Tag: gender

Sam Smith en hun voornaamwoorden

Door Ronny Boogaart

Sam Smith. Bron: Wikimedia

Volgens het Algemeen Dagblad van 13 september jl. wil de Britse zanger Sam Smith voortaan niet meer met hij worden aangesproken, maar met hen of hun, aangezien hij zich niet exclusief mannelijk of vrouwelijk voelt. Ik vraag me af hoeveel lezers van het AD dit bericht begrijpen. Ikzelf in elk geval niet meteen. Wat moet ik nou zeggen als ik Sam tegenkom of een stukje over hem/hen/hun schrijf?

Als je Sam Smith tegenkomt

Om te beginnen suggereert het bericht dat Sam Smith nu wel steeds met hij wordt aangesproken, maar dat lijkt mij sterk. Als mensen dat bij mij zouden doen, zou mij dat ook irriteren, maar dat heeft niet zoveel met non-binariteit te maken. Bovendien is het erg verwarrend:

  • Zeg Sam, komt hij dit jaar nog in de Ziggo Dome optreden?  

Als deze vraag aan Sam Smith wordt gesteld, kan hij niet naar de zanger zelf verwijzen. Dat probleem bestaat ook als je hen of hun gebruikt, zoals Sam Smith volgens het AD ‘aangesproken wil worden’:

Lees verder >>

Jan Campert als man

Door Marc van Oostendorp

Jan Campert

Jan Campert (1902) is de dichter van één gedicht, De achttien dooden (‘Een cel is maar één meter lang / en nauw twee meter breed’). Maaike Meijer analyseert het in het nieuwe nummer van Nederlandse letterkunde. Dat nummer is helemaal gewijd aan mannelijkheid‘ en Meijers artikel gaat specifiek over de rol van mannelijkheid in drie ‘telsten’: behalve dat gedicht van Campert ook De donkere kamer van Damokles en de film Casablanca.

Het interessante van Meijers aanpak is dat ze haar smaak altijd laat meewegen. Ja, Nederlandse letterkunde is een wetenschappelijk tijdschrift; maar voor Meijer is dat geen belemmering om te vermelden dat de laatste strofe van De achttien dooden haar ontroert:

Lees verder >>

Talen zijn voor vrouwen

Door Marc van Oostendorp

Waarom leren echte mannen geen vreemde talen? Over die wonderlijke vraag gaat een nieuw artikel in het tijdschrift Group Processes and Intergroup Relations.  Althans, voor zover we willen aannemen dat Canadese echte mannen representatief zijn voor alle echte mannen én voor zover je een met allerlei empirisch onderzoek gestaafde verklaring dat echte mannen geen talen leren omdat ze dat iets voor vrouwen vinden, interessant vindt.

Ik zou echter dan willen weten: waarom vinden die mannen dat? Terwijl de auteurs lijken te denken: die mannen vinden dat omdat ze het leren van talen met vrouwelijkheid associëren. Bij mij thuis noemen we dat geen verklaring, maar een herformulering.

Misschien omdat ze zich niet echt in de uitgebreide sociolinguïstische literatuur over het fenomeen hebben verdiept, missen ze een aantal interessante connecties. Het lijkt mij in ieder geval niet zo maar een of andere toevalligheid, dat die Canadese echte mannen geen talen willen leren, iets dat ook net zo goed andersom had kunnen zijn. Lees verder >>

Gender in de literatuur: de vanzelfsprekendheden zijn veranderd

Door Toos Streng

Ik wil graag reageren op de bijdrage van Freek van de Velde, over Gender-obsessie in de literatuurwetenschap, Neerlandistiek 17 april 2019, waarin ik word genoemd als een van de drammerige, gelijkhebberige, verongelijkte, onder gebrek aan erkenning lijdende en daarom moraliserende cultuurwetenschappers met een verborgen agenda.

Toen ik midden jaren negentig vertelde dat ik een boekje aan het schrijven was over vrouwen en schrijverschap in de negentiende eeuw, reageerde een weledelzeergeleerde, gespecialiseerd in de letterkunde van de negentiende eeuw, dat hij het onderwerp niet begreep: Bosboom-Toussaint was toen toch een algemeen gerespecteerd schrijfster? Hij zag er geen onderwerp in: je onderzoekt toch ook niet het verschil in omstandighden tussen blonde en bruinharige auteurs? Lees verder >>

Gender-obsessie in de literatuurwetenschap

Door Freek Van de Velde

Er verschijnen de laatste tijd nogal wat stukken waarin de literatuurwetenschap ervan langs krijgt: essays van, onder anderen, Kees ’t HartSebastien Valkenberg, Arnon Grunberg, en Carel Peeters wrijven het de literatuurwetenschappers aan dat ze een moraliserende agenda hebben. Ze willen auteurs beschuldigen of ontmaskeren: de demografie van de roman vinden ze een nare wereld, met te veel blanke mannen. De literatuurwetenschappers reageren soms gepikeerd, soms verontschuldigend, soms ontwijkend (hier, of hier). En ze worden nu gesteund door Marc van Oostendorp (hier). Een van de tegenargumenten van Van Oostendorp is dat literatuurwetenschappers helemaal niet met het geheven vingertje staan te zwaaien, maar gewoon registeren waar de literatuur over gaat, en dat dat wetenschappelijk interessant is.

