Tag: gedichten 21e eeuw

Gedicht: Margreet Schouwenaar • Een minuut

Uit De overmaat van ontbreken, de nieuwe bundel van Margreet Schouwenaar.

Een minuut

Zestig slagen om de hemel te zien, de neerkomende
regen, die steeds lichter tikt; onregelmatig tikt.
Het is tekort. Nog niet licht. Nog niets ruikt, het gras
zwijgt. Ik spreek opnieuw de tijd aan en kijk. Het
heden reikt naar het dun gesloten gordijn, rekt naar
het vel op straat dat glinstert als scherven glas hoog
in de nacht. Ook nu is het wederom laat. De laatste slag,

Lees verder >>

Gedicht: Anton Korteweg • Voor de pont van Maassluis

Uit Nooit eens lekker nergens, een “autotopografische bloemlezing” uit de gedichten van Anton Korteweg, die hij schreef bij locaties waar hem onderweg, wandelend of fietsend (of zittend op een terras), iets trof. (Voorproefje hier).

(Maassluis, Veer Maassluis- Rozenburg, omstreeks 2015)

Voor de pont van Maassluis

Op een zonnige dag in september
met een stelletje andere fietsers
wachtend op de pont van Maassluis
hoorde ik een vrouw met een vachtje
van bonterig spul op haar zadel
geflankeerd door een brandweersnor
op een toon van let even goed op
aan een stel dat het ook eens een keer
op de tandem wilde proberen,
vertellen dat zij wel de baas was
in huis, maar dat hij, die daar naast haar,
mooi altijd het laatste woord had.

Lees verder >>

Gedicht: Koen Stassijns • Er is niet veel voor nodig

Uit Hemelingen, de nieuwste bundel van Koen Stassijns.

Er is niet veel nodig

Er is niet veel nodig voor een gedicht,
vaak zijn de meeste woorden overbodig.
Je dooft gewoon het licht. En in het zwart
dat zijn contouren trekt rondom je hart,
duiken enkele uitgespaarde, moeizaam
vergaarde zinnen op. Als gladde vissen
die je telkens weer uit handen glippen
wanneer je denkt: eindelijk heb ik beet.

Lees verder >>

Gedicht: Jens Meijen • Zuurtegraad van een autobatterij

Uit Xenomorf, de debuutbundel van Jens Meijen (Vlaanderens eerste ‘Jonge dichter des vaderlands’).

Zuurtegraad van een autobatterij

Er bestaan koeien met ramen in hun buik
je kan de alchemie in hun magen zien:
het salpeterzuur, buskruit, bliksemstralen.
Ik wil mijn gezicht ertegen drukken.
Als we ramen gebruiken om mensen te maken
kunnen we jagen met de scherven van een spiegel
gedachten zien kronkelen door de nerven
en muurgaten afspannen met huid.

Lees verder >>

Gedicht: Willem Thies • Mijn eigen zomer

Schoon, de nieuwe bundel van Willem Thies, is gratis te downloaden. U kunt het boek ook laten drukken voor een habbekrats.

Mijn eigen zomer

Het plein met de fonteinen, kleine erupties. Kinderen rennen,
trappen de waterstralen uit die worden afgevuurd. Honden
schudden hun kop. Iemand zit op een houten bank
en likt langs de rand van een vloeitje, een gitaarvormige hoes
aan zijn voeten.

Ze wiegelt als ze gaat
Ze giechelt als ze praat
Bloed fluit in haar lippen
Ik trippel als ze komt

Lees verder >>

Gedicht: Piter Boskma • Ik dwaalde een jeugd lang door grazige weiden



Uit Van de zoon en de zee, de nieuwe bundel van Pieter Boskma. (Voorproefje hier).

Ik dwaalde een jeugd lang door grazige weiden
met plantjes die elders al niet meer bestonden
en daar heeft de muze mij, kind nog, gevonden
en wees mij het pad dat hij voor mij bereidde:

mijn vader die dichter werd om mij te leiden
uit armoe van hart en hardheid van geest,
twee klauwen van het veelpotige beest
wiens greep maar weinigen weten te mijden.

Lees verder >>

Gedicht: Bert Vissers • Een droevig plaatje

Uit De wereld wacht op mij, de debuutbundel van zanger-dichter Bert Vissers. Het boek gaat vergezeld van een cd, waarop sommige teksten gezongen worden.

Een droevig plaatje

Mijn vrouw
doet de afwas
en staat
in haar keukenschort
onweerstaanbaar
mooi te zijn
bij het aanrecht.

Ik ga
(het zal met mijn jeugd te maken hebben)
achter haar staan
omhels haar
houd haar zoenend in haar hals
stevig vast
in een liefdevolle greep

Lees verder >>

Gedicht: F. Starik • Afscheid van een onbekende

Onlangs verscheen een bloemlezing uit de Eenzame uitvaart-verslagen van F. Starik, getiteld Dichter van dienst, uiteraard inclusief de voorgedragen gedichten (van Wim Brands, Maria Barnas, Anneke Brassinga e.v.a.). Voorproefje hier. Hieronder een gedicht van F. Starik zelf. Het bijbehorende verslag is hier te lezen.

Afscheid van een onbekende

Er is een man gestorven en ik weet niet
wie hij is. Wie hij was. Wat, waarom noch hoe.
Er is een man gestorven en ik weet niet eens waaraan.
Het doet er ook niet toe. Ik ken zijn leeftijd niet en niet zijn naam.

