Tag: Evenementenagenda

Age: Piet Piryns interviewt Guy Mortier over Elvis Presley, Leuven, za 16 okt. 2010

deBuren is te gast tijdens het Feest in de Boekerij in de Bib Leuven|Tweebronnen. Thema dit jaar is: Elvis is back in the building! We nodigden Elvisfan Guy Mortier uit voor een speciale editie van Belezen en Goedgekeurd, maar of hij ook ‘in the building’ zal zijn, vindt u op de avond zelf uit… Piet Piryns (Knack) gaat in dat geval met Mortier en een auteur een goed gesprek aan over boeken en The King. Lees verder >>

Age: Middag rond de historische strip: ‘De verstripte oorlog’, Brussel, zo 10 okt. 2010

In zowel Vlaanderen als Nederland is het een trend: de historische strip. Hoe ver kunnen we gaan in de verstripping? Discussie met onder andere Marc Verhaegen (voormalig Suske en Wiske-tekenaar en bedenker van een strip over de Holocaust: Rebecca R.), Menno Metselaar van de Anne Frank Stichting (betrokken bij de onlangs verschenen stripbiografie van Anne Frank), historicus en stripkenner Kees Ribbens (NIOD) en bekend historisch stripmaker Eric Heuvel. Lees verder >>

Age: Workshop over sporen van het Fries in Noord-Holland, Leiden, 12-13 nov. 2010

Aan de Universiteit Leiden wordt op 12 en 13 november 2010 een workshop georganiseerd over de sporen van het Fries in Noord-Holland. De nadruk zal liggen op taal- en naamkundige argumenten, maar de archeologie en bevolkingsgeschiedenis komen ook aan bod. Geïnteresseerden zijn van harte welkom.
Zie voor meer informatie de website: http://www.hum.leiden.edu/lucl/research/conferences/upcoming-conferences/sporenvanhetfries.html

Age: Derde Caraïbische Letterendag, Amsterdam, 25 sept. 2010

De Werkgroep Caraïbische Letteren wil er u nu alvast op attenderen dat de Derde Caraïbische Letterendag zal plaatsvinden op zaterdag 25 september a.s. om 19.30 uur in het gloednieuwe Bijlmer Parktheater, aan het Anton de Komplein 240 in Amsterdam-Zuidoost. De bijeenkomst met gasten uit het Caraïbisch gebied zal gewijd zijn aan het Caraïbische theater. Er zullen verschillende scènes worden opgevoerd en becommentarieerd door tal van bekende gasten uit Suriname, de Nederlandse Antillen, Aruba en Nederland, o.m. Maarten van Hinte, Jenny Mijnhijmer, John Leerdam, Albert Schoobaar, Sharda Ganga en Norman de Palm. Na afloop een groot Caraïbisch knalfeest!
Lees verder >>

Age: Haagse Museumnacht, 4 sept. 2010

Zoetgevooisde stemmen, welgekozen woorden en zwoele blikken willen je op 4 september literair verleiden. Tijdens de eerste Haagse Museumnacht worden de KB, het Letterkundig Museum en het Nationaal Archief omgetoverd tot een literaire nachtclub. Laat je verrassen door Aaf Brandt Corstius en Machteld van Gelder of overrompelen door Khalid Boudou en Ronald Giphart. Zij geven een wervelende floorshow van favoriete teksten en hilarische anekdotes. Kom langs voor een literaire lapdance of gewoon om lekker te ‘dansûh’ op de beats van de dj. Wat staat er in je tenen geschreven? De tenenlezer vertelt het je.
Lees verder >>

Age: Afscheid Dirk Coigneau, Gent, 20 aug. 2010

Op het einde van dit academiejaar gaat Dirk Coigneau met emeritaat.
Daarom organiseren zijn collega’s van de vakgroep Nederlandse literatuur te zijner ere op 20 augustus 2010 een eendaags afscheidscolloquium in Het Pand in Gent, met lezingen over rederijkersliteratuur en -cultuur door Anne-Laure van Bruaene, Johan Oosterman, Herman Pleij, Hubert Meeus en Bart Ramakers en over Zuid-Afrikaanse literatuur door Luc Renders, maar ook met Griekse traditionele Rebeticamuziek en Spaanse wijn en hapjes.
Lees verder >>

Age: 10 Jaar Amsterdams Centrum voor de Studie van de Gouden Eeuw, 5-7 okt. 2010

Op 4 juli 2000 werd aan de UvA het Amsterdams Centrum voor de Studie van de Gouden Eeuw opgericht. Het tienjarig jubileum zal gevierd worden in de eerste week van oktober, met twee lezingen over Spinoza en zijn werk door prof. dr. Steven Nadler (University of Wisconsin-Madison).
Op 5 oktober geeft Steven Nadler de Gouden Eeuw lezing (Aula van de UvA, 19.30 uur). Op 7 oktober spreekt hij voor het Gouden Eeuw colloquium (tijdstip en locatie volgen).
Lees verder >>

Agenda: Eerste UvA summerschool over de geschiedenis van het boek


In de ban van het boek

De Bijzondere Collecties en de Leerstoelgroep Boekwetenschap en Handschriftenkunde van de Universiteit van Amsterdam organiseren van 22 augustus t/m 3 september de summerschool In de ban van het boek. Het is de eerste keer dat deze summerschool plaatsvindt. Het zal een jaarlijks terugkerend evenement worden.

Deelnemers aan de summerschool kunnen kiezen uit een ‘à la carte’-programma dat interessant is voor iedereen die in de ban is van het boek: onderzoekers, studenten, bibliotheek- en museummedewerkers en alle andere liefhebbers van boeken en manuscripten, bibliotheken en antiquariaten, druktechnieken en typografie, papier, perkament en inkt.

Van college tot masterclass

Het gevarieerde aanbod van de summerschool bestaat uit colleges, cursussen, workshops en masterclasses over het boek in al zijn gedaanten en variaties. Handschriften, oude drukken, landkaarten, pocketboeken, vormgeving en het productieproces – alles wat met boeken en drukwerk te maken heeft komt aan de orde.

De programmaonderdelen worden verzorgd door docenten en deskundigen van de UvA en conservatoren van de Bijzondere Collecties. Daarnaast zijn er verschillende bijdragen van externe experts. De rijke historische verzamelingen van de Universiteitsbibliotheek – de Bijzondere Collecties – vormen de basis van alle activiteiten.

Rondleidingen en collectiepresentaties

Naast het ‘à la carte’- programma overdag zijn er in de avonduren rondleidingen en presentaties van belangrijke verzamelingen uit de Bijzondere Collecties. De rondleidingen en collectiepresentaties zijn gratis of voor een klein bedrag toegankelijk en ook bedoeld als randprogrammering voor congresbezoekers van het International Congress of Historical Sciences (ICHS 2010) dat dit jaar in Amsterdam wordt gehouden van 22 t/m 28 augustus.

Alle informatie over programma, prijzen, locaties en aanmelding is te vinden op http://www.bijzonderecollecties.uva.nl/summerschool

Contact: summerschool-bc@uva.nl

Voorbeelden uit het gevarieerde programma:

Archeologie van het handschrift
Materie van het boek
Omgaan met bijzondere materialen
De waarde van het boek, het handschrift en de prent
Koken met Magirus (koken in de 17de eeuw)
Het beeld van Nederland in Amerikaanse kinderboeken
Er zit muziek in de Bijzondere Collecties (de Toonkunstcollectie)
Irma Boom – boeken ontwerpen
Theo van den Boogaard – striptekenen
Het Jiddische boek in Amsterdam
Joodse handschriften in Amsterdam
Geschiedenis van de drukletter in de handpersperiode
Het leven van letters na het lood
Topstukken uit de Bijzondere Collecties

Verder: rondleidingen door de tentoonstelling Irma Boom: Biography in Books, door de Bijzondere Collecties, door het Allard Pierson Museum en door de Artis Bibliotheek. En presentaties over belangrijke verzamelingen uit de Bijzondere Collecties zoals de Bibliotheca Rosenthaliana, Kaarten en atlassen, Middeleeuwse handschriften en vroege drukkunst, Verzamelingen en archieven van het boekenvak, Nederlandse strips, de Collectie van het Nederlandsch Schoolmuseum, Kookboeken uit de Lage Landen, Moderne literaire collecties, en Bijbels en kerkboeken.