Nu kun je veel inbrengen tegen de beschuldigende essayisten genre Valkenberg, ’t Hart en Peeters. Een interessante observatie van Van Oostendorp is bijvoorbeeld dat de essayschrijvers met hun l’art pour l’art pleidooi zelf ook normerend zijn. Of het argument dat reductie (“ééndimensionaal lezen”) tot de kern van de wetenschappelijke methode behoort. Maar het argument dat de literatuurwetenschappers niet vemanend met dat vingertje staan te zwaaien, is niet zo sterk, vind ik. Lees verder >>

Waarom lezen vrouwen zulke slechte boeken?

Is een literair boek écht beter dan een vrouwenboek? Corina Koolen vertelt je waarom het in hokjes delen van chicklits en “echte” literatuur vaak verkeerd is.

(Bekijk deze video op YouTube.)

Dit is een college in samenwerking met de Nationale Wetenschapsagenda (NWA). De NWA is een verzameling van zo’n 12.000 prikkelende vragen die door het Nederlandse publiek gesteld zijn over zo’n beetje ALLES en waarmee wetenschappers aan de slag zijn gegaan. Vragen van “Hoe zwaar is licht?” tot “Hoeveel mensen kan de wereld aan?”: alles komt voorbij. Meer weten over het onderwerp waar Corina Koolen het over heeft? Check de NWA-route over levend verleden (https://wetenschapsagenda.nl/route/le…). Nieuwsgierig naar de andere vragen gesteld aan de Wetenschapsagenda? Check de digitale agenda om te grasduinen of gericht te zoeken tussen al deze vragen (https://vragen.wetenschapsagenda.nl/).

28 juni, Leiden: Paneldiscussie ‘Hij, zij of hen? Hoe moet de universiteit jou aanspreken?’

‘Beste reizigers…’

Genderneutrale aanspreekvormen, non-binair taalgebruik: het debat op een inclusievere Nederlandse taal is immens. Hoe zorgen we dat de taal niet achterblijft op de maatschappij? Hoe moeten leraren studenten aanspreken in een collegezaal? Hoe zit het met officiële brieven die de universiteit rondstuurt? Zijn neutrale aanspreekvormen zoals hen/hun te gebruiken? Het LGBT+ Netwerk van de Universiteit Leiden organiseert op 28 juni om 15.30 uur een paneldiscussie in het Kamerlingh Onnes Gebouw, zaal A0.08 (Steenschuur 25, Leiden) waar deskundigen een antwoord zullen proberen te vinden op deze vragen. Lees verder >>

Afwezige verschillen v/m in literaire schrijfstijl? Een snufje nuance

Door Corina Koolen

Toen ik de afgelopen week promoveerde, stond mijn onderzoek beschreven in de grote kranten. De Volkskrant, NRC, nrc.next en Het Parool  besteedden er aandacht aan. Dat waren mooie stukken; ik vind het uiteraard belangrijk dat mijn onderzoek benaderbaar is en dat het iets toevoegt aan het publieke debat.

Aan de andere kant is er nu één ding dat blijft wringen. Waarvan ik vrees dat het een indruk wekt die ik niet wil achterlaten. Dus vandaar dat ik dat even wil rechtzetten. Het lijkt misschien alsof ik met mijn computationele methodes bewijs dat er geen verschillen zijn tussen de werken van vrouwelijke en mannelijke literaire auteurs. Dat ligt in de werkelijkheid wat genuanceerder. Omdat ik niet verwacht dat iedereen nu daadwerkelijk mijn proefschrift gaat lezen – het is nogal een dik boek – zal ik hier even samenvatten wat heb gevonden. Lees verder >>

Suffixsonnet: –ster

Door Marc van Oostendorp

’t Is kerst. Hier is hij weer, uw brave suffixzanger
die ieder jaar, begeleid door fraaie harpakkoorden,
suffixsonnetten zingt over de vorm van woorden.
Vandaag: in taal zijn vrouwelijke woorden langer.
Zie hier een man. Echt wat je noemt een wandelaar.,
maar zijn vriendin beslaat maar liefst vier letters meer:
een wandelaarster – lange dame, korte heer,
zoals de hinkelaarster en de hinkelaar.
Toch voeg je niet steeds alle vier de letters toe:
geen schakerster noem je een vrouwelijke schaker,
maar schaakster. Twee schwa’s na elkaar willen we vaker
vermijden in de woordvorming, zo voeg ik toe.
Het is precies de reden dat we met mekaar
niet van knikkerer spreken, maar van knikkeraar.

