Tag: Guido Gezelle

Zoetgevooisde vinders: Henry Wadsforth Longfellow en Guido Gezelle

Door Peter J.I. Flaton 

Toen Longfellow in 1868 in audiëntie ontvangen werd door koningin Victoria, merkte die tot haar verbazing dat haar personeel op gepaste afstand samendromde om een glimp van de dichter op te vangen: al die kamermeisjes en lakeien bleken zijn werk te kennen: ‘Such poets wear a crown that is imperishable’, noteerde ze (hier en in wat volgt, laat ik me leiden door: Nicholas Barbanes, Cross of Snow: a Life of Henry Wadsforth Longfellow, New York, 2020). Dat die kroon hem intussen ontnomen is (tegen de ingetogen Emily Dickinson en de zo barokke Walt Whitman, als voorlopers van het modernisme gezien, heeft hij het moeten afleggen), weerspreekt niet, dat Longfellow bij leven immens populair is geweest als vertaler en als creatief auteur.

Lees verder >>

Hallelu-jah en Hurrahing: Gezelle en Hopkins naast elkaar

British Jesuit and poet Gerard Manley Hopkins (1844 – 1889). (Photo by Hulton Archive/Getty Images)

Door Peter J.I. Flaton 

In zijn kantteking bij mijn artikel Gezelle en Hopkins: twee zielsverwante dichters vroeg C.W. Schoneveld zich af, of Gezelle Hopkins’ poëzie gekend heeft of dat hier louter sprake is van toeval. 

Mijn antwoord luidde, dat Christine D’haen er rekening mee hield, dat Gezelle inderdaad gedichten van hem onder ogen zou kunnen hebben  gehad en uit deze vvtt blijkt al dat zij een ruime hypothetische slag om de arm hield. 

Lees verder >>

Gezelle en Hopkins: zielsverwante dichters

Door Peter J.I. Flaton 

De voorgenomen sluiting van het Brugse Gezellemuseum, de ‘cri de coeur’ van Prof. Frank Willaert en mijn artikeltje in Neerlandistiek daartegen in het geweer te komen, deden als vanzelf de vraag rijzen, of niet ook Guido Gezelle intussen een dichter met nog slechts een naam is geworden (naar de titel van A.L. Sötemanns essaybundel uit 2003: Dichters die nog maar namen lijken). 

Lees verder >>

O schrijverke, schrijverke

Door Roland de Bonth

Wie Neerlandistiek per mail volgt, treft in zijn inbox elke ochtend een dagoverzicht met alle artikelen van de vorige dag aan. Dit overzicht opent steevast met een gedicht, geplaatst door Raymond Noë. Bij zijn keuze laat hij zich doorgaans leiden door de actualiteit of de tijd van het jaar. Zo plaatste hij op 2 januari het gedicht ‘Ik wens U een jaar’ van Guido Gezelle. Althans, aan deze Vlaamse dichter werd het gedicht op diverse internetsites toegeschreven. In reacties op die post twijfelden enkele lezers openlijk aan deze toeschrijving. Vooral het gebruik van de woorden creativiteit en alfabet deed hen de wenkbrauwen fronsen. Inmiddels wordt op Neerlandistiek bij het gedicht vermeld dat de schrijver anoniem is. 

Lees verder >>

Nieuwe website over Guido Gezelle

Met trots stelt de Openbare Bibliotheek Brugge de nieuwe website www.Gezelle.be voor. De Brugse openbare bibliotheek is een erfgoedbibliotheek en bewaart o.a. het Gezellearchief. De duizenden documenten – brieven, poëziehandschriften, taalkundige notities, enz. – komen op de nieuwe site tot leven in verhalen, citaten, foto’s, geluidsfragmenten en filmpjes. Van de schandelijke Lady Smith tot de indiaan in Gezelle: je ontdekt er alles wat je nog niet wist over de bekende priester-dichter. Via artificiële intelligentie slaagden we er zelfs in om te tonen hoe Gezelle er als kind moet hebben uitgezien.