Het programma wordt bovendien aangevuld met een talkshow, een Boekensalon over Boudewijn Büch, boekpresentaties en informele bijeenkomsten.

Agenda: Derde Caraïbische Letterendag

De Werkgroep Caraïbische Letteren wil er u nu alvast op attenderen dat de Derde Caraïbische Letterendag zal plaatsvinden op zaterdag 25 september 2010 om 19.30 uur in het gloednieuwe Bijlmer Parktheater, aan het Anton de Komplein 240 in Amsterdam-Zuidoost.

De bijeenkomst met gasten uit het Caraïbisch gebied zal gewijd zijn aan het Caraïbische theater. Er zullen verschillende scènes worden opgevoerd en becommentarieerd door tal van bekende gasten uit Suriname, de Nederlandse Antillen, Aruba en Nederland, o.m. Maarten van Hinte, Jenny Mijnhijmer, John Leerdam, Albert Schoobaar, Sharda Ganga en Norman de Palm. Na afloop een groot Caraïbisch knalfeest!

Volg onze prachtige blogspot Caraïbisch Uitzicht voor up-to-date nieuws:

http://caraibischeletteren.blogspot.com

Deze blogspot bevat inmiddels al meer dan 700 berichten over de Caraïbische cultuur aan beide zijden van de oceaan, en werd al door bijna 150.000 mensen bezocht! Ook uw eigen berichten kunt u ter plaatsing aan ons doorgeven. U vindt aan de rechterzijde ook tal van links naar websites en blogspots op het gebied van de cultuur en de literatuur.

Wij hopen u op 25 september te mogen verwelkomen!

Maatschappij der Nederlandse Letterkunde
Werkgroep Caraïbische Letteren
Postbus 3432
1001 AE Amsterdam
E-mailadres werkgroepcarlet@gmail.com
Website http://www.caraibischeletteren.com

Agenda: Derde Cross-over Congres, Universiteit Leiden

Derde Cross-over Congres, Universiteit Leiden, 12 januari 2011

BALANS EN PERSPECTIEF VAN DE INTERDISCIPLINARITEIT IN DE LETTERKUNDIGE NEERLANDISTIEK

In de letterkundige neerlandistiek is in toenemende mate sprake van kruisverkeer tussen de kern van het vak, te weten interpretatie en (historische) beschrijving van literaire teksten, en disciplines die in het verleden als hulpwetenschappen golden. Nu multi- en interdisciplinariteit in de humaniora regel, zo niet norm zijn geworden, kijken we anders tegen deze verhouding aan. Niet langer is er een hiërarchisch onderscheid tussen de kern- versus de ondersteunende discipline; veeleer gaat het hier om een symbiose van gelijkwaardige disciplines die in wederzijdse doordringing innoverende benaderingen en grensverleggende resultaten opleveren.

Tijdens dit derde Cross-over congres willen we de balans opmaken van de neerlandistische interdisciplinariteit en tegelijk nagaan welke kansen en mogelijkheden nog onvoldoende benut zijn. We doen dat in de volgende secties:

Neerlandistiek en geschiedenis

Vooraanstaande vakbeoefenaars als Van Oostrom, Pleij, Anbeek en anderen hebben vanaf de jaren tachtig een trend gezet waarbij de literatuurgeschiedenis in nauwe samenhang met de algemene historiografie werd gebracht. In de ogen van sommigen werd het onderscheid met cultuur- en mentaliteitsgeschiedenis zo wel erg gering en leed de aandacht voor de intrinsiek-esthetische aspecten van de behandelde teksten daaronder. Wegen de voordelen hier op tegen de nadelen? Moet de gesignaleerde trend verder worden versterkt? Zijn er specifieke aandachtsgebieden of casussen waar deze trend bij uitstek tot zijn recht kan komen?

Neerlandistiek en boekwetenschap en mediastudies

Zowel voor de middeleeuwse, vroegmoderne als moderne periode is het inzicht ontstaan – eerst in het buitenland, daarna ook in de neerlandistiek – dat de studie van literaire teksten veel heeft te winnen bij meer systematische aandacht voor de materiële kant van de overlevering van literatuur, of het daarbij nu gaat om handschriften, gedrukte boeken of digitale media. Het gaat daarbij niet om de combinatie van literairhistorische en boekhistorische kennis als zodanig, maar om de vraag in hoevere beide disciplines elkaar doordringen en bepalen. Geldt dit voor alle periodes in de literatuurgeschiedenis in gelijke mate? Wat zijn de gevolgen van dit inzicht voor de editiewetenschap? Hoe is het momenteel gesteld in onderzoek en onderwijs met specialismen als codicologie/paleografie, analytische bibliografie, variantenonderzoek?

Neerlandistiek en sociologie

Dankzij het werk van de zgn. Tilburgse school (Verdaasdonk, Van Rees en hun promovendi) heeft de institutionele literatuursociologie in Nederland vaste voet aan de grond gekregen. Dorleijn en Joosten zijn in dit spoor verder gegaan; daarnaast is er het onderzoek naar specifiek Nederlandse literaire verschijnselen van Jansen, De Nooy, De Glas en anderen. Zijn de mogelijkheden in deze voldoende benut? Moet er worden gestreefd naar een synthese van literatuurgeschiedschrijving en literatuursociologie?

Neerlandistiek en stilistiek

Onderzoek naar stilistiek heeft nooit echt een hoge vlucht genomen binnen de neerlandistiek, hoewel de rijke vakgeschiedenis tal van aanzetten (en soms wel meer dan dat) vertoont. Die aanzetten dateren in veel gevallen van vóór de Tweede Wereldoorlog, toen taal- en letterkunde nog geen specialismen vormden en het begrip ‘filologie’ nog geen pejoratieve klank had. Retorica heeft traditioneel meer aandacht getrokken, maar werd in de praktijk vooral toegepast op de oudere letterkunde. Met het onderzoek van de mediëvisten Willaert en Van Driel is stilistisch onderzoek terug van weggeweest. Ook wordt bij het onderzoek in de oudere perioden van het Nederlands stilistiek ingezet voor auteursherkenning (onder meer in het werk van Van Dalen-Oskam,Van Driel, Kestemont).

In de moderne stilistiek zijn twee tendensen te onderscheiden: de cognitieve benadering en de kwantitatieve of corpusstilistiek. In de cognitieve stilistiek worden inzichten uit de cognitieve taalkunde en blending theory ingezet bij de literaire interpretatie om tot een betere (cognitief plausibele) verklaring te komen van interpretatiemechanismen van de lezer. De corpusstilistiek sluit aan bij de roep om meer inzet van kwantitatieve gegevens in de literatuurstudie, een thema dat ook past binnen de opkomst van de digital humanities.
Het gebruik van taalkundige en kwantificerende methodes en technieken moet leiden tot nauwkeuriger, controleerbare en meer intersubjectieve resultaten. Kan de stilistiek deze claim waarmaken? Wat zijn de mogelijkheden en beperkingen van (corpus-)stilistisch onderzoek?

