Tag: geschiedenis

De samenleving maakt de schrijver, de schrijver maakt de samenleving

Door Marc van Oostendorp

Waaruit bestaat de literatuurgeschiedenis? Uit meesterwerken? Uit elkaar almaar bestrijdende generaties met steeds weer nieuwe ideeën over wat een goed boek is? Uit genieën die af en toe opstaan en iedereen anders laten kijken? Uit een economie van uitgeverijen, geleerde genootschappen en krantenredacties?

Rick Honings en Lotte Jensen zien het anders. De bouwstenen van hun geschiedenis van de Nederlandse literatuur in de 18e en 19e eeuw, Romantici en revolutionairen, zijn schrijverstypen: de dominee-dichter, natuurlijk, maar ook de criticus, de (vroege) romanschrijver, de Spectator, enzovoort.

Zo’n schrijverstype valt niet precies samen met een stroming, maar is breder. Sommige stromingen zijn bij Honings en Jensen ook terug te vinden als type – de romanticus, bijvoorbeeld, of de Tachtiger –, maar zelfs dat is al een andere interpretatie. Een stroming heeft een programma, een ideaalbeeld van hoe de literatuur eruit zou moeten zien; een schrijverstype is duidelijker een sociologisch fenomeen, je wordt een bepaald soort schrijver omdat er behoefte aan is in de samenleving, omdat jij die behoefte voelt. En omdat jij en je collega’s bepaalde teksten schrijven, duw je de samenleving een bepaalde kant op, al is het maar een klein beetje.

Lees verder >>

Museumstukken van taal

Door Marc van Oostendorp

1914 was het jaar dat Husserl schreef Zurück zu den Sachen selbst (‘terug naar de dingen zelf!), dat het vol in Parijs riep Ils ont tué Jaurès! (‘ze hebben Jaurès gedood’), dat de Britse schrijver H.G. Wells het in de krant had over the war to end war (‘de oorlog die de oorlog zal beëindigen’), de Franse president Raymond Poincaré stelde La mobilisation n’est pas la guerre (‘mobilisatie is geen oorlog’) en de Britse minister Grey of Fallodon dacht The lamps are going out over all Europe; we shall not see them again in our lifetime (‘De lampen gaan overal in Europa uit; we zullen ze in ons leven niet meer zien ontsteken’).

Het zijn een paar voorbeelden uit het nieuwe boek van Paul Claes, Wie zei dat? 500 historische oneliners. Zoals veel van Claes’ werk gaat dit boek niet expliciet over taal, maar zet het wel aan het denken.

Op de hem eigen zorgvuldige en erudiete manier brengt Claes in chronologische volgorde een groot aantal uitspraken, zinnetjes, woordgroepen die een rol hebben gespeeld in de geschiedenis. Die wordt, volgens zijn voorwoord, “evenzeer geschreven door woorden als door daden. Slagzinnen hebben massa’s gemobiliseerd, met strijdkreten werden oorlogen gewonnen en bon mots hebben tegenstrevers gekraakt.”

Lees verder >>

De durf van het grote gebaar

Door Marc van Oostendorp

Eind vorig jaar werd Rens Bod volkomen terecht door de Universiteit van Amsterdam uitgeroepen door UvA’er van het jaar. Hij is een academicus die zijn verantwoordelijkheid als intellectueel neemt. Hij is enorm breed belezen, heeft twee jaar geleden een zware administratieve taak op zich genomen, is een van de belangrijkste drijvende krachten achter WO in actie, en ontpopte zich de laatste jaren behalve als informaticus en taalkundige ook nog eens als historicus van de wetenschappen.

Enkele jaren geleden verscheen van hem De vergeten wetenschappen, waarin hij liet zien hoe belangrijk geesteswetenschappen waren geweest in de ontwikkeling van ‘de’ wetenschap. In een nieuw boek, Een wereld vol patronen, zet hij die lijn door – nu nóg grootser opgezet: dit boek gaat, aan de hand van 10 casuswetenschappen, waaronder wiskunde, sterrenkunde, taalkunde, geschiedswetenschap en rechtswetenschap over de ontwikkeling van álle wetenschap, over de hele wereld en sinds we iets weten over de cognitie van homo sapiens.

Lees verder >>

Wereldgeschiedenis is de geschiedenis van metaforen

Door Marc van Oostendorp

Als de Amerikanen Sapir en Whorf gelijk hadden, zou er een goede wereldgeschiedenis te schrijven zijn aan de hand van de taalgeschiedenis. Volgens de zogeheten Sapir-Whorf-hypothese bepaalt de taal het denken. En als we aannemen dat de manier waarop de mensen denken de loop van de geschiedenis bepaalt, zijn taalveranderingen dus belangrijk bij het begrijpen van de veranderingen in de wereld.

De Amerikaanse schrijver Jeremy Lent heeft geprobeerd precies zo’n boek te schrijven: een dat de grote lijnen van de wereldgeschiedenis beschrijft in termen van veranderingen in de taal.

Zijn voornaamste uitgangspunt daarbij is de tak van de taalkunde die de laatste decennia sowieso de sterkste invloed heeft gehad in andere geesteswetenschappen: de cognitieve taalwetenschap, met name de theorieën over  het belang van metaforen voor het denken van George Lakoff (Lucas schreef er onlangs over op Neerlandistiek; en gisteren had De Correspondent er een aardig overzichtsartikel over).

Volgens die theorie kan de mens over abstracte dingen alleen in beeldspraak denken. We hebben misschien ons lichaam dat we kunnen voelen en waarover we rechtstreeks denken, net als over sommige zaken die we min of meer rechtstreeks waarnemen. Maar alles dat een beetje complexer is dan dat, kunnen we alleen begrijpen in metaforische termen.