Afbeelding: ‘scheldblad’ van de 25-jarige Gezelle.

29 november 2019, Antwerpen: Ruusbroecdag 2019, Verlatenheid in de mystiek

Ic roepe, ic claghe:
de minne hevet de daghe
ende ic de nachte ende orewoet

(Hadewijch, Lied 18)

Het gevoel van verlatenheid is een kernthema in de liefdesmystiek. In de queeste naar de goddelijke geliefde ervaart men onvermijdelijk zowel aanwezigheid als afwezigheid. Mystieke auteurs hebben deze paradoxale ervaring met krachtige beelden weten te verwoorden: de woestijn, de donkere nacht, de diepe afgrond, de onstilbare honger, het razende verlangen … Op deze Ruusbroecdag laten we eerst christelijke mystici uit het verleden aan het woord over de ervaring van verlatenheid. In een tweede deel verkennen we literaire articulaties van verlatenheid en mystiek in de moderne tijd.

Lees verder >>

23 november 2019, Brugge: Studienamiddag over Guido Gezelle en de muziek

“’t Is waarlijk geheel schoon en goed geschikt om er muziek over te maken.”

Studienamiddag georganiseerd door het Guido Gezellegenootschap, in aanloop naar het Ryelandt-stadsfestival

Zaterdag 23 november 2019, Orgelzaal van het Stedelijk Conservatorium Brugge, van 13.30 tot 16.30 uur

Er wordt gezegd dat Guido Gezelle niet zo’n goede zanger was. Dit neemt niet weg dat heel wat teksten van hem op muziek gezet zijn, tijdens zijn leven en na zijn dood. Maar liefst 700 componisten vonden muzikale inspiratie in Gezelles gedichten. Dat zijn teksten vaak zeer muzikaal zijn, met een groot gevoel voor ritme en klank, heeft ongetwijfeld daartoe bijgedragen.

Lees verder >>

Hier is de man uit Vlanderlan

De dichter Guido Gezelle had ook humor. Frank Willaert neemt van deze reeks van zeven mini-colleges afscheid met het gedicht “Hier is de man uit Vlanderlan'” uit Tijdkrans. Een marskramer die “beeksla” (waterkers) verkoopt, brengt met alle mogelijke argumenten zijn waar aan de man, maar heeft er zelf een hekel aan. Aardappels (“kardoefels”) zijn meer naar zijn zin.

(Bekijk deze video op YouTube.)

‘k En hoore u nog niet, o nachtegale

Vanaf de jaren 1880 breekt in het leven van Gezelle een vruchtbare lyrische periode aan, die zijn eerste neerslag vindt in de bundel Tijdkrans van 1893. Daarin komen veel natuurgedichten voor, die echter ook hier een religieuze boodschap bevatten. Hoewel de prosodie weer vaster is dan in zijn Gedichten, gezangen en gebeden, getuigen ook deze gedichten van een buitengewone taalvirtuositeit, zoals dit gedicht, waarin vogels tot werkwoorden worden.

(Bekijk deze video op Facebook)

Vier Kleengedichtjes

In 1860 gaf Gezelle een reeks van drieëndertig minigedichtjes uit, die getuigen van een grote liefde voor het spelen met taal, klank en rijm, en meer dan eens gebaseerd zijn op de volkspoëzie. Later zou hij nog twee extra reeksen maken en die ook nog uitbreiden met wat hij rijmreken, nageldeuntjes, en spakerlingen noemde, kleine poëziesplinters van twee, drie, hoogstens vier verzen. In dit filmpje leest Frank Willaert (Universiteit van Antwerpen) een viertal Kleengedichtjes.

(Bekijk deze video op YouTube.)

Een bonke keerzen kind!