Neerlandistiek en kunstgeschiedenis

Een dankbaar en veelbeoefend onderzoeksterrein is de relatie tussen woord en beeld. Bij de vervaardiging van edities wordt tegenwoordig meer en meer rekening gehouden met onderzoek dat focust op intermedialiteit. Onderzoek naar zestiende- en zeventiende-eeuwse emblematiek is al geruime tijd een internationaal specialisme, maar wat doen neerlandici met de geïllustreerde blogs van Arnon Grunberg, de geïllustreerde gedichten van Erwin Mortier, de fotoboeken-met-tekst van Kousbroek en de door Dirk Matena verstripte versies van Reve, Elsschot en anderen?

Neerlandistiek en natuurwetenschappen

Vanuit de middeleeuwen zijn we bekend met de artes liberales. De artes vormden het ordenend principe bij kennisoverdracht en ordening van kennis in het algemeen. In de mediëvistiek wordt sinds enkele decennia intensief aan artes-onderzoek gedaan. In een wat breder verband kan voor de oudere periode worden gewezen op de studie van wetenchapsgeschiedenis, waarvan de wortels vanzelfsprekend terugreiken tot in de klassieke oudheid. Als in de achttiende eeuw het autonome literatuurbegrip ontstaat , lijken de natuurwetenschappen – in tekstueel opzicht – eigen wegen te gaan. Toch zijn er in de moderne tijd auteurs (niet zelden gezegend met een dubbeltalent) die zich oriënteren op de natuurwetenschappen: Leo Vroman, Gerrit Krol, Harry Mulisch, Willem Frederik Hermans, Rudy Kousbroek. Waar/hoe vindt de cross-over plaats? Is het belangrijk dat dat gebeurt? Kunstgeschiedenis kent het fenomeen van de kunstenaar in het laboratorium. Hoe kan de neerlandistiek de in gang gezette onderzoekslijn op dit gebied (met name van Wiel Kusters en Ben Peperkamp) doortrekken?

Neerlandistiek en filosofie

Anders dan in de algemene literatuurwetenschap en de cultural studies is er in de neerlandistiek weinig gebruik gemaakt van het werk van poststructuralistische filosofen als Derrida, Foucault en Lacan. Zelfs de hermeneutiek van Gadamer lijkt niet echt te zijn doorgedrongen. Lijdt men aan koudwatervrees?En zo ja, waaraan ligt dan? Missen we zo de aansluiting bij het internationale discours? En geldt dat voor de oudere letterkunde evenzeer (of anders?) als voor de moderne letterkunde?

Neerlandistiek en godsdienstwetenschap

Tot de dag van vandaag wordt de Nederlandstalige literatuur mede gekenmerkt door een uitgesproken verhouding tot de religie. Behoudens aanzette in het werk van Goedegebuure en Oegema is hiernaar nog betrekkelijk weinig systematisch onderzoek verricht. Aan de andere kant valt op dat exegetische studies van het Oude en Nieuwe Testament in toenemende mate gebruik maken van verworvenheden van de literatuurwetenschap (Fokkelman, Van Wolde, Weren). Ook buiten de wetenschap, met name in de moderne preekcultuur, worden literatuur en bijbel steeds vaker op elkaar betrokken. Is hier sprake van een veelbelovende kruisbestuiving? Welke onverkende casussen zijn hier voorhanden?

Praktisch

Om voldoende gelegenheid te scheppen voor discussie, werken we met prepapers. In de bijdragen kunnen uiteraard specifieke casussen worden uitgewerkt, maar het spreekt voor zich dat casussen vergezeld van algemenere en/of methodologische reflecties aanleiding zullen geven tot vruchtbaarder ideeënuitwisseling. Prikkelende hypothesen worden aangemoedigd. De organisatoren streven ernaar om in elke sessie specialisten van de historische en de moderne literatuur samen te brengen.

Voorstellen voor bijdragen

Voorstellen voor bijdragen (± 300 woorden) worden verwacht voor 15 augustus 2010 op de volgende adressen:

j.l.goedegebuure@hum.leidenuniv.nl

of

w.van.anrooij@hum.leidenuniv.nl

Verder

Begin september wordt er een definitief programma samengesteld. Nadere informatie is vanaf die tijd te vinden op http://www.hum.leidenuniv.nl/nederlands.

Agenda: Afscheidsfeest Joseph Vromans, 1 oktober 2010 aan de Université de Liège

Afscheidsfeest Joseph Vromans

In oktober 2010 gaat prof. dr. Joseph Vromans met emeritaat. De
vakgroep Nederlands van de Université de Liège nodigt u van harte uit
op vrijdag 1 oktober 2010 om hun afscheidnemende collega in de
bloemetjes te zetten.

Programma

14.00 u. Verwelkoming door prof. dr. Guy Janssens
14.10 u. Lezing van prof. dr. Fons Moerdijk: ‘Woordenboek en maatschappij’
15.00 u. Muzikaal intermezzo
15.15 u. Hulderede door prof. dr. Erik Spinoy (voorzitter Département de
Langues et Littératures modernes, Université de Liège)
15.30 u. Afscheidswoord van prof. dr. Joseph Vromans
15.45 u. Receptie

De festiviteiten vinden plaats in de Salle Wittert, in de gebouwen van
de Letterenfaculteit in het centrum van Luik, Place du 20-Août 7
(hoofdingang):

http://www2.ulg.ac.be/acces/plans/CVplangen.html

http://www2.ulg.ac.be/acces/plans/20aout.html

De Letterenfaculteit bevindt zich op 10 minuten wandelafstand van het
treinstation Liège Palais. Wie de bus neemt, stapt uit aan de Place de
la République française (bij de Opera). Vandaar is het nog 3 minuten
lopen.

Voor de praktische organisatie vragen wij u tegen uiterlijk 15
september 2010 uw komst te bevestigen op het volgende adres:
lien.devos@ulg.ac.be

Namens de vakgroep Nederlands,

Kris Steyaert

Agenda: Finale van het eerste seizoen van het poëzieprogramma De Mansarde, zondag 13 juni 2010 te Nijmegen

De finale van het eerste seizoen van het poëzieprogramma De Mansarde
van het Vlaams Cultureel Kwartier in Nijmegen: ’n Feest voor de geest.

zondag 13 juni 2010 aanvang 15.00 uur
Arsenaalpoort 6, Nijmegen

Chrétien Breukers presenteert zijn voorkeur:
Mark Boog, Delphine Lecompte, Erik Lindner

entree EUR 7,50 / studenten ?4,-
reserveren: info@vcknijmegen.nl / http://www.vcknijmegen.nl

Informatie over de drie deelnemende dichters en de presentator:

Mark Boog (Nieuwegein, 1970)
Inmiddels een grote naam in de Nederlandse poëzie. Debuut in
2000 met ‘Alsof er iets gebeurt’. Meest recente bundel: ‘Er moet
sprake zijn van een misverstand’. Het is geen misverstand om te
denken dat Boog nog veel moois voor ons in petto heeft.

Delphine Lecompte (Gent, 1978)
Zij debuteerde in 2009 in de Nederlandse taal met ‘De dieren in
mij’. Daarvoor schreef ze proza en poëzie in het Engels. Met haar
Nederlands debuut is zij genomineerd voor de Buddingh’prijs.
Die wordt op 15 juni uitgereikt. Hopelijk aan haar.

Erik Lindner (Den Haag, 1968)
Hij is dichter, criticus en aandachtig poëzielezer. Debuteerde met
‘Tramontane’ in 1996. Zijn meest recente bundel is ‘Tafel’ uit 2004.
Lindner is bloemlezer en maakt radioreportages over literatuur.

Chrétien Breukers (Leveroy, 1965)
Dichter, bloemlezer en uitgever van poëzie. Debuteerde in 1991
met ‘Vandaag in deze stad’. Meest recente bundel: ‘Korte geschiedenis
van het voorafgaande’ (2005). Bracht in 2006 ’25 jaar
Nederlandstalige poëzie, 1980 – 2005, in 666 en een stuk of wat
gedichten’ uit. In 2006 begon hij met Uitgeverij Contrabas. Op
http://www.decontrabas.com vindt u verder alles over zijn werk.