Dit sonnet is geïnspireerd door een artikel van Jan Don.

Vrouwendienst, het vrouwbeeld bij Vestdijk

Afbeelding: Fons Montens

Naar eigen zeggen hield Simon Vestdijk het meest van zijn vrouwelijke personages. Toch is er over zijn ‘vrouwvolk’ veel te doen geweest. De meningen lopen uiteen van ‘heeft geen verstand van vrouwen’ tot aan ‘zij zijn een feest voor de lezer.’ Heeft de Vestdijkkunde wel een compleet vrouwbeeld opgeleverd? Valt er nog wat aan toe te voegen of op af te dingen? Jazeker! Dat zal blijken op het symposium van de Vestdijkkring over Vrouwendienst, het vrouwbeeld bij Vestdijk.

Het vrouwbeeld bij Vestdijk heeft maatschappelijke, historische én filosofische wortels volgens welke bij verliefdheden twee reacties mogelijk zijn: vluchten of vechten.

Niet alleen in zijn werk, ook in zijn persoonlijk leven was Vestdijk steeds op zoek naar een ideale liefde. Lang heeft de omgang met Jet van Eyk geduurd, aan wie hij schreef: ‘Wij zijn van elkaar’. Maar volgens Jet kwam zij voort uit zijn fantasie: ‘In zekere zin heeft Vestdijk mij verzonnen’. Lees verder >>

Ilja Leonard Pfeijffer als mannelijke leeuw met majestueuze manen

De taal van Ilja Leonard Pfeijffer (30)

Door Marc van Oostendorp

In een interessant essay in The New York Review of Books besprak de Ierse criticus Fintan O’Toole onlangs de geheime verlangens van Ernest Hemingway. Op het oog was hij de mannelijkste van alle Amerikaanse schrijvers – een auteur die niet terugschrok voor een vuurgevecht of het eigenhandig omleggen van een wild verscheurend beest.

Volgens O’Toole, en de biografen die hij in zijn stuk bespreekt, liet Hemingway echter af en toe via zijn personages zien wat hem écht obsedeerde: hij wilde graag een vrouw zijn. En een van de manieren voor Hemingways karakters om dit te bereiken was hun haar op vrouwenlengte te laten staan:

The he-man was at least in part imaginatively a she-man. It was already clear that Hemingway was drawn to the erotic potential of androgyny. In A Farewell to Arms, Frederic and Catherine discuss growing their hair to the same length so that they can be “the same one.” In the story “The Last Good Country,” Nick Adams’s sister cuts her hair off so she can be like him—“I’m a boy, too”—and Nick says, “I like it very much.” But The Garden of Eden took all of this much further. Catherine cuts her hair to match that of her husband David but she then becomes a boy, Peter, and David becomes a girl, also called Catherine.

Misschien begin ik na weken van onderdompeling overal Pfeijffer te zien, maar zeg nu eerlijk: lijkt het hier niet net alsof we een samenvatting van La Superba zitten te lezen,waarin Leonardo zich in de meest gruwelijke bochten dwingt om maar het mooiste meisje van Genua te kunnen worden? Lees verder >>

Hoe kan de Nederlandse taal aangepast worden aan de hedendaagse gender-realiteit?

Onverwachte taalvragen in de Nationale Wetenschapsagenda (1)

Door Marc van Oostendorp

In deze zomerserie ga ik in op voor taalkundigen onverwachte vragen die ‘het publiek’ gesteld heeft aan de Nationale Wetenschapsagenda. Een van de ideeën achter die agenda is dat de wetenschap onverwachte vragen uit het publiek krijgt aangereikt. Vervolgens zijn wetenschappers zelf ook en masse vragen gaan indienen omdat ze het idee hadden dat minstens een deel van de onderzoeksgelden weleens naar de vragen van de wetenschapsagenda zijn gegaan. Ik vermoed dat die vragen uiteindelijk ook de meeste kans hebben, maar ik wil me nu richten op de onverwachtere vragen.

Waarom zal de taalwetenschap bijvoorbeeld vermoedelijk niets doen met de volgende vraag? Hij snijdt een maatschappelijk probleem aan dat te maken heeft met taal, dat mogelijk alleen kan worden opgelost door iets te doen met de taal en dat daarom niet door enige andere wetenschapper zal worden aangepakt: