzelfde te doen voor ‘nederhop’, Nederlandstalige hiphop. Lees verder >>

Nice, ouders, kinderen en het groene gefluister

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (18/60)

Door Marc van Oostendorp

Deze zomer publiceren nrc.next en NRC Handelsblad de roman President Tsaar op Obama Beach van A.F.Th. van der Heijden als feuilleton. De afleveringen verschijnen ’s ochtends <op de website van de krant>. In de loop van de dag blog ik een bespreking. Vandaag: aflevering 18. <blendle>

nice
Het houdt nooit op. Overal lijken. Mensen die net nog onbekommerd aan het praten waren, – woorden uitspraken die niet bedoeld waren voor de eeuwigheid, maar voor nu, voor even, voor hun vrienden:  ze liggen dood op de grond omdat er iemand was die geloofde dat er een doel was dat hoger was dan hun leven. Ouders zoeken verdwaasd op internet naar nieuws over hun enige kind, kinderen buigen zich wanhopig over het lichaam van hun moeder.

Een roman die in de krant staat afgedrukt levert natuurlijk onwillekeurig ook commentaar op wat er verder in de krant staat. President Tsaar gaat over de terroristische aanslag op de MH17 van twee jaar geleden; maar vandaag gaat het ook over die in Nice.

Lees verder >>

De ontdekking van Moskou: indrukwekkend in onafheid

Iedereen mag een mening hebben: zo zijn we netjes opgevoed. Echter, Arjan Peters’ bespreking van Harry Mulisch’ De ontdekking van Moskou (Volkskrant Boeken, 31 oktober) heeft een dusdanig grimmige toon, dat de lezer een stevige vooringenomenheid bij de recensent kan vermoeden. Peters’ gêneloze suggesties waar het de intenties van Mulisch’ ‘vrienden en familie’ betreft (kort samengevat, ‘paladijnen’ hebben een stervende simpleton toestemming ontfutseld om onpublicabel werk toch te kunnen uitgeven) lijken me te ongepast om er woorden aan te besteden. Zijn weergave van de inzet van de bezorgers van De ontdekking van Moskou is echter dusdanig gechargeerd en aantoonbaar onjuist, dat nuancering wenselijk is.

In Peters’ beleving worden ‘de levenloze brokstukken van een onleesbare roman’ verkocht als ‘de sublieme spil in het oeuvre’. Niet waar: Heumakers en Mathijsen wijzen zorgvuldig op de complexe status die dit manuscript heeft, en op de problemen die aan publicatie kleven. Niemand suggereert ‘subliem’, Heumakers spreekt van een ‘complex poëticaal monster’, en van een ‘met eer bezweken’ werkstuk. 

Lees verder >>

Leven in de steenklomp

Door Marc van Oostendorp


Hoe vaak zal Sander Bax de komende dagen geïnterviewd worden? Ik hoop: heel vaak en in heel veel media, want hij heeft een magistraal boek geschreven over Harry Mulisch, dat erin slaagt op een overtuigende manier allerlei nieuwe samenhang te laten zien in het oeuvre van de in 2010 overleden schrijver.

Het is een boek dat doet wat zo’n boek moet doen – je er intens naar laten verlangen om zelf weer zo snel mogelijk een boek van de meester op te slaan. De enige reden dat je dat niet doet is omdat De Mulisch Mythe zélf zo goed en meeslepend geschreven is, en zo helder en nuchter zoveel duidelijk maakt.

Nog een betere vraag: hoe vaak zal Bax tijdens die interviews gevraagd worden naar de Nobelprijs die Mulisch nooit kreeg? Hij schrijft met enige ironie over de manier waarop de media Harry Mulisch in beeld brachten. Hoe Sonja Barend bijvoorbeeld als ze hem interviewde in 1988 haar vraag uit 1982 herhaalde wat hij ervan vond als critici de plot van zijn boek verraadden.
Lees verder >>

Harry Mulisch, Het stenen bruidsbed

In samenwerking met het Letterkundig Museum brengt het Nationale Toneel de roman Het stenen bruidsbed van Harry Mulisch tot leven. Met dit meesterstuk schreef Harry Mulisch een roman over daders en slachtoffers in tijden van oorlog. Als Amerikaanse gevechtspiloot nam Norman Corinth deel aan het bombardement op Dresden. Elf jaar later keert hij terug naar de plek des onheils.