Agenda: Vergelijkende taalkunde-workshop: ‘A Germanic Sandwich 2010: Dutch between English and German’ , 17 en 18 september 2010 te Oldenburg

Vergelijkende taalkunde-workshop: ‘A Germanic Sandwich 2010: Dutch between English and German’
Waar? Universiteit van Oldenburg (Duitsland) Wanneer? 17-18 September 2010

In het najaar van 2005 vond in Berlijn een workshop plaats met als onderwerp de vergelijking van de drie Germaanse talen Nederlands, Engels en Duits. De aanleiding voor deze workshop was de publicatie in 1956 van ‘Nederlands tussen Duits en Engels’, een studie van de bekende Nederlandse taalkundige C.B. van Haeringen. Lees verder >>

Agenda: Symposium ‘Tussen beleving en verbeelding. Steden in een spanningsveld, 1800-1914’, 10-11 maart 2011 te Nijmegen (Call for papers)

Symposium – Call for Papers
Tussen beleving en verbeelding. Steden in
een spanningsveld, 1800-1914 do 10 – vr 11 maart 2011, Radboud
Universiteit Nijmegen

Eigenlijk begrepen negentiende-eeuwers in Europa hun steden niet
meer, zoveel wordt al snel duidelijk voor wie de zeer verschillende
manieren bestudeert waarop over de stad werd geschreven.
Associeerden sommigen de stad met vrijheid, rijkdom en artistieke
inspiratie, anderen merkten er slechts de ongezondheid, de
eenzaamheid, de zedeloosheid en de herrie van op. De oorzaak voor
die verwarring valt niet ver te zoeken. Industrialisering,
technologische vooruitgang en verhoogde mobiliteit veranderden de
negentiende-eeuwse leefruimte in een onwaarschijnlijk tempo. Met
name in de steden leidden deze processen tot bruuske
perspectiefwijzigingen en werd de ruimte steeds opnieuw anders
beleefd. Tussen beleving en verbeelding. Steden in een
spanningsveld, 1800-1914
, een vervolg op het congres Naties
in een spanningsveld
(2009), waarvan de proceedings in het
voorjaar van 2010 bij uitgeverij Verloren zullen verschijnen, staat
in het teken van die telkens hernieuwde stadsbeleving en de
wisselende beeldvorming die zij met zich meebrengt. Centraal staat
de vraag welke getuigenis literaire en andere teksten uit de lange
negentiende eeuw (1800-1914) daarvan brengen.

In methodologisch opzicht wil dit congres ten eerste
nadrukkelijk verschillende disciplines met elkaar confronteren. Er
wordt meer bepaald bewust gezocht naar een kruisbestuiving van
literatuurwetenschap en -geschiedenis met drie andere
onderzoeksgebieden – te weten cultuur- en sociale geschiedenis,
architectuur- en stedenbouwgeschiedenis en kunstgeschiedenis/visuele
cultuur. Die kan van tweeërlei aard zijn: ze kan theoretisch
van insteek zijn, door inzichten uit de ene discipline in te zetten
om een nieuw licht te werpen op bronnenmateriaal uit de andere
discipline, maar ook kunnen literaire discoursen geconfronteerd
worden met niet-literaire discoursen. Ten tweede biedt dit congres
zowel ruimte aan Nederlandstalige case studies als ook aan
transnationale casussen van waaruit een link met de Lage Landen
gelegd kan worden. Het is tevens de bedoeling dat zoveel mogelijk de
sociale verschillen, inclusief die van gender, in de beleving van de
stedelijke ruimte in rekening gebracht worden.

Concreet willen wij vier spanningsassen vooropstellen,
waarrond wij de diverse onderzoeksvragen clusteren. De eerste heeft
betrekking op de spanning tussen de stad als een plaats van
arbeid en de stad als een plaats van ontspanning
. Daarbij valt
niet alleen te denken aan de beleving van winkelruimtes (passages,
warenhuizen, winkelstraten) en van typische plaatsen van vertier
zoals theaters, parken, cafés, dierentuinen of bordelen, maar
ook aan kantoren, fabrieken, bouwplaatsen, havens en aan de
werkplaatsen van de geest: academische ruimtes (studeerkamers,
universiteitsbibliotheken). In de wereldtentoonstelling komen beide
functies van de stad, werken en zich ontspannen, samen.

Onder de tweede spanningsas valt de representatie van ruimtes
die de spanning tussen de publieke sfeer en de
privésfeer
impliceren. De verbeelding van interieurs
behoort daartoe (van cafés, van wachtkamers, van
schrijvershuizen,…), maar ook het motief van het uiterlijke
vertoon, het naar buiten gekeerde interieur, zoals dat zichtbaar
wordt in onder meer uitstalramen en gevels. Bijzondere aandacht
verdienen in deze context ook ruimtes waarin geloof beleefd kan
worden: kerken, kloosters, bedevaartsoorden en kapelletjes.

De derde as heeft betrekking op ruimtes waarin de
tegenstelling tussen mobiliteit en stilstand een rol speelt.
Concreet denken wij dan aan ruimtes die met toerisme te maken hebben
(de oude stadskern, musea, wereldtentoonstellingen), met verkeer
(stations, metro, tram) en met migratie en internationalisme. De
negentiende-eeuwse stad profiteert van technologische ontsluiting,
maar ondergaat ook allerlei vormen van musealisering.

Bij de vierde en laatste spanningsas wordt gekeken naar de
oppositie tussen regulering en (ongecontroleerde) groei.
Worden groene plaatsen in de stad beleefd als onderbreking van de
voortwoekerende bebouwing, als stadse droom van een afwezige natuur
(parken, periferie, stadsboerderijen), hoe werd stadsanering
geïnterpreteerd (het vuil en het geld, gedempte grachten en
leien, sloppenwijken) en welke visies op stadsuitleg spelen er zoal:
wordt die bebouwing buiten het oude centrum, omsloten door singels
en ringgrachten, in verband gebracht met een nieuwe burgerklasse of
een nieuw standsbesef?

Tussen beleving en verbeelding. Steden in een spanningsveld,
1800-1914
zal op 10 en 11 maart 2011 plaatsvinden aan de Radboud
Universiteit Nijmegen. De voertalen van het congres zijn Engels en
Nederlands. Voorstellen voor bijdragen kunnen worden ingediend tot
15 september 2010 en tellen 250 woorden. Inzenders krijgen voor 15
oktober bericht.