Door Frank Willaert

De poëtische vrijheden die Gezelle zich in zijn tweede bundel Gedichten, gezangen en gebeden (1862) veroorloofde, waren ongekend in de Nederlandse poëzie van zijn tijd en botsten dan ook op het onbegrip van de weinige literaire critici die op zijn bundel reageerden. Een treffend voorbeeld van Gezelles vormexperimenten biedt het gedicht Een bonke keerzen kind!, dat al uit zijn Roeselaarse periode (1858 of 1860) dateerde en dat hij opdroeg aan zijn lievelingsleerling Eugene van Oye.

(Bekijk deze video op YouTube.)

Hei da lieve druppel water

Dit gedicht komt uit de bundel Gedichten, gezangen en gebeden die Gezelle te Brugge publiceerde in 1862. De bundel was bedoeld om Vlaamse katholieke studenten geestelijke ontspanning én leiding te geven. Ook al bevat dit gedicht op het eerste gezichten enkel een virtuoze beschrijving van een waterdruppel, ongetwijfeld gaat het hier ook om de ziel, die haar kristallen zuiverheid verliest zodra zij zich op het aardse richt.

(Bekijk deze video op Facebook.)

Traagzaam trekt de witte wagen

Deze week leest Frank Willaert gedichten van Guido Gezelle voor. Vandaag een gedicht uit Gezelles Kerkhofbloemen, een brochure met een episch-lyrisch verslag van de begrafenis van Gezelles leerling Eduard van den Bussche in het dorpje Staden bij Roeselare op 5 mei 1858. Gezelle stelde de brochure samen in de dagen die onmiddellijk volgden op de begrafenis.

(Bekijk deze video op YouTube.)

 O ’t ruischen van het ranke riet

“De populariteit van Gezelle staat op een laag pitje”, liet de Brugse schepen van Cultuur zaterdag optekenen in de krant. In afwachting dat men in Brugge besluit er wat aan te doen, draagt de Antwerpse hoogleraar Frank Willaert alvast een klein steentje bij door deze week elke dag een gedicht van Gezelle op Facebook te zetten. Met toestemming van Willaert plaatsen wij ze door.

Vandaag “O ’t ruischen van het ranke riet” uit Gezelles eerste bundel Dichtoefeningen van 1858.

(Bekijk deze video op YouTube.)

24 november 2018, Brugge: Studiedag over Gezelle en de politiek

‘De penne is den goedendag van dezen tijd!’ Gezelle in het politieke strijdperk
Studiedag georganiseerd door het Guido Gezellegenootschap

Zaterdag 24 november 2018, Van Ackerzaal Openbare Bibliotheek Brugge, van 13.30 tot 16.30 uur

In politieke discussies gaat het vaak hard tegen hard. In de 19de eeuw is dit niet anders. In kranten en pamfletten bestrijdt men de tegenstander in niet altijd even subtiele bewoordingen. In het katholieke kamp is Guido Gezelle één van de scherpe, soms giftige pennen, die wordt ingezet – het citaat in de titel is dan ook van hem. De jaarlijkse studiedag van het Gezellegenootschap plaatst de schrijver en zijn werk deze keer tegen de achtergrond van (of beter: middenin) de politieke strijd van die dagen. Lees verder >>

‘En oost en west nu schrijft naar Brugge om ‘Sanctjes’ naar den ouden trant.’ Gezelle en het neogotische drukwerk

Studiedag georganiseerd door het Guido Gezellegenootschap Zaterdag 2 december 2017, Vriendenzaal Musea Brugge, van 10u tot 15.30u
Jaarlijks organiseert het Guido Gezellegenootschap een studiedag die de dichter, journalist en schrijver in de bredere culturele context van de 19de eeuw plaatst. Dit jaar ligt de focus op het religieuze, neogotische drukwerk, dat in de 19de eeuw door de katholieke kerk volop werd verspreid. Ook Gezelle zette mee zijn schouders onder de promotie en verspreiding van dit drukwerk. Drie sprekers belichten dit thema vanuit evenveel invalshoeken: taal, beeld en techniek. Lees verder >>