Tag: Gronings

Hongerige Wolf

Door Bas Jongenelen

Het sonnet is een van mijn favoriete literaire vormen, vooral als het om een sonnettenkrans gaat. Zodra ik ergens de getallen 14 of 15 in de omgeving van een sonnet zie, dan let ik extra op. Iemand wees mij op de dichtbundel Hongerige Wolf van Yur, een bundel van 15 sonnetten – nou, in die bundel was ik natuurlijk meteen geïnteresseerd. Ook omdat Yur het pseudoniem is van Jurrie Bosker (pseudoniem van R.K. Doff) en Bosker heeft eerder sonnettenkransen geschreven. Zij het niet al te strakke kransen. Zou Hongerige Wolf een echte sonnettenkrans zijn?

Lees verder >>

10 moal Dag van de Grunneger toal; Focus op het Nedersaksisch, Grunneger vraauwen en het Gronings digitoal

Op zaterdag 16 maart 2019 vindt de 10e Dag van de Grunneger toal plaats in en om het Groninger Archieven gebouw aan het Cascadeplein in Stad. Groninger muziek, poëzie, theater en wetenschap passeren de revue en zullen zorgen voor verwondering. De Dag, die plaatsvindt in de Meertmoand Streektoalmoand, wordt geopend door gedeputeerde Henk Staghouwer. Tijdens de opening zal het Groninger woordenboek van Ter Laan centraal staan, waarbij de gebruiksrechten overgedragen worden aan de nieuwe, digitale taaldatabank van het Gronings: WoordWaark. Ook zal Staghouwer een bijzonder nieuw Groningstalig tijdschrift voor het basisonderwijs aanbieden: de Wiesneus. De verdere presentatie van de Dag is in handen van Janneke Vos. Lees verder >>

Martijn Wieling benoemd tot bijzonder hoogleraar Nedersaksische en Groningse taal en cultuur

Dr. Martijn Wieling is benoemd tot bijzonder hoogleraar Nedersaksische en Groningse Taal en Cultuur. De 37-jarige geboren Emmenaar gaat onderzoek doen naar het Nedersaksisch en naar de Groningse varianten ervan. Zijn aanstelling is voor vier jaar.

Lip- en tongbewegingen

Wieling promoveerde in 2012 cum laude aan de Rijksuniversiteit Groningen op variatie in dialecten in Nederland. Hij onderzocht daarin de lip- en tongbewegingen tijdens het spreken van streektalen. Lees verder >>

Wij bin / wij binne

Door Henk Wolf

De meervoudsvorm van Friese werkwoorden in de tegenwoordige tijd krijgt als regel een van de uitgangen -e of -je. Zo staat dat in alle boekjes, zo is het in de schrijftaal, zo doen de nieuwslezers van Omrop Fryslân het.

Alleen in de dagelijkse praktijk is het nog weleens anders. Er is namelijk een groep werkwoorden waarbij de meervoudsuitgang -e kan worden weggelaten. De uitgang -je wordt nooit weggelaten. Zo hoor je bijvoorbeeld:

Wij gean moarn fuortl (schrijftaal: geane)
De minsken sil der (of: sidder) wol wat op betocht ha. (schrijftaal: sille)
We bin der al. (schrijftaal: binne)

Lang niet alle werkwoorden hebben zo’n korte meervoudsvorm. Zo kom je nooit tegen: Lees verder >>