Contact

Stedenineenspanningsveld@gmail.com

Dr. T. Sintobin

Radboud Universiteit

Faculteit Letteren

Nederlandse taal- en cultuur

Postbus 9103

NL 6500 – HD

Nijmegen

0031-24 361 5491

Organiserend comité

Jan-Hein Furnée (Universiteit van Amsterdam; cultuur- en
mentaliteitsgeschiedenis na 1750)

Tom Sintobin (Radboud Universiteit; Nederlandse taal en cultuur)

Pieter Uyttenhove (Universiteit Gent; Architectuur en
Stedenbouw)

Hans Vandevoorde (VUB; Taal- en letterkunde)

Rob van de Schoor (Radboud Universiteit, Nederlandse taal en
cultuur)

Wetenschappelijk comité

Peter Altena (Dominicus College, Nijmegen)

Nele Bemong (Katholieke Universiteit Leuven; onderzoekseenheid
Nederlandse literatuur)

Lotte Jensen (Radboud Universiteit; Nederlandse taal en cultuur)

Mary Kemperink (Universiteit Groningen, Nederlandse taal en
cultuur)

Marita Mathijsen (Universiteit van Amsterdam, Moderne
Nederlandse letterkunde)

Liedeke Plate (Radboud Universiteit; Algemene
Cultuurwetenschappen en Genderstudies)

Jo Tollebeek (Katholieke Universiteit Leuven; onderzoekseenheid
cultuurgeschiedenis vanaf 1750)

Agenda: Symposium ‘De schrijver in zijn veld’, 16 juni 2010 te Utrecht

Op woensdag 16 juni a.s. organiseert tijdschrift *Vooys* het symposium *De schrijver in zijn veld*. Tijdens dit symposium zal nummer 28.2 worden gepresenteerd. Daarbij zullen lezingen worden gehouden door de auteurs Sander Bax (titel lezing: De man die Carré ging bezetten. Het beeld van Harry Mulisch als geëngageerd schrijver), Mathijs Sanders (titel lezing: Zoeklichten en oogkleppen. Frits Hopman en het literaire veld rond 1920), Matthieu Sergier (titel lezing: Tussen ‘hij’ en ‘ik’. De schrijversdagboeken van Paul de Wispelaere) en Jan de Vet (titel lezing:‘Tingeling vervolgt zijn weg’: K Michel wandelt in het postmodernisme)
We nodigen iedereen van harte uit dit gratis toegankelijke symposium bij te wonen! Meer informatie over het symposium is te vinden op https://webmail.uva.nl/exchweb/bin/redir.asp?URL=http://www.tijdschriftvooys.nl/Locatie: Utrecht, Drift 21 (Sweelinckzaal). Datum en tijdstip: woensdag 16 juni 2010, van 13.00 tot 17.00 uur (borrel na).
Meldt u zich aan! Een mailtje naar tijdschriftvooys@gmail.com volstaat.

Agenda: Workshop Europe and the Colonial Knowledge 1500-1850, 18 juni 2010, Keulen

Zentrum für Vergleichende Europäische Studien ZEUS
an der Philosophischen Fakultät der Universität zu Köln
http://www.zeus.phil-fak.uni-koeln.de/

Workshop:
Europe and the Colonial Knowledge 1500-1850
18 – 6 – 2010
organized by Maria-Theresia Leuker / Jakob Vogel

Part I: Workshop Philosophische Fakultät, Philosophikum, Albertus-Magnus-Platz, room 038

13.45-14.00 Introduction
Maria-Theresia Leuker / Jakob Vogel

14.00-15.40 Knowledge Transfers

Bettina Noak (Berlin): Mit fremden Augen? Koloniales Wissen in Olfert Dappers Naukeurige beschrijvinge der Afrikaensche gewesten (1668)

Hanco Jürgens (Amsterdam): Enlightenment between Prussia and India: Faith, Knowledge and Company networks of German missionaries in Tamil Nadu, 1750-1810
15.40-16.10 coffee break

16.10-18.10 Actors and Representations

Anna-Teresa Grumblies (Cologne): Colonial Interest in Indigenous Ecological Knowledge: Scientific Endeavors, Developments and Processes of Scientisation (16th – 18th century)

Kathrin Reinert (Cologne): Visual fantasies on Latin America: Casta painting, costumbrismo and ‘type’ photography

Pascal Schillings (Cologne): Resisting Representation? The Polar Regions and British Colonial Knowledge, 1770-1850

Part II: Keynote and DiscussionsHörsaalgebäude, Albertus-Magnus-Platz, room E

18.30-20.00 Networks and Circulations

Siegfried Huigen (Stellenbosch/South Africa): François Valentyn’s Construction of the Geography of the Cape of Good Hope (1726)

Kapil Raj (Paris): On ‘Colonial Knowledge’ as a Category in the History of Science: Reflections from a Circulatory Perspective

Belangstellenden zijn welkom. Er wordt geen inschrijfgeld geheven; eenaanmelding vooraf is niet noodzakelijk. Informatie over de bereikbaarheidvan de collegezalen waar de workshop zal plaatsvinden is te vinden viahttps://webmail.uva.nl/exchweb/bin/redir.asp?URL=http://www.pressoffice.uni-koeln.de/travelinformation_maps.html

Agenda: Congres ‘Colonial and Post-Colonial Connections in Dutch Literature’, 15-17 september 2011 (Call for papers)

CALL FOR PAPERS
Colonial and Post-Colonial Connections in Dutch Literature
The 2011 Berkeley Conference on Dutch Literature
September 15-17, 2011

Dutch literature is more than just literature about a tiny piece of land at the estuary of the Rhine. From the Caribbean to South-Africa, from Southeast-Asia to Western Europe, the Dutch language forms a common bond in a literature that was and is deeply marked by intercultural connections. In recent decades, considerable attention has been given to Dutch colonial and postcolonial literature, but the importance of intercultural connections within the Dutch colonial network has been neglected. What were the cultural and literary networks between Batavia, Galle, Nagasaki, and the Cape Colony? How did the slave trade connect authors in Willemstad and Paramaribo with Gorée and Elmina at the African West Coast? How did Jewish communities link Recife in Dutch Brazil to New Amsterdam on the American East Coast? And how did Amsterdam, Leiden or The Hague function as intellectual intermediaries between the Netherlands and the different colonies?
This pluricentric perspective on Dutch literature remains relevant in modern times. After the colonial era ended, the Dutch language continued to produce literature that fostered intellectual bonds between the Caribbean, Southeast Asia, South Africa, and Western Europe. These intercontinental contacts were even intensified and grew in diversity when three centuries after the first Dutchmen ventured out into the wide world, the world came to the Netherlands. Inhabitants of the former colonies first, followed by immigrants and refugees, transformed the Dutch literary landscape to the point that an international perspective on Dutch literature has become a necessity.
The 2011 Berkeley Conference in Dutch Literature at the University of California, Berkeley, intends to bring together a selection of literary scholars and cultural historians from all over the world to debate Dutch literature within the framework of intercultural connections in Dutch colonial and post-colonial studies. Please send a ca. 500 word abstract for a 20 minute paper to Jeroen Dewulf at jdewulf@berkeley.edu by February 1, 2011. The conference will take place on the UC Berkeley campus and the proceedings will be subsequently published. Details about the conference will be presented shortly on the UC Berkeley Dutch Studies website, dutch.berkeley.edu.
Keynote speaker:
Adriaan van Dis
Organizing Committee:
Jeroen Dewulf (University of California, Berkeley)
Michiel van Kempen (Amsterdam University)
Olf Praamstra (Leiden University)
Siegfried Huigen (Stellenbosch University)

Agenda: Tentoonstelling Irma Boom

Bij de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam is van 4 juni tot en met 3 oktober 2010 een overzichtstentoonstelling van het werk van Irma Boom.

Irma Boom (1960) is een grafisch ontwerper die zich voornamelijk richt op het maken van boeken. Haar ‘Office’ in Amsterdam werkt met culturele en commerciële opdrachtgevers uit binnen- en buitenland. In 2003 schonk zij haar ‘levend archief’ aan de Bijzondere Collecties, waar het nu deel uitmaakt van de collecties grafische vormgeving.

Werk van Irma Boom is ook opgenomen in de collecties van het Museum of Modern Art (MoMA) in New York en het Centre Pompidou in Parijs.Haar eigenzinnige ontwerpen zijn vele malen bekroond en het magnum opus SHV uit 1996 is intussen een icoon van ‘Dutch Design’. Het experiment blijft belangrijk. Ontwerpen is voor Irma Boom een zoektocht naar vernieuwing in vorm, structuur en inhoud. Zo wil zij het gedrukte boek vitaal houden en verder ontwikkelen. De inhoud blijft daarbij steeds bepalend.

Tentoonstelling
In 2005 waren bij de Bijzondere Collecties haar ontwerpen voor Paul Fentener van Vlissingen te zien in een groepstentoonstelling. En nu is er dan aan de Oude Turfmarkt, de plek waar haar archief wordt bewaard, een solotentoonstelling. De tentoonstelling Irma Boom: Biography in Books – die anti-chronologisch van opzet is – maakt haar uitgangspunten manifest en biedt voor het eerst een breed overzicht van haar oeuvre: van heden tot aan het begin van haar carrière, eind jaren tachtig.Behalve de highlights worden ‘missers’ getoond. Het commentaar erbij is letterlijk van de hand van de ontwerper zelf. Daarnaast is er een keuze te zien uit boeken van de Bijzondere Collecties en uit Booms privébezit die raakvlakken bezitten met haar werk.

Publicatie
Bij deze tentoonstelling verschijnt de bijzondere publicatie Irma Boom: Biography in Books. Deze monografie (38×50 mm) met meer dan 450 afbeeldingen biedt een uitgebreid overzicht van haar werk, vanaf het begin van haar ontwerppraktijk in 1986 tot nu. Daarbij gaat het naast boeken om huisstijlen, postzegels en affiches. Een aantal ontwerpen is door Irma Boom van commentaar voorzien, wat inzicht biedt in de totstandkoming en de vormgeving. Verder bevat de uitgave een inleiding op haar werk en een uitgebreide lijst van de afgebeelde ontwerpen.

Irma Boom: Biography in Books:Books in reverse chronological order, 2010 – 1986,with comments here and there.
EngelstaligBoekconcept: Irma Boom
Tekst: Mathieu Lommen, Irma Boom
Ontwerp: Irma Boom, Sonja Haller
Vertaling: John A. Lane
704 pp / 38×50 mm / genaaid gebrocheerd
Full color, gekleurde sneden
Prijs € 19,50
Deze publikatie kan online besteld worden bij de Grafische Cultuurstichting.Van de oplage zijn 500 exemplaren genummerd en gesigneerd. Deze zijn uitsluitend te koop bij de Bijzondere Collecties voor bezoekers van de tentoonstelling.

Agenda: Studiedag Erfgoedbibliothecaris Brussel

Erfgoedbibliothecaris gezocht! Over competenties voor het beheren van erfgoedcollecties in bibliotheken

Erfgoedbibliotheken beheren ons rijk papieren en perkamenten verleden. Bibliothecaris zijn van zo’n historische verzameling is dan ook een bijzondere uitdaging. Want hoe kun je de collectie het best bewaren en beheren? Welke elementen spelen een rol bij het uitbreiden van de collectie? Op welke manier communiceer je naar het publiek? En wat is de link naar onderzoek?

Op woensdag 9 juni staan de competenties van de erfgoedbibliothecaris centraal. Samen met u willen we nadenken over het specifieke profiel van zo’n bibliothecaris: wat moet hij of zij kennen en kunnen en wat maakt deze job nu precies zo uniek? We steken voor deze denkoefening het licht op in binnen- en buitenland en laten verschillende bestaande opleidingen aan het woord.

Het programma ziet er als volgt uit:
Voormiddag 10.00 – 12.00 uur
We starten met reflecties van twee eminente erfgoedbibliothecarissen, namelijk An Renard (Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience, Antwerpen) en Garrelt Verhoeven (Bijzondere Collecties, Universiteitsbibliotheek Amsterdam).
Daarna bent u zelf aan het woord en gaan we aan de hand van stellingen op zoek naar de competenties van de erfgoedbibliothecaris
Namiddag 13.00 – 16.30 uur
In de namiddag geeft Caroline Peach (hoofd van het Preservation Advisory Centre van de British Library) toelichting bij het vormingsprogramma voor behoud en beheer van papieren dragers in Engeland
Guy De Witte (conservator/restaurateur van papier en boek en master in Preventive Conservation) formuleert daarna zijn opmerkingen bij het Britse model
We sluiten af met een panelgesprek met de bestaande bibliotheekopleidingen en de opleiding conservatie/restauratie van papier.

Praktisch
Woensdag 9 juni 2010, 10.00 – 16.30 uur, FARO, Priemstraat 51, 1000 Brussel.
De studiedag maakt deel uit van het reflectietraject Erfgoedgeleerden en wordt georganiseerd in samenwerking tussen FARO, de Vlaamse Erfgoedbibliotheek, de Universiteit Antwerpen, Artesis Hogeschool afdeling conservatie en restauratie, de Bibliotheekschool Gent en de VVBAD.
Deelname kost 10 euro, studenten kunnen gratis deelnemen, maar moeten zich dan wel vooraf aanmelden. Inschrijven kan via het formulier op het volgende adres:
http://www.faronet.be/kalender/erfgoedbibliothecaris-gezocht-over-competenties-voor-het-beheren-van-erfgoedcollecties-in-b

prof. dr. Pierre Delsaerdt
Universiteit Antwerpen Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen
Vakgroep Informatie- en Bibliotheekwetenschap
Venusstraat 35, lok. 003
BE­­­–2000 Antwerpen
tel. ++32–(0)3–265.44.49
e-mail: pierre.delsaerdt@ua.ac.be

Agenda: Onderzoeksseminarie Plantin-Moretus Museum

De onderzoeksgroep Boek, Bibliotheek en Informatie van de Universiteit Antwerpen en het Museum Plantin-Moretus organiseren een boekhistorisch onderzoeksseminarie door

Dr. Margaret M. Smith, University of Reading, Department of Typography and Graphic Communication, met als titel Exploring the design of early printed books: observation, speculation, research needs

op vrijdag 2 juli 2010, in het Museum Plantin-Moretus, Antwerpen.

Dr. Margaret M. Smith was tot voor kort verbonden aan het departement Typografie & Grafische Communicatie van de Universiteit van Reading. Zij is o.m. voorzitter van de Printing Historical Society en lid van de Cambridge Bibliographical Society, de Oxford Bibliographical Society, en de American Printing History Association. Zij is de auteur van de welbekende monografie The title-page: its early development, 1460–1510 (London: The British Library & New Castle: Oak Knoll, 2000) en ze publiceerde talrijke artikelen over de vormgeving van de vroegste gedrukte boeken.

Abstract
“This seminar will introduce various aspects of the design of printed books of the 15th and 16th centuries. It will draw upon the presenter’s long study of these books and it will focus on a number of case studies from the collection in the Museum’s extensive library. Direct observation of examples will be used to formulate questions about these books, including the reasons that lie behind their size, the types they use, the amount of colour they have, their illustrations, their page layout, their methods of opening and closing, their use of readers’ aids. Of particular focus will be questions of textual articulation and how the hand finishing that had been done by the rubricator at the beginning of the printed book era was gradually taken over by the printer.
It is hoped that the seminar will raise as many questions as it answers, because study of the history of book design is as yet only an under-researched sub-field of bibliography and book history.”

Dit (Engelstalige) onderzoeksseminarie is het tweede in de internationale reeks onder de titel The Antwerp Chapters.

Programma
10.00u. ontvangst en koffie
10.30u. lezing door Margaret Smith
11.30u. analyse van verschillende oude drukken uit het Museum
12.30u. broodjeslunch
13.30u. analyse, rondetafelgesprek, discussie
16.00u. afsluitende receptie

Doelpubliek
Het onderzoeksseminarie richt zich tot iedereen met een actieve belangstelling voor de geschiedenis van het gedrukte boek: historici, kunsthistorici, literatuurhistorici, boekwetenschappers, bibliothecarissen, doctoraatsstudenten… Wie deelneemt leest verschillende artikelen die vooraf bezorgd zullen worden, en participeert actief aan de discussie.
De voertaal voor de hele dag is het Engels.

Inschrijven
Het aantal deelnemers is beperkt tot 25. Snel aanmelden is dus geboden.
Inschrijven kan tot en met 1 juni 2010 en kost 25 euro (incl. documentatie, drank en broodjeslunch).
U meldt zich via e-mail aan bij pierre.delsaerdt@ua.ac.be, met opgave van uw naam, affiliatie en correspondentie-adres. U ontvangt bevestiging van inschrijving en opdracht tot betaling.
Uw inschrijving is pas definitief na betaling. Inschrijvingsgelden worden niet teruggestort.

Een initiatief van de Onderzoeksgroep Boek, Bibliotheek en Informatie van de Universiteit Antwerpen en het Museum Plantin-Moretus/Prentenkabinet unesco werelderfgoed, met de steun van Cultura stichting van openbaar nut (Brussel).

prof. dr. Pierre Delsaerdt
Universiteit Antwerpen Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen
Vakgroep Informatie- en Bibliotheekwetenschap
Venusstraat 35, lok. 003
BE­­­–2000 Antwerpen
tel. ++32–(0)3–265.44.49
e-mail: pierre.delsaerdt@ua.ac.be

Agenda: Symposium centsprenten Rotterdam

Geplaatst op verzoek van Jeannette Kok (KB)

ATLAS VAN STOLK – DE NEDERLANDSE GESCHIEDENIS IN BEELD

In de Atlas Van Stolk is nog t/m 13 juni de tentoonstelling over centsprenten te zien, getiteld Kinderprent voor 1 cent.
Ter gelegenheid van deze tentoonstelling en de publicatie van Centsprenten: massaproduct tussen heiligenprent en stripverhaal organiseert de Atlas Van Stolk, in samenwerking met de Koninklijke Bibliotheek en de Stichting Geschiedenis Kinder- en Jeugdliteratuur, op woensdag 2 juni een symposium over centsprenten.

Het programma ziet er als volgt uit:
Vanaf 13.30 uur Inloop
14.00 uur Welkomstwoord door Hans Walgenbach, directeur Historisch Museum Rotterdam
14.05 uur Een maatschappelijke organisatie als volksopvoeder. Correcte schoolprenten voor de minvermogende klasse door Jo Thijssen
14.25 uur De gouden periode van de Rotterdamse kinderprent door Nico Boerma
14.45 uur Pauze
15.15 uur Centsprenten: een massaproduct? door Aernout Borms
15.35 uur Uitreiking eerste exemplaar van het boek van Aernout Borms, Centsprenten: massaproduct tussen heiligenprent en stripverhaal aan Nelleke Noordervliet, door Martin Bossenbroek van de Koninklijke Bibliotheek
15.45 uur Presentatie van de collectie centsprenten van de KB op het Geheugen van Nederland door Dennis Schouten
15.55 uur Centsprenten in de Atlas Van Stolk door Carl Nix
16.05 uur Bezichtigen tentoonstelling en borrel

Het symposium wordt gehouden in het Schielandshuis (Korte Hoogstraat 31 te Rotterdam). Uiteraard is er ook gelegenheid tot een bezoek aan de tentoonstelling Kinderprent voor 1 cent.
U kunt voor deze lezing plaatsen reserveren via e-mail (info@atlasvanstolk.nl) of telefonisch (010-2176724).
Na aanmelding ontvangt u van ons een bevestiging. De kosten bedragen €10,- per persoon, welke u kunt voldoen bij de kassa van het museum.
Het boek van Aernout Borms is uitgegeven door d’Jonge Hond en verschijnt als vierde uitgave in een reeks over de geschiedenis van de boekillustratie in Nederland en België onder redactie van Saskia de Bodt, Bijzonder Hoogleraar Illustratie aan de Universiteit van Amsterdam. ISBN 978 90 89101 70 9; verkoopprijs €22,50.

Wij hopen van harte u te mogen begroeten tijdens dit symposium.
Met vriendelijke groet,
Emilie van der Maas en Carl Nix
Atlas Van Stolk

Agenda: Historische kranten online

Symposium: Historische kranten online

Vanaf 28 mei zal het eerste deel van de acht miljoen pagina’s voor iedereen online doorzoekbaar en te downloaden zijn via http://kranten.kb.nl/. Deze eerste miljoen pagina’s zijn afkomstig uit kranten uit de periode 1618-1940. Ter gelegenheid van de lancering van de Historische Kranten-website organiseert de Koninklijke Bibliotheek op donderdag 27 mei 2010 een symposium. Verschillende sprekers zullen ingaan op de waarde van kranten voor (historisch) onderzoek en de nieuwe mogelijkheden die online databanken bieden.

Programma
Het programma start om 13.30 uur (ontvangst om 13.00 uur) met bijdragen van onder andere:
– prof. dr. Frank van Vree – Hoogleraar Journalistiek & Voorzitter Afdeling Mediastudies Universiteit van Amsterdam Faculteit Geesteswetenschappen: Het verleden als multimediale omgeving. Met de digitalisering van de publieke krantencollecties worden miljoenen bouwsteentjes aangedragen voor de constructie van het verleden als een multimediale omgeving. De voortschrijdende techniek maakt het mogelijk om op een fundamenteel andere manier met het historische materiaal om te gaan, bronnen met elkaar te verbinden en te laten ‘werken’ – en ons het verleden dus op een heel andere wijze te doen ervaren.
– Sjuul Paradijs – Hoofdredacteur van de grootste krant van Nederland lanceert de webdienst van het grootste krantendigitaliseringsproject van Nederland.
– Luc Panhuysen – Historicus en auteur van onder ander ‘Rampjaar 1672’: Zeventiende-eeuwse kranten als bron. De Nederlandse Republiek tijdens de zeventiende eeuw was een nieuwsnatie. In tijden van oorlog was de nieuwshonger nog groter dan normaal. Kranten vormden dan ook een schitterende bron tijdens het schrijven van het boek Rampjaar 1672. Hoe de Nederlandse Republiek aan de ondergang ontsnapte.
– prof. dr. Marcel Broersma – Universitair docent journalistiek, Rijksuniversiteit Groningen: Nooit meer bladeren? Kranten online en onderzoek naar journalistiek. Wie in historische kranten zoekt naar namen of gebeurtenissen bladert zich suf. De bestudering van de ontwikkeling van vorm- en stijlconventies is in de papieren kranten bijzonder arbeidsintensief. Nu biedt de website vele nieuwe mogelijkheden voor het onderzoek naar journalistiek en haar ontwikkeling. Dat betekent: andere onderzoeksstrategieën, andere vragen èn – hoogstwaarschijnlijk – ook andere antwoorden.
– Ewoud Sanders – Taalhistoricus en journalist: Dagbladen als bron voor taalhistorisch onderzoek. Dagbladen zijn een goudmijn voor taalhistorisch onderzoek. Als je weet waar je naar moet zoeken (en hoe), dan kun je met deze bronnen allerlei taalhistorische disputen oplossen. En veel meer dan dat: dagbladen zijn ideale bronnen om de groei en veranderingen van een woordenschat mee te documenteren.
– Jurryt van de Vooren – Sporthistoricus, eigenaar van Sportgeschiedenis.nl, persvoorlichter Olympisch Stadion, VPRO Geschiedenis: Graven in de mijnen van de geschiedenis. Vanaf het moment dat krantenbestanden via internet toegankelijk zijn gemaakt, is Jurryt van de Vooren hierin gedoken. Het zijn de mijnen van de geschiedenis, waarin het historische goud voor het opscheppen ligt. Vergeten familieleden worden teruggevonden, een vergeten bijna-vliegramp tijdens de Olympische Spelen van 1928 wordt gereconstrueerd en vergeten sporthelden worden tot vreugde van hun nazaten opnieuw tot leven gebracht.