Vanaf 28 mei is de voorstelling Het stenen bruidsbed te zien in de theaters. Het Letterkundig Museum en het Nationale Toneel brengen samen ook een reeks aan verdiepende activiteiten. Van interviews en themamiddagen tot nabesprekingen met gastsprekers, acteurs en de regisseur. Ook ontwikkelen de instellingen een gezamenlijke educatieve website die de bezoeker onderdompelt in het verhaal van Het stenen bruidsbed en confronteert met thema’s als macht en moraliteit, goed en kwaad. De voorstelling speelt eerst exclusief twee weken in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag (tot en met 15 juni) en vanaf september door het hele land.

Meer informatie:
Het Nationale Toneel
Letterkundig Museum1
Letterkundig Museum2
Making of

Connectives in the work of Harry Mulisch

Nieuwe aflevering van het spannende misdaadfeuilleton ‘De verleden tijd van lijken’

Door Marc van Oostendorp

Veel tijd om na te denken over de vraag welke student hem zo’n raar bericht via Facebook had gestuurd, had Wouter Pieterse, hoogleraar Financiële Letterkunde, niet. Zonder kloppen stond daar ineens Femke Nooitgenoeg midden in zijn kamer, een postdoc die altijd een beetje boos keek en van wie Wouter altijd vergat wat voor onderzoek ze ook alweer precies deed. Iets met de vraag hoe het kwam dat Willem Frederik Hermans in Onder Professoren relatief vaker de letter r gebruikte dan in Uit talloos veel miljoenen. Maar het fijne wist hij er niet van.

“Zeg!” riep Femke, “wat gaan we toch allemaal nou weer bij elkaar krijgen!” Ze keek ongegeneerd op Wouters beeldscherm. “Beetje zitten Facebook’en? Jij hoeft natuurlijk niet te werken, he? Jij hebt je vaste aanstelling binnen.” Femke was voorzitter van het universitaire postdocplatform en dol op cijfers en op politiek.

Lees verder >>

Kletskoppen van Harry Mulisch

64+1 is een aardige nieuwe verzameling voetnoten bij De ontdekking van de hemel door de schaker en schrijver Jan Timman. De opmerkingen gaan over van alles en nog wat: de gebroeders Karamazov, de personen Harry Mulisch en Jan Hein Donner, de vraag hoeveel mensen hun kinderen tegenwoordig nog Quinten noemen, en zo verder.

Het is niet Timmans bedoeling om een geheel nieuwe kijk op het boek te geven, hij fladdert een beetje van het ene naar het andere detail. Zelfs de titel (64+1) suggereert meer structuur dan er in dit boek zit. Ja, het telt 65 hoofdstukjes, zoals De ontdekking ook 65 hoofdstukken had, terwijl Mulisch het boek voltooide rond zijn 65e verjaardag. En ja, een schaakbord heeft 64 velden. Maar een belangwekkend verband tussen die getallen – althans belangwekkender dan 65=64+1 – toont Timman niet aan. Het blijft een getallenspelletje.

Nu houd ik heel erg van voetnoten, deze blogpost wil weer een voetnoot zijn bij een voetnoot van Timman; wanneer iemand er hieronder weer commentaar op schrijft, dan is dat weer een voetnoot bij mijn voetnoot op die voetnoot.

Lees verder >>

Nws: Word Vriend van het Harry Mulisch Huis!

Harry Mulisch woonde en werkte aan de Leidsekade in Amsterdam. Zijn werkkamer is een gestolde weergave van zijn oeurvre. Stichting Vrienden van het Harry Mulisch Huis en het Letterkundig Museum realiseren het Harry Mulisch Huis, waarbij de werkkamer in oorspronkelijke staat bewaard blijft en toegankelijk wordt voor het publiek.

Niemand kan zonder vrienden. Voor het realiseren en in stand houden van een Harry Mulisch Huis zijn die dan ook hard nodig. Voor €25 per jaar wordt u Vriend van het Harry Mulisch Huis. U ontvangt een uniek welkomstgeschenk als u €25 (of meer) overschrijft op rekeningnummer 227371267 t.n.v. Stichting Vrienden van het Harry Mulisch Huis, Amsterdam (ANBI-stichting). Graag met vermelding van uw naam, adres en e-mailadres. U kunt ook zich laten registreren als geïnteresseerde/vriend via http://www.harrymulischhuis.nl.

Stichting Vrienden van het Harry Mulisch Huis, Leidsekade 103 1017 PP Amsterdam