Lees verder >>

Gedicht: Roel Richelieu Van Londersele • Zo’n dag

Uit Hopper op de heuvel, de nieuwe, door het werk van schilder Edward Hopper geïnspireerde bundel van Roel Richelieu Van Londersele. Bij ‘Zo’n dag’ hoort het schilderij ‘Sunday’. In de bundel eveneens een Engelse versie van alle gedichten, vertaald door Paul Vincent.

Zo’n dag

de man, het naamloos uithangbord
van een straat van onbekende leegte
zonder vuur rookt hij een pauze op,
doof voor het middaglicht

Lees verder >>

Gedicht: Theo Monkhorst • Ik leef mijzelf in deze kamer

Uit Huis Huid, de nieuwe bundel van Theo Monkhorst, een cyclus over “het huis dat ik ben en waarin ik woon”.

Ik leef mijzelf in deze kamer, dit gepleisterde gewelf,
honderd jaar geleden zwetend gestuukt
door een jonge snordrager geliefd bij vrouwen
om zijn glanzende spieren.
Klaas
noem ik hem omdat hij die naam verdient
en een leven, een vrouw, drie kinderen, dromen
een huisje met een keuken, bekleed
met de stank van ui, olie en rook,
drie deuren, twee gangen, een kakdoos,
trots van een oude vrouw met grijze ogen
en rimpels van lijden rond haar mond,
de dochter van een kleine kromme man
die zich kapotwerkte in de aarde
en de trots was van zijn zwijgzame moeder
generaties geleden zodat het mij duizelt
in dit trotse huis, deze oude huid waarin ik leef

Theo Monkhorst (1938)
uit: Huis Huid (2019)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.



Gedicht: Iduna Paalman • Ontvangstbevestiging



Uit De grom uit de hond halen, de debuutbundel van Iduna Paalman.

Ontvangstbevestiging

Mail gestuurd aan oude liefde
kikkerdril gevonden
afgewacht.

De vlier bloeit – vroeger trokken we er siroop van
en dacht ik dat mannenzaad ook zo rook – ergens ligt
iets te rotten, ik krijg geen antwoord maar dat komt
misschien omdat hij een jonge vader is, de sloot
leeft, er moet gevoed worden, ik
sta klaar

Lees verder >>

Gedicht: Bart Moeyaert • De wens

De wens

Wat als het niet de schuld is
van mijn krappe jas. Wat als
de hele wereld past, maar niet
bij mij. Wat als straks blijkt
dat ik al jaren word gemist
in het heelal. Wat zou ik gaten
springen in de lucht. Wat ben
ik buitenaards. Wat mij nog
mooier lijkt is dit: dat ik twee
vleugels van mijn vader krijg.
Dat mijn moeder voor me staat
en zegt: verbaas ons maar.
Dat brullen wil ik van ze horen.
Dat ik moet leren vliegen met
de kleren die ik draag. Dat mijn
schouders breder worden
en de wereld weer mijn maat.

Bart Moeyaert (1964)
uit: Helium (2019)

Lees verder >>

Gedicht: Jana Arns • Dochter

Uit Het is het huis dat niet goed alleen kan zijn, de nieuwe bundel van Jana Arns, over onder meer “het gevecht met anorexia nervosa en de zorgen van elke ouder om een kind dat niet meer onder de vleugels past”.

Dochter

Ze zet de tijd luider.
Groeit uit haar dagboeken.

Draagt de week binnenstebuiten
om niet naar huis te moeten.

Ze kleurt enkel nog met lippenstift,
buiten de lijnen met oogpotlood. Lees verder >>

Gedicht: Erik Jan Harmens • U beklijft

Erik Jan Harmens is de winnaar van de Ger Fritz-Prijs, die jaarlijks wordt toegekend aan het mooiste eenzame uitvaart-gedicht van het afgelopen jaar. Harmens schreef het winnende gedicht, ‘U beklijft’, ter gelegenheid van eenzame uitvaart nr. 240, van de heer G. R. op 6 mei 2019.

U beklijft
Voor G. R.

hoe minder ik snap van de wereld
hoe meer de wereld mij niet begrijpt
net als bij dageraad gebeurt dit tegelijk
zon komt op terwijl de maan verdwijnt
u werd dwarsligger genoemd, spaak in het wiel
weggezet als verzetter-om-het-verzetten
u in kuif gepikt zag uw goede naam besmet en
klom in de pen zogezegd, haphaphap, een bijtwoord viel Lees verder >>

Gedicht: H.C. ten Berge • De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca

Hieronder de eerste twee gedichten uit De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca van H.C. ten Berge, waarin in 45 scènes een rampzalig verlopen veroveringstocht uit 1528 wordt beschreven.

1

Op de tuibrug naar Tampa,
staal en beton dat fraai gelijnd en hemelhoog
de baai boven ravottende dolfijnen
in een lange glijvlucht overspant,
de zon trotseert en de orkaan weerstaat,
denk ik aan Álvar Núñez Cabeza de Vaca
               die vijf eeuwen her onder Pánfilo de Narváez
               met drie kraken en een brigantijn
               op deze blinkend witte kust verzeilde.
               Er werden 40 slanke paarden en 300 man ontscheept
               om slecht toegerust een blinde tocht
               van Florida naar het Azteekse Mexico te ondernemen.

Het was 1528 toen het brede, diepe water
Baai van Het Kruis werd genoemd Lees verder >>