Het programma wordt rond 17.00 uur afgesloten met een borrel.
Aanmelden: U kunt zich tot 21 mei 2010 per e-mail (historischekranten@kb.nl) aanmelden, deelname is gratis.
Locatie
Aula Koninklijke Bibliotheek
Prins Willem-Alexanderhof 5, Den Haag
Bereikbaarheid: http://www.kb.nl/hpd/wegwijzer/adres.html

Agenda: Nederlandse uitgeversbanden – tentoonstelling en symposium

Op woensdag 2 juni zal in Nijmegen de opening plaatsvinden van de tentoonstelling
Kunstenaars, ontwerpers en boekbanden; Nederlandse uitgeversbanden (1890-1930) in de Universiteitsbibliotheek Nijmegen.
Voor deze tentoonstelling zal geput worden uit twee speciale collecties op dit terrein en uit wat verder in het boekenmagazijn is aangetroffen.

De tentoonstelling zal zich speciaal richten op bekende kunstenaars als Heukelom, Van Hoytema, Lion Cachet, Neuhuys, Rueter, Sluyters, Thorn Prikker, Toorop en De Vries, en op wat minder breed bekende als Baanders, Van Caspel, Van der Hart, Riemersma, Sipkema en Vlaanderen.
Bij de tentoonstelling zal een eenvoudige catalogus verschijnen.
Voorafgaande aan de opening organiseren de Universiteitsbibliotheek Nijmegen en het Belgisch-Nederlands Bandengenootschap een mini-symposium waarin de uitgeversband centraal staat. Wij nodigen u van harte uit bij mini-symposium en opening aanwezig te zijn. Het programma vindt u in de bijlage.
 
Met vriendelijke groet,
Johan van Wyngaerden Jan Storm van Leeuwen
plv. directeur UB Nijmegen voorzitter Bandengenootschap,
gastconservator UB Nijmnegen

BIJLAGE

Mini-symposium ‘Nederlandse uitgeversbanden 1890-1930’

Plaats: Universiteitsbibliotheek Nijmegen, Erasmuslaan 36, Nijmegen
Datum: woensdag 2 juni 2010
Tijd: 13.15 uur- 17.15 uur

Programma:
13.15 – 13.30 uur: ontvangst
13.30 uur: opening mini-symposium door Johan van Wyngaerden, plv. directeur UB Nijmegen
13.45 – 14.00 uur: Robert Arpots “Bijzondere collecties in de UB: de uitgeversbanden”.
14.00- 14.30 uur: Geert van Daal “Technische facetten van de Nederlandse uitgeversband in de late negentiende en de vroege twintigse eeuw”
14.30-14.45 uur: thee / koffie
14.45-15.15 uur: Tonnis Musschenga “Verzorgd uiterlijk: over de industriële uitgeversbanden van de Bibliotheek der RuG”
15.15-15.45 uur: Rens Top “Handboekbanden rond 1900 uit de collectie van de Koninklijke Bibliotheek”
15.45-16.15 uur: Jan Storm van Leeuwen “Door kunstenaars ontworpen boekbanden”
16.15-16.45 uur: discussie
16.45-17.15 uur: bezoek tentoonstelling, gevolgd door afsluitende borrel
 
Aanmelden:
Wegens het beperkte aantal plaatsen in de zaal waar de lezingen gehouden worden, verzoeken wij u zich van te voren op te geven bij de heer L. Stapper (UB Nijmegen).
Bij voorkeur via email : l.stapper@ubn.ru.nl
Eventueel schriftelijk naar:
Universiteitsbibliotheek
Drs. L. Stapper
Postbus 9100
6500 HA Nijmegen
Routebeschrijving: http://www.blogger.com/www.ru.nl/bereikbaarheid/

Agenda: Theatervoorstelling over Max Havelaar en de kredietcrisis

Batavus Droogstoppel zwicht voor Leen van Frisia
Theatervoorstelling over Max Havelaar en de kredietcrisis

Dit jaar is het 150 jaar geleden dat het beroemde boek Max Havelaar van Eduard Douwes Dekker, alias Multatuli, werd gepubliceerd. De Universiteit van Amsterdam viert dit jubileum groots met een tentoonstelling rondom het manuscript, een reeks lezingen en een speciale academie waar studenten de thema’s uit het boek naar het nu vertalen. Deze academie presenteert op zaterdag 15 mei de voorstelling Max Havelaar of de kredietverstrekkingen van een Nederlandsche bankmaatschappy.

Waar zou Multatuli over geschreven hebben als hij nu had geleefd? Dit is één van de centrale vragen waar de studenten van de Max Havelaar Academie zich over buigen. Eén van de studenten, theatermaker Patrick Nederkoorn, denkt dat Multatuli zou schrijven over de kredietcrisis: “Deze crisis gaat niet alleen over cijfers, omvallende banken en onbetaalde hypotheken. Maar het gaat vooral om vertrouwen. Of juist het gebrek daaraan. Als blijkt dat banken er trucjes en gladde marketingstrategieën op nahouden om mensen in de schulden te steken, uit te buiten, dan is de link met de Max Havelaar snel gelegd.” In de voorstelling van de Academie zwicht het beroemde personage Batavus Droogstoppel voor de verleidingen van Leen van Frisia. Als Multatuli dat zou zien, zou hij dan nog steeds roepen ‘Stik in koffie en verdwijn’? Of zou het een reden zijn om een nieuwe aanklacht te schrijven tegen de hebzucht?

De voorstelling Max Havelaar of de kredietverstrekkingen van een Nederlandsche bankmaatschappy wordt gespeeld door Jaap Robben en Patrick Nederkoorn. Het stuk speelt op zaterdag 15 mei om 20u30 in theater Perdu (Kloveniersburgwal 86 in Amsterdam). De Universiteit van Amsterdam biedt de voorstelling gratis aan voor mensen die zich opgeven via info@maxhavelaaracademie.nl

Agenda: Tentoonstelling Boekengeluk in Meermanno

Naar aanleiding van de publicatie Boekengeluk. Vijftig hoogtepunten uit het Museum Meermanno, een rijk geïllustreerde ‘museumgids’ met teksten van Ewoud Sanders, wordt deze zomer van 26 juni tot en met 24 oktober een tentoonstelling geheel gewijd aan de topstukken die hierin zijn beschreven. Tegelijk wordt de nieuwe website van het museum gepresenteerd, waarvan deze vijftig objecten één van de highlights vormen.
Nooit eerder werden al deze topstukken samen geëxposeerd. De boeken bevinden zich immers veelal in het depot en worden uitsluitend ter gelegenheid van tijdelijke tentoonstellingen (vaak ook in het buitenland) tevoorschijn gehaald. Onder de topstukken bevinden zich bijzondere middeleeuwse handschriften zoals de Rijmbijbel van Jacob van Maerlant, maar ook archiefstukken, zoals de proeven voor letterontwerpen van Jan van Krimpen.
Uit de bijzondere boekenkasten van het museum, zoals het zgn. Kelmscottkastje met alle uitgaven van de pers van William Morris, het Nieuwenhuiskastje en het Elzevierkastje worden de mooiste uitgaven uitgestald. Tevens zijn twee delen te zien uit de vermaarde Atlas van Blaeu, waarvan Meermanno een met de hand ingekleurd exemplaar bewaart.
De tentoonstelling ‘Boekengeluk’ stelt de bezoeker bovendien in de gelegenheid deze vijftig topstukken in een geheel nieuwe context te bekijken. Zo zijn de Griekse en Romeinse oudheden doorgaans in hun 19de-eeuwse setting op de eerste verdieping te zien, maar worden ze bij deze gelegenheid als unica in de schijnwerpers gezet. Daarnaast is er ruim aandacht voor de stichter van het museum, de Baron van Westreenen, het monumentale museumpand en de tuinen. Op de vernieuwde website van het museum (www.meermanno.nl) zijn vanaf 26 juni alle vijftig topstukken te bekijken.