Lakoff en zijn medewerkers hebben laten zien dat (cultureel bepaalde) metaforen ons hele denken doordesemen. In veel culturen staat boven bijvoorbeeld voor goed en beneden voor slecht (hij zit in de put, het gaat bergafwaarts). Uiteindelijk zijn misschien wel alle categorieën waarin we denken te zien als metaforen en bouwen we uiteindelijk weer nieuwe metaforen bovenop oude.  Lees verder >>

Opkomst en ondergang van de Republiek der Letteren

Door Marc van Oostendorp

In de zestiende eeuw begonnen Europese geleerden een grote onderlinge verbondenheid te voelen – een verbondenheid over grote afstand die soms groter was dan die met de mensen direct om hen heen. Dat kwam tot uitdrukking in een metafoor die ze gebruikten voor hun onderling contact: de Republiek der Letteren, een informele staat waarvan de burgers amicaal met elkaar omgingen en waarin een belangrijke eis was dat je de uitkomsten van je onderzoek niet voor jezelf hield, maar met andere geleerden deelde. Communicatie was de belangrijkste burgermansplicht in deze virtuele republiek.

De Nijmeegse historicus Hans Bots heeft een belangrijk deel van zijn carrière besteed aan onderzoek naar de geschiedenis van deze ‘republiek’, van het vroege ontstaan in de zestiende eeuw tot het moment in de achttiende eeuw dat de ‘republiek’ oplost, eigenlijk vooral doordat de geleerden steeds meer geïntegreerd raken in de ‘gewone’ samenleving. De oorspronkelijke geleerde tijdschriften richten zich dan bijvoorbeeld steeds meer op een breder publiek van geleerden. Lees verder >>

Help ons aan nieuwe sonnetten in het Nederlands!

Door Marc van Oostendorp

Ongeveer 450 jaar geleden verscheen het eerste Nederlandstalige sonnet. Ik ben dat al een paar jaar aan het vieren met een overzicht van die geschiedenis in 14×14=196 sonnetten.

Die reeks zal in het najaar van 2018 voltooid worden. Wat zou een mooiere manier zijn om om deze reeks af te sluiten dan door 14 hedendaagse dichters uit Nederland en Vlaanderen te vragen om een nieuw sonnet te schrijven.

Die dichters heb ik gevonden! Van Ester Naomi Perquin tot en met Elly de Waard – allen hebben toegezegd dat ze een nieuw sonnet willen schrijven. Maar daarvoor moeten ze natuurlijk wel in de gelegenheid worden gesteld – door ze te betalen.

De donkere dagen komen er aan! Wat een tijd om de geschiedenis van het Nederlandstalige sonnet te vieren! Vooral als je af en toe of regelmatig Neerlandistiek, leest, of de Coster-lijst (waarmee we in dit geval samenwerken). Je doet dat altijd gratis. We willen dat graag zo houden, maar ik zou jullie nu deze keer – voor het eerst en we hebben geen andere plannen – willen vragen om een keer een bijdrage te storten om ervoor te zorgen dat we zo de geschiedenis van het Nederlandse sonnet volgend jaar op een mooie manier kunnen afsluiten. Iets om naar uit te kijken voor mij en voor Neerlandistiek en daarmee hopelijk ook voor jullie!

Dat kan op de website van Voor de kunst. Ieder bedrag is er welkom, je kunt anoniem geven of een boodschap achterlaten. Wanneer we ons doel niet halen, krijg je gegarandeerd je geld terug. Je vindt op de site ook meer informatie over dit project!

De eerste paar honderd euro zijn al binnen!

26 en 27 oktober 2017: Congres ‘Festiviteiten in de vroegmoderne Nederlanden’

Op 26 en 27 oktober vindt in Groningen het jaarcongres plaats van de Vlaams-Nederlandse Vereniging voor Nieuwe Geschiedenis (VNVNG). Het thema is: festiviteiten in de vroegmoderne Nederlanden.

Voertaal: Nederlands en Engels
Praktische informatie: programma jaarcongres Groningen 2017
Locatie: Van Swinderenhuys (Glazen Zaal), Oude Boteringestraat 19, Groningen
Inschrijving: tot maandag 16 oktober 2017 per e-mail en door tegelijkertijd het verschuldigde bedrag over te maken op de rekening van de vereniging: IBAN BE96 0682 3425 2805 / BIC: GKCCBEBB (VNVNG te Brussel), onder vermelding van ‘Jaarcongres 2017’, met daarbij ‘Deelname gehele congres’ of ‘Deelname donderdag’ of ‘Deelname vrijdag’. Deelname aan het congresdiner s.v.p. apart vermelden. Lees verder >>

Call for papers Achter de verhalen 2018

In 2016 vond in Groningen de bijzonder geslaagde zesde editie plaats van Achter de verhalen, het tweejaarlijkse congres voor de moderne letterkundige neerlandistiek.

De zevende editie zal van 18 tot 20 april 2018 in Antwerpen worden gehouden. Onder de titel De terugkeer van de geschiedenis zullen twee grote thema’s alsmede een speciale casus centraal komen te staan. Thema’s en casus zullen niet apart worden behandeld, maar drie dagen lang door elkaar aan bod komen:

Thema 1/ De invloed van historische gebeurtenissen op het thematische repertoire van fictieschrijvers, op poëticale evoluties alsook op literatuurwetenschappelijke paradigma’s

Lees verder >>